Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden  (gelezen 3030 keer)

0 leden en 1 gast bekijken dit topic.

Offline (Verborgen)

  • Alien 👽
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 479
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
    • Mijn website (14+!)
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooi
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #15 december 01, 2016, 19:22:06 19:22*
13. Luxe voor de kinderen, ja, dat is toch lachwekkend!
Om half 9 werd ik langzaam wakker. Ik had langer geslapen, en ik voelde er veel beter bij. Tja, om half zes wakker worden is dan ook niets, en met name als er vervolgens weer van alles gebeurt.
Ik ging rechtop zitten en rekte me uit, waarbij mijn blaas zich tegelijkertijd ontspande, zodat ik nu in natte fecaliën zat. Great, maar niet heus.
Ik zag hoe de deur van mijn kamer langzaam open ging.
“Goeiemorgen, meisje” zei Kumatora liefkozend. “Heb je lekker kunnen slapen?”
Ik knikte, stond op en stak mijn armen uit, omdat ik nu wel uit bed wilde, want ik was nu wel aan een fles toe.
“Net nie iets gebeurd, mama?” vroeg ik, me stiekem toch afvragend of er 's morgens misschien toch iemand langs was gekomen.
“Nee” zei Kumatora, “maar als er iets was, was het misschien niet belangrijk en was het ook maar goed dat we er allebei doorheen waren geslapen.” Ze haalde mij uit het bed, legde mij op de commode om me te verschonen en aan te kleden en mijn haar te borstelen.
“Ik wel heel nieuw waar we nou heen gaan, mama” zei ik, toen we in de woonkamer zaten.
“Benieuwd?” zei Kumatora, om mijn 'verspreking' te bevestigen.
“Ja, ik da bedoelen, mama” zei ik.
“Ik ben daar ook wel benieuwd naar” zei Kumatora. “Ik heb het nog niet in het echt gezien, alleen maar op foto's. Maar toen zag het er nog zo saai uit, waar mensen op kussens aan houten kisten zaten, en de ruimte voor jullie zo leeg...”
“Wa voor kisten dan?” vroeg ik. “Is da met goud en zo?”
“Nee, oude sinaasappelkisten en zo” zei Kumatora, “dus waar ooit groente of fruit in heeft gezeten.” Ze lachte wel bij het idee dat er misschien goud in zo'n fruitkist zou kunnen zitten. Nadat ze zelf uit was gegeten gaf ze mij mijn fles, en deze was gelukkig nog warm, dus ik genoot er zeker wel van.
Niet veel later poetsten we allebei onze tanden en hielpen we elkaar met het voorbereiden van wat we nou naar hetgene waar we heen gaan mee gingen nemen.
Kumatora had zelf een relatief kleine tas, dus ze had alleen de huissleutels, haar mobieltje, haar portefeuille, twee pennen en een notitieboekje nodig.
Ik daarentegen had een grote tas nodig voor mijn puffer, mijn fles, wat luiers, andere benodigdheden voor het luiers verwisselen, reservespullen als een extra speentje, mijn knuffel en een extra paar sokken.
Toen dit alles klaar was, moesten we onze jas en schoenen nog hebben, en hierna konden we eindelijk gaan, en het was gelukkig dichtbij, dus we konden te voet, behalve dat ik dan in de wagen mocht zitten omdat ik in het echt natuurlijk ook niet zulke lange afstanden kan lopen door de status van mijn voeten.
Na ongeveer 8 minuten kwamen we aan bij een gebouw dat er redelijk nieuw uitzag. De stenen muur zag er nog perfect uit, en er zat nog geen greintje mos of andere ongein op.
We gingen naar binnen, en daar zag het er veel nieuwer uit dan van buiten, met frisse witte muren, plafonds voorzien van platte, ronde lampen en een zwarte vloer van een materiaal dat erg op zeil leek. Ik was benieuwd hoe de rest eruit zou zien...

Kumatora had mij op haar arm genomen en we liepen door de hal heen. De eerste ruimte waar we gingen kijken, zag er net zo uit zoals Kumatora het vanmorgen aan mij had verteld. Er waren fruitkisten met kussens eraan, dus dat was blijkbaar nog steeds zo. Verder hingen er een paar schilderijen aan de muur, was er in één hoek een prullenbak en in een andere een kleine keuken met een koffieautomaat ernaast. Aan één van de kisten zat Jasper aan een kopje thee.
“Jasper, waar is alle luxe waar je over hebt verteld?” vroeg Kumatora. “Ik dacht dat je dat hier zo zou regelen!”
“Maar... wel alle phase distorters nog aan toe!” zei Jasper, verbaasd door de opmerking. “Ik heb niet gezegd dat hier de luxe zou zijn, want deze was voor de kinderen bedoeld! Dan zou je toch eens verder moeten kijken.”
“Had je net zo goed ook kunnen sparen voor de luxe in deze ruimte, oliebol” lachte Kumatora, “dan hadden we nu misschien gouden gralen gehad voor de koffie in plaats van plastic bekertjes!”
“Ja” zei ik, “maar waar ik dan heen moeten, mama? Toch nie hier, hè?”
“Nee” zei Jasper, “ik zal het jullie wel laten zien. Kuma, jij mag hier overigens weer zijn straks, want er zullen zo wel meer bekenden onder ons komen.” Hij stond op en leidde ons verder door de hal, waar we op gegeven moment bij een stel kapstokken aankwamen. “Hier is waar jij en de andere kinderen straks zijn, Marcie. Je kunt hier je jas en schoenen alvast kwijt.”
Kumatora hielp mij uit mijn jas en schoenen en ik mocht mijn tas en de jas zelf ophangen en de schoenen eronder neerzetten, bij een haakje waar mijn naam op stond. Hierna gingen we naar de ruimte die tegenover de kapstok was, en deze zag er inderdaad veel luxer uit dan degene waar Kumatora straks zou zijn.
“Wa ik nou hier doen als andere kinderen hier zijn?” vroeg ik.
“Gewoon even rondkijken” zei Jasper. “Maar je hoeft je absoluut geen zorgen te maken, want onze ruimte is hier gewoon in de buurt, en we kunnen hier altijd naartoe komen als er hier iets aan de hand is.” Hij boog zich naar Kumatora en fluisterde iets in haar oor. Vast iets dat niet belangrijk was.
“Marcie, blijf jij hier even met Jasper?” vroeg Kumatora. “Ik ben weer in de eerste ruimte. Tot later, hè?” We gaven elkaar een knuffel en een zoen en toen was ze de ruimte alweer uit.
“Jasper” zei ik. “Wij hier even kijken? Hier zoveel te zien.” Ik stond langzaam op en hield me vast aan Jasper's shirt.
“Natuurlijk laat ik jou ook het één en ander zien” zei Jasper, die mij op zijn arm nam. Hij vertelde van alles bij wat we nou precies zagen. Er waren een wastafel, twee boxen, een groot zitkussen, een kist met allerlei speeltjes, in één hoek een houten glijbaan, in een andere een aantal kussens dat op elkaar gestapeld lag, in weer een andere een aantal kasten en tenslotte een aparte ruimte met vier bedden en een commode.
Nadat we alles wel hadden gezien, zette Jasper me weer neer op de vloer, waarbij ik ging zitten. Op hetzelfde moment kwam er nog iemand aan. Ik keek op de gekleurde klok boven de deur, en het was nu half 11.
“Goeiemorgen, babbelsok!” zei Jasper. “Hoe is het met je?” Hij scheen zijn nichtje Nana eerst te begroeten, omdat zij een vrij hechte band met elkaar hadden.
“Marcie!” riep iemand anders blij vanuit de hal, en na een tijdje kwam hij de ruimte ook in. Het was Fuel, die heel erg blij was om mij te zien.
“Fufu!” riep ik, en we vielen elkaar in de hals. “Alles goed?”
Fuel knikte, en we waren gelijk behoorlijk blij om elkaar eindelijk weer eens te zien.
Nana en Jasper waren in de tussentijd nog even in gesprek met elkaar. Nou, vervang dat 'even' maar door 'eeuwen', want Fuel en ik vonden het op gegeven moment wel erg lang duren.
Nadat Fuel en Nana elkaar nog even gedag hadden gezegd, stroomde de ruimte langzamerhand vol met de mensen die ik allemaal wel al kende, en in totaal, als je mij er ook bij telt, waren er acht 'kinderen' aanwezig. Onze hele clique, dus. Bovendien stonden bij de kapstokken onze namen op alfabetische volgorde gesorteerd, en dat was wel iets dat me opviel.
Toen iedereen er eenmaal was, werden we op volgorde van onze voornaam langs de muur op een rijtje gezet, zittend op kussens. Nou ja, Eve niet dan, want die zat al in haar stoeltje, en kinderen van een half jaar kunnen nog niet goed rechtop zitten.
“Hallo” begon Jasper. “Sommigen van jullie kennen mij misschien al, anderen niet... ik ben Jasper, en ik heb voor jullie deze crèche opgericht. Is dat een goed idee van mij geweest?”
Alle acht knikten wij. Misschien zouden we elkaar dan veel vaker zien!
“Nou...” zei Jasper. “Verder heb ik eigenlijk niets meer te zeggen, dus ik ga weer aan het werk, maar alleen blijven jullie niet. Ik ben hiernaast, als jullie me nodig hebben, oké?”
Dit leverde nog een goedkeurend knikje van ons op, en hierna verliet Jasper de ruimte, zodat we allemaal de vrijheid van ageplay hadden.
Ik raakte volop in gesprek met Fuel, Lucas en Peridot, over hoe het met ons ging. In de hoek van mijn oog merkte ik hoe Eve zich vrij onrustig voelde, want haar houding zag er redelijk gespannen uit.
“Zeg, is er misschien iets met Eve aan de hand?” vroeg Lucas.
“Misschien wel” zei ik, en ik haalde mijn schouders op.
Intussen was Peridot in lachen uitgebarsten door Amethyst, die blijkbaar een tic had: al rechtop zittend scheel kijken en continu de “o”-klank zeggen, en soms een redelijk onzinnige lachbui hebben.
“Volgens mij is iedereen hier wel een beetje gespannen” gniffelde Peridot. “Ik eigenlijk ook, om jullie de waarheid te vertellen.”
“Ik ook” zeiden Lucas en ik.
“Jullie zijn niet de enige” zei Fuel, die zich onrustig op zijn buik wierp en zijn benen omhoog deed. “Misschien zitten we allemaal wel ergens mee, wie weet. Ik trouwens wel, want mijn blaas kan op elk moment ontploffen...”
“Nee, dat willen we niet hebben, hè?” zei ik, tegelijkertijd merkend dat mijn blaas ook erg onrustig werd. Ik had wel aandrang om te urineren, maar hoe ik me ook probeerde te ontspannen, het ging maar niet.
Op gegeven moment was iedereens blik wel gericht op Eve, die door haar onrust in een weenbui was uitgebarsten. Kara schoot gelijk te hulp door haar proberen rustig te krijgen.
Van die schrik had ik overigens wel mijn blaas kunnen legen, en ik merkte dat Fuel misschien hetzelfde had, want hij voelde aan de voorkant van zijn broek.
“Ammie, Britta, Fufu, Lucas, Marcie en Peri” zei Kara. “Eve heeft iets te zeggen, denk ik.”
“Ah ja?” zei Lucas vol ongeloof.
“Hmm...” bracht ik eruit.
“Oh” was het enige wat Amethyst er met verschillende tonen uit kon brengen.
“Misschien meent ze 't wel” zei Peridot.
We gingen allemaal op onze unieke manier naar Eve toe om bij haar te komen zitten, om te kijken of ze echt iets te zeggen had.
“Ik zit ergens mee...” snikte Eve zachtjes. “Dus we zouden allemaal in een cirkel moeten zitten om het te bespreken. Het zal hoogstwaarschijnlijk toch grotendeels tussen ons blijven.”
Zo gezegd, zo gedaan, maar deze keer zaten we allemaal op de vloer, en doordat we in een cirkel zaten, waren we niet per sé op een specifieke volgorde gesorteerd.
“Ik zit met het volgende...” snikte Eve. “Ik... wij, eh...” Opnieuw barstte ze in wenen uit. “Ik kan 't niet zeggen!”
Ik werd bijna aangestoken met haar verdriet, dus ik probeerde mijn tranen in te slikken. Lucas merkte dit, en hij streelde mij over mijn schouder en gaf me een zoen op mijn wang.
“Je kunt 't best zeggen” sprak Amethyst Eve de moed in. “Als het om wat we zijn gaat, zijn er onder ons wel mensen die ervan weten, hoor. Mijn broertjes bijvoorbeeld, en zij weten dit vooral omdat ik hen heb verteld dat ik heel erg jaloers was toen ze allebei nog klein waren. Weet je wel, die toestanden met aandacht en zo.”
“Mijn vader weet ervan” zei Lucas, “maar hij moet er tot op heden nog steeds mee leren omgaan. Jullie weten ervan. Ik ben erachter gekomen dat ik het had toen ik Marcie beter leerde kennen.”
“Mijn biologische ouders wisten er Giygas-zij-dank niets van” zei ik, “want zij zouden mij echt een preek geven van hier tot Koppai, dus ben ik blij dat ik Kumatora, mijn mama, heb, die het absolúút niet erg vindt.”
“Mijn beide ouders weten er ook nog niet zo goed mee om te gaan” zei Fuel, “vooral mam niet, want zij is natuurlijk ook druk aan het werk en zo.”
“Ik denk dat mijn dunkle er beter mee om kan gaan dan mams” zei Peridot, “maar ja, het is deels háár fout dat ze door dat werk niet altijd voor me kan zorgen, dus ik ben daarmee best wel boos op haar.”
“Dan zal ik 't maar vertellen...” zei Eve. “Allereerst bedank ik jullie allemaal voor mij alle moed inspreken... Ik vind dat misschien alle eilanders wel van ons geheim mogen weten, maar ik weet dus niet goed hoe ik dit moet vertellen aan hen, want inspraak heb ik niet.”
Zeven verbaasde blikken waren op Eve gericht.
“Waarom?” zei Britta vol ongeloof. “Dan lachen ze ons uit van hier tot weet ik veel waar! Wil je dat soms?”
“Zij heeft een punt” zei Kara. “Mijn zusje lacht me er zelfs om uit omdat ze het blijkbaar van mij en Ezekiel heeft afgeluisterd, ja, daar worden we toch gek van!”
“De vriendinnetjes van mijn broertjes zouden het vast ook raar vinden van ons” zei Amethyst, “als zij het hen vertelden.”
Back to the point!” riep Eve, die een belletje aan haar speelboog fanatiek bewoog. “We moeten het hen op een manier vertellen dat ze niet erom gaan lachen, maar dat ze van ons denken: oh, maar dat is toch normaal.”
“Dus je wilt niet doodleuk een speech erover houden omdat je geen goede spreker bent?” vroeg ik. “Dan snap ik dat, want je bent daar echt niet de enige in, hoor.”
“Ik ook niet, met mijn verlegenheid” zei Lucas. “Zie je nu niet dat je omringd bent door één en al sympathie, Everly?”
“Hoe vaak moet ik het nou nog uitleggen?” zei Eve, “Everly is mijn achternaam! Dus, Lucas, zou je zo vriendelijk willen zijn mij gewoon Eve te willen noemen? Dank je wel. Maar, eh... ik zat eraan te denken het misschien in de vorm van een verhaal of zo te vertellen. Zouden jullie me hiermee willen helpen?”
“Wat zou je zeggen van een gedicht?” stelde Kara voor. “Ik schrijf ze te vaak, en we kunnen het toegeven ervan er véél leuker mee maken, of niet soms?”
Eve knikte, en dacht even diep na. Het bleef een halve minuut stil, totdat ze eindelijk iets wist.
“Een gezamenlijk gedicht is een prima idee van jou, Kara” zei Eve. “Maar hoe moet deze dan gaan?”
“Zal ik 'm voor je opschrijven?” vroeg Fuel. “Ik heb wat krijtjes en een notitieboekje mee, waar ik normaal willekeurige tekeningen mee maak, maar ermee schrijven kan ik uiteraard ook.” Hij stond voorzichtig op, om even naar zijn tas aan de kapstok te lopen voor zijn krijtjes en notitieboekje.
“Hoe lang blijven we wel niet alleen hier?” vroeg ik. “Mijn buik wordt onrustig, en ik word langzaam moe...” Nee, ik zat hier nu al te lang.
“Weet ik niet” zei Peridot. “Mijn ogen voelen nu ook redelijk zwaar aan.”
Niet veel later kwam Fuel terug met de krijtjes en het notitieboekje, en ging naast Eve zitten om het gedicht dat zij, tussen het nog bedenken door, opnoemde over te schrijven.
Toen het volledige gedicht opgeschreven was, besloten we het maar hierbij te laten, want de meesten van ons voelden zich erg moe, dus we pakten onze belangrijkste spullen uit onze tassen in de hal en gingen maar op de vloer slapen, aangezien de aparte ruimte met de bedden momenteel op slot zat. Het sliep niet echt lekker, maar onze rust hadden we nu wel eerlijk verdiend.

Om kwart over 12 was ik de derde die wakker was, want Eve en Peridot waren al wakker. Ik had het redelijk benauwd gekregen en ook nog eens een vuile luier, en dat was niet fijn, dus ik rolde mezelf op mijn buik en begon zachtjes te wenen.
“Gaat het wel goed, Marcie?” mompelde Amethyst van rechts.
“Nee” snikte ik, wachtend op iemand die mij zou verschonen en mijn medicijn zou geven.
Oh my lord” hoorde ik Peridot zachtjes zeggen. “Ik weet al wat het geval is. Ik ga even iemand halen. Ik ben zo terug, hoor.”
Eindelijk, dacht ik bij mezelf, ik kan op elk moment een schone luier en mijn medicijn krijgen.
Ik voelde niet veel later hoe ik opgetild werd en in iemands armen zat. Ik wreef mijn ogen uit, en ik zag dat ik met Nana in de hal was.
“Peridot kwam bij ons met dat jij erg verdrietig was” zei Nana bezorgd. “Is dat waar?”
Ik knikte. “Me luier is vies, en ik de puffer nodig.”
“Dan zorg ik daar toch voor” suste Nana, die mij over mijn rug streelde. “Toevallig zijn we nu vlakbij wc's waar men ook verschoond kan worden.”
Ik dacht bij mezelf: hoe weet iedereen nou dat ik kalm word van als er iemand over mijn rug streelt? Want iedereen die dat bij me deed, maakte me, net als nu, daarmee ietsje kalmer.
Bij de wc's lag ik op een tafel die veel groter was dan die in de gewoonlijke openbare wc's, en werd ik eerst voorzien van een schone luier, voordat ik weer rechtop zat en het medicijn uit mijn puffer kreeg. Het ging allemaal al redelijk snel, en toen ik terug was in de ruimte met alle anderen, lag alleen Fuel nog te slapen, maar stil was het ook niet echt meer.
“Marcie” zei Britta, die uiteindelijk naast me was komen zitten.
“Ja?” vroeg ik.
“Ik denk dat er nog niet echt iemand is die echt een oog op ons houdt” zei Britta. “Ja, we hebben wel Nana, die jou, mij, Eve en zo net van een schone luier heeft voorzien. En Jasper, die ons zometeen komt bekijken tijdens het eten. Maar niet iemand die altijd bij ons in dezelfde ruimte zit om op te letten, snap je?”
Ik knikte. Ik begreep het bijna perfect. Ze bedoelde een soort babysitter.
Om kwart voor 1 kwam Jasper weer bij ons kijken. Hij hoefde alleen Eve, Amethyst en Britta te helpen met hun eten, en de rest kon het allemaal zelf wel.
Lucas, Fuel, Peridot en ik lagen met onze flessen op het kussen.
“Was het een mooi gedicht, dat Eve opnoemde?” vroeg ik zachtjes aan Fuel.
“Best wel” antwoordde Fuel. “Jullie krijgen het zometeen van Eve te horen, want zij gaat het voorlezen. Geen zorgen, mijn handschrift is wel leesbaar, en ook voor haar bijziendheid.”
“Ja, en wanneer gaat ze 't vertellen?” fluisterde Lucas. “Als in, straks tijdens het kerst-event of zo?”
“Dat weet ik niet” fluisterde Fuel, die zijn schouders ophaalde. “Misschien moeten we dat maar even overleggen.”
“Ik had trouwens nog een idee voor een liedje dat we erna kunnen zingen” zei Peridot zachtjes. “Die zal ik zo wel vertellen, oké?”
Lucas, Fuel en ik knikten, en we gingen allevier weer rustig verder aan onze fles.
Ongeveer een half uur later was iedereen wel klaar met hun lunch, en kon Jasper zelf aan zijn lunch gaan, dus zei hij ons weer gedag, en toen hij de ruimte weer uit was, gingen we alle acht weer in de cirkel zitten.
“Aan jou alle eer, Eve” zei Fuel, die zijn notitieboekje aan Eve overhandigde.
“Dank je” zei Eve. “Dit gedicht heet: 'wij zijn niet volwassen'.” Ze schraapte haar keel en begon het voor te lezen.
“Wij worden nooit volwassen
Spelen geen Undertale
Kijken geen Rick & Morty
En gaan ook niet uit

Wij zijn kinderen
6 maanden tot 3 jaar
Wij doen wat we leuk vinden
En genieten ervan

'Ik wil nog niet mijn bed uit'
'Ik wil niet in bad'
We drinken het liefst uit een fles
En spelen met de blokken

Verslaafd zijn aan de speen
En bijna niets hoeven
Naakt op de luier na
Of vaak in kleding met voetjes eraan

Niet naar het werk hoeven
Of naar de wc
Gewoon veel aandacht
In de box of op de sofa

Na een lange tijd
Vertellen wij het eindelijk
Alle eilanders mogen het weten
Wij zijn niet volwassen!”

Toen Eve was uitverteld, leverde dit een applausje van de rest van ons op, maar we waren meteen weer stil toen er vier verraste ogen om de hoek van de centrale deur kwamen kijken. Het waren Kumatora en Jasper.
Stik, dacht ik, als mama maar niet boos is op mij...
Zestien geschrokken ogen op vier verraste. Nou, de geschrokken blikken hadden gewonnen, want Kumatora en Jasper haalden hun schouders op en liepen maar weer terug.
“Hoe had ik dit dan bedacht, vroegen jullie je af?” vroeg Eve. “Nou, ik weet dus dat de meesten van ons misschien wel Undertale spelen en Rick & Morty kijken op hun eigenlijke leeftijd... of is dat gewoon toeval van mij omdat ik dat als enige doe?”
“Nee, hoor” zei ik. “Hetzelfde geldt voor mij.”
“Hier is er nog eentje” zei Lucas.
Er heerste nog even wat geroezemoes totdat Eve weer met het belletje bewoog.
“Oké, dan was dat dus toeval van mij” zei Eve, “maar, eh... Peridot heeft schijnbaar nog een lied voor hierna, maar het is nog niet af, zegt ze, en Marcie heeft een vraag over wanneer we het gaan vertellen. We beginnen bij Peridot.” Ze gaf het notitieboekje terug aan Fuel en liet Peridot aan het woord gaan.
“Welk programma kijken jullie op 'deze' leeftijd graag?” vroeg Peridot. “De meeste stemmen gaan voor, en het liedje is vrij simpel. Vertel eens...”
De meeste mensen keken op 'deze' leeftijd naar Clarence, dus Peridot was ons dankbaar en noemde het liedje op tegen Fuel, die deze ook in zijn notitieboekje zette.
“En dan nu beantwoord ik de vraag van Marcie” zei Eve. “Tijdens het kerst-event in de evenementenhal gaan we dit gedicht opvoeren, en we oefenen deze in het geheim, een aantal dagen van tevoren. Ben ik helder?”
Dit leverde een hele serie goedkeurende knikjes op.
“Zullen we dan nu eindelijk verder aan onze ageplay?” vroeg ik. “Want ik ben hiervan eerlijk gezegd wel redelijk ongeduldig geworden.” Ik lachte erbij, waarbij de anderen gewoon met mij mee lachten.
“Daar heb je dan wel een punt” lachte Eve. “Oké, dan concluderen wij dit gesprek tot op de dag dat het weer belangrijk is, en gaan we verder aan onze ageplay in 3, 2, 1.”
En hierna waren we ook daadwerkelijk weer met onze ageplay gestart.
Voor mij duurde het helaas maar ongeveer een minuutje, want Jasper kwam binnen met de mededeling dat we naar huis mochten.
Ik gaf Peridot, Fuel en Lucas alledrie tegelijk een stevige knuffel en zei ze ook gedag voordat ik naar Kumatora toe ging.
“Was het vandaag leuk?” vroeg Kumatora.
Ik knikte, en liep met haar naar de hal, om mijn tas, jas en schoenen te pakken. Weer terug naar de kou.
“Dag, Jasper” zei ik nog tegen Jasper, voordat ik en Kumatora weer terug naar de voordeur liepen.
“Dag, Marcie” zei Jasper liefkozend. “Fijn om jou vandaag weer eens gezien te hebben.” Hij gaf me een aai over mijn hoofd.
Bij de voordeur zat ik weer in de wagen, en buiten was het zelfs gaan sneeuwen.
Ik vond het niet fijn dat alle sneeuwvlokken mijn gezicht in waaiden.
“Ik heb daar gelukkig wel iets op” lachte Kumatora, die een groot plastic zeil uit de mand van onderin de wagen haalde en deze over de gehele voorkant heen legde. “Beter?”
“Beter, mama” zei ik blij, en daar was niets van gelogen. Ik kon nu in alle rust kijken hoe het buiten sneeuwde, en mij boeide het nu nog minder als er andere mensen naar mij keken.

Eens thuisgekomen waren Kumatora en ik weer eens achter de laptop gekropen, want op een koude dag als deze was er toch vrijwel niets anders te doen.
We speelden weer hetzelfde spelletje als een aantal dagen geleden, en aangezien het nu pas laat in de middag was, kwamen we behoorlijk snel verder. Toen we bij het laatste level waren, besloten we maar dat het tijd was om de pc even af te sluiten en een kopje chocola te gaan drinken.
“Ik dan ook van die, eh... ja, wa jij toen zei, in me chocola krijgen, mama?” vroeg ik.
Deze vraag zette Kumatora wel goed aan het denken.
“Een beetje slagroom kan er wel bij” zei Kumatora, “dat lost toch vanzelf op. De marshmallows passen denk ik niet door de flesspeen heen, dus die zal ik je geven voordat je de chocola krijgt.” Ze liep de keuken in om de chocola klaar te maken.
Ik dacht even terug aan wat Kumatora net had gezegd, en kreeg ineens een briljant idee. Ik ging straks als ik de chocola en de marshmallows had, eerst de marshmallows in mijn mond steken, en vervolgens de chocola erachteraan drinken, zodat ik de combinatie van de twee toch nog zou hebben.
Na een tijdje was de chocola klaar, en kreeg ik deze, zoals ik in mezelf al had bedacht, zowel mijn fles als de marshmallows.
“Dank je” zei ik, en ik stak de twee marshmallows eerst in mijn mond, voordat ik aan mijn fles begon.
“Hoe heb jij dat nou zo slim bedacht?” lachte Kumatora. “Je kunt goed in oplossingen denken, hoor!”
Ik lachte, al nog met de flesspeen in mijn mond, naar haar, en genoot van de lekkere, zoete smaak van de chocola en de marshmallows tegelijk. De perfecte combinatie bij dit seizoen.
Toen mijn fles na een lange tijd leeg was, kroop ik lekker fijn tegen Kumatora aan, want dat gaf me dat fijne, geborgen gevoel.
“Hoe jouw dag, mama?” vroeg ik, want daar was ik wel benieuwd naar.
“Leuk dat je dat vraagt, bloemetje” zei Kumatora liefkozend. “Mijn dag was prima, maar Jasper praatte zoveel over dat er mensen nodig waren om op jullie te kunnen letten, omdat jullie daar zo eenzaam in die ruimte naast ons zaten...”
“Jij en Jasper wel keer kijken naar ons, mama” zei ik. “Jullie boos op ons, dan?” Ik maakte me er diep van binnen nog steeds zorgen over.
“Nee, meisje” zei Kumatora, “we waren niet boos op jullie. We hoorden alleen iets, en we dachten dat dat van jullie kwam.”
“Ik dan nie weten wa da dan was” zei ik hoofdschuddend, alsof ik van niets wist, zonder enig verschijnsel van liegen.
Kumatora keek me zo aan van: ik geloof je, en dat luchtte me heel erg op. Ze begon me te strelen over mijn zij, en gaf me ook nog eens mijn speentje, zodat ik me echt fijn voelde.
Uiteindelijk voelde ik me zo ontspannen, dat ik weer lag te slapen, maar dan véél comfortabeler dan vanmiddag.

Om half 7 werd ik weer wakker, en het eten was klaar. Ik ging overeind zitten, rekte me eens goed uit en stond op van de sofa.
“Lekker geslapen, Marcie?” vroeg Kumatora, die mij optilde om mij in mijn stoel te zetten.
Ik knikte, en legde mijn speentje op het blad van mijn stoel neer, betekenend dat ik echt klaar was voor het eten. Zo werd mij ook weer een doek voor gedaan.
Het waren aardappels uit de oven geworden, met handgemaakte saus die er best lekker uit zag.
Toen ik het eenmaal had geprobeerd, was het ook daadwerkelijk lekker, want ik glunderde er helemaal bij. Ik werd er zelfs helemaal warm van, ondanks dat het koud was buiten.
“Weet je, Marcie” zei Kumatora. “Aangezien het buiten steeds kouder wordt, heb ik steeds minder zin om eten te maken, gewoon omdat dit weer iedereen een beetje hangerig maakt, als je begrijpt wat ik bedoel.”
“Wij dan nie bij iemand anders eten, mama?” vroeg ik. “Bij dada, Jasper of Fufu of zo? Zij het wel leuk vinden, denk ik.”
“Dat is nog eens een goed idee!” zei Kumatora. “Dat we gewoon bij iemand komen eten als ik geen puf meer heb om te koken.” Ze zette mij eerst op de sofa en verzamelde hierna de borden en zo en ging ermee naar de keuken om ze af te wassen.
In de tijd dat ik op de sofa niets lag te doen, merkte ik dat ik ongecontroleerd in mijn luier aan het defeceren was. Aan de ene kant vond ik het niet erg fijn om aan te voelen, maar aan de andere kant voelde het wel fijn om een stortbak uit mijn systeem te gooien, zoals ik dat altijd zo noemde, omdat dat altijd flink opluchtte.
Na een tijd die lang aanvoelde voor mij kwam Kumatora eindelijk terug naar mij, en dat betekende één ding: dat ik eindelijk in bad ging.
Kumatora nam mij op haar arm mee naar de badkamer, waar ik naakt op mijn luier na weer de lopende badkraan bekeek vanaf de ladekast.
Ik vond de kraan vandaag niet zo interessant, dus ik ging maar op mijn rug liggen en bekeek mijn voeten, wiens tenen ik zelf bewoog. Ik lachte er lichtjes bij, want dat zag er niet uit met die beladen luier.
Toen Kumatora terug naar de badkamer kwam met mijn kleding voor straks, moest ze wel lachen om wat ik momenteel deed.
“Dat ziet er toch niet uit!” lachte ze.
“Maar hé” zei ik, “ik nu wel liggen, dus jij makkelijk mijn luier uit kunnen doen.”
“Da's wel waar” zei Kumatora, die eerst nog even een handdoek onder mij neerlegde en hierna mijn luier eindelijk uitdeed, waarna ik nog even over mijn streek schoongemaakt werd voordat ik het bad in ging.
Toen ik weer in bad zat, werd mijn haar gewassen, en ik leidde mezelf intussen af met de vele badeendjes die ik van de badrand had gehaald. Ze waren tenslotte toch allemaal van mij, want ik verzamelde ze al sinds mijn dertiende*.
Met dit koude weer in bad zitten vond ik ook wel erg fijn, het deed me namelijk denken aan de tijd dat ik voor het eerst bij Jeff en Tony logeerde en daar in bad zat. Maar ja, dan moet je je er wel bij bedenken dat het daar voor altijd winter is, en hier op de Nowhere Islands zo'n drie maanden, net als in de meeste andere landen.
Een half uur later vond ik het wel genoeg geweest, en werd ik weer liefdevol afgedroogd met de handdoek die als zowel satijn als fluweel voelde, lekker zacht dus. Hierna werd mijn haar ook weer doorgeborsteld, werd ik weer voorzien van een schone luier en mijn slaapkleding en mocht ik tenslotte ook nog mijn tanden poetsen.
Om half 8 zaten Kumatora en ik weer op de sofa. Ik wilde de afstandsbediening pakken om televisie te kunnen kijken, maar Kumatora stak daar een stokje voor, omdat ze nog iets tegen me te zeggen had.
“Marcie, heb jij zin in het kerst-event dat over drie dagen al is?” vroeg ze.
Ik knikte. Dat het al over drie dagen was, niet te geloven!
“Ik dan me vrienden ook weer zien, mama?” vroeg ik.
“Natuurlijk” zei Kumatora. “Sterker nog, overmorgen verzamelen wij al bij een hotel naast de evenementenhal, waar we allemaal gaan overnachten, en dan zul je misschien een kamer met ze krijgen.”
“Ik dan graag bij Fufu, Lucas en Peri willen slapen” zei ik. “Die ik het aardigst vinden.” Ik meende het. Fuel, Lucas en Peridot waren echt de aardigste vrienden die ik ooit heb gehad, en we hadden echt een klik met elkaar.
“Ik hoop dan ook dat ik bij Duster kan slapen” zei Kumatora, “want die vind ik natuurlijk de liefste.” Ze lachte er weer bij. Ze zette zelfs de televisie voor me aan, zodat we nog even konden kijken.
We keken maar naar een willekeurige natuurdocumentaire, omdat er nu toch niets anders was, en het maakte me wel erg rustig.
Toen de documentaire om 9 uur was afgelopen, merkte ik wel dat ik erg moe was. Ik kon mijn speentje nog nauwelijks in mijn mond houden.
“Mama” mompelde ik, “ik nu mogen slapen?”
“Ik merk dat je inderdaad erg moe bent” zei Kumatora, “dus dat is geen slecht idee.” Ze nam mij op haar arm mee naar mijn kamer, waar de schemerlamp weer aan ging en ik weer mijn gewoonlijke bedritueel kreeg.
Omdat het vandaag ook al redelijk druk was, zou ik vandaag misschien wel eerder in slaap kunnen komen, who knows.
Na één minuutje ging het nachtlichtje aan en werd ik mijn bed weer in gelegd, kreeg ik tijdens het instoppen zelfs nog een extra deken over me heen vanwege de kou buiten, en tenslotte nog een aai en een zoen.
“Welterusten, meisje” fluisterde Kumatora, die de kamer weer zachtjes verliet.
Ik vond het altijd wel fijn dat ik in mijn bed meteen op mijn zij werd gelegd, want zo kon ik me makkelijker op mijn buik draaien. Na ongeveer twee minuten lag ik eindelijk echt te slapen.

*Net als in het echt!
🕷Normal is merely an illusion. What's normal for the spider is chaos for the fly.🐝

Offline (Verborgen)

  • Alien 👽
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 479
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
    • Mijn website (14+!)
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooi
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #16 december 02, 2016, 19:32:57 19:32*
14. Zo'n stereotypische dag in de winter
Ik had het toen ik wakker werd erg koud gekregen, ondanks dat ik warm gekleed was en een extra deken had. Ik lag zelfs opgerold, en dat hielp helaas ook niet echt. Dit deed me erg denken aan toen ik eens logeren was en dat het bijna net zo koud was, en toen was het ironisch genoeg ook nog eens zomer. Maar ja, dat was omdat mijn kleding toen te korte mouwen en pijpen had.
Het was nu half 9, en ik was klaarwakker, dus ik ging rechtop zitten en nam mijn knuffel bij me, omdat ik verder toch niets anders te doen had. Nou ja, wachten, maar dat vond ik ook weer een beetje tijdverspilling.
Ik wilde net rechtop staan in mijn bed toen Kumatora de kamer binnenkwam om mij uit bed te halen.
“Morgen, mama” zei ik. “Is heel koud nu.”
“Da's helemaal waar” zei Kumatora. “Dus ik neem maar eens een verstandige beslissing en zal jou ook eens warm aankleden, net als ik dat nu ben.”
Ik knikte en stak mijn armen uit, en op de commode werd ik eerst verschoond, en inderdaad ook goed warm aangekleed voordat mijn haar geborsteld werd.
“Zullen wij het vandaag maar eens rustig aan doen?” vroeg Kumatora. “Want dat is het enige wat we met deze koude kunnen doen.”
“Nou” zei ik. “Ik best eens even in de sneeuw willen zijn, mama. Wa vind je van da?”
“Ik vind het helemaal prima” zei Kumatora. “Je mag het dan tegen me zeggen als je het echt wilt, goed?”
“Ja, mama” zei ik, en hierna gingen we naar de woonkamer voor het ontbijt. Mijn fles was warmer dan normaal, en dat vond ik vooral nu erg fijn.
Na het tandenpoetsen zat ik op mijn kamer weer in de vensterbank, waar de radiator nu lekker aan stond zodat het fijn en warm was. Het raam was natuurlijk nog wel koud, maar ja, met dit weer is dat wel logisch.
Ik bekeek de huizen weer, en zag bij het huis dat het dichtst bij het onze stond dat het licht aan stond. Dat was het huis van Fuel en zijn ouders. De kamer waar het licht vandaan kwam was Fuel's kamer. Ik kon er net de meubels van zien, en hoe ze gearrangeerd waren. Het bed stond, net als het mijne, vlak bij het raam. De kast was het meest duidelijke zichtbaar, want dat was bij het opzicht waar op mijn kamer de commode stond. Fuel zelf zag ik echter niet. Misschien was hij nog wel aan het eten? Of nu in de badkamer? Who knows.
Ik ging van de vensterbank af en klom zelf onhandig maar zeker de box in, waar ik zelf even ging spelen om tijd te doden. Ik vond dat altijd zo leuk, omdat ik in de stilte en met de deur dicht nu even de vrijheid had om ook mijn stem bij het rollenspel te kunnen gebruiken, zonder dat iemand daar zich aan stoorde. Soms lachte ik er zelfs bij, omdat ik het dan zo grappig vond klinken.
Op gegeven moment begon ik wel redelijk moe te worden, en dit merkte ik omdat mijn ogen iets hangerig aanvoelden, mijn spieren aanvoelden alsof ik net novocaïne had gebruikt en ik ongecontroleerd mijn blaas leegde.
Ik was te moe om zelf de box uit te kunnen klimmen, dus ik riep voor Kumatora, en zij kwam vrijwel meteen naar me toe.
“Heb je fijn zelf kunnen spelen, meisje?” vroeg Kumatora.
“Ja, mama” zei ik. “Ik nu wel heel moe van da.”
“Wat zou je dan zeggen van dat je even lekker gaat slapen zo?” stelde Kumatora voor.
Ik knikte, want ik had dat zeker wel nodig.
“Ik denk ook dat je dat nu wel fijn vindt, hè?” zei Kumatora liefkozend. “Na zo lang en ingespannen gespeeld te hebben.” Ze legde me eerst op de commode om mijn natte luier te verwisselen, en hierna gingen we nog even op de stoel zitten, waar ik, zoals bij iedere sessie aan slapen in de middag, even fijn over mijn rug gestreeld werd, en daar word ik altijd zo rustig van, en nu vooral omdat ik mijn speentje ook in had.
Toen ik zo'n beetje op de grens was van in slaap vallen, merkte ik nog wel dat Kumatora zelf ook een beetje moe was geworden, want toen ze de deken uit mijn bed pakte, ging ze met mij terug in de stoel zitten.
“Wij dan even samen slapen, mama?” vroeg ik. “Da's heel lief.”
“Ik heb teveel achter die stomme laptop gezeten” lachte Kumatora, “en jou hierbij te weinig gezien, dus we doen het even zo, hè? Rust goed uit.”
Ik knikte, omdat ik nu even geen zin had om te spreken, en om kwart voor 11 lag ik in Kumatora's schoot te slapen.

Ik heb ongeveer anderhalf uur geslapen, en merkte dat Kumatora al wakker was omdat ze in één keer opstond, terwijl ze mij nog vast had.
Ik maakte zachtjes maar zeker wat geluid uit mijn keel, omdat ik nog half aan het slapen was.
“Jij hebt aanzienlijk langer geslapen dan ik” zei Kumatora, die erbij lachte. “Wil je misschien nog verder slapen, meisje?”
Ik schudde zwakjes mijn hoofd, want ik had intussen wel honger gekregen.
“Ik wa eten, mama” mompelde ik.
“Dan komt dat goed uit” zei Kumatora. “Ik zal even lunch maken, goed?” Ze legde mij op de sofa neer, waar ik langzaam maar zeker rechtop ging zitten, de afstandsbediening van de leuning pakte en de televisie aanzette. Ik moest nog even zappen voordat ik cartoons kon kijken, maar het was wel de moeite waard toen ik het intro van Steven Universe eenmaal zag.
Algauw liet ik me meeslepen met het programma, omdat het zich op een strand afspeelde, en ik fantaseerde tijdens het kijken deels over de zomer, om de vervelende winter van de echte wereld even weg te denken.
Op gegeven moment schrok ik uit mijn fantasie door Kumatora die met haar hand voor mijn ogen zwaaide en “hallo” tegen me zei.
“Is het al zomer in je hoofd, Marcie?” vroeg Kumatora lachend.
Ik schudde mijn hoofd, en pakte het bord aan dat ze vast had. Er lagen kleine partjes geroosterd brood met boter op, en dat vond ik altijd lekker. Ik wachtte met het eten ervan totdat ik een doek om mijn hals had. Al kijkend naar de tv zat ik aan mijn lunch, en ik voelde mezelf al blij worden. Een leuk programma en een goede lunch, wat een perfecte combinatie!
“Ik eigenlijk toch nie buiten willen zijn, mama” zei ik toen ik mijn bord inwisselde voor mijn fles. “Is hier te gezellig.”
Kumatora moest erom lachen. “Diep in mijn hart wist ik wel dat je zoiets ging zeggen, bloemetje! Nee, echt!” Ze gaf me een zoen op mijn slaap en nam me op haar schoot.
Toen ik zag dat het programma aan het einde was gekomen, handigde ik de afstandsbediening over aan Kumatora, omdat ik haar nu het recht gaf om iets uit te zoeken op de tv.
“Nee, dank je” zei Kumatora. “Wel lief van je, dat je mij dat aanbiedt.”
“Dan dit nu beter voor de bomen en zo” zei ik, toen ik de televisie uitzette.
“Voor de natuur?” vroeg Kumatora.
“Ja” zei ik, “ik da bedoelen, mama.” Hierna begon ik eens aan mijn fles, die ironisch genoeg niet was afgekoeld.
Ik deed nu eens lang over mijn fles, omdat je het op koude dagen meestal lekker rustig aan doet. Tijdens het drinken observeerde ik de hele ruimte om me heen, terwijl ik voelde hoe Kumatora's hand over mijn arm ging. Het vertrouwde, geborgen gevoel van liefde tussen een mama en haar baby. Ik werd er rustig van.
Om ongeveer tien voor 1 was mijn fles leeg, en zette ik deze op de koffietafel neer, waarbij ik mijn positie veranderde om even met Kumatora te kunnen knuffelen.
“Jij lief, mama” zei ik, terwijl ik mijn hoofd zo'n beetje in haar borst begroef, waar ik haar hart kon horen.
“Ben jij ook, mijn schatje” zei Kumatora liefkozend, toen ze me dichter bij haar nam. “Samen met mijn Duster ben je de liefste van het hele universum en verder.”
“Ja” zei ik. “Dada ook lief. Maar zo jammer hij nie hier zijn nu.”
“Da's waar, ja” zei Kumatora. “Ik wou dat hij eens tijd kon maken zodat we bijna zoals een gezin kunnen zijn. Al voordat jij hier woonde, was dat mijn grootste wens. Maar ja, toen kon ik 'm dit allemaal niet vertellen... zal ik het hem morgen of zo vertellen?”
Ik knikte, want waarom niet? Who knows what tomorrow will bring us? Morgen zou ik tenslotte ook weer mijn vrienden zien, en daar had ik dan ook nog het meeste zin in.

Uren vlogen ons om de oren, en binnen de kortste keren was het al vijf over zes. Kumatora had geen zin om eten klaar te maken, maar toen ze de pannen op het fornuis wilde zetten, klopte er iemand op de deur.
“Mama” zei ik, “ik hopen da iemand da is met eten. Dan jij da nie klaarmaken, hè?”
“Stiekem hoop ik dat ook, snoepje” zei Kumatora, die mij op haar arm nam en de deur opendeed. Het was Jasper.
“Een hele goedenavond, meisjes” zei Jasper, alsof hij ons zo'n beetje probeerde te versieren.
“Hallo, Jasper!” zei ik blij.
“Kom je bij ons eten, spierenpakhuis?” vroeg Kumatora. “Het spijt me zeer, maar ik heb nog niets klaargemaakt. Ik wou net tegen mijn zin in gaan beginnen.”
“Toevallig kwam ik jullie vragen of jullie misschien bij mij wilden eten!” lachte Jasper. “Want ik heb namelijk per ongeluk te veel gemaakt.”
“Maar natuurlijk!” zei Kumatora enthousiast. “Ga jij alvast terug naar huis, dan kom ik zo, want ik moet nog even het één en ander voor mijn Marcie hebben.” Daarmee bedoelde ze natuurlijk een doek, een fles en dat soort dingen.
“Is goed, tulpje” zei Jasper, die de deur achter zich dicht deed en hierbij vast wel terug naar zijn huis ging.
Ik keek nog even raar vanwege Jasper die Kumatora zojuist een bijnaam gaf, waarschijnlijk om met haar te slijmen.
“Schenk daar maar niet teveel aandacht aan, meisje” zei Kumatora. “Dit doet hij zelfs bij Nana, en als ik bij hem ben, doe ik dit ook altijd tegen hem. Hoorde je dan net hoe ik 'm noemde?”
Ik knikte en lachte erbij. Ja, Jasper was ook echt behoorlijk gespierd, dus die bijnaam gaf absoluut geen ongelijk.
Toen er wat spullen voor mij waren geregeld, gingen we naar Jasper's huis, welke best wel dicht bij het onze was. Niet moeilijk, want we waren buren van elkaar.
Het was uiteraard net zo'n huis als het onze, alleen was het met veel meer meubels ingericht. Bij het raam stond zelfs een slaapbank, die ernaar uit zag alsof hij recentelijk ook was gebruikt.
Aan de muur hingen er verder veel oude schilderijen die er een beetje afgebladderd uit zagen. Zouden deze van de zolder komen of zo? Oh nee, dacht ik bij mezelf, da's waar ook, onze buurt heeft bijna nooit een zolder in hun huis...
“Nog steeds niets aan die oude stukken papyrus aan je muur gedaan, Sans?” vroeg Kumatora plagerig aan Jasper.
“Hij niet Sans heten” zei ik, “hij Jasper heten.” Natuurlijk wist ik wel dat Kumatora hem plaagde met logica uit Undertale, want ik had de neiging om erbij te lachen.
“Hoe kom je er nou bij dat die doeken van papyrus zijn gemaakt?” lachte Jasper spottend. “Het is oud canvas dat nog van de ouders van mijn ouders is geweest! En alsof ik er iets aan kan doen... Anyways, het eten wordt zo koud, dus niet teveel kletsen, oké?”
“Ik nie zoveel praten, hoor” zei ik. “Mama jou Sans genoemd.”
“Weet je waarom dat is, Marcie?” legde Jasper uit, terwijl hij mij wat rijst op mijn bord gaf. “Er is een karakter uit Undertale dat Sans heet, en ik ben eigenlijk net zo lui als hij. Kijk eens naar de slaapbank die bij het raam staat.”
“Jij dan niet een eigen kamer, Jasper?” vroeg ik.
“Nee, eigenlijk niet” zei Jasper. “Als ik logé's heb, kan ik lastig een kamer met hen delen. Dus laat ik hen op de logeerkamers slapen zodat ik hier alle ruimte voor mezelf heb.” Hij gaf zichzelf als laatste een grote wortel.
Hierna gingen we eindelijk eten, waarbij Kumatora toch nog ontzettend veel met Jasper in gesprek was. Natuurlijk kreeg ik soms ook wel wat aandacht, maar ze bespraken zoveel, omdat ze elkaar soms 'te weinig hadden gezien'.
Op gegeven moment schrok ik van het geluid van een overslaande klok in de keuken. Hij sloeg één keer, dus het was nu half zeven.
“Wa was da?” vroeg ik in lichte paniek.
“Da's mijn klok, krullenbol” zei Jasper, die mij over mijn hoofd streelde, en hierna weer de aandacht aan Kumatora schonk.
“Ja, zeg!” zei Kumatora verbaasd. “Heb je dat lawaaiige ding nou nog niet uit je huis geschopt?”
“Zo lawaaiig is hij nou ook weer niet, hoor” zei Jasper. “Binnen ongeveer 2 weken was ik eraan gewend, en het was bovendien een mooi cadeautje van je schoonvader, dus dan mag je niet klagen!”
“Eigenlijk niet, nee” lachte Kumatora, die zich had gerealiseerd.
Nadat zowel mijn bord als mijn fles leeg waren, mocht ik van Jasper even op zijn slaapbank liggen. Hij lag niet zo comfortabel als dat hij eruit zag, maar misschien vond Jasper dat nou weer wel.
Dus omdat ik de slaapbank niet lekker vond liggen, nam ik maar plaats op de aanzienlijk kleinere sofa die er bijna naast stond.
Kumatora en Jasper waren nog even wat aan het natafelen, en vooral aan het praten over hoeveel zin ze hadden in morgen. Ik luisterde niet echt mee, ik keek gewoon naar het lege beeld van de televisie, terwijl ik een kussen tegen me aan gedrukt hield en zachtjes op mijn speentje zoog.
Door het vele drinken tijdens het eten moest ik wel erg nodig urineren, dus dat deed ik ook maar, waarbij ik eigenlijk zo onnodig veel kracht had gezet dat mijn sluitspier zich ook deels ontspande. Ik schrok daar wel van, dus ik probeerde de rest in te houden, in tegenzin van mijn sluitspier.
Ongeveer een kwartiertje later besloot Kumatora maar dat het tijd was om weer naar huis terug te keren. Ik was in de tussentijd ook wel wat vermoeid geraakt, dus ik stemde ermee in.
“Dag, Marcie” zei Jasper. “Gezellig dat je er ook was.” Hij gaf me nog een aai over mijn hoofd.
“Dag, Jasper” zei ik, half mompelend, en hierna gingen ik en Kumatora weer op huis af.
Kumatora had eerst geen tijd om de pannen nog snel weg te zetten, dus dat deed ze maar, en liet mij in mijn eentje op de sofa zitten.
Ik vond het nu helemaal niet erg dat ik alleen was, want nu had ik zo'n duwend gevoel op mijn sluitspier, dat ik het maar op gaf en eens goed defeceerde, en dat voelde al veel beter. Alleen niet voor mijn achterste, want die verdronk nu zowaar in mijn luier.
Ik stond van de sofa op, en merkte dat mijn luier, ondanks dat ik er wel kleding overheen droeg, een beetje begon te hangen, dus ik ging naar de hal om Kumatora te halen.
“Mama, jij al klaar met die pannen?” vroeg ik.
“Ja, meisje” zei Kumatora vanuit de keuken, “hoezo?”
“Me luier is vies en aan hangen” zei ik.
“Ik was net al van plan om zo even het bad voor je klaar te maken” zei Kumatora, “dus lang hoef je niet meer te wachten.” Ze nam mij op haar arm, tot grote ergernis van mij, want nu zat ik vrijwel helemaal in mijn eigen fecaliën, en ik walgde ervan.
Op de ladekast in de badkamer ging ik maar liggen, maar daar werd het ook niet beter op, dus wenen was de enige optie. Zelfs van de lopende badkraan werd ik niet rustig.
“Ik ben er al, meisje” zei Kumatora, die op gegeven moment er weer was, “stil maar...” Ze deed mijn kleding en mijn luier uit, en zelfs tijdens dat kon ik nog niet stil worden, want dat was sowieso altijd wel moeilijk voor mij.
Ik voelde intussen wel hoe er meerdere lotiondoekjes over mijn streek heen gingen, maar daar werd ik echter zo'n 25 procent stil van. Ik was nu aan het hyperventileren terwijl mijn ogen wel tientallen tranen produceerden.
“Kijk eens...” zei Kumatora, die mij een stuk zeep in mijn handen gaf en intussen ook het medicijn via de puffer.
Ik werd aanzienlijk kalmer, en het stuk zeep was waarschijnlijk een afleiding voor mij, want zelfs toen ik in het bad werd geplaatst, keek ik er nog naar.
“Is da zeep, mama?” vroeg ik, terwijl ik het stuk terug aan haar gaf.
“Dat is de beste soort zeep in mijn mening” zei Kumatora. “Ik zal 'm nu op jou toepassen, kijken of je 't ook fijn vindt.” Ze maakte het stuk nat en ging ermee over mijn gezicht, hals, borst en armen.
Ik keek hoe mijn huid er nu uit zag alsof er spul op was aangebracht waarvan ik erg ging glimmen, maar richtte mijn aandacht uiteindelijk toch op de badeendjes die voor me dreven, zodat Kumatora mij met het washandje af kon nemen.
Uiteindelijk stak ik mijn armen uit, zodat ik uit het bad werd getild, om meteen afgedroogd te worden. Ik kreeg het meteen lekker warm. Toen ik echt droog was, kreeg ik een schone luier en mijn slaapkleding aan voordat mijn haar weer werd doorgeborsteld en ik tegelijk mijn tanden mocht poetsen.
Na het hele gebeuren lagen Kumatora en ik allebei languit op haar bed, en het was al bijna kwart voor 8.
Ik rook twijfelachtig aan mijn hand vanwege het feit dat de zeep daar net overheen was gegaan, en merkte iets van vanille op. Ik lachte erbij.
“Ja, lekker ruikt dat, hè?” zei Kumatora. “Daarom vind ik die zeep fijn als ik zelf wel eens in bad zit.” Ze nam me dicht tegen zich aan, maar kneep me zo fijn, dat mijn speentje bijna uit mijn mond werd geknepen.
Ik bracht een willekeurige klank eruit en brabbelde vervolgens wat.
“Had ik je teveel platgeknuffeld?” vroeg Kumatora. “Ik zal komende keer wat voorzichtiger ermee zijn.” Ze stopte mijn speentje terug in mijn mond en gaf me een zoen op mijn warme linkerwang.
Ik lag plat op mijn rug, en probeerde mijn rechtervoet te pakken, die ik 90 graden omhoog hield. Ik kon deze echter alleen naar mijn voorhoofd brengen, maar dat maakte wel dat ik 'm nu van dichtbij kon bekijken. Ik raakte hem eens goed aan, en voelde de nopjes aan de onderkant, omdat er een deel van mijn slaapkleding overheen zat, welke natuurlijk voetjes had.
Kumatora en ik hadden nog even wat bijgepraat, over wat er morgen zou gebeuren. Het schijnt leuk te worden, en morgen om 12 uur gaan we naar het hotel toe. Deze schijnt groot en redelijk luxe te zijn, en desondanks ook niet al te duur.
Om 9 uur gaf ik aan dat ik erg moe was, dus we gingen maar naar mijn kamer, waar mijn bedritueel weer werd gedaan. Hierna werden de gordijnen gesloten, zodat mijn kamer goed verlicht was door het nachtlichtje. Van Kumatora kreeg ik nog een aai over mijn arm en schouder en een nachtzoen.
“Slaap lekker, lief meisje” fluisterde ze, en ging zachtjes de kamer uit.
Ik voelde hoe lekker warm mijn extra deken was, en hoe mijn luier samen met de temperatuur van mijn lichaam pas echt aangenaam aanvoelde. Ik ging op mijn buik liggen, zoog nog een paar keer op mijn speentje en lag niet lang hierna echt te slapen.
🕷Normal is merely an illusion. What's normal for the spider is chaos for the fly.🐝

Offline (Verborgen)

  • Alien 👽
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 479
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
    • Mijn website (14+!)
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooi
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #17 december 03, 2016, 18:53:19 18:53*
15. Hotel Yado
Ik scheen heel lang geslapen te hebben, want het was half 10 toen ik wakker werd van de deur van mijn kamer die openging.
Long time no see!” zei Kumatora, toen ze mijn kamer binnenkwam.
“Morgen, mama” mompelde ik, terwijl ik me uitrekte, rechtop ging zitten en mijn armen uitstak.
“Wat heb jij lang geslapen, meisje” zei Kumatora. “Ik had in de tussentijd allang gegeten en zo, maar straks heb ik natuurlijk alle tijd voor je, dat is dan weer wel een voordeel.” Ze haalde me uit bed en legde me op de commode om me te verschonen, aan te kleden en mijn haar te doen.
Toen dit alles klaar was, kreeg ik in de woonkamer mijn fles, zoals gewoonlijk. Dat deed me even goed, na die hele lange sessie aan slapen.
Nadat ik mijn tanden had gepoetst, sprokkelde ik op mijn kamer een aantal van mijn spullen klaar, omdat we over 2 uur naar het hotel moesten. Ik had er al erge zin in.
Ik had twee outfits uit de kast gehaald om uit te kiezen, maar ik kon helemaal niet kiezen, dus ik raakte gefrustreerd, ging op mijn buik op de vloer liggen en schreeuwde het uit.
Na ongeveer 5 minuten was ik wat kalmer geworden, en schrok ik van Kumatora die ineens in het gat van de deur stond.
“Meisje, wat was er ineens gaande?” vroeg ze bezorgd. “Je was ineens zo boos geworden uit het niets.”
“Ik nie kunnen kiezen, mama” zei ik. “Wa moet ik meenemen?” Ik wees op de twee stapels kleding die ik uit had gekozen.
“Ach, dus kiezen is ook een zwakte voor jou?” vroeg Kumatora. “Ik had net precies hetzelfde probleem...” Ze ging door haar knieën naast me staan en bekeek wat ik uit had gekozen om te kunnen kiezen. “Ik vind deze persoonlijk leuker. Zou je die mee willen nemen?” Ze wees op een hoodie, een sportbroek en een paar sokken met stippen erop.
Ik knikte, want de jurk met de lange mouwen, de leggings en de lange sokken vond ik persoonlijk iets te.
In mijn koffer ging dus mijn gekozen outfit, maar ook twee zuigflessen, een fles zeep, mijn tandenborstel, een extra speentje, twee knuffels, mijn puffer, tien luiers, mijn slaapkleding, een paar doeken voor tijdens het eten, twee speeltjes, een extra paar sokken en vier van mijn badeendjes.
“De handdoek niet mee, mama?” vroeg ik.
“Die hebben ze bij het hotel al, appeltje” zei Kumatora liefkozend, terwijl ze mij hielp met de koffer te sluiten. “Net als tandpasta, extra dekens en een nachtlichtje.”
“Jij je koffer al gepakt?” vroeg ik.
“Dank je voor het herinneren” zei Kumatora, “misschien kun je me erbij helpen?” Ze zette mijn koffer voor de deur neer en liet mij helpen met het inpakken van het hare. Totdat haar mobieltje natuurlijk afging, die ze maar opnam. “Hallo? Nee, ik ben nu met iets heel erg belangrijks bezig, schat... kan ik absoluut niet mee stoppen...” Ze keek het mobieltje na het bellen raar aan. “Hij heeft opgehangen.” Dit zei ze tegen zichzelf.
“Ik jou dan nie helpen, mama?” vroeg ik.
“Ja, sorry, Marcie” zuchtte Kumatora, “maar mijn schatje belde mij omdat hij me iets wilde vragen dat ik allang beantwoord had. Maar natuurlijk mag je me wel helpen. Wat denk je dat ik mee mag nemen?”
Om half 11 waren alle twee de koffers al ingepakt, en ik had goed geholpen, aldus Kumatora.
Nu zaten we alle twee voor de televisie, kijkend naar cartoons.
“In hotel ook tv hebben, mama?” vroeg ik.
“Ik weet het niet” zei Kumatora. “Als ze dat daar niet hebben, heb ik altijd mijn laptop nog, waar genoeg op staat.”
Ik knikte, en richtte mijn blik weer op het beeld van de televisie.

Om half 12 waren Kumatora en ik van huis vertrokken om naar het hotel te gaan. Het hotel heette Hotel Yado en het zag er erg mooi uit. Het was gelukkig dichtbij, dus we konden te voet met mij in de wagen. Toen we bij het hotel aankwamen, waren er nog niet zoveel gasten als dat ik had verwacht. Geen bekenden, tenminste.
“Waar iedereen?” vroeg ik.
“Misschien zijn ze wel wat later” zei Kumatora. “Of een beetje sloom met het inpakken omdat ze nog minder goed kunnen kiezen.”
“Zeg, ik was al om 5 uur opgestaan om in te pakken!” zei een willekeurige gast tegen ons. “Omdat kiezen echt vreselijk is!”
“Serieus, Alle?” zei Kumatora verbaasd. “Ik en mijn meisje hadden er ook erge moeite mee, maar vroeg opstaan deden we niet, anders hadden we allebei wallen tot onze voeten.” Kende ze diegene echt?
“Heb ik dan nu ook wallen tot mijn voeten?” lachte het meisje dat blijkbaar Alle heette. “Omdat ik altijd vroeg opsta? Dat zegt mijn vriendje ook altijd.” Ze richtte haar blik op mij. “Ach, wat een lief, eh... kind heb je bij je!” Haar blik veranderde in een denkende blik. Ze had lang, spierwit haar, grijze ogen en zag eruit alsof ze een jaar of 12 was.
“Ja, hè?” zei Kumatora. “Ze mag dan wel twee zijn, maar ze is best groot voor haar leeftijd... denk ik.”
“Ik vind het prima” zei Alle. “Mijn vriendje heeft een zus die dat ook doet, alleen vindt hij het zelf niet zo prima...” Ze richtte haar aandacht weer op mij. “Ken je Ammie dan, meisje?” Wacht, wist ze er al van dan?
Ik knikte, wat een verbaasde blik van Alle opleverde.
Niet lang hierna waren we gelukkig binnen, voorlopig verlost uit de ijzige kou van deze rare maand die het einde van het jaar betekende.
Kumatora en Alle waren druk in gesprek geraakt, maar werden onderbroken door Nana en Jasper, die ook aan waren gekomen.
“Hallo, Nana en Jasper!” riep ik enthousiast.
“Marcie!” zei Nana blij. “Alles goed met je?”
“Hoe vind je het dan, dat wij er ook zijn?” vroeg Jasper aan mij.
“Jasper, Nana, even rustig aan” zei Kumatora. “We zijn er net, en hadden het vanmorgen te druk met moeite hebben met kiezen.” Ze richtte haar aandacht op mij. “Zullen we op een rustigere plek zitten?”
Ik knikte, en zo gezegd, zo gedaan, zodat we ook even uit de mensenmassa waren. Ik vond de drukte zo onaangenaam, dat ik eens flink had geürineerd, terwijl ik dat nauwelijks door had.
Zelfs aan de tafel waar het rustiger was praatten Kumatora en Alle verder, en hadden ze niet door dat Kara en Ezekiel intussen bij ons aangesloten waren.
“Hallo!” zei Ezekiel tegen mij. “Peridot, toch?”
“Nee” zei ik hoofdschuddend, “ik nie Peri heten. Ik Marcie heten.”
“Oeps” zei Ezekiel geschrokken. “Dan was Peridot vast met Duster mee.”
Inderdaad ja, dacht ik bij mezelf. Ik hield me in om dit niet hardop te zeggen, maar merkte wel dat Kara aan het wenen was.
“Gate goe, Kara?” vroeg ik, terwijl ik iets naar voren ging zitten om haar over haar rug te kunnen strelen.
“Marcie?” vroeg Kara, die meteen over haar rechterschouder keek. “Ik ging dus inpakken, maar papa kwam zo naar mijn kamer, en hij zei zo van: Kara, wat een bende! Het is hier toch geen hotel? En ik zei zo van: jawel, toch? En toen had ik straf gekregen, terwijl ik het goed bedoelde.” Ze boog zich naar me toe en begon te fluisteren. “Ik kan maar beter mijn excuses aanbieden omdat dit een flink misverstand was.” En zo bood ze haar excuses aan tegen Ezekiel.
“Het is al goed, Kara” suste Ezekiel. “Ik weet dat je het goed bedoelde, maar ik had daar even niet bij stilgestaan.” Hij streelde Kara over haar rug.
Minuut na minuut stroomde het hotel vol met de gasten die morgen naar het kerst-event zouden komen, en ook bekende gasten. Kumatora en ik waren allebei blij om Duster en Peridot te zien, Alle was blij om haar vriendje te zien, die inderdaad één van de broertjes van Amethyst bleek te zijn, enzovoorts.
We hadden allemaal om 1 uur geluncht, en het smaakte eigenlijk ietsje beter dan thuis, moet ik zeggen. Complimenten aan de mensen uit de keuken!

De uren vlogen ons om de oren, en ik had zelfs even geslapen, wat me wel goed deed na de drukte en de lunch.
Ik was weer herenigd met mijn vriendengroepje, en we werden door één van de medewerkers van het hotel doorverwezen naar een grote speelkamer.
“Maar dát ziet er mooi uit...!” fluisterde ik voor me uit.
“Ja toch?” zei Peridot.
“Het ziet er allemaal zo mooi en gekleurd uit” zei Britta. “Ik ken deze kamer wel, en uit ervaring kan ik jullie iets geks vertellen. Die lolly...” Ze wees op een plaatje van een lolly dat op de muur stond. “...is eigenlijk een camera, dus let daar maar niet al te veel op.”
Ik en de zes anderen knikten en gingen in een cirkel op de vloer zitten.
“Zullen we verder praten over wat we eergisteren hadden besproken?” vroeg Lucas. “Het komt langzamerhand wel dichterbij.”
“Da's waar” zei Eve. “Over het gedicht... zullen we die met zijn allen hardop voorlezen morgen? Als een groep is namelijk alles beter.”
Hier waren we het gelukkig allemaal wel over eens.
“Ik heb het nog in mijn notitieboekje staan” zei Fuel, “en die heb ik toevallig ook mee, dus we kunnen het morgen nog regelmatig doorlezen.”
“Super, Fuel” zei Eve trots. “En nu geef ik het woord aan Peridot, die wil dat we allemaal een lied gaan zingen na het gedicht.”
“Dank je, Eve” zei Peridot. “Ik zal eerst even de tekst van het liedje opnoemen...” En ze noemde de tekst op. “En dan nu komt de vraag. Kunnen jullie goed zingen?”
“Kun jij zelf ook goed zingen, Peri?” vroeg ik, voor de zekerheid.
“Da's een slimme vraag van je” zei Lucas, die mij een vriendelijk klapje op mijn schouder gaf.
“Ik?” zei Peridot. “Ja, ik zing denk ik al sinds mijn eerste, dat was toen het liedje van Steven Universe...”
“Peridot!” onderbrak Amethyst haar. “In 2002 bestond Steven Universe nog niet eens, jij ui!”
“Ja, sorry” zei Peridot, lichtelijk gegeneerd, “dan was ik even in de war met iets anders... maar dat is nu niet belangrijk, denk ik.”
“Ik kan in ieder geval wel zingen” zei ik, waarna ik mijn keel schraapte. “Wij zijn van edelsteen, gehard door avontuur, en als dat nodig is...?” Ik keek de rest van mijn vrienden met een ondeugende blik aan.
Niemand snapte wat ik bedoelde, ik zette ze blijkbaar te veel aan het denken.
“Dan gaan we door het vuur” lachte ik spottend, “stelletje knollen.”
“Oh ja” zei Amethyst, die haar hand in haar gezicht plantte.
“Hè?” vroeg Kara stomverbaasd.
“Goedemorgen” lachte Fuel tegen Lucas, terwijl hij naast zijn oor in zijn vingers knipte.
“Mijn broertjes zijn de enige twee die mij edelsteen noemen” zei Amethyst. “En vraag me alsjeblieft niet waarom.”
“Zullen we hen en de anderen laten schrikken?” vroeg Britta. “Met dit liedje misschien?”
“Dan kunnen we mooi oefenen!” zei Eve.
“Da's een goed idee” zei Peridot. “Op één voorwaarde: de ene helft gaat te voet, terwijl we de andere helft op onze rug dragen, gesorteerd op onze leeftijd van ageplay. Oké?”
Daar waren we het wel mee eens. We gingen op volgorde van 'leeftijd' op een rij staan, en het werd zo gedaan: ik, Lucas, Kara en Peridot gingen te voet. Ik werd een tweetal met Eve op mijn rug, Lucas met Fuel, Kara met Amethyst en Peridot met Britta.
“Ik heb de spieren hier prima voor” lachte ik, terwijl we desondanks toch nog moeizaam de hal in liepen, hopend dat we straks niet gesnapt werden door iemand anders.
“En fluisteren” fluisterde Britta. “Weet iedereen hoe hoog het lied straks is gezongen?”
Iedereen knikte, en dit waardeerde Britta wel.
“We moeten ook een goed moment uitzoeken om te zingen” fluisterde Lucas. “We willen straks niet dat ze bijvoorbeeld van schrik zich in hun cola verslikken of zo.”
“Nee, da's waar” zei ik. “Ik en Eve luisteren hen zo af, en vertellen alles aan jullie door, goed?”
Hierna stonden we alle acht voor de deur waar onder andere de broertjes van Amethyst te bekennen waren, maar bijvoorbeeld ook Alle. Tijdens de lunch had ze me voorgesteld aan heel veel andere eilanders die ik nog niet kende. Nu waren ze natuurlijk druk aan het fluisteren. Zouden zij ook een geheim plannetje hebben om morgen een optreden te doen?
“Nou zeg” hoorde ik een lichte stem zeggen. “Je hebt mijn hele zin gewoon verpest, Lenny. En waag het niet om die blik weer te trekken.”
“Van wie is die lichte, schelle stem?” fluisterde Eve tegen de anderen. “En wie mag Lenny zijn?”
“Van mijn nichtje Malachite” antwoordde Fuel zachtjes. “Hierdoor is ze altijd zo herkenbaar.”
“Lenny is mijn neef” zei Britta zachtjes. “Gaat hij weer zo'n Lenny-gezicht* opzetten straks?”
“Lenny!” hoorde ik Malachite zeggen. Vast wel, dus.
Ik en Eve knikten gniffelend naar de anderen.
“Au, Amethyst” zei Kara op gegeven moment, waarbij we bijna allemaal naar haar sisten. “Wat ben jij zwaar, zeg.”
“Ik weet 't” giechelde Amethyst. “Ik ben de molligste.”
“Je had mij misschien beter kunnen kiezen, hè?” gniffelde Eve. “Ik ben zo licht als een ijzeren veertje!” Dit zei ze omdat ze een beetje mager was.
Ik schudde lachend mijn hoofd. Als ik Amethyst nu bij me had, was ik nu waarschijnlijk niets meer dan één grote kneuzing geweest.
“Zeg, Fuel!” siste Lucas. “Zit toch eens stil, zometeen houden mijn schouders het niet meer!”
“Sorry, oké?” zuchtte Fuel. “Ik moet plassen.”
“Ja, dan doe je dat toch?” fluisterde Lucas, “daar is een luier tenslotte voor.”
“Lucas en Fuel” zei ik zachtjes maar resoluut, “even dimmen, zometeen hoort iemand ons nog.”
Aan de andere kant van de deur waren ze inmiddels begonnen aan een raar spelletje waar ze zuurtjes aten** die een rare smaak konden hebben.
“Deze smaakt best oké” hoorde ik een ander meisje, dat Angie heette, zeggen. “Het doet me een beetje denken aan mijn schrift.”
“Gatverdamme” hoorde ik Lenny het uitschreeuwen, “wat een smerig zuurtje is dit, zeg! Wat stoppen ze hier wel niet in?”
Ik giechelde, en opende de deur maar, omdat dit best het juiste moment zou kunnen zijn. We gingen allemaal de ruimte naar binnen en begonnen met zijn allen te zingen:
Wij zijn van edelsteen
Gehard door avontuur
En als dat nodig is
Dan gaan wij door het vuur!

“En daarom kan...” wilde een meisje dat Louise heette nog verder zingen, “oh.” Ze was het zusje van Kara met het gitzwarte haar.
Alle aanwezige blikken richtten zich hierna op ons. Ze waren eerst verbaasd, maar hierna kregen we wel applaus van hen.
“Wauw” lachte Lenny. “Ze kunnen veel beter zingen dan ik alleen.” Hij had heel donkerbruin haar, lichtbruine ogen en op zijn voorhoofd prijkten puistjes die op ontploffen stonden maar wel deels onder zijn pony verborgen waren.
“Dan moeten jullie mij morgen horen” zei Malachite. “Maar er zit wel verschil in...!” Ze keek de anderen uitdagend aan.
“Lou, kijk” zei Kara tegen Louise. “Ik ben sterker dan jij.”
“Ik ben bang dat ik je schouders zometeen nog breek...!” fluisterde Amethyst.
Iedereen aan de tafel begon te lachen en te zingen:
Zij is gemaakt van liefde
Van liefde, van liefde
Dus ze is sterker dan jij...

Lachend liepen ik en mijn vrienden de ruimte uit, terug naar de speelkamer, waar we nu echt begonnen aan de ageplay.
Gelukkig waren we net op tijd begonnen, want Nana en Jasper kwamen toezicht houden, en ze schenen ons niet opgemerkt te hebben daarnet.
Eve was heel geconcentreerd aan het spelen met de speelboog die boven haar stoeltje hing, en Amethyst was iemand zogenaamd aan het bellen met de plastic telefoon. Kara stippelde uit hoe haar puzzel in elkaar moest zitten, terwijl Britta iets heel hoogs uit de blokken probeerde te bouwen.
Ik, Fuel, Lucas en Peridot daarentegen zaten zoals gewoonlijk gezellig met zijn vieren op het grote kussen, te praten over van alles. Met onze speentjes in, natuurlijk, zodat we nog veel kinderlijker klonken.
Allevier hadden we van daarnet erge spierpijn gekregen, dus het was maar goed dat we even waren gaan relaxen.
“Ik vond het persoonlijk wel erg lekker toen ik warmte in mijn nek voelde” gniffelde Lucas. “Alsof ik zo'n reiskussen bij me had, of zo.”
Gross!” siste Fuel. “Mijn dinges was wel bijna zo plat als een kwartje, en doet nog steeds een beetje pijn.”
“Ja, helaas zitten mensen nou eenmaal minder comfortabel” giechelde ik, terwijl ik ondertussen mijn blaas ontspande.
“Ik hoop straks wel dat de matrassen lekker liggen” zei Peridot zachtjes. “Die stretchers waar we net op lagen waren net zo hard als de vloer. Rare regel, dat je niet je eigen bed mag gebruiken als je 's middags ook wil slapen.”
“Dan moeten die kussens dat ook wel” zei Fuel, die zich uitrekte. “Au, ik kan maar beter niet lopen straks...”
“Misschien gebeurt dat ook niet” zei ik. “Ben ik even blij dat mijn mama mij bijna altijd wel wil dragen.”

Zelfs de avond viel snel, waar het avondeten weer in diezelfde drukke zaal was. Ik had eerder een vuile luier dan mijn bord leeg, zo slecht kon ik tegen al dat gepraat (of zelfs geschreeuw!) van de andere gasten.
Het bad daarentegen deed me wel weer goed, omdat het water op perfecte temperatuur was en de handdoeken met welke ik afgedroogd werd heerlijk zacht aanvoelden. Ik dacht op dat moment bij mezelf: had ik thuis maar van die zachte handdoeken.
Nadat mijn haar weer was doorgeborsteld en ik een schone luier en mijn slaapkleding aan had, wierp ik een snelle blik op de klok die boven de spiegel hing, en het was al bijna 9 uur. Was de tijd zo snel gegaan?
“Weet je wat je straks wel fijn zal vinden?” vroeg Kumatora.
“Nou?” vroeg ik.
“Dat je straks met Lucas, Fuel en Peridot op dezelfde kamer zal slapen!” zei Kumatora blij.
Ik werd hier ook erg blij van, en gaf Kumatora een knuffel en een zoen.
“Jij dan ook met dada mogen slapen, mama?” vroeg ik, terwijl ik mijn tandenborstel aangegeven kreeg.
“Hoe raad je het!” lachte Kumatora. “Zij blij, wij blij! Ik had niets beters verwacht!” Ze haalde wat elastieken uit haar zak en maakte nog twee vlechten bij mij.
Ik poetste nog snel mijn tanden en hierna bracht Kumatora mij naar de gezamenlijke slaapkamer, waar de bedden al mooi opgemaakt waren. Ik was de eerste, en gelukkig was er ook daadwerkelijk een nachtlichtje.
“Mama, ik erg onrustig” zei ik, want ik merkte het wel bij mezelf. “Jij en dada dicht bij ons als ik of Lucas of Fufu of Peri iets moet hebben?”
“We liggen links van jullie kamer” zei Kumatora, die mij mijn speentje gaf, “dus als jullie iets nodig hebben, kunnen jullie altijd even aankloppen.” Ze streelde me heel lang over mijn rug aangezien hier niet zo'n stoel als op mijn kamer was. Hierna ging ze op het fauteuil in de hoek zitten en zong ze zachtjes voor me. Ik werd er wel rustiger van, maar ook weer niet slaperig.
Om ongeveer 9 uur wilde Kumatora mij in mijn bed leggen, maar op datzelfde moment kwamen Lucas, Fuel, Peridot, Nana en Duster ook opdagen. Nadat Lucas, Fuel, Peridot en ik Kumatora, Nana en Duster een goedenacht hadden gewenst en allevier in bed lagen, probeerden we echt wel in slaap te komen, maar dat ging erg lastig. Vooral Peridot had er moeite mee, want ze bewoog druk met haar hand langs het nachtlichtje.
“Peridot, haal je hand daar eens weg” zuchtte Lucas, “ik raak er afgeleid van.”
“Ik heb mijn ogen gewoon gesloten” mompelde ik, “zo merk ik er niets van.” In feite had ik mijn hele gezicht gewoon in mijn kussen geplant.
Als je de kamer vanaf mijn perspectief bekeek, lag ik in het eerste bed rechts. Peridot lag helemaal links, bij het raam, Fuel lag rechts van haar en links van mij, en Lucas lag rechts van mij, bij de deur.
“Ik heb eigenlijk wel zin om een spelletje te spelen” zei Peridot. “Dan maak je dus dieren of zo met je handen, in het licht van dat nachtlichtje, en dan lijkt het zo echt.”
“Ik vind het helemaal prima” zei Fuel, en zo begonnen we even aan ons spel met de schaduwen, tot ongeveer tien voor half 10, want toen merkten we echt dat we uitgeteld waren.
Ik gaf Peridot een handzoentje en Lucas en Fuel een directe nachtzoen, en niet veel later lagen we echt te slapen, waarbij de matrassen en de kussens inderdaad behoorlijk comfortabel waren.

*Dit gezicht: ( ͡° ͜ʖ ͡°)
**Herkennen jullie dit spelletje ergens van?
🕷Normal is merely an illusion. What's normal for the spider is chaos for the fly.🐝

Offline (Verborgen)

  • Alien 👽
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 479
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
    • Mijn website (14+!)
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooi
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #18 december 04, 2016, 19:25:18 19:25*
16. Het kerst-event
Ik werd om 8 uur wakker en wilde nog wel een uurtje blijven liggen, zo lekker lagen het matras en het kussen bij elkaar. Maar ik kon niet echt verder slapen, want helemaal links lag Peridot te lachen in haar bed.
What's so fυnny right now...?” mompelde ik. “I wanna sleep in.
“Waarom praat je in één keer Engels?” vroeg Peridot verbaasd.
It's such an easy language” zei ik, “and I'm too lazy to speak a different language as well.
“Ik vind het prima” lachte Peridot. “Ik dacht trouwens aan iets heel grappigs dat ik gisteren op televisie heb gezien.”
Thanks” zei ik, “now I'm wide awake thanks to you.” Ik sloeg de dekens van me af en deed even de moeite om rechtop te kunnen staan in het bed. “Goedemorgen Hotel Yado!” Hierna belandde ik weer in mijn zittende positie, waarbij mijn achterste ruw 'aangevallen' werd door mijn vuile luier.
“Kan het wat minder enthousiast?” kreunde Fuel van onder zijn dekens. “Ik probeer te slapen!”
“Het is intussen al 8 uur geweest” zei Lucas, “dus je mag nu niet meer klagen, Fufu.” Hij lachte erbij.
“We gaan over een half uur of zo toch eten?” vroeg Peridot. “Dan hoop ik wel dat iedereen voor die tijd zich nog kan voorbereiden, dat ze bijvoorbeeld nog even snel kunnen douchen, of zich nog even aan kunnen kleden... en dat wij straks natuurlijk ook even verschoond kunnen worden. Trouwens, Marcie, jij ook goedemorgen.”
Om kwart over 8 kwam Nana naar onze kamer om te kijken of we allemaal al wakker waren.
“Goeiemorgen, kinderen” zei Nana. “Alles goed met jullie?”
Lucas, Peridot en ik, de enigen die nu rechtop zaten, knikten.
“Ik nog even blijven liggen, mama?” vroeg Fuel. “Is nog zo vroeg.”
“Let daar maar niet al te erg op, Lucas, Peri en Marcie” zei Nana, “zo is hij altijd wel als het om uit bed komen of uitslapen gaat...” Ze ging bij Fuel's bed zitten en praatte even met hem, niet wetend dat Peridot al uit haar bed probeerde te klimmen.
“Oké, mama” zuchtte Fuel, toen hij was uitgepraat met Nana en door haar zijn bed werd uitgehaald. Verrassend genoeg was hij niet boos na het gesprek van net. Misschien hielden ze al teveel van elkaar?
Hierna werden we om de beurt verschoond en aangekleed, maar hadden we hierna wel allevier onze capuchon van onze hoodies opgezet omdat ons haar niet geborsteld was, en we wilden in de hal echt niet gezien worden met bed hair, omdat het er echt vreselijk uit zag.
“Kuma en Duster nog slapen, Nana?” vroeg Lucas.
“Misschien” zei Nana. “Als jullie dat willen, mogen jullie ze gerust wakker maken, ik vind het helemaal prima.”
“Zullen we ze eens een goede jumpscare geven?” fluisterde Lucas tegen ons. “Ik doe de deur zachtjes open, en als ze daar niet op reageren, springen we gewoon op het bed alsof het een duik in een zwembad is, goed?”
“Ja, da's wel leuk!” giechelde Peridot van achter haar speentje.
“Oké” fluisterde Lucas. “Zodra ik jullie een seintje geef, komen we daar binnen.” Hij sloop naar de deur waar we bijna vlakbij stonden, opende deze zachtjes, keek even naar binnen en gaf hierna het seintje.
We stormden op onze tenen naar binnen en doken allevier op het bed.
Holy toothpaste in a suitcase!” riep Kumatora verbaasd, terwijl ze rechtop schoot. “Jullie hebben ons erg laten schrikken.”
“Was toch de bedoeling?” lachte Lucas.
“Wij goed geslapen, mama en dada” zei ik. “Jullie?”
“Totdat jullie ons lieten schrikken, ja” zuchtte Duster. “Lagen jullie bedden ook zo lekker?”
“Als van die zachte snoepjes, dunkle” zei Peridot. “Alleen nie om zo op te eten, hè?”
“Marshmallows, bedoel je?” zei Duster. “Nee, anders had iemand anders er wel van gegeten en was het lang niet meer zo comfortabel.”
Lucas, Fuel, Peridot en ik zetten onze capuchons af, omdat hier niemand anders ons bed hair kon zien.
“Zal ik jullie haar maar even doen?” vroeg Kumatora. “Jullie zijn nu toch allang aangekleed...” Ze tilde mij even op en rook aan mijn broek. “...en verschoond. Wie heeft dat zo goed gedaan?”
“Da heeft me mama zo gedaan” zei Fuel. “Zij alleen nie haren gekamd.”
“Nee, dat zie ik” lachte Kumatora, “daarom wil ik het juist voor jullie doen.” Ze zette mij weer op het bed neer en ging er zelf uit om zich onder andere nog even aan te kleden en haar eigen haar te doen. Hierna borstelde ze ons haar één voor één door, en gaf ze Duster een speelse por, betekenend dat hij natuurlijk ook even op moest schieten.
“Ja, schat” zuchtte Duster. “Ik ben het even niet gewend, zo uit bed komen in het hotel.” Hij ging met lichte tegenzin het bed uit en bereidde zich ook nog even voor.
Opnieuw een kwartier later zaten we aan de tafel in dezelfde zaal, waar het verrassend genoeg nog niet zo druk was. Heel veel mensen hadden nog even uit willen slapen, dus die hingen zo'n beetje met hun gezicht in hun bord. Zelfs Eve leek wel wallen onder haar ogen te hebben die bijna over haar knieën hingen.
Uiteraard zeiden Lucas, Fuel, Peridot en ik natuurlijk ook even goedemorgen tegen Eve, Amethyst, Britta en Kara, en die hadden ook prima geslapen.
“Ik was de eerste die sliep...” gaapte Britta. “Ik had nog best uit willen slapen, maar nee, toen de deur open ging, was ik al in één keer wakker.”
“Morgen, Britta!” zei Lenny enthousiast, toen hij naast Britta plaatsnam. “Heb je lekker geslapen? Die bedden lagen echt lekker, joh!”
“Britta nog even langer willen slapen” zuchtte Britta. “Bedden lagen erg lekker.” Ze ging een beetje liggen in Lenny's schoot.
“Goedemorgen, edelsteen!” riepen de broertjes van Amethyst enthousiast toen ze langs haar kwamen. “Heb je lekker geslapen op die kolossale marshmallow 's nachts?”
Amethyst knikte en omhelsde haar beide broertjes in één keer.
“Ze heeft een nog betere band met ze dan ik dat vroeger had met Claus” fluisterde Lucas in mijn oor, en aan de tweeling vroeg hij: “Wa is jullie naam?”
“Wie, wij?” vroegen de twee tegelijk.
“Gast” zei degene met de bandana om zijn nek, “we kennen elkaar nog niet eens!” Hierna richtte hij zijn aandacht op ons. “Ik ben Cubert, en dit is mijn broertje Dwight.”
“Waarom moet ik altijd voor broertje uitgemaakt worden?” zei degene met de bandana op zijn hoofd, die Dwight heette. “Ik kan er nou eenmaal niets aan doen dat ik later kwam dan jij!”
Amethyst ging tussen hen in zitten en duwde de twee een stukje opzij.
“Zelfs zonder dat ze kan praten lost ze ruzies tussen hen op...” fluisterde ik in Lucas' oor. “Knap hoor.”
Hierna gingen we weer terug naar onze eigen plekken, omdat het eten bij ons uitgedeeld werd. Lekker, versgebakken broodjes. Ik nam er eentje met alleen boter, waarna ik aan mijn fles kon.
Tijdens het drinken observeerde ik de hele tafel, van wie er allemaal aan zat. Ik zag hoe Kara en haar zusje Louise vlak bij het hoofd zaten, en hoe Eve en haar 9 broers en zussen op volgorde van leeftijd op een rij zaten. Hoe de meisjes Alle en Angie vlak bij Cubert en Dwight zaten, en hoe Jasper druk aan het praten was met zijn ouders.
Na het lange ontbijt had ik nog even tijd om mijn tanden te poetsen voordat ik weer met mijn vrienden in de speelkamer ging verzamelen.

Om half 11 moesten we in de hal van het hotel verzamelen om naar de evenementenhal hiernaast te gaan. Begon het dan al zo vroeg? Blijkbaar wel, want iedereen was er behoorlijk in de weer over, en weer waren ze aan het schreeuwen.
Van al het lawaai barstte ik in wenen en hyperventilatie uit en urineerde ik ongecontroleerd in mijn luier, want tegen deze drukte kon ik totaal niet. Meteen richtten wel tientallen blikken zich op mij en werd het gelijk een stuk rustiger.
“Wat heeft zij in Giygas' naam?” vroeg een willekeurige omstander.
“Ze is half autistisch en best wel astmatisch” hoorde ik Flint zeggen, “en door dat eerste kan ze niet goed tegen lawaai of iets anders dat luid is, dus beoordeel haar er alsjeblieft niet over, en eigenlijk helemaal niemand. Iedereen is wel perfect of bijzonder zoals ze al zijn.”
Hij heeft groot gelijk, dacht ik bij mezelf, als je al één of meer details hebt die anderen eerst niet opvallen, ben je vanzelf bijzonder.
Nu begonnen alle omstanders met elkaar te praten over mij, en omdat ik nu in de wagen zat, boog Kumatora zich naar mij.
“Wat een drukte hier, hè?” suste ze mij. “Ik vind het ook niet fijn dat we nu al moeten verzamelen. Als er nu al even wat mensen alvast naar buiten gingen, zouden ze straks niet lang meer hoeven te wachten en misschien mee kunnen helpen met de voorbereidingen.” Ze gaf mij het medicijn met de puffer, een aai over mijn wang, mijn speentje en een zoen op mijn voorhoofd. “Zullen we alvast naar buiten gaan?”
Ik knikte, en zo gezegd, zo gedaan, en zelfs familie en vrienden van mijn vrienden kopieerden ons goede voorbeeld. Het was bewolkt en erg ijzig buiten, dus we gingen maar snel naar de evenementenhal voordat we haast ijsblokken waren.
“Wij dan zo helpen met, eh... wa jij net zo zei, mama?” vroeg ik.
“Nee, meisje” zei Kumatora. “Dat laten we aan de sterke mannen over. Aan Jasper bijvoorbeeld.” Ze tilde mij uit de wagen en nam me tegen zich aan. “Gaat het trouwens weer wat beter?”
“Beetje” mompelde ik. “Ik wel een natte luier door drukke mensen.”
“Zal ik je dan een droge geven?” vroeg Kumatora liefkozend.
Ik knikte, waarbij we naar de wc's van de hal liepen, waar ik gelukkig in een soort van afgesloten hoek verschoond kon worden, en dat voelde al een stuk beter.
Hierna gingen we naar de zaal waar het event straks gehouden zou worden. Ik zag inderdaad dat er wat sterke mannen bij waren om alles voor te bereiden.
Ik zag hoe Jasper er ook aan kwam, maar in plaats van mee te helpen met ons wilde praten.
“Jasper” vroeg ik, “jij nie helpen met die mensen daar? Jij toch ook sterk, of nie soms?”
“Geen zin” zei Jasper.
“Wat nou 'geen zin', hunk?” zei Kumatora spottend. “Doe je nu een impersonatie van Sans of zo?”
“Nee” zei Jasper. “Ik wil één of ander iemand zometeen helpen met haar lied, en ik ben één van de weinige goede pianisten hier. Hoe heet ze ook alweer?”
“Ik heb geen flauw benul van waar jij het over hebt, Jasper” zei Kumatora, “maar ik begrijp het aan de andere kant wel een beetje.”
Ik dacht na over gisteren, over wat Malachite, het nichtje van Fuel, zei over zingen. Ging Jasper haar misschien helpen? Dan was ik eigenlijk wel benieuwd naar hoe dat zou gaan.
Ik werd intussen weer teruggezet in de wagen, omdat ik me nu prima voelde. Ik keek om me heen waar een piano voor Jasper kon staan, en ja hoor, helemaal links zag ik een grote witte vleugel met een kristallen vaas erbovenop.
“Jasper, kijk” zei ik. “Jij die bespelen?”
“Ik heb 'm al gezien, meisje” zei Jasper. “Toch bedankt.” Hij aaide mij over mijn hoofd en ging richting de vleugel.
Ik werd langzamerhand moe en probeerde een beetje te slapen, toen de meisjes Angie en Alle naar ons toe kwamen rennen.
“Kumatora, heb jij Duster misschien ergens gezien?” hijgde Alle, toen ze zowaar voor ons moesten remmen met hun hielen.
“Hij is mee aan het helpen met de voorbereidingen hier” zei Kumatora. “Hoezo?”
“Wij willen graag meehelpen” zei Angie, “en dit natuurlijk wel snel, zodat we straks met de anderen oorlogje kunnen spelen. Dank je!” Ze holden naar de stapel aan kartonnen dozen waar de voorbereidingen in zaten.
Oorlogje spelen, dacht ik bij mezelf? Met een halve meter sneeuw? Was dat niet een beetje koud? Ach, als zij het straks wilden doen, liet ik het ze maar doen.
“Ik zie dat je erg moe wordt, bloemetje” zei Kumatora, die merkte dat ik bijna half lag te slapen. “We kunnen beter naar een wat stillere plek gaan als je even wil slapen.”
Ik knikte zwakjes, en de stillere plek was de hal zelf, want de meeste mensen waren nog buiten. Het enige wat ik kon horen waren weinig voetstappen, de fonteintjes (waarom waren die überhaupt binnen?) en sommige echo's die nergens vandaan leken te komen. Ik beschouwde ze maar als geluiden op de achtergrond, deed mijn speentje in mijn mond, sloot mijn ogen en pakte mijn rust, nu het nog kon. Ik voelde hierna hoe de wagen zachtjes van voor naar achter bewoog, en daar werd ik zo rustig van, dat het slapen een stuk sneller op gang kwam.

Ik had circa een uurtje geslapen, en ik voelde me een stuk energieker. Ook had ik erge honger gekregen, en was ik daar niet de enige in.
“Mama” zei ik, “wij zo iets eten? Ik honger.”
“Tuurlijk, meisje” zei Kumatora. “Ik verrek ook van de honger, dus we zullen inderdaad even iets eten.”
We gingen terug de zaal in en er stond in één keer een lopend buffet dat er eerst niet stond! Bovendien waren er nog steeds redelijk weinig mensen aanwezig, dus we konden even snel iets pakken.
Ik kreeg een beetje fruit, en het smaakte zo lekker, dat ik wel vermoedde dat het misschien net vers geplukt of zo was.
Toen ik mijn plastic schaaltje leeg had en aan mijn fles begon, kwamen er nu wel meer mensen de zaal in.
“Hebben wij even geluk gehad dat wij één van de eersten zijn die hier iets te eten kwamen halen” zei Kumatora. “Of niet, Marcie?”
Ik knikte, en zoog gretig verder aan de flesspeen. Hoe langzaam mijn mond vol stroomde met het drinken, zo langzaam stroomde de zaal ook vol met mensen.
Mijn fles was echter wel eerder leeg dan dat iedereen er was. Ik gaf de lege fles aan Kumatora en zei:
“Ik nu uit de wagen mogen, mama? Ik me vrienden zien.”
“Natuurlijk, meisje” zei Kumatora liefkozend, toen ze de riemen losmaakte en ik mezelf eruit liet glijden. “Als er iets is, ben ik er, hè?”
Ik knikte, gaf Kumatora een stevige knuffel en liep naar de speelplaats, waar Lucas en Peridot me al op stonden te wachten.
“Lucas! Peri!” riep ik blij, en ik versnelde mijn aantal stappen om eerder bij ze te zijn. Toen ik eenmaal bij hen was, omhelsde ik de twee eens goed.
“Lekker gegeten, Marcie?” vroeg Peridot.
Ik knikte. “Lekker zoet fruit, was vast net geplukt.”
“Ja, ikke ook!” riep Lucas enthousiast. “Beter dan brood, toch?”
Peridot en ik knikten, vooral ik vond brood tegenwoordig erg saai.
“Wij zo even zitten?” vroeg Peridot.
“Ja, waarom ook nie?” lachte Lucas, en we namen met zijn drieën plaats op een groot zitkussen.
We praatten over het één en ander, hoe het leven was, hoe we benieuwd waren naar straks, enzovoorts.
“Waar Fufu?” vroeg ik op gegeven moment.
“Weet nie” zei Peridot, die haar lippen een beetje tuitte en haar schouders ophaalde. “Hij lang nie geweest.”
“Kijk” zei Lucas, die ons wenkte en ergens naar wees. “Daar Fufu. Wij 'm roepen?”
Peridot en ik keken iets verder naar waar Lucas precies op wees, en ja hoor, daar was Fuel inderdaad. We knikten, en begonnen zo hard als we konden te roepen. Na de tweede keer reageerde hij pas, en kwam hij, net zo blij als dat ik net was, naar ons toe gerend.
“Alles goed?” hijgde Fuel, toen hij bij ons aangekomen was.
“Ja, prima” zei ik, terwijl ik hem een stevige knuffel gaf.
“Au” zei Fuel, “hoef je ook weer nie zo hard te doen, sterk meisje.”
“Sorry, Fufu” zei ik, en ik liet hem pas los toen ik hem een zoentje op zijn neus had gegeven.
Fuel kreeg van Lucas en Peridot natuurlijk ook een knuffel, maar ik kon dat blijkbaar veel steviger met mijn 16-jarige spieren.
Hierna praatten we, nu met zijn vieren, verder over het één en ander. We waren altijd de enigen die ontzettend praatgraag waren, in tegenstelling tot Eve en Britta, die liever relaxten, en Amethyst en Kara, die liever druk speelden. Zo nu en dan keken we nog wel eens de zaal rond, waar alles op gegeven moment al versierd was, en we hoorden uiteindelijk ook hoe er pianoklanken door de zaal schalden.
“Jasper!” zei ik.
“Wa is dan met 'm?” vroeg Lucas.
“Hij piano spelen” zei ik, “héél stil zijn, anders nie kunnen horen...” Ik keek Fuel, Lucas en Peridot aan en legde een vinger op mijn lippen.
De halve zaal was nu gestopt met praten en luisterde met alle aandacht naar hoe Jasper op de piano speelde. Iedereen stond al helemaal versteld toen Malachite naast de piano bleek te staan en heel hoog begon te zingen.
Oh my dog
Oh long John
Oh long Johnson
Oh Don Piano
Why I eyes ya
All the live long day!
*
Kraak, deed de vaas op de piano, die in wel duizend stukken spatte. Ik dacht eerst altijd dat brekende glazen en opera maar een fabel waren, maar hier was het blijkbaar echt waar.
Ik, Fuel, Lucas en Peridot applaudisseerden maar, ondanks dat Jasper nu misschien wel pijn zou hebben van de vaas.
Ik zag hoe Nana in paniek naar Jasper toe stormde, om te kijken of het wel met hem ging. Tja, zij was tenslotte zijn nichtje, dus dan begreep ik het wel.
“Ikke een beetje geschrokken...” hoorde ik Peridot zeggen, terwijl ik nog naar Jasper en Nana staarde.
“Van die vaas?” vroeg ik.
“Eh... ja” hakkelde Peridot. “Zo geschrokken dat ikke een natte broek heb.” Ze zag er behoorlijk nerveus uit.
“Dan toch aan je dunkle vragen voor een droge?” stelde Lucas voor.
“Eigenlijk wel” zei Peridot snel, en ze stond op en beende zich naar Duster.
“Die was nerveus” fluisterde Fuel in mijn oor.
Ik knikte, en merkte half hoe mijn luier ook vol stroomde met urine, en al helemaal toen ik keihard moest niezen.
“Gezondheid!” riep een willekeurig persoon aan één van de tafels vlakbij de speelplaats naar me.
Ik stak mijn duim omhoog, en richtte mijn aandacht weer op Lucas en Fuel.
“Ik ook een natte broek...” zei ik. “Dus ik zo terug, ja?”
Lucas en Fuel knikte, en ik liep naar Kumatora om te zeggen dat ik een droge luier nodig had, waarop ik deze ook meteen kreeg, dus ik was snel weer blij en terug op de hangplek.

De uren vlogen ons weer om de oren, en inmiddels was het al bijna 6 uur 's avonds. Ik hing nu met al mijn vrienden rond op het zitkussen, weer met praatjes over allerlei onderwerpen, waaronder ook het gedicht en het liedje van vanavond.
“Ja, leuk hè?” zei Britta, toen Lucas was uitgepraat over zijn hond Boney.
Amethyst vond het schijnbaar ook erg leuk, want ze was aan het lachen en klapte enthousiast in haar handen.
“Weet je” zei ik, “ik best een Pikmin willen hebben voor in huis.”
“Die zijn zo schattig!” riep Kara enthousiast.
“Ikke dat ook best--” wilde Fuel zeggen, maar we raakten hierbij afgeleid van geschreeuw dat van het raam achter ons kwam. “Wa was da dan?”
Ik klom iets hoger op het zitkussen, naar het raam toe.
“Zij allemaal oorlogje spelen!” riep ik, terwijl ik naar de mensen wees die druk met elkaar praatten en postelastiekjes met elkaar uitwisselden.
“Dan moeten we wel teams maken die eerlijk zijn” hoorde ik Lenny zeggen. “Ik ga met Angie, Alle, Ray en eh... Richie, vind jij het goed als je bij mij komt?”
“Ik vind het prima” zei het meisje dat Richie heette.
Naast me zag ik hoe Lucas, Fuel en Peridot nu ook uit het raam keken.
“Dan staat allemaal vast” hoorde ik Cubert zeggen. “Ik ga met Dwight, Nichol, Louise en Tom.” Hierna splitste de groep zich op tot hun teams.
“Wij daar nog véél te jong voor” zei Peridot. “Maar nie erg hoor, want wij véél leukere dingen doen.”
“Ja, die rubber bandjes doen au, hè?” zei Kara, die er ook bij was komen zitten, net als Britta, Amethyst en Eve.
“Ja, scherpe au” zei ik, en daar was niets van gelogen. Ik was eens oorlogje aan het spelen op de kleuterschool toen ik zo hard door een elastiekje was geraakt. Op mijn wang nog wel, en te denken dat de huid daar nog veel dunner is dan op de buik.
Eve werd helemaal enthousiast toen ze haar oudere broers Tom en Ray, die toevallig ook een eeneiige tweeling waren, tegen elkaar een dreigende houding aan zag nemen en hoorde schreeuwen.
“Ikke zo denken dat zij elkaar nie lief vinden” zei Lucas. “Zij zo schreeuwen en boos kijken.”
Van het ene team was Cubert de leider, en van de ander was dat Lenny. Dat kon ik zien omdat ze allebei vooraan stonden. Maar dat ze dat allemaal in die ijskoude laag nog wilden doen? Dat verbaasde me best wel.
“Alle tegenstanders moeten weg!” riep Lenny.
“Driedubbele verbazingwekkende technieken van praseodymium zijn onze sterkte!” schreeuwde Cubert.
Peridot gilde uit angst en verstopte zich achter mij.
“Is da dan zo eng, Peri?” vroeg ik.
“Hij zo lang praten...” hakkelde Peridot, op de grens van wenen.
Een angst voor lang praten? Daar had ik nooit van gehoord. Van een angst voor lange woorden echter wel. Zou Peridot dat dan hebben?
“Voorwaarts mars!” riepen Lenny en Cubert tegelijk, en hierbij startten ze hun spel. Wij die uit het raam keken gingen weer zitten.
“Wa is nou met Peri?” vroeg Fuel.
“Moet je aan haar dunkle Duster vragen, Fufu” zei Lucas.
“Ja, hij veel van haar weten” zei ik.
Voor we het wisten, was het lopend buffet er weer, en gingen we terug naar de mensen bij wie we hoorden, dus ik naar Kumatora.
“Wat was er net zo bijzonder?” vroeg Kumatora, “dat jullie allemaal uit het raam keken?”
“Mensen buiten oorlogje spelen” zei ik. “Met rubber bandjes zo, maar na tijdje Peri heel bang geworden.”
“Was het dan een beetje eng of zo?” vroeg Kumatora.
“Weet ik nie, mama” zei ik. “Moet je aan dada vragen.”
“Als we het eten hebben, zal ik dat zeker wel doen” zei Kumatora, die voor ons het eten ging halen. Omdat er bijna niets bijzonders was, hadden we allebei maar wat macaroni genomen, en die smaakte veel beter. Misschien was deze ook net gemaakt?
In de tussentijd waren Duster en Peridot bij ons komen zitten, en waren we weer in gesprek geraakt.
“Gezellig, hè?” zei Duster tegen Kumatora, “hoe we net dat kerststuk maakten. Die van jou is nogmaals veel mooier geworden.”
“Ach, hou toch op, schat” lachte Kumatora. “Ze zijn even mooi geworden. Het gaat erom dat alle andere gasten ze ook mooi vinden, niet welke er mooier of lelijker is dan de ander.”
“Wa was je nou net zo bang voor, Peri?” vroeg ik, toen ik mijn bord leeg had.
“Iemand zo heel lang roepen” zei Peridot, “ikke da nie fijn vinden.”
“Weet je hoe dat komt, Marcie?” zei Duster. “Ik zal het maar even in je oor vertellen zodat Peridot niet schrikt...” Hij boog zich naar mijn oor toe en begon te fluisteren. “Ze heeft hippopotomonstrosesquippedaliofobie...”
Wat, dacht ik? Wat een lang woord! Ik keek met grote ogen en een wijdopen mond voor me uit, niet te geloven!
“Ikke da nie gehoord hebben” riep Peridot blij.
“Marcie, je kwijlt” zei Kumatora, die mijn mond droog maakte met het doek dat nog om mijn hals zat, waarbij ik snel mijn mond sloot.
“Dada net een heel lang woord gezegd, mama” zei ik. “Zo lang, ik da nie geloven...”
“Wat Peridot heeft?” vroeg Kumatora. “Zei hij toevallig, eh... hoe heet dat ook alweer... hippopotomonstrosesquippedaliofobie?”
Peridot schreeuwde het weer uit van de angst.
“Schat, dat had je niet hardop mogen zeggen!” zuchtte Duster, die zijn hand in zijn gezicht plantte.
“Ja, da dus” zei ik, waarbij ik tegen Kumatora aan ging zitten.
Ik luisterde intussen verder naar de gesprekken, en hetzelfde gold voor Peridot, want we hadden allebei toch niets te doen.
Na een tijdje keerden we, net als de anderen, maar weer terug naar het hotel, in een rustig tempo, in tegenstelling tot de mensen die net heel lang oorlogje speelden, want die waren het eten dus vergeten. Die zouden straks dus van hun ouders een preek krijgen van hier tot Koppai.

Eens in het hotel aangekomen merkte ik dat ik een best wel vuile luier had, zonder dat ik dat door had, dus ik werd maar snel in bad gestopt, maar natuurlijk wel rustig gewassen, want die voorstellingen van straks hadden geen haast.
Ik was blij dat we allemaal aparte badkamers hadden, want al mijn vrienden hadden ook hun vuile luier opgemerkt en wilden dus ook allemaal in bad, en omdat er niet één centrale badkamer is, hoeven we dus ook niet te wachten.
Na het bad kreeg ik wel een schone luier, maar omdat we zometeen naar de voorstellingen moesten kijken, kreeg ik mijn gewone kleding terug aan. Hierna werd mijn haar nog even snel geborsteld, poetste ik snel mijn tanden en toen konden ik en mijn vrienden elkaar weer even zien.
“We lezen het nog circa 5 keer door” zei Eve, “maar ik betwijfel of iedereen hier zo snel als het licht kan lezen, zoals ik dat niet kan...” Ze lachte bij haar opmerking.
“Het is allemaal goed” zei Amethyst, waarbij we het gedicht nog zo'n 5 keer lazen. Hierna waren alle toeschouwers er wel al, maar was er blijkbaar nog niemand aan de beurt voor een andere voorstelling, dus kwamen wij maar in actie.
Alle ogen waren op ons gericht, maar daar letten we niet al teveel op. We schraapten alle acht tegelijk onze keel en noemden om de beurt stukken uit het gedicht uit ons hoofd op. Het gedicht van 'wij zijn niet volwassen'.
“Wij worden nooit volwassen
Spelen geen Undertale
Kijken geen Rick & Morty
En gaan ook niet uit

Wij zijn kinderen
6 maanden tot 3 jaar
Wij doen wat we leuk vinden
En genieten ervan

'Ik wil nog niet mijn bed uit'
'Ik wil niet in bad'
We drinken het liefst uit een fles
En spelen met de blokken

Verslaafd zijn aan de speen
En bijna niets hoeven
Naakt op de luier na
Of vaak in kleding met voetjes eraan

Niet naar het werk hoeven
Of naar de wc
Gewoon veel aandacht
In de box of op de sofa

Na een lange tijd
Vertellen wij het eindelijk
Alle eilanders mogen het weten
Wij zijn niet volwassen!”

Het publiek was hier even stil van, omdat ze dit natuurlijk nog lang niet over ons wisten, maar na ongeveer 10 seconden kregen we toch nog applaus, waarop we na één keer diep ademhalen in koor ons lied begonnen te zingen.
Clarence kijken is oké
Macaroni-ladie-lé
Kom en zing maar met ons mee
Clarence kijken is oké, yay!

Hier kregen we nog meer applaus op, en vooral de uitdrukkingen van Kumatora, Duster, Jasper en Nana zagen er behoorlijk trots uit. Dat we dit eindelijk openbaar durfden te maken, ondanks dat we er eerst behoorlijk nerveus over waren.
“Allemachtig” hoorde ik Flint zeggen, “dit is nog heftiger dan de speech van de president...”
“Maar wel beter” opperde Lenny. “Ze hebben het ons eindelijk verteld, met meer details dan eerst.”
Hierna werden we weer kleine toeschouwers en was de beurt aan Louise met haar gitaar, die het titellied van Steven Universe ging zingen. Ze had erg hard geoefend, dat was wel te merken.
Tenslotte waren Malachite en Jasper aan de beurt. Ondanks dat de vaas vlak bij Jasper's hoofd vanmiddag uit elkaar spatte, zagen hij en zijn voorhoofd er nog prima uit.
Jasper strekte zijn vingers nog even en begon hierna te spelen. Er was niets van glas of zo in de buurt, dus Malachite kon gewoon haar gang gaan.
Na dit alles was het half 9, en hingen mijn vrienden en ik nog gewoon een beetje met elkaar, totdat we een halfuurtje later besloten dat we maar gingen slapen, en we waren vandaag toch nog moe geworden.
Iedereen had weer een ander bedritueel, dus voor Fuel, Lucas, Peridot en ik weer op dezelfde kamer gingen liggen, waren we nog even apart van elkaar, waarbij Kumatora in alle rust voor mij kon zingen.
Hierna werd ik weer in het bed gelegd, en kreeg ik nog mijn speentje, een aai en een nachtzoen.
“Slaap lekker, meisje” fluisterde Kumatora. “Nogmaals, ik ben echt trots op je, dat weet je.” Nog een tweede nachtzoen en weg was ze, waarna Lucas, Fuel en Peridot ook in hun bedden werden gelegd.
“Dat was gaaf, joh” zuchtte ik, toen alleen wij vieren er nog waren.
“Wij zijn trots op elkaar” gaapte Lucas. “En alle eilanders staan het ons ook nog eens toe...! Dat had ik nou nooit verwacht.”
“Ik ben doodop” mompelde Peridot. “Ik denk dat ik maar eens even ga proberen te slapen.”
“Goed idee” zei Fuel.
Ik gaf Peridot, net zoals gisteravond, weer een handzoentje, en Lucas en Fuel een directe nachtzoen, we wensten elkaar nog een goedenacht en toen we onze ogen ook maar tien seconden gesloten hadden, lagen we al te slapen.

*Kennen jullie deze tekst van een grappig en populair YouTube-filmpje?
🕷Normal is merely an illusion. What's normal for the spider is chaos for the fly.🐝

Offline (Verborgen)

  • Alien 👽
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 479
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
    • Mijn website (14+!)
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooi
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #19 december 05, 2016, 19:38:01 19:38*
Editor's note: gezien het vandaag pakjesavond is... is het in dit hoofdstuk ironisch genoeg al kerstmis, maar ik hoop dat jullie desondanks toch genieten van het lezen ervan! ;)

17. De verrassing thuis
Ik had heel vast geslapen, en ik werd om ongeveer half 9 wakker.
Stik, dacht ik toen ik zag dat het zo laat was, volgens mij hebben we het ontbijt nu gemist! Ik schoot overeind en probeerde uit mijn bed te komen, maar ging alweer zitten toen Kumatora zachtjes de kamer binnenkwam.
“Mama, wij het ontbijt gemist?” vroeg ik. “Ik langer geslapen en nu in paniek!”
“Nee hoor” zei Kumatora. “Iedereen was gisteren erg moe, en dat eten loopt heus niet weg, hoor.” Ze tilde mij uit het bed en nam me bij zich. “Eigenlijk was ik van plan om jullie te zeggen dat ik nu jullie kwam plagen in plaats van omgekeerd, maar aangezien jij ineens als eerste wakker was, zal ik dat nu maar niet doen.” Ze hield me nog dicht tegen haar aan voordat ik door haar verschoond en aangekleed werd.
Net toen Kumatora wou beginnen met het borstelen van mijn haar, werd Peridot ook langzaam wakker, en toevallig kwam Duster op hetzelfde moment ook binnen.
“Hoe laat is het?!” riep Peridot geschrokken, terwijl ze overeind schoot.
“Rustig maar, meisje” suste Duster. “Iedereen heeft zo vast geslapen, dat we langer over de ochtend mogen doen.”
Verrassend genoeg waren Lucas en Fuel nog lang niet wakker geworden van ons, ze lagen nog te slapen als blokken.
Nadat mijn haar eindelijk was doorgeborsteld, hield Duster even een oogje op me terwijl Kumatora Peridot nu verschoonde, aankleedde en haar haren ook borstelde.
Niet veel later kwam Nana ook de kamer binnen, en ik begroette haar met een knuffel.
“Alles goed, meisje?” vroeg Nana liefkozend.
Ik knikte, en realiseerde me ineens dat we vandaag weer terug moesten keren naar huis, nee, dat was vreselijk, na zo lang met je beste vrienden te zijn geweest!
“Zijn Fuel en Lucas al wakker?” vroeg Nana.
Ik schudde mijn hoofd, maar had al snel voor de helft geen gelijk meer, want Fuel werd langzamerhand ook wakker.
“Drie van de vier” zei Kumatora. “Marcie, zullen wij alvast naar het buffet gaan om wat te eten te pakken?”
“Dada en Peri ook!” zei ik. “Nana, jij zo ook met Fufu en Lucas?”
“Ja, hoor” zei Nana. “Ik zie jullie zo!”
Hierna gingen ik, Peridot, Duster en Kumatora weer naar de zaal. Vandaag lag er niet echt iets interessants voor mij, dus mocht ik weer gewoon mijn fles hebben. Hetzelfde gold voor Peridot, die normaal altijd zo gek was op een bagel, maar vandaag dus blijkbaar niet.
Na het eten gingen we maar onze tanden poetsen en op onze geplande kamers onze spullen ook terug inpakken, omdat we natuurlijk weer terug op huis af gingen.
“En ik mag gelukkig nog één dagje bij mijn dunkle slapen” fluisterde Peridot in mijn oor, “voordat ik morgen weer bij mams ben.”
“Ik in de avond misschien bij mama slapen” zei ik. “Ik nu erg onrustig.” Op hetzelfde moment was alles van mijn koffer in orde en moest ik er even op zitten om hem goed dicht te kunnen ritsen, zo veel zat erin.
“Wij eens bij elkaar slapen” stelde Lucas voor. “Was zo fijn net, hè?”
“Ja” zei Fuel. “Maar bij wie dan?”
“Bij mij maar twee bedden” zei ik, “dus nie genoeg ruimte daar.”
“Dan ikke toch op de bank slapen?” zei Peridot.
“Nee, wij dan beter bij mij slapen” zei Lucas, “daar genoeg ruimte voor ons vieren... ja.”
“Dan staat vast” zei Fuel, en we stapelden onze handen op elkaar om deze vervolgens te laten 'vliegen'. Dit omdat een high-five onmogelijk was met vier paar handen.
We keken of alles in orde was en controleerden onze koffers nog eens. Alles zat erin, dus alles was in orde, en we verlieten allevier de kamer, waar Duster, Kumatora en Nana ons opwachtten.
“Wij eerst nog zo dag zeggen tegen Ammie, Britta, Eve en Kara” zei Peridot, “dan tegen elkaar, oké?”
Lucas, Fuel en ik knikten, en toevallig kwamen Amethyst, Britta, Eve en Kara ook opdagen, wie we meteen gedag zeiden.
“Was leuk” zei Britta. “Tot later!”
“Thuis is 't straks geen hotel meer” lachte Kara. “Ik zie jullie later!”
We wisselden nog één knuffel uit, waarna de wegen van Lucas, Peridot, Fuel en mij helaas ook moesten scheiden.
“Ik jullie erg missen” zei ik, terwijl we elkaar een groepsknuffel gaven en een heel stel zoenen uitwisselden.
“Ikke jou later willen zien” zei Fuel. “Wij toch dicht bij elkaar wonen, hè?” Dit keer was hij degene die mij een stevige knuffel gaf. “Dag, Marcie.” Er stonden tranen in zijn ogen op het moment dat hij me eens goed op mijn mond zoende. Ik voelde me van binnen opeens heel warm worden... Nee, Fuel had al iemand, dacht ik bij mezelf, dus niet teveel zo denken.
Tussen mij en Peridot bleef het stil, op de knuffel en de zoenen op de wangen na.
“Dag, Lucas” zei ik, nu ook op de grens van wenen. “Ik jou erg missen.”
Lucas knikte, en beiden barstten we in wenen uit toen we elkaar eens goed knuffelden, en zelfs onze zoen, die weer op de mond was, kon dit helaas niet verzachten. Dat we elkaar gingen missen was natuurlijk menens.
Kumatora merkte dat ik heel verdrietig was, dus ze nam me op haar arm en troostte mij eens goed.
“Meisje toch” suste ze. “Natuurlijk zullen jullie elkaar nog wel zien, hoor. Jullie zijn echt zo lief voor elkaar en zo, weet je dat?”
Ik knikte en droogde mijn tranen in Kumatora's schouder.
“Ik jou ook erg missen, dada” zei ik tegen Duster, die ik ook eens een goede knuffel en een zoen op de wang gaf. “Tot later.”
“Jij ook tot later, lieffie” zei Duster, die het bij mij terug deed. Hierna richtte hij zijn aandacht op Kumatora. “We zien elkaar snel weer, schat.” Ze vielen elkaar in de armen en gaven elkaar een lange zoen. Ik voelde me er veilig bij, aangezien ik ertussen zat en nu zowaar gesandwicht werd.
Hierna gingen Kumatora en ik weer terug naar huis, en we waren allebei moe, dus het eerste wat we deden toen we om kwart voor 11 thuiskwamen, was samen even bijkomen op haar bed.
Ik had eens op bed mijn speentje nog niet in of ik lag alweer te slapen, zo ongelooflijk uitgeteld was ik van de afgelopen dagen.

Ik had daarnet wel tweeënhalf uur geslapen, want ik werd behoorlijk slaapdronken wakker en wilde het liefste nog even uitslapen, maar tegelijkertijd had ik ook erge honger gekregen, dus ik ging maar met hele zware ogen maar naar het plafond liggen staren. Naar de ventilator die op dit moment zachtjes aan stond.
“Hallo, Marcie” fluisterde Kumatora, die al rechtop naast me zat. “Heb je lekker geslapen? Je was echt gevloerd van de afgelopen dagen, hè?”
“Ik honger, mama” mompelde ik, terwijl ik mijn ogen uitwreef.
“Ik heb al een fles voor je, meisje” zei Kumatora, “maar zal ik je maar eerst even een droge luier geven? Toen je lag te slapen, was hij wel flink nat geworden, denk ik.” Ze bracht mij even naar mijn kamer om mijn natte luier te verwisselen, waarna we weer even terug naar haar kamer gingen, zodat ik daar onder het drinken even rustig wakker kon worden.
Ik had daarnet wel een kwartier over mijn fles gedaan, zo lang moest ik erover doen om wakker te worden.
“Zullen we even televisiekijken in de woonkamer?” stelde Kumatora voor.
“Ja, Clarence kijken” zei ik enthousiast, en we gingen allebei naar de woonkamer, waar tot onze grote verrassing ineens een stel cadeaus op ons lag te wachten op de sofa.
“Er liggen ineens allemaal cadeaus op de sofa!” riep Kumatora verbaasd.
“Misschien wij daarom naar hotel gegaan?” vroeg ik. “Maar veel zijn het er!” Ik ging dichter naar de bank toe om te kijken welk cadeau voor wie was. Uiteindelijk hadden we er allebei vier, en had ik ze netjes gesorteerd.
“Waarschijnlijk was dat hotel dan inderdaad een afleidingsmanoeuvre” zei Kumatora, toen ze het eerste cadeautje ontdeed van het lintje. “Zodat de bewoners van de Noordpool ons in alle rust cadeaus konden geven! Wat slim dat jij daar bij bent gekomen, snoepje.” Hierna haalde ze het doek (het was verrassend genoeg geen inpakpapier) van het cadeau weg, en er kwam een doos gekleurde pennen tevoorschijn, waar ze heel blij mee was.
Ik pakte het kleinste cadeau van mij, en dat was een felgeel armbandje met allemaal zachte, roze hartjes eraan. Die had ik ongeveer een maand geleden nog in de kledingwinkel gezien, en ik was er gelijk helemaal weg van, maar dat ik hem zou krijgen had ik niet verwacht. Ik was er echt heel blij mee.
De rest van de cadeautjes van Kumatora waren een kurkentrekker (voor de champagne van oudjaar straks?), een nieuw horloge en een lamp die op een kerstboom leek. Scheelde heel wat werk met het opzetten van een boom, want hij stond gelijk naast de sofa en hij gaf mooi licht!
De rest van mijn cadeautjes waren krijtjes (omdat ik jaloers op die van Fuel was), een paar warme sokken en een bloemetje in een pot, volledig van pluche gemaakt. Die laatste kon ik mooi in de hoek van de vensterbank zetten, dacht ik eerst, maar ik wilde hem toch maar op de rand van mijn bed hebben, want anders was het zo zonde omdat hij bij het raam misschien zou gaan verkleuren.
“Fijne kerst, mama” zei ik, terwijl ik haar in de hals viel.
“Jij ook, Marcie” zei Kumatora, die mij een knuffel terug gaf, met een klapzoen er gratis bij.
Hierna gingen we eindelijk eens televisiekijken, want we wilden niet onze tijd verspillen aan slijmen tegen de cadeaus of zo.
Kumatora wilde in de tussentijd zelf lunchen, dus liet ze me gewoon ongestoord kijken naar de marathon aan cartoons die er toevallig was.
Ik vond het wel fijn, eerste kerstdag en afleveringen van series die met kerst te maken hadden. Ik vond dat er iets warms bij hoorde, dus ik pakte de deken van de rugleuning en sloeg deze over me heen. Ik keek net zolang televisie totdat ik met 'vierkante ogen' in slaap viel.

Om half 6 werd ik wakker van het geluid van de brievenbus. Ik schrok er wel van, waarbij mijn blaas net zo hard schrok.
“Ik haal de post wel” zei Kumatora, die nog steeds aan tafel zat, en naar de deur toe ging. Ze kwam terug met een heel stel kaarten dat we van de anderen hadden gekregen.
“Wa voor kaarten zijn da, mama?” vroeg ik.
“Die zijn van iedereen die we wel kennen” zei Kumatora, “en ze willen ons allemaal een fijne kerst terug wensen. Weet je nog toen we een maand geleden al die kaarten schreven? Nou, eergisteren, 's morgens vroeg, toen je nog sliep en voordat we naar het hotel gingen, had ik ze allemaal opgestuurd, en dat werd waarschijnlijk zo erg gewaardeerd, dat we deze kaarten terug kregen.”
Ik giechelde erbij. Ik vond dat zo leuk, toen we kerstkaarten schreven toen het eigenlijk nog veel te vroeg was voor kerst, maar hé, beter te vroeg dan te laat of zelfs nooit.
“Ik zou ze eigenlijk samen met jou door willen nemen” zei Kumatora, “maar misschien heb je daar wel geen zin in. Of wel?”
“Ik wel kijken, mama” zei ik, “maar ik eerst een droge luier hebben.”
“Dan zorg ik daar wel eerst voor” zei Kumatora, die de deken voorzichtig van mij af haalde en mij op haar arm nam, “want dat is niet fijn, hè, als je huid uiteindelijk schade heeft door de natte luier.”
Op mijn kamer werd ik op de commode gelegd en bleek dat ik niet alleen maar ongemerkt geürineerd had, maar ook een beetje gedefeceerd, dus ik kreeg net iets meer lotiondoekjes over mijn streek heen. Na de verschoning gingen we terug naar de woonkamer, waar we de kaarten één voor één bekeken.
“Zijn wel tientallen kaarten, mama” zei ik, terwijl ik de stapel bekeek.
“Ja, veel, hè?” zei Kumatora. “Van alle bekende mensen in onze vriendenkringen: Duster, Jasper, Lighter en Lapis, Flint, Nana, Jeff...”
“En vrienden van mij” zei ik. “Tony, Fufu, Lucas, Peri, Eve, Ammie, Britta en Kara. Zij ook iets geschreven, en da was heel lief van ze.”
“Maar dan weet je het volgende misschien niet” zei Kumatora, die na het doorlezen van alle kaarten op de tafel een laatste kaartje uit haar binnenzak van haar hesje haalde. “Of weet je het nog wel? Degene die we aan onszelf schreven?”
Ik knikte en glunderde erbij, en Kumatora las de kaart hardop voor.
“Beste Marcelien en Kumatora van de toekomst” zei ze. “We hebben momenteel erge lol met het schrijven met de kerstkaarten naar onze vrienden. Als jullie dit nu lezen, wensen we jullie een fijne kerst en een uiterst gelukkig nieuw jaar. Veel knuffels en zoenen van Marcelien en Kumatora die de kaart op dit moment hadden geschreven.”
Na ongeveer tien seconden lagen we allebei in een deuk van het lachen. Hadden we dit echt geschreven destijds? En zelfs die afdrukken van onze lipstick, omdat we nog echt een zoen in de kaart hadden gezet ook!
“Die wij volgende kerst nog eens lezen!” stelde ik voor.
“Oh, dat wordt dan nog eens spannend!” lachte Kumatora. “En dan haalt het vast ook die lachbui weer op.” Ze stopte de kaart terug in de envelop en stak deze terug in haar binnenzak.
De rest van de kaarten hadden we op de vensterbank gezet, en hierna hadden we lekker gegeten, vanwege het feit dat we ook eindelijk weer thuis waren. We aten gewoon van alles: zoete aardappelen uit de oven, spaghetti met rode saus en een appel. En nog een appel. Dit omdat we helaas vergeten waren om ijs te halen, maar ach, ik vond appels eigenlijk toch lekkerder, als ik op dat moment mocht nadenken.
Om tien voor half 7 lagen we allebei even op de bank, om het volle gevoel in onze buik door het eten weg te denken. Ik dacht deze echter niet alleen weg, maar voelde ook dat mijn luier steeds zwaarder aan begon te voelen. Toen ik ook pas echt doorhad dat ik een vuile luier had, begon ik zachtjes te wenen.
“Marcie, wat is er aan de hand?” vroeg Kumatora liefkozend.
“Ik in me broek gedaan” snikte ik, “en ik da nie door hebben.”
“Dat is toch niet zo erg?” suste Kumatora. “Dan mag je lekker in het warme bad, hè? Vind je dat fijn?”
Ik knikte, ik vond het zeker nu fijn met die ijzige kou buiten. Kumatora nam mij op haar arm, zette mij in de badkamer op de ladekast neer en kleedde me daar tot mijn luier uit. Nadat ze alvast de badkraan open had gezet en alles dat ik straks nodig had van mijn kamer had gehaald, gaf ze mij alvast de badspons als afleiding, deed ze mijn luier uit en haalde, zoals gewoonlijk voordat ik in bad ging, nog een heel stel lotiondoekjes over mijn streek heen, zodat dat ook niet meer hoefde te gebeuren.
Eens in bad voelde ik me al een heel stuk rustiger, en gaf ik de badspons terug aan Kumatora, zodat ze mij ermee kon wassen.
“Dank je” zei Kumatora. “Wacht eens, ik heb een ideetje. Ik ben zo terug. Kun je hier even blijven zonder dat er iets gebeurt?”
Ik knikte, en beloofde mezelf ook plechtig dat ik in bad bijvoorbeeld geen vloedgolven en dergelijke zou maken.
Kumatora ging de badkamer even uit, en kwam niet veel later terug in alleen een handdoek, welke ze af deed en hierna gezellig bij mij in bad kwam.
Ik had dit niet verwacht, maar blij was ik er wel mee.
“Ik heb je al best lang met blote handen willen wassen” zei Kumatora, “maar ik dacht al die tijd diep van binnen: nee, daarvoor moet ik zelf ook in bad, want anders heb ik natte mouwen of zo. En raad eens?”
“Jij in bad, mama” zei ik. “Jij da wel verdiend na druk in hotel van gisteren en zo.”
“Dat vind ik nou ook” lachte Kumatora, die het washandje pakte en daarmee mijn haar inzeepte.
Ik probeerde Kumatora zo nu en dan ook te wassen met de badspons, maar dat waardeerde ze alleen als ze niet bezig was met mij te wassen.
Na ongeveer tien minuten ging Kumatora eerst zelf het bad uit om zichzelf af te drogen, omdat ze natuurlijk voor straks wel weer aangekleed moest zijn. Toen dit ook zo was, haalde ze mij uit bad, droogde ze mij af, deed ze me een schone luier en mijn slaapkleding aan, borstelde ze mijn haar en mocht ik tenslotte weer zelf mijn tanden poetsen.
Het was kwart voor 7 toen we weer op Kumatora's bed televisie lagen te kijken. Nou ja, ik voor het grootste deel, want Kumatora merkte dat ik deze nacht graag bij haar wilde slapen en dus moest ze nog wat belangrijke spullen van mijn kamer halen, zoals mijn nachtlichtje.
In feite vond ik dat er nu eigenlijk niet zo veel interessants op de televisie was, dus ik zette deze uit en toen Kumatora er weer bij kwam, was ze eerst wel een beetje verbaasd.
“Is er niets interessants meer, Marcie?” vroeg ze.
“Ik liever bij jou zijn, mama” zei ik. “Jij toch leuker dan die tv.”
“Je hebt groot gelijk” zei Kumatora. “Zal ik even mijn tanden poetsen zodat ik zo weer bij jou kom?”
Ik knikte, en zo gezegd, zo gedaan, waarna ik heel lang werd verwend met lieve woorden, knuffels, strelen en zoenen.
Om 9 uur merkte ik wel dat ik behoorlijk moe aan het worden was, dus Kumatora zette het centrale licht uit, mijn nachtlichtje aan, gaf ze me mijn speentje, nam me op haar schoot, streelde mij over mijn rug en zong zachtjes voor me. Hierna legde ze mij zachtjes neer, deed ze de deken over me heen en gaf ze me een aai en een zoen.
“Slaap lekker, bloemetje” fluisterde Kumatora, “en nogmaals, fijne kerst.”
Ik knikte er slaperig bij in goedkeuring, sloot mijn ogen en lag al snel te slapen, waarbij ik zelfs niet doorhad dat Kumatora zelf later ook lief tegen mij aan lag te slapen.
🕷Normal is merely an illusion. What's normal for the spider is chaos for the fly.🐝

Offline (Verborgen)

  • Alien 👽
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 479
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
    • Mijn website (14+!)
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooi
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #20 december 06, 2016, 19:28:13 19:28*
Epiloog
Ik woon intussen bijna 3 maanden bij Kumatora en ik heb het er perfect naar mijn zin. Ze vindt het nog steeds niet erg om mij te verzorgen, flessen te geven, luiers te verwisselen en whatnot, en daar zijn we natuurlijk allebei erg trots op.
Maar er is nog meer goed nieuws over wat ons huishouden betreft: Duster is bij ons ingetrokken omdat hij en Kumatora eindelijk verloofd zijn, waarbij Peridot soms ook nog bij ons langskomt! Waar zij slaapt als ze er is? Ze blijkt eigenlijk helemaal geen kamer of zo te kunnen delen, dus ze slaapt op een matras in de woonkamer, en ze vindt het prima zo.
Gezien Kumatora en Duster nu dus verloofd zijn, heb ik ook eindelijk een huishouden met twee surrogaatouders die mij gelukkig nog steeds toestaan om hen mama en dada te noemen. Fijn, hè?
Ik bezoek nog steeds regelmatig mijn beste vrienden Lucas, Fuel en Peridot (← ook al zie ik haar, zoals ik net al zei, veel vaker), en we doen nog steeds zoveel met elkaar. We hebben zelfs een keer bij Lucas thuis binnen in een tent geslapen! Dit omdat het buiten te koud was om te kamperen, dus we deden gewoon alsof, en dat is natuurlijk ook erg leuk.
Ik ga natuurlijk ook nog steeds met Kara, Eve, Amethyst en Britta om, maar als ik echt mocht kiezen, ben ik het liefste bij Lucas, Fuel en Peridot, omdat ik hen toch maar het aardigst vind. We vinden het nog steeds leuk om aan ageplay te doen met elkaar, en voelen ons hierdoor ook heel close met elkaar. We spelen onder andere nog wel eens met de blokken of doen kussengevechten, maar het allerliefst praten we natuurlijk met elkaar over het één en ander of kijken we naar cartoons.
Ik zou zeggen: bedankt voor het lezen van dit verhaal, en ik hoop van harte dat jullie ervan hebben genoten! :)
🕷Normal is merely an illusion. What's normal for the spider is chaos for the fly.🐝

Offline (Verborgen)

  • AB
  • Volwassen
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 514
  • Geslacht: Man
  • Contact behoefte: niet opgegeven
Re: Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #21 december 16, 2016, 22:12:04 22:12*
Een 10 voor dit verhaal !1

Offline (Verborgen)

  • Alien 👽
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 479
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
    • Mijn website (14+!)
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooi
Re: Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #22 december 17, 2016, 09:00:56 09:00*
Een 10 voor dit verhaal !1

Yay, super bedankt! *springt bijna een gat in de ozonlaag van blijdschap*  ;D babyverliefd
🕷Normal is merely an illusion. What's normal for the spider is chaos for the fly.🐝