Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden  (gelezen 1888 keer)

0 leden en 1 gast bekijken dit topic.

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
november 15, 2016, 19:33:52 19:33*
Editor's note: de meeste namen die in dit verhaal genoemd zullen worden, zijn in het Engels uitgesproken!

Dit was ooit een verhaal geweest waarbij ik op gegeven moment een schrijversblok kreeg, maar na een heel stel fantasieën heb ik deze toch besloten te verbeteren en aan te passen. Het gehele verhaal is fictief, behalve de ik-figuur, want dat ben ik en ik besta wel echt. Geniet van het lezen!

Proloog (die helaas ook de samenvatting is van mijn eerste dagen als wees)
Stress. Eén en al stress. Ik was uren alleen thuis. Mijn moeder was met de auto vertrokken om naar een belangrijke situatie te gaan die ze in de krant zou zetten (omdat ze bij de krant werkte), maar na lange uren was ze niet meer teruggekeerd, leek het wel.
Wat de volgende dag volgens de buren rechts bleek, was dat er in de buurt een kolossaal verkeersongeval was... waarbij mijn moeder dus één van de slachtoffers was die helaas naar de hemel was vertrokken. Ik had dagenlang geweend, zelfs tijdens de begrafenis was ik geen seconde stil (waar niemand verrassend genoeg van opkeek), ik moest alles wat met mijn moeder geassocieerd was bellen vanwege het ongeval... echt verschrikkelijk, zeg.
Ik had dit pas na twee dagen met echt betrouwbare mensen besproken... ik klopte bij Lucas en zijn vader aan de overkant aan, en ze vroegen zich inderdaad af waar ik al die tijd nou bleef. Ik vertelde alles, verdrinkend in verdriet, en ik hyperventileerde vaak omdat door alle stress mijn normaal gesproken lichtelijke astma was verergerd. Ik moest zowel hulp zoeken als ergens anders gaan wonen... maar waar dan?
“Lucas...?” vroeg ik, terwijl ik rustig adem probeerde te halen. “Is het misschien goed als ik bij jou kom wonen...?”
Lucas knikte en vroeg dit aan zijn vader. Ik realiseerde me ineens dat hij nog een halve wees was, en ik ineens een hele. Ik probeerde mijn tranen in te houden, maar dat kon haast niet.
Ik kreeg in ieder geval de toestemming om er te wonen. Van buiten leek ik nog erg verdrietig, maar meters diep van binnen was ik er wel blij mee. Dat ik toch niet dakloos zou worden. Dat ik mijn belangrijke bezittingen als mijn computer niet zou verliezen. Dat er toch mensen waren met wie ik kon praten. En zelfs dat ik nog altijd 'kind' kon zijn in mijn vrije tijd.
Alles wat daaraan gerelateerd was werd via allerlei bedrijfjes en zo besproken, en ik mocht er ook echt wonen. Ik vertelde dit via Skype aan mijn vrienden die verder weg woonden, en zij vroegen zich overigens ook al af waar ik al die tijd nou was. Bij die vraag, welke als eerste door mijn vriendin Paula werd gesteld, werd ik opnieuw verschrikkelijk ongelukkig, maar desondanks heb ik het iedereen wel kunnen vertellen, en zij willen mij er dan ook bij steunen. Daar was ik dan wel erg blij mee.
Being on this website fills you with determination. :)

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #1 november 17, 2016, 19:05:25 19:05*
1. En toen verhuisden we ineens (weer terug) naar de Nowhere Islands
Toen ik een week bij Lucas woonde, bleek zijn vader ineens terug te willen naar de Nowhere Islands, waar ze oorspronkelijk woonden. Heimwee naar het eigenlijke thuis, dus. Ik vond het helemaal prima, want ik wilde eigenlijk ook wel weten hoe het nou was op de Nowhere Islands.
Ik besloot dit ook aan mijn vrienden te vertellen via Skype, en zij reageerden wel behoorlijk geshockeerd. Ik werd echt doodgegooid met allemaal succeswensen, geluk, groeten, “ik zal je missen” en “natuurlijk houden we nog wel contact, hè?”. Natuurlijk houden we nog contact, daar zijn vrienden toch voor. We hadden natuurlijk ook elkaars e-mailadres en telefoonnummer, zodat we op veel manieren nog contact met elkaar konden houden.
Ook wilden Jeff en Tony dat ik hen op een dag weer eens zou bezoeken, of zelfs weer eens bij hen zou komen logeren. Natuurlijk wisten we alledrie dat dat wel erg lastig zou worden, maar we hadden het in ieder geval beloofd, ongeacht van welke datum het zou zijn.
In ieder geval was het verhuizen sneller gegaan dan ik dacht, en kon vrijwel alles mee het vliegtuig in. Ik had de hele reis lang bij het raam gezeten met Lucas naast me, want ik had behoorlijke vliegangst, en dat is natuurlijk geen pretje.
“We kunnen nu wel langer broer en zus van elkaar zijn!” had Lucas tegen me gezegd.
“Da's waar” zei ik, “en we steunen elkaar nog altijd zo veel mogelijk.”
Eens op de bestemming aangekomen was het huis ook weer redelijk snel ingericht, maar wilde ik nog geen kennis maken met de nieuwe buren, omdat ik me daar nog te gestresst en onrustig voor voelde. Bovendien wilde ik nog herstellen van de redelijk heftige astmatische aanvallen die ik afgelopen dagen heb gehad, me aanpassen aan het feit dat de Nowhere Islands 1 uur naar achteren verschilde in vergelijking met Seattle, aan iedereen vertellen dat ik er eindelijk was, enzovoorts.
Niet alleen Lucas, maar ook zijn vader en hun hond, die behoorlijk lief voor me was sinds ik bij hen kwam wonen, steunden mij goed, zorgden goed voor me, en na een tijdje zat ik zelfs al in de voortuin met hen. Iedereen die ik niet kende keek even naar me, en ik lachte naar ze. Maar me dan ook daadwerkelijk voorstellen durfde ik nog niet.
Ik ging op gegeven moment naar binnen omdat mijn blaas haast op ontploffen stond, en realiseerde me hierbij dat ik al dagen geen luiers meer had gedragen, dus ik keek in de kast op mijn (met Lucas gedeelde) kamer, en gelukkig waren ze er allemaal nog. Snel trok ik er eentje aan en ging met mijn laptop op bed zitten, toen ik ineens gebeld werd op Skype. Ik besloot maar op te nemen, en het was Tony.
“Hey, Marcie!” zei Tony. “Goed aangekomen op de Nowhere Islands?”
“Jawel” zei ik, “maar het verschilt ongeveer een uur naar achteren met landen als Foggyland, en dat is behoorlijk wennen, snap je?”
“Dan mag je gewoon uitslapen!” zei Tony, “in vergelijking met ons.” Hij boog zich naar de camera toe en begon te fluisteren. “En langer luieren, als je begrijpt wat ik bedoel...”
“Niet alleen dat” zei ik, en typte in: Ik kan ook langer kind zijn, met mijn speentje en zo. Fijn hè? In de tussentijd ontspande ik mijn blaas.
Tony knikte, en typte ook iets in. Dat scheelde heel wat gefluister of afluisteren van anderen die mogelijk in onze buurt konden zijn.
“Ik wil bij jou en Jeff zijn, Tony” zei ik op gegeven moment. “Lucas is wel aardig, hoor, maar ik voel me desondanks toch erg eenzaam. Ik wil jullie eens goed knuffelen als we elkaar weer eens zien.”
“Het spijt me nog steeds voor je verlies, koffieboontje” zei Tony, “ik wil jou ook graag knuffelen, hoor, en als je wilt zelfs helemaal bedekken in zoentjes.” Koffieboontje, dat was één van mijn koosnamen van hem.
“Vraag dan maar aan Jeff of hij dat dan ook wil doen” giechelde ik, “anders is het niet eerlijk.” Ik blies een handzoen door de camera. “Hier heb je er alvast eentje.”
Tony lachte en gaf me een handzoen terug. Wat waren we toch altijd melig als we elkaar zagen, al of niet persoonlijk.

De avond viel al snel, dacht ik... want ik was nog niet aan de nieuwe tijdzone gewend. Ik had alle klokken van bijvoorbeeld het mobieltje, de computer en het horloge achteruit moeten zetten en ik had rond zessen al verschrikkelijke honger. Nou ja, trek, want tot op heden in arme landen en vroeger tijdens de voedselcrisis op Koppai hadden ze altijd honger.
Ik had door die honger maar flink wat gekookt voor iedereen, en de hond alvast gevoerd. Ik maakte wel drie dingen tegelijk: aardappelen uit de oven, spaghetti met bijna witte saus en een taart. Dat laatste was overigens voor na het uitgebreide 'de nieuwe huisbewoner zal eens goed koken'-eten.
Ik had goed mijn best gedaan gedurende het koken en het feit dat er veel keuze was uit eten werd ten zeerste gewaardeerd. Bovendien was na alles onze honger al goed gestild en konden we snel onze rust pakken.
“Marcelien?” vroeg Lucas, toen ik net uit de douche kwam en me had gekleed in makkelijke kleding. “Zou jij me misschien willen wassen? Het zit zo... ik ben lang niet meer 'klein' geweest.”
“Natuurlijk” zei ik, en liet het bad vollopen, terwijl Lucas zijn kleding en handdoek naar de badkamer bracht. Hij liep nog snel naar onze kamer terug omdat hij zijn luier nog moest hebben voor straks.
Niet veel later kleedde ik Lucas uit en waste hem zorgvuldig. Hij vond het weer eens fijn om door een ander gewassen te worden, en al helemaal toen hij door mij zijn luier en kleding aan kreeg en ik zijn haar zelfs borstelde. Ik had zelf nog allerlei wondermiddeltjes in een kastje op mijn kamer liggen en pakte de belangrijkste, welke nagels deed stoppen met groeien en ze voor altijd dezelfde lengte liet zijn*.
Ik had de middeltjes al eens véél eerder op mezelf toegepast, dus ik had ze eigenlijk niet echt meer nodig, maar ja.
“Ik zal je nagels eens goed bewerken, Lucas” zei ik, terwijl ik zorgvuldig al zijn nagels knipte, wat nu makkelijk ging vanwege het feit dat hij net in bad was geweest. Hierna ging het wondermiddeltje op zijn nagels, zodat deze voor altijd dezelfde lengte zouden blijven.
“Wat is dat precies voor middeltje, Marcie?” vroeg Lucas.
“Dit is zodat je nagels voor altijd even lang blijven als nu” zei ik, “want het is erg irritant als je ze moet blijven knippen, toch?”
Lucas knikte, en ik gooide alle afgeknipte nagels in het vuilnisbakje naast mijn bed.
“Fijn hè, dat we een kamer delen” zei Lucas, die op mijn schoot plaatsnam. Hij knuffelde mij eens goed.
“Ja” zei ik, “dan kunnen we elkaar altijd troosten als er iets is, en zeker op dit moment.” Ik kon nog net mijn tranen inslikken en slaakte in die plaats maar een diepe zucht, waarbij ik Lucas een knuffel terug gaf.
We hadden nog lang gepraat totdat we om ongeveer 9 uur onze tanden gingen poetsen, de vader van Lucas goedenacht zeiden en naar bed gingen.
“Als er iets gebeurt” zei ik, “ben ik er, goed?” Ik sliste door mijn speentje.
“Omgekeerd ook” zei Lucas. “Slaap lekker, Marcie.” Hij pakte zijn speentje van het nachtkastje en stopte deze in zijn mond.
“Jij ook, blondje” zei ik, terwijl we elkaar nog even een knuffel en een nachtzoen gaven. Onze bedden stonden ook naast elkaar, dus we waren natuurlijk nog wel bij elkaar in de buurt. Met elkaars hand vast vielen we in slaap.

*zie 'Lean in de Underground'.
Being on this website fills you with determination. :)

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #2 november 19, 2016, 19:37:39 19:37*
2. Hoe ik weer eens een nieuweling leerde kennen
Ik schrok 's nachts uit het niets wakker, en ik was zo erg geschrokken dat ik zachtjes begon te wenen. Ik miste mijn moeder nog steeds erg, maar ik geloofde graag dat ze me van kilometers hierboven nog lief vond. Dat maakte me natuurlijk wel deels verdrietig, vandaar dat ik geschrokken was.
“Gaat het wel, Marcie?” fluisterde Lucas.
“Ik mis haar...” snikte ik. Hier kreeg Lucas zelfs tranen in zijn ogen van, want hij begreep uitstekend hoe ik me nu voelde. “Mag ik bij jou komen liggen?”
“Ik kan beter bij jou liggen, meis” zei Lucas. “Mijn bed is veel te klein.” Hij kroop bij mij in bed, tegen mij aan. Dat voelde een stuk veiliger.
“Ik vind je lief, Lucas” fluisterde ik, waarna ik hem een zoentje op zijn wang gaf. “Ik voel me nu veiliger met jou bij me.”
Lucas gaf me zachtjes een zoentje terug en streelde mij over mijn rug. Al snel lagen we allebei weer te slapen en was ik ook al heel wat rustiger geworden.

Om ongeveer half 9 werd ik weer wakker, en merkte ik dat mijn luier flink nat was geworden.
“Goedemorgen” fluisterde Lucas zachtjes. “Heb je nog een beetje kunnen slapen?”
Ik knikte, terwijl ik me langzaam uitrekte en Lucas dicht bij me nam, waarbij ik ineens iets voelde.
“Mag ik je luier even verwisselen, Lucas?” vroeg ik. “Hij is namelijk een beetje nat.”
“Haal dat 'beetje' maar weg” zei Lucas, die erbij lachte, “en graag zelfs.” Hij ging op zijn eigen bed liggen en ik was al snel klaar, waarna ik ook, terwijl Lucas zich aankleedde, mezelf snel verschoonde en aankleedde.
We gingen hierna maar naar beneden en maakten wat ontbijt voor onszelf, waarna we allebei nog even onze tanden poetsten en hierna nog even naar onze kamer gingen.
“Marcie?” vroeg Lucas. “Zou ik je iets mogen vragen?”
Ik knikte, terwijl ik mijn mobieltje en laptop opstartte.
“Ben jij er al klaar voor om een paar van mijn vrienden te zien?” vroeg Lucas.
“Natuurlijk” zei ik. “Ik zou ze graag willen zien.”
“Prima” zei Lucas, “en als je het niet erg vind, ga ik nu even met Boney naar buiten, zodat jij rustig even met je laptop kunt werken, goed?”
“Is goed” zei ik, terwijl ik Skype opstartte en Lucas naar beneden ging om met zijn hond naar buiten te gaan.
Ik had blijkbaar berichten van Jeff gekregen toen ik een tijdje niet ingelogd was. Berichten als: Hoe is zo'n nieuwe tijdzone?, Hoe is het met Lucas? en Ik moest lachen om wat ik net van Tony hoorde. Bel me alsjeblieft.
Zo gezegd, zo gedaan. Het duurde wel even voordat er opgenomen werd, maar uiteindelijk ging het wel.
“Hoi, Jeff” zei ik, met een slaperige lach op mijn gezicht.
“Hey, pruimpje” groette Jeff mij terug. “Gaat het weer een beetje?”
Ik knikte en hield mijn hoofd tegelijkertijd schuin, betekenend dat het dan ook echt dat beetje ging.
“Ik zit één uur achteruit” zei ik, “en ik ben net wakker.”
“Ik was allang wakker” zei Jeff, “net weer even met Maxwell gewerkt, ging prima. Wat doe jij nu?”
“Niet veel” zei ik. “Ik las je berichtjes en besloot je maar te bellen. Met Lucas gaat het trouwens prima.”
Jeff en ik hadden nog veel gepraat, en wij deden het altijd wat rustiger aan, en dat omdat we allebei wel een rustige persoonlijkheid hadden.
“Ik zou je heel graag willen zien” zei Jeff. “Je hebt echt véél meer liefde nodig, en zeker in de volledige toekomst. Ik wil je platknuffelen en wel één googolplex zoenen geven, net als Tony.” We lachten er allebei bij.
Na een tijdje zeiden we elkaar gedag met een handzoentje en raakte ik nog even aan de chat, dus niet het videobellen, met anderen. Toen ik daar ook zo'n beetje klaar mee was, logde ik maar uit, zette ik de laptop ook uit en ging naar beneden, waar Lucas en Boney inmiddels al terug waren.

De ochtend ging snel om, en Lucas en ik hadden de meeste tijd op de sofa gespendeerd, terwijl Flint, Lucas' vader, met de gewassen in de kolossale achtertuin bezig was.
Ik was met Lucas aan het praten, terwijl hij op mijn schoot zat en met zijn hoofd tegen mijn borst aan hing, ontspannen zuigend op zijn speentje.
“Ik zou best willen dat meer van mijn vrienden hier zouden wonen” zei ik, terwijl ik naar voren keek en zuchtte. Ik schrok uit mijn zucht toen ik iemand op de deur hoorde kloppen.
“Stik” fluisterde Lucas. “Als ze ons zo hebben gezien, zit vooral ik in de penarie...”
“Doe gewoon alsof je slaapt” zei ik, “dan doe ik open.” Ik wierp hem een ander groot kussen toe, waarbij hij zelf eronder ging liggen en zijn ogen sloot.
Ik liep intussen naar de voordeur, welke ik opendeed. Het was iemand die ik nog niet kende.
“Hallo...” zei ik, behoorlijk verlegen. “Kom binnen...”
De jongedame ging naar binnen en hing haar hesje aan een haak.
“Jij bent de nieuwe bewoner hier?” vroeg de jongedame. “Ik heb je wel eens gezien... ik ben prinses Kumatora, maar iedereen noemt me gewoon Kumatora. Ik krijg die bijnaam 'prinses' omdat ik wel eens in een kasteel heb gewoond...” Ze zette een neplach op bij de laatste zin en gaf mij een hand.
“Marcelien Minch” zei ik. “Iedere vriend van mij noemt me Marcie.”
“Leuk je eens beter te leren kennen, Marcelien” zei Kumatora.
“Kom gerust verder” zei ik, terwijl ik met haar naar de woonkamer liep en Lucas voorzichtig 'wakker' maakte.
“Zijn ze er al?” vroeg Lucas snel. “Oh, hallo, Kumatora. Lang niet meer gezien.” Hij gooide het kussen van zich af, stond op en knuffelde Kumatora. Zij knuffelde hem terug, maar liet hem na een tijdje abrupt los.
“Wat is er?” vroeg ik.
“Ik heb iets gevoeld dat er nog niet eerder was” zei Kumatora.
“Stik...” siste Lucas, “daar was ik nou bang voor.”
“Ik kan het uitleggen” zei ik. “Ken jij Lucas al langer?”
Kumatora knikte, ging zitten en ik vertelde het verhaal, al stotterend, hakkelend en met pijn in mijn hart. Maar Kumatora scheen het allemaal niet zo erg te vinden, want ze keek er niet van op.
“Je kunt me beter voorzichtig vragen waarom ik hier dan eigenlijk woon” zei ik, terwijl ik onrustig mijn handen over elkaar wreef om mijn tranen in te houden.
“Ik kan het dan beter even in haar oor fluisteren” zei Lucas, “scheelt je heel wat tranen.” Hij gaf me een aai over mijn wang en begon in Kumatora's oor te fluisteren, terwijl ik mijn handen voor de zekerheid op mijn oren had zodat ik het echt niet zou kunnen horen.
“Maar Marcelien toch” zei Kumatora op gegeven moment, terwijl ze een arm over mijn schouder heen sloeg, en dit terwijl we elkaar nog maar net kenden. “Dat is toch vreselijk... ik kan maar beter niet zo hard zijn tegen jou, want in het algemeen kan ik dat toch wel zijn...”
Deze woorden drongen redelijk diep in mij binnen, en de zoveelste tranen verschenen al in mijn ogen.
“Ween maar eens goed uit” fluisterde Kumatora. “Wij zijn nu bij je, hè?”
Ik begroef mijn gezicht in Kumatora's borst en weende eens flink. Zo flink, dat mijn blaas ook voor opluchting zorgde. Op mijn rug voelde ik hoe Lucas en Kumatora mij streelden, en dat gaf me weer rust.
“Marcelien, mag ik eens iets vragen?” vroeg Kumatora, toen ik weer volledig tot rust was gekomen.
“Vraag maar” mompelde ik, terwijl Lucas bij me op schoot kroop.
“Dit zal misschien wat raar klinken” zei Kumatora, “maar ik voelde net iets warm worden toen je tegen me aan zat. Wat was dat precies?”
“Oh, ik...” stotterde ik. Mijn wangen kleurden zo rood als perfecte appels. “Ik eh... heb 'n ongelukje gehad.” Zo, daar ging een denkbeeldig gewicht van 100 ton uit me weg.
Kumatora keek me aan alsof ik een puist zo groot als Mount Ebott op mijn neus had, maar Lucas knikte daarentegen begrijpend.
“Zal ik lunch voor jullie maken?” vroeg ik snel, terwijl ik de keuken in verdween. “Moet het een uitgebreide lunch zijn of hoeft dat niet?”
“Hoeft niet per sé!” riep Lucas vanuit de woonkamer.
“Ik vind het allemaal prima” zei Kumatora.
Ik pakte het benodigde uit de koelkast en ging aan de slag, waarbij ik het zo druk kreeg dat ik niet door had dat Flint weer naar binnen was gekomen, en dat ik dus ook niet even hallo kon zeggen.
Ook voor de lunch kreeg ik complimenten, al vond ik zelf dat ik niet beter kon koken dan Sans en Papyrus uit Undertale bij elkaar.
“Dat moet je niet zeggen, schat” lachte Kumatora, “dat zou je alleen mogen zeggen als je alleen maar hot dogs en spaghetti kon maken.”
“Aan het begin van alleen thuis zijn wel” zei ik, “want toen was er nog niet veel in huis.” Daar moesten de rest van de mensen aan tafel wel om lachen, want sommige waarheden zijn op zich wel grappig.
Na de lunch was ik nog even naar mijn kamer vertrokken om mijn luier te verwisselen en aan mijn buik te voelen of ik op elk moment zou kunnen defeceren, en ja, dat was inderdaad het geval. En afwachten natuurlijk ook.

Al snel viel de avond, en nadat het avondeten op tafel was gezet bleek het dat Kumatora een nachtje bij ons kwam slapen. Gezellig, dacht ik, ik was eens benieuwd hoe het zou worden!
In bad bespraken Lucas en ik het één en ander al, terwijl we met de spons elkaar wasten, ons haar bedekt was met schuim en er twee badeendjes ronddreven. Eén van mij, één van Lucas.
Na het bad en het tandenpoetsen zat ik op mijn bed om mijn haar te borstelen, gekleed in niets anders dan een lang T-shirt, een lange sportbroek en een luier, en gezien mijn haar net gewassen was ging het wel makkelijk.
Toen ik net klaar was, kwam Kumatora de kamer binnen en begroette mij.
“Lekker in bad gezeten met Lucas?” vroeg Kumatora, die naast me op mijn bed kwam zitten.
Ik knikte en kroop tegen haar aan. Ze rook zo lekker, naar een mengsel van zoete aardappelen en rozen.
“Ik vind het erg fijn dat je bij me komt slapen” zei ik, “en jij bent ook zo ontzettend lief voor ons, weet je dat?”
“Dat weet ik inderdaad” zei Kumatora, die erbij lachte. “Trouwens, weet je wat ik al heel lang wil, maar nog lang niet heb?”
“Een vriendje?” vroeg ik. “Een avontuur heb je allang achter de rug.”
“Een vriendje heb ik al” zei Kumatora, “maar omdat we elkaar bijna niet persoonlijk zien, kan ik hem nooit zeggen dat ik graag een baby wil...”
De laatste zin had een verbazingwekkende uitwerking op mij, dus ik besloot mijn verhaal maar te doen.
“Wat denk je dat er op ons nachtkastje ligt, Kumatora?” vroeg ik. “Eén is van mij, de ander van Lucas. Het hoort bij een deel van ons leven, en we kunnen er niet mee zonder, in de meeste gevallen...”
Kumatora pakte mijn speentje van mijn nachtkastje en gaf deze zonder problemen aan mij.
“Wil jij op een dag misschien mijn baby worden, Marcie?” vroeg Kumatora, die me zachtjes in mijn wang kneep.
Ik knikte en werd al helemaal warm van binnen. Misschien zou dat me inderdaad flink wat afleiding geven, als ik voor langere tijd weer 'kind' zou zijn. En dat had ik zeker nu wel nodig.
Niet veel later kwam Lucas de kamer ook binnen en ging op zijn bed zitten. Hij zag dat ik mijn speentje al in had, dus hij deed maar hetzelfde.
“Wij allebei knuffelen?” vroeg ik aan Lucas.
“Ja!” antwoordde Lucas enthousiast. “Kuma is heel lief.” Hij ging ook tegen Kumatora aan zitten en we werden tegelijkertijd zo'n beetje platgeknuffeld.
Na een tijdje begonnen we allebei wel moe te worden, en ging Lucas zelfs terug naar zijn eigen bed. Kumatora legde mij op mijn bed neer, dekte mij toe en gaf me een aai over mijn hoofd en een nachtzoen. Hierna deed ze hetzelfde bij Lucas, en zei ze nog:
“Slaap lekker, hè? Als er iets aan de hand is, hoor ik het wel.”
Hierna verliet ze de kamer en sloot ze de deur zachtjes, waarna ik me nog net niet had omgedraaid of Lucas had iets op mijn bed gegooid. Ik keek naar het voeteneinde, waar het lag, en het was een groot, pluchen kussen. Ik nam het bij me en voelde me gelijk al een stuk veiliger.
“Dank je” mompelde ik, gesmoord door mijn speentje en het hoofdkussen.
“Ik heb er zelf ook nog eentje” zei Lucas. “Goedenacht, trouwens.”
“Jij ook” gaapte ik, en gekluisterd aan het kussen viel ik in een diepe, droomloze slaap.
Being on this website fills you with determination. :)

Offline (Verborgen)

  • Volwassen
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 1.079
  • Geslacht: Man
  • be yourself no matter what they say!
  • Contact behoefte: iedereen
  • Geboortejaar: 1990
  • Ik ben: AB & DL
  • Locatie: gooise meren
Re: Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #3 november 20, 2016, 21:23:57 21:23*
Leuk begin
Be yourself no matter what they say.

bij contact graag even een pm.

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Being on this website fills you with determination. :)

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #5 november 21, 2016, 18:58:39 18:58*
3. Ik verander alweer van huis?!
Ik was het nog steeds niet gewend dat ik 's nachts wakker werd van allerlei snelle flashbacks. Ik wist waarschijnlijk ook dat ik er nooit aan gewend zou raken, want na dat soort momenten begon ik altijd te wenen, maar nu kreeg ik zelfs een astmatische aanval, waarbij ik snel mijn puffer van mijn nachtkastje pakte en het medicijn hiervan innam.
Op de kamer naast me had Kumatora het blijkbaar gehoord en ze kwam zachtjes naar me toe, zodat Lucas niet wakker zou worden.
“Marcelien, wat is er aan de hand?” vroeg Kumatora zachtjes.
“Ik heb last van flashbacks over haar...” zuchtte ik, “en dit al nachten lang, het is echt zo vervelend...” Ik begon nog meer te wenen.
“Je mag bij mij komen liggen, meisje” fluisterde Kumatora. “Weet je wat? Ik zou graag de zorg op je willen nemen. We bespreken het straks verder...” Ze gaf me mijn knuffel, nam me op haar arm en we gingen naar de kamer ernaast, waar ik in het bed werd gelegd.
“Wil jij echt de zorg op me nemen?” vroeg ik. “Mag dat wel van Flint?”
“Ik heb het gisteravond nog met hem besproken” zei Kumatora, “en het mag. Na het ontbijt en zo mag je met me mee...”
“Mogen mijn belangrijkste bezittingen mee?” onderbrak ik haar, “want ik kan niet zonder.”
“Al jouw meubels en bezittingen gaan natuurlijk ook mee als jij straks bij me komt wonen” zei Kumatora. “Ik woon in een huis dat alleen maar één centrale verdieping heeft en nog een kamer vrij heeft. Natuurlijk heeft deze wel een slot op de deur, voor als je iets geheim zou willen houden.”
“Mijn bezittingen als flessen, speentjes en luiers” zei ik. “Ik vind het wel fijn dat er een slot op zit.” Ik begon weer bijna weg te zakken van de slaap.
“En dan heb ik nog een vraag die je wel vreemd zou kunnen vinden” zei Kumatora. “Gezien jij mijn 'kind' wordt... vind jij het dan fijn om mij bij mijn voornaam of bij 'mama' aan te spreken?”
Dat hoefde ze geen twee keer te vragen, want ik was er al redelijk snel uit.
“Mama...” fluisterde ik, terwijl ik dicht tegen haar aan kroop. Ik had mijn bloedeigen moeder namelijk altijd bij 'moeder' aangesproken omdat ze vaak ook nogal hard tegen me kon zijn.
“Dan zijn we het met elkaar eens” zei Kumatora, die naast me ging liggen en me een nachtzoen gaf. Ze legde nog een arm over me heen, en al snel lag ik weer te slapen.

Na het ontbijt en het tandenpoetsen was het inderdaad al zover: ik werd geholpen met al mijn bezittingen en meubels in een grote auto voor de deur te laden. Het was fijn om een tijdje bij een goede vriend gewoond te hebben, maar hierbij moesten onze wegen helaas splitsen.
“Het was fijn om jou hier te wonen hebben gehad” zei Flint. “Je bent zo ontzettend gezellig tegen ons geweest, en je maakte altijd lekker eten.”
“Je was mijn lieve grote zus geweest” zei Lucas, “en dat vond ik altijd zo fijn. Ik hoop dat we elkaar snel weer zien.” Hij gaf me een stevige knuffel en een zoen, waarbij ik dat uiteraard wel terug deed.
Ik zat uiteindelijk achter in de auto, tussen alle dozen in, en Kumatora zat voorin. Door het raampje zwaaide ik naar Flint, Lucas en Boney, net zolang tot de auto begon met rijden, waarbij ik weer zachtjes begon te wenen.
“Het komt heus wel goed vandaag, meisje” suste Kumatora mij. “Ik snap wel dat dit ook erg moeilijk is, maar niet zo moeilijk als dat andere.”
Degene achter het stuur, die het vriendje van Kumatora was, keek haar niet-begrijpend aan.
Kumatora pakte een notitieboekje en een potloodje van het dashboard en begon te schrijven. Hierna scheurde ze het beschreven papiertje van het notitieboekje, vouwde deze op en stopte hem in de jaszak van haar vriendje.
Na een lange tijd aan rijden stonden we stil bij Kumatora's huis, wat er van buiten heel anders uit zag dan ik me had voorgesteld. We stapten alledrie uit en hierbij stonden al mijn meubels binnen de kortste keren op de (nu niet meer zo) lege kamer. De kamer was al zuurstokroze geschilderd en er zat ook al een lamp op het plafond en een digitale klok aan de muur, maar de rest van de kamer was uiteindelijk verder niet gebruikt.
Ik schreef op een ander velletje van het notitieboekje van welke meubels ik graag nog in mijn kamer wilde en had alles ook al goed afgestoft. In vrijwel iedere hoek zat wel wat spinrag, en dat hoorde er niet. Ook hingen er nog geen gordijnen, dus die moest ik ook nog uitkiezen, en dat schreef ik ook op hetzelfde velletje.
Na al deze dingen keken ik en Kumatora op mijn computer naar meubels en gordijnen op het internet. Ik wilde nog een groot zitkussen, een commode, wat wandplankjes voor erbij, een box, een lange kast met twee deuren en allerlei vakjes, een groot fauteuil dat ook een schommelstoel was en een schemerlamp voor naast de stoel, dus deze bestelden we. Tot die tijd zou mijn kamer er vrij leeg uitzien. Wel had ik bij aankomst ook een tekening gemaakt van wat waar precies moest staan, dus dat zou dan vast wel goed komen.
“Ik zal me trouwens nog even voorstellen, omdat ik daar nog niet aan toe ben gekomen” zei de vriend van Kumatora. “Ik ben Duster.” Hij gaf mij een hand.
“Marcelien” zei ik. “Van Lucas en Kumatora heb ik al veel van je gehoord. Je ziet er ook erg aardig uit.”
Duster lachte naar me en gaf me een aai over mijn hoofd. Hierna leunde hij zich naar Kumatora en ze gaven elkaar een lange zoen. Ik voelde me al behoorlijk blij van binnen, want dit was echte liefde, in tegenstelling tot wat ik vaker van schoolgenoten had gezien, die vaak ruzie met elkaar maakten in een relatie.
Ik sloot de laptop af en klapte deze dicht, nu moest ik alleen maar nog wachten tot de meubels binnen zouden komen. Ik had ineens een idee.
“Jullie hebben één van de grote geheime dozen gezien, hè?” zei ik tegen Kumatora en Duster. “Nou, daar zitten onderdelen van mijn bed in, dus deze zal ik nu een beetje verbeteren, goed?”
“Ik vind het helemaal prima” zei Kumatora.
“Als je wat hulp kunt gebruiken, ben ik er” zei Duster.
“Oké, dank je” zei ik, waarna ik terug naar mijn kamer ging om mijn bed te verbeteren. In de langwerpige, platte doos zaten hekjes, en deze zette ik aan mijn bed vast, zodat het niet meer een bed voor de 16-jarige ik was, maar eentje voor mijn 'kleine' ik. Ik maakte tenslotte het bed op en ik was erg blij met het resultaat.
Ik had nu eigenlijk wel zin om weer 'kind' te zijn, dus ik keek in één van de kleinere verhuisdozen om mijn speentje te zoeken, waarna ik me realiseerde dat ik er ook nog eentje in mijn binnenzak had zitten. Slim hè? Ik stopte mijn speentje in mijn mond, ging terug naar de woonkamer en ging weer op de sofa zitten.
“Is het allemaal goed verlopen, meisje?” vroeg Kumatora liefkozend, terwijl ze me bij zich nam.
“Ja, mama” zei ik. “Me bed helemaal klaar, jullie deze zien?”
“Ik ben inderdaad wel benieuwd naar het resultaat” zei Duster, terwijl hij mij en Kumatora naar mijn kamer volgde. “Wauw, hij ziet er eigenlijk mooier uit dan ik me had voorgesteld...”
“We hebben nog een paar nieuwe meubels geregeld” zei Kumatora, “want kijk eens hoe leeg die kamer er voor de rest uitziet?”
Ik werd in mijn bed gezet, terwijl Duster en Kumatora weer met elkaar aan de praat raakten. Zou mijn bed voorlopig nog als box dienen? Ik begon me van alles af te vragen, en had nauwelijks door dat mijn buik een beetje begon te protesteren. Dat ik hierna lichtelijk aandrang kreeg. Zou ik het wel doen? Mijn blaas legen kon altijd wel, maar mijn andere organen...?
Ik besloot maar naar de goede kant van mijn gedachten te luisteren, en zette voorzichtig wat kracht, maar hoe hard ik ook probeerde, het lukte allemaal maar niet. Misschien zou het later deze dag wel gaan, want het was best lang geleden dat ik gedefeceerd heb... in mijn luier tenminste.

Ik had 's middags nog wat geslapen in mijn bed, terwijl Kumatora en Duster in de tussentijd zelf nog wat hadden geluncht en gepraat. Dat heeft Kumatora mijn namelijk verteld toen ik merkte dat Duster weg was gegaan.
“Waarover gepraat, mama?” vroeg ik.
“Over van alles, eigenlijk” zei Kumatora, “maar ook een beetje over jou, hoe lief jij als kind bent en zo.” Ze liet mijn hoofd en nek in haar linkerarm rusten en gaf me de fles die op de leuning van de sofa stond. Ik had nog niets gegeten, dus mijn honger verdween als sneeuw voor de zon.
Na een tijdje was mijn fles nog maar net leeg of ik zette al wat meer kracht, waarbij ik deze keer wel daadwerkelijk in mijn luier had gedefeceerd. Ik begon te piepen, want ik wilde algauw een schone luier aan.
“Rustig maar, meisje” suste Kumatora, “er is niets... of toch wel iets aan de hand.” Hierna zei ze iets tegen zichzelf. “Stik, ik heb nog nooit in mijn leven iemands luier verwisseld. Sterker nog, ik heb er nog niet eens bij stil gestaan...!” Ze legde mij op de sofa neer en verliet de woonkamer even om het één en ander te halen voor mijn verschoning. Niet veel later kwam ze terug met een handdoek, twee wattenbolletjes, een doosje lotiondoekjes en een nieuwe luier. De handdoek legde ze onder me neer en de wattenbolletjes stak ze in haar neus. Ik dacht bij mezelf dat dat inderdaad minder pijnlijk zou zijn dan een knijper op je neus.
Ik werd binnen één minuut verschoond, omdat Kumatora echt nog niet wist hoe dat nou ging, maar ik kon uiteindelijk wel aan haar zien dat ze erachter was. Bovendien voelde ik me een heel stuk schoner en ging ik hierbij weer rechtop zitten.
Kumatora deed de handdoek in de wasmand en gooide de rest weg, waarna ze mij op haar arm nam en meenam naar haar kamer, want die had ik nog niet gezien.
“Die is erg mooi, mama” zei ik. “Jouw kamer zo mooi, hè?”
“Dat is hij zeker” lachte Kumatora, die mij op het bed neerzette.
Ik bekeek de kamer. Er zat een ventilator aan het plafond, er waren allerlei kasten, een oude CRT-tv op één van die kasten, voor het raam hingen hier wel gordijnen, aan één van de muren hing een serie aan posters, waaronder de wereldkaart, en het bed was zo groot, dat ik er bijna in wegzakte.
“Dit een heel mooi huis, hoor” zei ik. “Blij dat ik er woon.”
“Ik ben ook blij dat ik hier woon, meisje” zei Kumatora, die zo'n beetje op het bed neer plofte, waarbij ze me haast lanceerde. Ik gaf een gilletje erbij.
“Foei, mama” zei ik, “jij mij ceren, ik geschrokken daarvan.”
“Sorry” zei Kumatora, “ik had dat niet mogen doen omdat dit een waterbed is, snap je? En die zijn wat comfortabeler.” Niet moeilijk dat ik bijna in het bed wegzakte en haast gelanceerd werd net.
Ik was nog steeds redelijk geschrokken, dus Kumatora nam me bij zich en gaf me mijn speentje, waar ik al redelijk kalm van werd.
“Mama?” vroeg ik. “Wij naar straat kijken?”
“Natuurlijk” zei Kumatora. “Ze zullen vast wel blij zijn dat je hier nu woont.” Ze nam mij op haar arm, liep de kamer uit, gaf mij mijn jas en simpele schoenen en hierna gingen we naar buiten. We gingen de hele straat door, maar vrijwel iedereen was binnen, en als er mensen buiten waren, keken ze vooral naar mij.
“Hallo, Kuma” zei één van de mensen die ons op gegeven moment passeerde. “Alles goed?”
“Ja, hoor” zei Kumatora. “Raad eens wat ik eindelijk heb?” Ik wist wel dat ze mij bedoelde, maar hoe zouden ze me inschatten?
“Ik dacht dat jij een baby wilde?” zei degene. “Maar dit...”
“Nee, Jasper” onderbrak Kumatora hem, “ze lijkt groter dan je denkt, maar in feite is ze, eh...”
Ik tikte twee keer in Kumatora's hals en liet vervolgens twee vingers zien, betekenend dat ze moest zeggen dat ik twee was.
“Gehersenspoeld?” vroeg degene die Jasper heette. “Laat het alsjeblieft niet zo zijn.”
“Ze is twee” zei Kumatora. “Mijn vriend lette zelfs niet op het feit dat ze zo groot leek voor haar leeftijd.”
Van achter mijn speentje zuchtte ik van opluchting, en tegelijkertijd moest ik ook weer voor de zoveelste keer urineren, dus dat deed ik maar. Ik dacht opeens bij mezelf dat de naam Jasper me erg deed denken aan een karakter uit één van mijn favoriete series, Steven Universe. Dus dat zou een puntje van onthouden zijn als ik hem ooit weer zou zien.
Kumatora en Jasper praatten nog lang met elkaar, maar toen er op gegeven moment over mijn meest recente situatie werd gepraat, begon ik te wenen, want waarom moest Kumatora dat nou vertellen waar ik bij was?
“Heb ik iets verkeerds gezegd?” vroeg Jasper.
“Nee, hoor” zei Kumatora. “Als het lang duurt, wordt Marcie erg onrustig...” Ze begon in mijn oor te fluisteren. “Sorry dat ik het vertelde waar je bij was, dit was niet de bedoeling, maar Jasper wil zo graag alles van vrijwel iedereen weten...” Ze gaf me mijn speentje en streelde me over mijn rug. Ik rilde een klein beetje van een koude windvlaag, maar ontspande op gegeven moment wel.
“Sorry dat ik het nu zo abrupt zeg” zei Jasper, “maar ik ga weer naar huis, anders wordt het eten koud. Tot later.”
“Dag, hoor” zei Kumatora.
Ik zwaaide alleen maar wat naar Jasper, die terug naar zijn huis beende.
Hierna gingen we ook maar weer terug naar huis, waar ik op de sofa voor de televisie werd geparkeerd, terwijl Kumatora in de keuken aan de slag ging.
Ik keek met de afstandsbediening of er nog veel kanalen of interessante programma's waren, net zolang tot ik langs de zender met cartoons kwam.
Yes, dacht ik, Clarence is op tv. Ik vond dat programma altijd al fantastisch, dus ik bleef maar kijken.
Ik keek intussen op de klok die boven de televisie hing, en het was al zes uur. Is die tijd zo snel gegaan? Ik kon het niet geloven, maar nu had ik ook wel het recht om even te ontspannen, dus ik bleef maar naar de televisie kijken totdat het eten klaar was.
We hadden huisgemaakte soep gegeten, en deze smaakte erg lekker, want er eindigde meer in mijn mond dan op het doek dat aan mijn hals zat.
“Meisje, we gaan zo weer naar buiten” zei Kumatora, “omdat er een heel belangrijke speech is van de president in de hoofdstad, oké? Dat je het even weet.”
“Ik daar zitten, mama?” vroeg ik. “Jij mij lang dragen zal erge au doen, of nie?”
Op het moment dat Kumatora antwoord wilde geven, werd er op de deur geklopt, en ik moest in mijn stoel blijven zitten terwijl er open werd gedaan. Er was blijkbaar een pakket binnengekomen, maar het was nog geen van mijn meubels. Dat zou misschien ook logisch zijn, want die zouden morgen pas binnenkomen.
Het duurde wel erg lang voordat Kumatora klaar was met het pakket uitpakken en de tas met mijn spullen voor straks inpakken, want na een tijdje begon ik willekeurige dingen te roepen.
“Ja, meisje, ik kom al” riep Kumatora vanuit de hal, en uiteindelijk kwam ze er wel aan, waarna ze me op haar arm mee naar de hal nam, waar mijn ogen groot werden van verbazing toen ik iets zag staan dat ik nog niet had gezien.
“Die voor mij, mama?” vroeg ik. Het was een wagen die op mijn maat gemaakt was, want hij was groter dan normaal.
“Toen je al vroeg of je mocht zitten” zei Kumatora, “wou ik eigenlijk ja zeggen, maar toen kwam deze binnen. Wat een timing, hè?” Ze zette mij in de wagen, waarvan de rugleuning in de liggende positie stond. “Ik zal eerst maar even je luier verwisselen, goed?” Ze pakte de benodigdheden weer en had me in een handomdraai verschoond, waarna ik mijn jas en schoenen weer kreeg, de rugleuning rechtop werd gezet en we eindelijk konden gaan.

De hoofdstad was slechts 10 minuten rijden met de trein, en vrijwel niemand lette op mij toen we in de trein zaten. Ik was bovendien een beetje moe geworden, dus ik had mijn knuffel bij me gekregen en was ook zo'n beetje ingepakt in de deken van de wagen en de capuchon van mijn jas tegelijk.
Ik werd op gegeven moment erg onrustig op het stadsplein, dus ik begon te wenen, en ik voelde me ook best wel eenzaam.
“Kom maar bij mij, schat” zei Kumatora liefkozend, terwijl ze mij uit de wagen haalde en op haar arm nam. “Stil maar.”
Ik keek nieuwsgierig om me heen, en zag nog bijna geen bekenden staan. Omdat het nu ook weer redelijk koud was, had ik me zo'n beetje tegen Kumatora aan genesteld, want nu had ik alleen mijn jas die mij warm hield. Beetje schaars, vond ik zelf.
Langzamerhand stroomde het stadsplein vol met mensen die ik niet kende... en tegelijkertijd mijn luier ook met mijn eigen urine. Mens, wat was ik toch nerveus. Of was dat omdat ik het nog koud had?
“Marcie!” hoorde ik op gegeven moment naast me. Het was niet Kumatora, maar wie kende mij dan nog meer en had dan ook nog een redelijk lichte stem? Ik keek om me heen, en zag links van me dat Lucas op zijn vaders arm zat! Hij zwaaide naar me.
“Lucas!” riep ik, terwijl ik terug zwaaide. “Mama, ik en Lucas een knuffel geven?”
“Dat mag” zei Kumatora, terwijl ze mij neer wilde zetten, maar ik schudde mijn hoofd. “Vanaf mijn arm?”
“Ik nog nie goed lopen, mama” zei ik, “doet au als ik hier val.”
“Je hebt gelijk” zuchtte Kumatora, die mij weer terug op haar arm nam en naar Lucas en zijn vader toe liep, waar ik en Lucas elkaar een stevige knuffel gaven.
“Alles goed?” vroeg Kumatora aan Flint, waarna ze even met elkaar in gesprek raakten.
“Dit is altijd verschrikkelijk saai” fluisterde Lucas in mijn oor, “die speech van de president. We moeten hier iedere maand zo'n tienduizend jaar in de kou staan en luisteren naar wat eerder een hypnose is dan een speech.”
“Ik zal dan maar proberen te slapen of zo” zei ik, “en jij?”
“Ja, ik eigenlijk ook” zuchtte Lucas, die naar zijn hals greep en daar zijn speentje aan de ketting vandaan pakte, welke hij in zijn mond stopte.
Het geroezemoes op het plein werd onderbroken door een schelle piep van wat waarschijnlijk een microfoon was. Ik haatte dat geluid, dus ik begon zelf even te piepen en douwde mijn handen op mijn oren.
Ik zag dat Duster nog net op tijd aan kwam rennen, naar ons toe. Hij gaf Kumatora een zoen en mij een aai over mijn hoofd.
De speech begon, en de stem van de president klonk behoorlijk eentonig. Ik verstond er ook nauwelijks iets van, vandaar dat Lucas zei dat dit erg slaapverwekkend was. Ik legde mijn hoofd op Kumatora's schouder en sloot mijn ogen.
Na een tijdje schrok ik wakker van een stel mensen vooraan die iets riepen dat ik niet kon verstaan. Tegelijkertijd liet ik ook weer een fikse scheut urine uit mijn systeem vrij, en ik hoopte maar dat mijn luier het nog even kon houden.
“Mama” zei ik, op de grens van in wenen uitbarsten, “ik koud hebben.”
“Ik vind het ook saai” zei Kumatora, “waarom moet dit dan ook iedere keer gebeuren? Ik ben ook toe aan een pauze, hè?” Ze zette mij terug in de wagen, met mijn benen ook weer terug in de deken, en gaf me een fles, welke ik zelf leeg dronk. Hierna sloot ik weer even mijn ogen, waarbij mijn tijdelijke slaap helaas weer kort duurde, omdat diezelfde mensen vooraan weer begonnen te roepen, maar dat niet alleen, ze begonnen ook met oude groenten naar de president te gooien. Dan was deze zeker heel slecht bezig met de stad.
Eén van de bijna honderden andere bezoekers die ergens voor stond, barstte in een weenbui uit, waarschijnlijk omdat ze al wist dat dit flink mis zou gaan. Ze stak in ieder geval onder andere mij en Lucas er ook mee aan, en dat gebeurt van afstand bijna nooit. Dat ik aan het wenen was, luchtte wel even op, want het zat daarnet echt tot op mijn kruin dat ik dat op ieder moment kon doen.
“Ik dacht al dat je vermoedde dat het ergens mis zou gaan” zei Kumatora, die voor de wagen was gaan zitten en mij over mijn wang aaide. “Echt verschrikkelijk, en ik hoop dat er na deze lang geen speeches meer zijn.”
Tussen mijn stiltes tijdens het wenen door hoorde ik hoe die mensen vooraan nu wel heel woest waren op de president, dat ik zelfs vermoedde dat ze een boze menigte waren geworden.
“Je hoeft niet verdrietig te zijn, meisje” zei Duster, die erbij was komen zitten en mij mijn knuffel probeerde te geven, die ik wel aannam, maar die me niet echt rust gaf.
“Maar iemand hier ook aan wenen!” snikte ik. “En Lucas en ik nu ook!” Ik begon van Duster's woorden, al waren ze goed bedoeld, alleen maar harder te wenen.
“Daar heb je wel gelijk in” zei Kumatora, en hierna zei ze tegen Duster:
“Schat, dit had je niet mogen zeggen, want als je zegt van niet, gebeurt het juist en ook omgekeerd.”
Ik was in de tussentijd aan het hyperventileren geslagen van de paniek, en Kumatora pakte gauw de puffer, van welke ik het medicijn bijna direct innam.
“Wat zou je nu het liefste willen, Marcelien?” vroeg Duster.
“Ik naar huis...” weende ik. “Ik héél moe...” Ik omhelsde Duster eens goed, want dat had ik vandaag nog niet gedaan.
“Ze heeft groot gelijk” zei Kumatora. “Ik zie je snel, hè?” Ze gaf Duster een knuffel en een lange zoen, waarna ik van Duster een zoentje op mijn voorhoofd kreeg. Hierna vertrokken we maar eens naar huis, waar ik meteen werd uitgekleed en in bad werd gedaan. Dat voelde al een stuk beter dan met natte wangen en een luier die aan je achterste kleeft.
Na het bad werd mijn haar geborsteld en in twee vlechten gedaan, zodat het 's nachts niet in de knoop zou raken.
“Vind je het erg dat ik het in deze volgorde doe?” vroeg Kumatora, toen ze mij uit de handdoek haalde en mij een droge luier gaf.
Ik schudde mijn hoofd, mij maakte het even helemaal niets meer uit.
Toen ik volledig gekleed was voor het bed, mocht ik zelf even mijn tanden poetsen, en hierna gingen Kumatora en ik allebei maar naar bed, want deze dag was lang. Ik mocht vandaag dus bij haar op de kamer liggen.
“Wacht jij hier even?” vroeg Kumatora. “Ik ga even snel douchen en tandenpoetsen, en dan ben ik er.” Ze liep de badkamer weer in.
Het was inmiddels al 10 over 9, best wel laat. Maar Kumatora was sneller terug dan ik dacht, dus konden we elkaar nog even een nachtzoen en zo geven. Voor mij werd het nachtlichtje ook maar aangezet, anders kon ik onmogelijk slapen.
“Ik nu héél moe, mama” zei ik. “Slaap lekker.”
“Jij ook, meisje” zei Kumatora, waarna ze me nog een nachtzoen en mijn speentje gaf, mij instopte en zelf ook ging liggen.
Om ongeveer 5 over half 10 lag ik echt te slapen.
Being on this website fills you with determination. :)

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #6 november 22, 2016, 19:40:15 19:40*
4. Mijn nieuwe leven is compleet, net als mijn kamer
Verrassend genoeg had ik 's nachts geen last van flashbacks, hoe dat zou komen is me natuurlijk wel een raadsel, maar ja. Ik werd in ieder geval stil wakker en had beter geslapen dan de afgelopen tientallen nachten.
Naast me hoorde ik dat Kumatora ook wakker werd, en zag ik hoe ze rechtop ging zitten en mij opmerkte, waarbij ze mij een aai over mijn hoofd gaf.
“Goedemorgen, meisje” zei Kumatora zachtjes. “Heb je lekker geslapen?”
Ik knikte, en daar was absoluut niets van gelogen. Ik ging zelf ook rechtop zitten en gaf Kumatora een knuffel. Ze voelde lekker warm aan omdat ze net zo lekker warm had gelegen.
“Wij vandaag rust aan doen, mama?” vroeg ik.
“Natuurlijk” zei Kumatora, “en je krijgt vandaag je meubels binnen, dus kun je 's avonds voor het eerst echt op je kamer slapen...!” Ze nam me op haar arm en bracht me naar de sofa in de woonkamer. “Wacht jij hier even? Dan haal ik even een luier en wat kleren voor je.”
Ik ging alvast liggen, zodat dat mij niet meer gezegd hoefde te worden. Als ik in mijn ageplay was, was ik altijd 2, maar toch behoorlijk lief, in tegenstelling tot de meeste andere mensen die 2 zijn, ongeacht of dit hun echte leeftijd of alleen maar ageplay is.
Niet veel later kwam Kumatora terug met mijn kleding voor vandaag, een schone luier en de benodigdheden voor het verschonen. Ze deed mijn slaapkleding uit, legde voor de zekerheid een handdoek onder me neer en maakte hierna mijn luier los, waarna ze behoorlijk schrok, en ik ook. Ik had 's nachts blijkbaar flink wat gedefeceerd zonder dat ik het door had!
“Dat zou waarschijnlijk door je flessen van gisteren zijn gekomen” zei Kumatora hoofdschuddend, en hierna tegen zichzelf:
“Stik, wattenbolletjes vergeten. Ach, dan doe ik het nu maar even zonder...”
Ik vond het helemaal prima dat er spul in mijn flessen werd gedaan dat mijn organen op gang bracht, want dat heb ik eerder* meegemaakt. Bovendien heeft iedereen als kleintje wel iets dunnere fecaliën dan normale mensen vanaf het moment dat ze al zindelijk zijn.
Ondanks dat mijn luier eens goed beladen was, was ik al snel weer schoon en had ik een nieuwe luier en mijn kleding voor vandaag aan.
Ik bleef nog maar even op de sofa zitten omdat Kumatora zich ook nog moest voorbereiden, en dat was ook binnen no time gebeurd, waarna we eindelijk aan het ontbijt konden, want mijn maag rommelde echt als een gek.
Ik kreeg brood dat in vierkantjes gesneden was en vers gemaakte sinaasappelsap, en dat vond ik een erg lekkere combinatie. Ik kreeg nadat ik mijn brood op had gegeten zelfs nog een paar stukjes sinaasappel die over waren, en zo sappig waren dat het doek aan mijn hals redelijk lichtoranje was geworden.
Nadat al het eten op was, gingen we onze tanden poetsen, en bijna direct hierna ging de bel. Finaal, mijn meubels waren binnen! Het waren er zoveel, dat een deel van de dozen in de woonkamer moest staan.
“Die voor mij, mama!” riep ik. “Die voor me kamer!”
“Het zijn er wel veel” zei Kumatora lachend, “maar ze zijn zeker voor jou! Ik zal ze voor je in elkaar zetten, goed? Dan mag je later de commode, de plankjes en de kast indelen.”
Ik werd van de laatste zin al helemaal blij, ik stuiterde en klapte enthousiast in mijn handen.
“Totdat alles in je kamer staat en in elkaar gezet is” zei Kumatora, “mag je even televisiekijken. Roep je me wel als er iemand op de deur klopt?”
“Ja, mama” zei ik, waarna ik Kumatora een knuffel en een zoen gaf.
Hierna werden mijn meubels één voor één naar mijn kamer gebracht en indien nodig in elkaar gezet, terwijl ik Steven Universe op de televisie keek. Dat was zo lang geleden dat ik dat zag, maar ik was wel erg blij dat het geen nieuwe aflevering was, maar een herhaling, want anders had ik iets gemist. Ach ja, als ik er maar van geniet.
De tijd scheen voorbij te vliegen, want toen ik de televisie uitzette omdat ik wel genoeg had gekeken en in de hal ging kijken, waren alle dozen weg. Dat zou dan vast betekenen dat de meubels al in mijn kamer stonden.
“Mama?” riep ik. “Alles al klaar?”
“Kom maar kijken, Marcie!” riep Kumatora vanuit mijn kamer.
Ik hobbelde zo'n beetje naar mijn kamer en ik zag inderdaad dat het al helemaal compleet was. Bovendien stonden alle meubels op de juiste plek, zoals op de tekening, en mijn gordijnen waren ook naar wens, dus daar was ik al helemaal blij mee!
“Ben heel blij met da, mama!” riep ik enthousiast. “Ik nu delen van die kasten en planken?”
“Indelen?” zei Kumatora. “Ja, dat mag, hoor. Zeg jij maar waar iets moet komen, dan zet ik het daar neer.”
In de kast kwamen de meeste dingen van mij terecht, inclusief de bezittingen als mijn computer, maar dingen als luiers gingen natuurlijk in de laden en kastjes van de commode, zodat ze makkelijker bij de hand zouden komen.
Ik bekeek het resultaat nog even voordat de deuren van de kast en de commode dicht gingen, en ik was er gelukkig wel blij mee. Ook dat er nu weer eens wat ruimte was.
“Waar zijn die stoel en die schemerlamp dan eigenlijk voor?” vroeg Kumatora.
“Jij daarin zitten” zei ik, “en mij bewegen en zingen, dan ik slapen.”
Kumatora knikte bevestigend.
“Me lamp ook aan me bed hangen?” vroeg ik. “Als donker is, ik nie slapen, want dan willen spinnen me vangen...” Ik schoof op mijn achterste dichter naar Kumatora en klemde me zo'n beetje vast aan haar benen, om veiligheid te zoeken.
“Goed dat je dat even zegt, meisje” zei Kumatora. “Zal ik 'm dan voor je halen?”
“Ik ook halen” zei ik. “Ik bang, mama.”
“Kom maar bij me, liefje” zei Kumatora liefkozend. “Ik zal je beschermen tegen onheil, goed?” Ze tilde mij op en ging even naar haar kamer om mijn nachtlichtje te halen, die meteen aan mijn bed bevestigd werd.
Hierna ging ze met mij op haar schoot in de stoel zitten, misschien om deze te testen.
“Jij bij me blijven, mama?” vroeg ik. “Had da nie moeten zeggen, ik zelf nu héél bang...”
“Ik ken nog veel engere dingen” zei Kumatora, “maar dat wil je niet weten... ik overigens ook niet.” Ze liet een zwak lachje ontsnappen. Ze zag er moe uit.
“Wij nu even slapen, mama?” vroeg ik. “Wij allebei toch moe?”
“Da's waar” zei Kumatora, die mij naar haar buik toe draaide zodat ze mij over mijn rug kon strelen. Ook voelde ik hoe ze de stoel in beweging zette, en van deze combinatie werd ik behoorlijk rustig.
Na een tijdje was ik behoorlijk slaperig geworden, en dit merkte Kumatora, want ze begon zachtjes voor me te zingen, waarna ik na een minuutje alweer sliep.

Ik werd om ongeveer kwart over 12 weer wakker met een veilig gevoel.
Het eerste wat ik dacht was: zouden de Edelstenen van televisie over mij gewaakt hebben toen ik sliep? Ik glimlachte erbij. Maar dit was alleen maar omdat ik nog tamelijk moe was, want ik had veel later pas door dat Kumatora blijkbaar ook sliep, en haar armen om mij heen had geslagen. Dit gaf mij echt een veilig gevoel, dus ik probeerde verder te rusten.
In de tussentijd liet ik ook nog zo'n halve liter urine vrij, want mijn buik voelde net best wel bol aan, dus dat deed me goed.
Na een tijdje merkte ik dat Kumatora wakker werd, want ik voelde hoe haar handen mij loslieten, waardoor ik lichtelijk in paniek raakte en abrupt mijn armen om haar heen deed. Door die paniek was mijn speentje ook uit mijn mond gevallen.
“Het is goed, meisje” zei Kumatora. “We hadden allebei even geslapen, en op een stoel ben je dat nou eenmaal niet gewend.” Ze gaf me mijn speentje weer en bracht mij naar de commode, waar ik een droge luier kreeg.
“Jij mij veilig voel gegeven, mama” zei ik, toen ik weer op haar arm zat. “Ik jou heel lief vinden.”
“Jij bent ook lief, hoor” lachte Kumatora, die mij een zoen op mijn voorhoofd gaf. “Heb je nu honger?”
Ik knikte, want na het legen van mijn blaas had ik ook weer een hol gevoel in mijn buik gekregen.
In de woonkamer werd ik in mijn stoel gezet en kreeg ik weer een doek om mijn hals, en voor de afleiding speelde ik met een speeltje dat aan het blad van mijn stoel bevestigd was. Ik stopte de bovenkant zo nu en dan in mijn mond, omdat daar blijkbaar een element zat waar op gebeten kon worden. Met mijn honger deed ik dat laatste eigenlijk wel regelmatig.
Totdat ik een schaaltje met stukjes fruit en een fles voorgeschoteld kreeg, waarbij ik gelijk begon te eten. Vooral mijn fles vulde erg, dus deze lunch had mijn honger zeker wel gestild.
“Wil je zo even naar buiten met de wagen?” vroeg Kumatora.
Ik knikte, want ik had de rest van de buurt nog lang niet gezien.
“Wel koud buiten” zei ik, “dus me hele jas aan.”
“Je hele jas?” vroeg Kumatora.
“Ik die laten zien?” vroeg ik. “Jij wel mee.” Ik was nog steeds redelijk bang om alleen te zijn, dus ik was om één of andere reden nog meer aan Kumatora gehecht geraakt.
Kumatora nam me op haar arm mee naar mijn kamer, waar ik de kledingkast opendeed en daar één van mijn jassen uit haalde, welke de 'hele jas' was. Deze jas was eerder een soort jumpsuit, maar dan als een soort jas, en ik wilde deze graag aan aangezien de herfst steeds kouder werd.
Kumatora deed de jas bij me aan, en toen ik niet veel later in mijn wagen zat, kreeg ik mijn schoenen erbij, waarna Kumatora zelf ook even haar jas en schoenen aandeed en we hierna maar naar buiten gingen.
Ik voelde me veilig en warm in mijn jas, en zeker met mijn speentje in, omdat ik nu het gevoel had alsof ik ingebakerd was. Ik zou dat straks als ik weer binnen was ook best willen zijn, in een deken.
Tijdens het buiten zijn zag ik bijna niemand, in de meeste huizen stond het licht al aan en de wind blies hard in mijn gezicht. Gezien er dan ook bijna niemand was, gingen we na een half uurtje ook weer terug naar huis, waar ik meteen mijn vraag stelde.
“Mama” vroeg ik, “jij mij in een deken rollen? Voelde net zo met me jas.”
“Ik doe het graag voor je, meisje” zei Kumatora, die mijn schoenen uitdeed, mij uit de wagen naar de sofa tilde en een deken van haar kamer haalde, waar ze mij in rolde nadat ik mijn jas uit had. “Hoe voelt dat dan?”
“Lekker, mama” zei ik. “Jij ook iets warms aan en dan wij wat chocola drinken, of nie?”
“Dat is een goed idee!” zei Kumatora. “Ik ben zo terug, goed?” Ze ging weer naar haar kamer om zich om te kleden, naar de keuken om warme chocola klaar te maken en hierna was ze alweer terug in de woonkamer.
“Helemaal fijn zo” zei ik, waarbij ik mijn lippen tuitte om Kumatora een zoen te geven. Ze kwam met haar wang naar me toe, zodat ik het daarop kon doen.
“Zo komen we al helemaal in de stemming van de winter, niet?” zei Kumatora, die mij op schoot nam en de flesspeen in mijn mond stak, waarop ik begon te zuigen.
Ik genoot volop van de smaak van de huisgemaakte chocola, het smaakte nog beter dan hetgene dat ik altijd van de oplossing dronk. Volgens mij was dit gemaakt met echte chocolade, want ik kon dat proeven.
Na een tijdje was mijn fles leeg en werd ik slaperig. Kumatora merkte dit, legde wat kussens naast haar neer, mij er bovenop, gaf me mijn speentje en knuffel en niet veel later lag ik even te slapen.

Om half 6 werd ik wakker en merkte ik dat de deken die om me heen zat los was gaan zitten. Misschien had ik veel bewogen in mijn slaap?
Gezien de deken toch al los zat, ging ik maar rechtop zitten... in mijn eigen fecaliën. Gross. Ik zette een vies gezicht op.
“Gaat het wel, Marcie?” vroeg Kumatora, die nog steeds naast me zat.
Ik schudde mijn hoofd.
“Wat is er dan?” vroeg Kumatora.
“Me luier is vies, mama” zei ik. “Ik een schone?”
“Als je het zo zegt” zei Kumatora, “dan moet het maar.” Ze nam me op haar arm mee naar mijn kamer, waar ik verschoond werd. Hierna werd ik weer teruggezet op de sofa, waar ik zolang televisie mocht kijken omdat Kumatora het eten klaar ging maken.
Ik deed de deken over me heen, nam mijn knuffel bij me, zette de televisie aan en liet me meeslepen met het programma. Dit totdat het eten om 5 over 6 klaar was, en ik blijkbaar op de sofa mocht blijven zitten. Luxe hoor, eten voor de televisie.
Kumatora had pasta voor zichzelf klaargemaakt, terwijl ik zelf een paar vissticks, stukjes stokbrood en een kleine wortel kreeg. Dat was ook voor het eerst, dat ik dan ook daadwerkelijk 'kinderlijk' eten kreeg. Maar er viel niets te klagen, want ik vond het lekker.
Toen mijn bord leeg was, begon ik aan mijn fles met water. Ik ging een beetje liggen en begon te drinken, terwijl ik heel geconcentreerd naar het programma keek. In de tussentijd ontspande mijn blaas zich ook, en daar genoot ik eigenlijk nog meer van dan van mijn fles.
Toen alle borden en zo leeg waren, zette ik de televisie zelf uit, omdat ik het lang niet meer zo interessant vond.
“Ik zelf naar me kamer, mama” zei ik, terwijl ik van de sofa af schoof en mijn knuffel en speentje meenam.
“Oké, is goed” zei Kumatora, die naar me toe kwam om me een zoen op mijn voorhoofd te geven.
Hierna ging ik zelf naar mijn kamer, om te kijken of ik nu wel even onafhankelijk van anderen kon zijn. Ik pakte mijn mobieltje uit de kast en zette deze aan. Verrassend genoeg had ik alleen bericht van Lucas.
Hoi, hoe gaat het?
Ik besloot hem maar terug te schrijven.
Met mij gaat het prima. Mijn nieuwe kamer is af!
Ik opende de camera en maakte een video van mijn kamer, waarbij ik langzaam ronddraaide zodat het allemaal goed te zien was. Hierna stuurde ik de video op, pakte ik de lader van mijn mobieltje uit de kast en deed ik de kast dicht. De lader stopte ik in een hoek van mijn kussensloop, en dit zou ik later ook met mijn mobieltje doen.
Ik kreeg niet veel later een berichtje terug.
Gaaf zeg! Ziet er beter uit dan ik verwachtte, hahaha. :)
Ik stuurde een serie aan smileys en na een tijdje zette ik het mobieltje weer uit, waarbij ik deze ook in mijn kussen stopte.
Eigenlijk kon mijn bed wel wat meer gebruiken, want hij zag er zo leeg uit. Opnieuw dook ik de kast in en haalde er uiteindelijk zo'n 4 knuffels, een extra deken en twee extra speentjes uit.
Ik inspecteerde de vensterbank, en deze zag er eigenlijk ook wel erg leeg uit. Zou ik morgen vragen of er iets in mocht staan, zoals een klein plantje? Zodat het niet meer zo leeg was?
Ik gniffelde en besloot zelf maar in de vensterbank te gaan zitten. Hij was gelukkig breed genoeg voor mij. Door het raam keek het uit op een heel stel andere huizen met maar één centrale verdieping, en ze zagen er allemaal van buiten bijna hetzelfde uit, maar van binnen altijd weer anders. Geen van ons had een achtertuin, en een huis zonder tuin vond ik wel fijn. Niemand die mij tot nu toe zag, in mijn lange jurk met het kinderlijke patroontje, waar mijn luier redelijk zichtbaar was, en met mijn speentje in.
Ik keek een beetje dromerig voor me uit, naar hoe de hemel langzaam verkleurde, maar werd uiteindelijk afgeleid door beweging. Ik keek de kant van de beweging op. In één van de huizen zag ik iemand. Hij had bruin, rommelig haar, groene ogen, een slotjesbeugel en een trainingspak aan. En mij gezien.
Ik besloot maar gewoon naar hem te zwaaien en vriendelijk te lachen van achter mijn speentje.
De jongeman zwaaide terug, keek vragend naar me en stak zijn duim op, waarbij ik mijn duim ook opstak en knikte. Hij lachte erbij, zwaaide weer naar me en ging weer bij het raam weg, misschien wel verder met waar hij eigenlijk mee bezig was.
Ik klom uit de vensterbank en voelde hoe mijn luier zich opnieuw opvulde met een halve liter urine. Op hetzelfde moment kwam Kumatora mijn kamer binnen.
“Is alles goed gegaan?” vroeg ze.
Ik knikte, en ging tegen de commode op staan.
“Wil je nu graag in bad?” vroeg Kumatora.
“Ja, mama” zei ik. “Me luier is erg nat, en ik zo nog even bij je.”
Kumatora tilde mij de commode op, waar ik volledig uitgekleed werd en hierna naar de badkamer gebracht, waar ik met smart wachtte tot de badkuip eindelijk goed gevuld was. Ik zat naakt op de ladekast en legde mijn speentje zelf op de plank ernaast neer.
Uiteindelijk mocht ik eindelijk in bad en werd mijn haar gewassen, terwijl ik tijdens het uitspoelen van mijn haar mijn ogen braaf dicht hield.
“Goed van je!” zei Kumatora trots. “Zo doen je ogen geen pijn, hè?”
Ik knikte, en speelde nog even door totdat ik alweer uit bad wilde. Ik werd eerst goed afgedroogd, hierna werd mijn haar goed geborsteld en tenslotte kreeg ik een droge luier en mijn slaapkleding aan.
Toen Kumatora en ik op de sofa nog even wat tijd met elkaar doorbrachten, merkte ik dat ik langzamerhand heel erg moe werd.
Ik mocht hierbij zelf nog even mijn tanden poetsen, en op mijn kamer kreeg ik een vraag gesteld die me nooit eerder gesteld was.
“Marcie?” vroeg Kumatora. “Wil jij graag dat ik als jij naar bed gaat meteen de kamer uit ga, of dat we samen in de stoel gaan zitten zodat ik je in slaap kan brengen?”
“Stoel, mama” zei ik. “Jij niet meteen de kamer uit. Jij daar te lief voor.”
“Zo mag ik het horen” zei Kumatora blij, waarbij ze mij op haar arm nam, de schemerlamp aanzette, het centrale licht uit en hierna namen we plaats op de stoel. Kumatora zette de stoel in beweging en zong wat voor me, wat me al nog moeier maakte dan ik al was.
Na één minuut lag ik al bijna te slapen, dus Kumatora legde mij in mijn bed, zette mijn nachtlichtje aan, de schemerlamp uit, gaf me mijn speentje en tenslotte een nachtzoen.
“Slaap lekker, meisje” fluisterde Kumatora zachtjes, terwijl ze de kamer uit liep en de deur voorzichtig achter zich dichtdeed.
Die extra deken deed me zeker nu goed, want ik had het nu lekker warm en lag om 5 over 9 al snel te slapen.

*zie 'Niet doorvertellen...!'.
Being on this website fills you with determination. :)

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #7 november 23, 2016, 19:23:50 19:23*
5. Twee bekende gezichten, zes nieuwe gezichten
Ik werd wakker en inspecteerde de spijlen van mijn bed. Er klopte iets niet. Er hoorde een speelboog aan te hangen, om verveling tegen te gaan. Zou ik daar vandaag tijd voor krijgen? Of niet? Allerlei vragen en zinnen spookten door mijn hoofd, waarbij ik best laat door had dat mijn luier beladen was. Oh, wat een drukte. Ik begon te wenen omdat me het even te veel was. Het was tenslotte toch allang ochtend, dus Kumatora zou het waarschijnlijk wel opmerken.
Na een tijdje hoorde ik de deur van mijn kamer opengaan.
“Meisje, wat is er toch aan de hand?” vroeg Kumatora bezorgd, terwijl ze mij uit bed tilde en met mij op de stoel ging zitten.
Ik kon geen antwoord geven, want deze raakte steeds verloren in het feit dat ik kortademig werd.
“Wat een toestanden allemaal, hè?” zei Kumatora, alsof ze helderziend was. Ze legde mij op de commode en gaf me eerst mijn medicijn via de puffer, hierna mijn speentje, en tenslotte een schone luier en mijn kleding. “Gaat het al wat beter?”
Ik knikte zwakjes en liet me weer van de commode af tillen zodat ik aan tafel kon.
Eens aan tafel werd ik voor het eerst in tijden geholpen met eten, zonder dat ik erom vroeg, maar fijn vond ik het wel. Lepeltje voor lepeltje begon ik het steeds fijner te vinden dat ik even niet zelf hoefde te eten. Zelfs het fruit werd er eigenlijk wel lekkerder op. Uit mijn fles wilde ik daarentegen wel zelf drinken, want ik had na die astmatische aanval wel flinke dorst gekregen.
Na het eten poetste ik mijn tanden grondig en werden mijn haren ook eens goed doorgeborsteld, want tijdens het eten heb ik gehoord dat we naar de stad gaan, en dat we om half 11 vertrekken.
Spannend, dacht ik, naar de stad als 'kind'.
Op mijn kamer, met de smoes dat ik me nog lang moest voorbereiden, hing ik ook nog even snel een speelboog aan de spijlen van mijn bed, en riep Kumatora hierna.
“Ben je bijna zover, schat?” vroeg Kumatora, die mijn kamer binnen kwam.
“Jij mij helpen, mama?” vroeg ik. “Ik niet weten wat mee moet. Ik alleen dit gepakt.” Ik liet de inhoud van mijn tas zien: de puffer, mijn knuffel, een zachte rammelaar en een extra speentje.
“Dat is wel al verstandig van je” zei Kumatora, “dat je dat zelf hebt uitgekozen. Maar ik weet wat je nog meer mee mag nemen.” Uiteindelijk zaten er in de tas ook een pakje lotiondoekjes, een doek, een paar luiers, een reserve paar sokken en in de keuken werd mijn fles klaargemaakt, waarna deze dus ook in de tas ging.
“In orde, mama!” riep ik, toen alles in de tas in orde was. “Wij nu gaan?”
“Ik moet me ook nog voorbereiden, hè?” zei Kumatora plagerig. “Kun jij die tas wel alvast aan de wagen hangen?”
“Alleen als ik in da mag zitten” zei ik.
“Ik sta het toe” zei Kumatora, die mij over mijn hoofd aaide. We verlieten de kamer allebei, ik deed de deur achter me dicht en liep langs muren en andere voorwerpen alsof ik een echt kind was dat nog niet goed kon lopen. Uiteindelijk kwam ik bij de wagen, hing ik de tas eraan en ging ik er alvast in zitten. Ik besloot nog maar niet aan de riem te zitten, anders zou ik waarschijnlijk een preek van hier tot Koppai krijgen en daar had ik geen zin in.
“Ik ben eindelijk ook zover!” zei Kumatora, die uiteindelijk haar kamer uit kwam. Ze deed eerst zelf haar jas en schoenen aan, en deed dit daarna bij mij, waarna de riem ook vast ging. Hierna konden we eindelijk gaan.
Buiten was het redelijk koud, maar ook windstil. Ik hing er in de wagen behoorlijk relaxed bij en bekeek alles om me heen, totdat het me opviel dat er iets aan de linkerkant van de wagen hing. Ik pakte het, bracht het naar me toe en zag dat het een popje was dat van allerlei materialen was gemaakt. Ik had deze nog nooit eerder gezien. Zou deze nieuw zijn? Ik begon er maar mee te spelen en lette niet meer op de rest.
“Zo, dus jij hebt het multifunctionele mannetje al ontdekt?” zei Kumatora. “Leuk is ie, hè?”
“Ik heel blij ermee” zei ik, me tegelijkertijd afvragend of de pop nou ook echt zo multifunctioneel was. Ik begon er iets harder in te knijpen, en had de pieper ervan ontdekt. Ik wist al dat hij rinkelde en van zowel hout als stoffen lapjes was gemaakt... oh, vandaar dat de pop multifunctioneel was! Hè, waarom wist ik dat nou niet eerder!
Na een tijdje stonden we stil nadat we over hadden gestoken. We waren bijna bij de grote stad.
“Kijk, Marcie” zei Kumatora. “We zijn er al bijna. Ik zou graag winkeltjes willen bezoeken, maar ik weet niet naar welk winkelcentrum ik nou liever wil... links of rechts?”
“Die, mama” zei ik, toen ik naar rechts wees. “Die meer ramen hebben. Veel licht dus. Voor plantje op me raam.”
“Op je vensterbank?” vroeg Kumatora. “Nou, da's waar ook, die is nog hartstikke leeg... Zal ik een mooie plant voor je uitkiezen?”
“Ja, mama!” riep ik blij. “Daar de plant kijken!” Ik wees opnieuw naar het winkelcentrum rechts.
“Dan hebben we een keuze” zei Kumatora, die verder wilde lopen, maar na maar een halve seconde alweer stilstond. “Ik moest je nog iets geven.” Ze pakte een koord uit haar tas, bevestigde deze eerst aan mijn speentje, en hierna aan mijn jas. “Dan raak je 'm straks niet kwijt.”
Uiteindelijk kwamen we bij het inderdaad behoorlijk lichte winkelcentrum aan, waar het verrassend genoeg nog niet eens zo druk was.
Ik vond de winkels die Kumatora bezocht echter niet zo interessant, dus ik sloot mijn ogen maar en probeerde wat rust te pakken.
Ik opende mijn ogen weer toen het ongeveer 11 uur was, en op hetzelfde moment stonden we ook ineens stil.
“Marcie, weet je wat ik merk?” vroeg Kumatora. “Dat jij ineens zo stil bent. Daarnet bijvoorbeeld. Ben je nog moe of zo?”
Ik knikte, en daar was niets van gelogen.
“En gezien jij nog 'kind' bent, hè?” ging Kumatora door, “kwam ik net achter iets, en ik denk dat jij dat wel leuk gaat vinden.”
“Wa is da dan, mama?” vroeg ik.
“Een soort bijeenkomst of zo” legde Kumatora uit, “en daar zijn wel meer mensen als jij. Zou je daar graag heen willen?”
Ik knikte, want het klonk inderdaad wel leuk.
“Dan moet ik je wel iets vertellen dat minder leuk is” zei Kumatora. “Je zou daar alleen moeten wachten, want anders beschouwen ze mij als net zo'n persoon, en dat is natuurlijk niet de bedoeling... of wel soms?”
Ik schudde mijn hoofd, en voelde opnieuw verdriet naar boven komen.
“Ik kom je natuurlijk wel om half 1 of zo weer halen, hè?” zei Kumatora liefkozend. “Kom, ik zal je er wel even heen brengen. Het is niet ver van hier.” Ze zette mijn wagen weer in beweging, en we waren er inderdaad al snel.
“Jij hier blijven, mama?” vroeg ik nerveus. “Ik niet alleen zijn.”
“Ik snap dat je niet alleen wil zijn” zei Kumatora, “maar straks ben je dat ook lang niet meer. Ik moet nu helaas wel verder. Tot over anderhalf uur.” Ze gaf mij een knuffel en een zoen op mijn wang, en liet mij verbijsterd achter bij het kleine halletje dat ik niet kende.
Ik probeerde mijn verdriet weg te spelen met de pop aan de wagen, maar dit lukte niet. Ik begon hartverscheurend te wenen met veel tranen en lange uithalen. Het boeide me nu even niet als er mensen naar me keken, want het moest er gewoon even uit. Wat jammer nou dat Kumatora geen toezicht mocht houden als ik aan het praten was straks. Ik voelde me heel erg eenzaam. Van mijn verdriet urineerde ik zelfs ongecontroleerd in mijn luier, en dit gebeurde niet vaak.
Ik stopte met wenen voor 5 seconden toen de wagen ineens weer in beweging kwam. Was ik nu in dat halletje? Ik keek om me heen en ik weende steeds minder. Ik was er inderdaad.
“Rustig maar, meisje” zei degene die mij naar binnen had gebracht. “Het is al goed.” Degene ging voor mij staan. Het was de jongeman die ik gisteren door het raam had gezien! Wat moest hij nou hier, vroeg ik me af?
Ik brabbelde wat, stak mijn handen naar hem uit en keek hem vragend aan.
“Je bent niet alleen, meisje” zei de jongeman. “Ik ben er, en zij is er ook.” Hij wees naar een ander meisje, dat in een stoeltje zat dat groter was dan normaal. Ze speelde heel geconcentreerd met de gekleurde voorwerpen die aan de boog boven haar hingen. Ze had blond haar en zachtblauwe ogen, en ze droeg een gekleurd speelpak met voetjes en een oranje slab.
Ik voelde me behoorlijk verlegen worden, alsof ik een schildpadje was dat zich in zijn schild verstopte. Ik durfde nog niet in het simpele Engels te praten, en brabbelde dus maar.
Ik keek de jongeman vragend aan, terwijl ik naar hem wees en iets vragends brabbelde.
“Wie, ik?” vroeg de jongeman. “Ik heb me nog niet voorgesteld, hè? Ik ben Fuel, en zelf in mijn vrije tijd ook nog kind. Nou ja, soms, ligt eraan wanneer ik eigenlijk wel zin heb.”
“Fufu?” brabbelde ik. Natuurlijk wist ik wel dat hij Fuel heette, maar in mijn ageplay moest ik nog veel leren.
“Nee, Fuel” zei Fuel. “Of moet ik het toch maar accepteren...? Misschien wel. Jij bent me er wel eentje.” Hij kietelde mij onder mijn oksels, en ik lachte erbij.
Het meisje links van me begon uit het niets te wenen. Wat een schel geluid! Ik deed mijn handen maar gauw op mijn oren en keek een beetje geïrriteerd.
Fuel riep iets, maar ik verstond niet wat het was, en er kwam daarop nog iemand in de ruimte om het wenende meisje stil te krijgen.
Na een tijdje was het eindelijk stil en konden mijn oren weer vrij luisteren.
“Fufu haar halen” zei ik, terwijl ik op de persoon bij het meisje wees.
Degene had lang, steil, blond haar, felblauwe ogen en opvallend roze kleding aan.
“Wie, ik?” zei degene. “Maar hé, wat ben jij toch schattig!” Ze liep naar me toe en aaide mij onder mijn kin alsof ik een kitten was. “Ik ben Nana, en dit leek me zo interessant, dat ik het maar ben gaan doen.”
“Nana!” riep ik haar na. “Jij ook lief.”
“Ach, dat hoor ik iedereen wel zeggen” lachte Nana, die naar Fuel liep en hem lang wilde zoenen totdat er geluid klonk vanuit het gat van de deur van het halletje.
Fuel snelde zich naar het gat van de deur en daar was nog iemand die als mij en dat andere meisje was. Ze had lichtbruin haar dat in een staart bovenop haar hoofd zat en een jumpsuit aan waar de luier net zichtbaar was.
Nu is het maar afwachten met hoeveel we straks zijn, dacht ik bij mezelf.

Na een tijdje waren er in totaal zes meisjes (inclusief ik dus) die iets met elkaar gemeen hadden: ze waren in hun vrije tijd allemaal 'kind'. Nana daarentegen wilde graag iets met dit soort mensen doen, en haar vriendje, Fuel, was de enige jongen die het ook wel eens in zijn vrije tijd deed, maar nu nauwelijks liet zien. Als hij er te verlegen voor was, snapte ik het op zich wel.
Wij de meisjes die 'kind' waren, vonden het zo leuk om eindelijk eens mensen met dezelfde geheime interesse te leren kennen. Ik ben dus Marcelien, of baby Marcie, ik 'ben' 2 (oorspronkelijk 16) en behoorlijk lief, waar niets van gelogen is. De andere meisjes hadden zich zo voorgesteld:
  • Eve (15) 'van' 6 maanden die heel bijziend is en dus nog echt een baby is;
  • Britta (16) 'van' anderhalf die niet van geprakt of geblendeerd eten houdt, in de nee-fase zit en wel eens geneigd is om flink boos te worden en heel hard te wenen;
  • Kara (17) 'van' 3 die behoorlijk verwend is door haar 'vader', en dan ook eerlijk verwend wordt, maar soms voor straf ook gespankt;
  • Amethyst (18) 'van' 1 die je wel in de gaten moet houden omdat ze veel in haar mond stopt en omdat ze nog wel eens naar de verkeerde plekken kan kruipen;
  • Peridot (15) 'van' 2 die net als ik het lieve typetje is, en haar moeder was altijd zo druk dat ze nooit van haar speentje af is gekomen of zindelijk is geworden, en ze heeft zelfs bijna haar hele melkgebit nog. Het is echt waar.
Toen Nana haar verhaal wilde doen (ja, we praatten eventjes normaal Engels met elkaar), kwam er blijkbaar nog iemand binnen kruipen, waar Fuel bijna van schrok omdat hij natuurlijk vlak bij het gat van de deur van het halletje zat. Het was Lucas, en hij heeft net zo'n blik als ik toen ik me nog een schildpadje voelde.
“Lucas!” riep ik blij, terwijl ik in mijn wagen begon te stuiteren. Ik ging er maar uit, want de riem zat toch al los, stortte me bij hem op mijn knieën, gaf hem een stevige knuffel en plakte hem helemaal onder de zoentjes.
“Die vindt hem duidelijk erg lief” giechelde Amethyst, “dat kun je wel zien!” Dit maakte de andere meisjes, Nana en Fuel ook wel aan het lachen.
“Kom er maar bij, Lucas” zei Fuel, “dan mag jij je voorstellen aan de rest.”
Lucas nam naast mij plaats en vertelde over wie hij was, dat hij 21 maanden 'was' en net als ik en Peridot behoorlijk verlegen. En uiteraard ook dat hij mij al voor langere tijd kende.
Hierna raakten Lucas, ik en de meisjes alle zeven aan de praat over onze geheime interesse, en iedereen had wel zijn of haar eigen manier ervoor. Lucas en ik hadden bijna dezelfde manier die erg op die van Peridot leek, was ons opgevallen.
“Zeg Fuel” vroeg Eve op gegeven moment spontaan, “heb jij momenteel ook een luier aan?”
Fuel wreef nerveus in zijn handen en deed hierna zijn broek een stukje omlaag, waar inderdaad een luier onder te zien was. Wij raakten hier allemaal wel door gefascineerd, en vooral Eve, want haar vermoeden was dus waar.
“Dan kan ik me net zo goed ook even voorstellen” lachte Fuel, “aangezien we net toch nog even onderbroken werden... Ik ben dus kleine Fuel van anderhalf, ik zit net als Britta in de nee-fase, ik praat vaak mensen na, ik hou vooral van pasta voor avondeten en ik ben het meeste verslaafd aan mijn speen.”
“Net als ik!” riep ik enthousiast, terwijl ik mijn speentje aan het koord liet zien.
“Mijn vader kan er prima mee omgaan” zei Lucas, “met het klein zijn.”
“Mijn ouders” zei ik, “die helemaal hier boven wonen, zullen het nu beter accepteren dan toen.” Nadat ik dit had gezegd, kreeg ik werkelijk iedereen om me heen die me wel extra liefde wilde geven, want ze vonden het natuurlijk niet leuk dat ik geen ouders meer had. Ik liet het ze toe, want ik had het inderdaad nodig.
“Wat ik eigenlijk wilde zeggen” zei Fuel, “is dat ik hetzelfde heb als Lucas. Eén verschilletje is dat mijn biologische moeder helemaal in Italië woont, en ik zie haar bijna nooit dus ze weet hier niets van, en dus hoop ik dat ze het wel zal accepteren.”
“Ik vind het helemaal niet erg om kleine Fuel voor me te hebben” zei Nana. “Sterker nog, het is hartstikke leuk! Ik hou ervan als hij mama tegen mij zegt, als hij bij mij op schoot uit zijn fles drinkt, als hij me allerlei vragen stelt waarop ik maar gewoon wat antwoord geef en vooral als ik hem net verschoond heb. Dan wil je niet weten hoe blij hij is...”
“Eigenlijk wil je dat wel” zei Kara, “want blij zijn is gezond, toch?” Dit maakte ons allemaal weer aan het lachen.
“Dan zou ik zeggen dat we allemaal maar weer onze leeftijd bij ageplay mogen zijn” zei ik, “en dat we dan in babytaal verder praten, goed?”
Hier stemde iedereen wel bij in, waarbij we het allemaal maar gewoon deden. Niets was fout hier.
Lucas, Peridot en ik waren druk met elkaar aan het brabbelen, terwijl Kara, Britta en Amethyst hun eigen clique hadden waarbij zij over hun dingen praatten. Nana daarentegen hield nog wel eens een oogje op Eve terwijl ze haar handen ook vol had aan Fuel, die steeds aandacht wilde.
Eerst was het bij mijn clique zo dat Lucas alle knuffels kreeg omdat hij geen moeder en tweelingbroer meer had, maar uiteindelijk kreeg ik ze allemaal omdat ik beide ouders niet meer had en sowieso geen broers of zussen.
“Mama denken dat zij niet hier mag komen” zei ik, “maar kijken naar Nana, die mama van Fufu is.”
“Jij mij hebben” zei Lucas. “Ik toch ook lief?”
Ik gaf hem gelijk weer een stevige knuffel, en ook zijn speentje, zodat het gepraat meer als babytaal zou klinken. Ik en Peridot hadden al een speentje in.
“Ikke wel eens langs bij me dunkle” zei Peridot, “hij heel lief.”
“Je wat?” vroegen Lucas en ik verbaasd.
“Oh, lang verhaal” zei Peridot, “maar jullie zien wie da nou kan zijn, of nie soms?”
Ik knikte, want natuurlijk was ik wel benieuwd naar Peridot's zogeheten 'dunkle'. Het zou best haar oom kunnen zijn, maar misschien ook wel iemand anders.
Intussen moest ik weer urineren, en liet ik het gaan, maar het was blijkbaar zo veel dat mijn luier er bijna opgeblazen uit zag.
“Ik zo terug” zei ik tegen Lucas en Peridot, terwijl ik naar Nana toe liep.
“Wat is er, Marcie?” vroeg Nana, die Eve's mond afveegde met haar slab.
“Me luier is nat” zei ik, “ik een droge?”
“Daar zorg ik wel voor” zei Nana, die mij op de commode in de hoek van de ruimte neerlegde en uit mijn tas een luier en de lotiondoekjes pakte. Ze verschoonde mijn luier sneller dan ik zelf dacht, en ik was er wel blij mee.
“Ik weer naar Peri en Lucas?” vroeg ik.
“Natuurlijk” zei Nana, die mij van de commode af tilde en mij neerzette, “doe wat je wilt. Amethyst, nee, niet met je sokken gooien.” Dit laatste zei ze tegen Amethyst, die blijkbaar haar sokken had ontdekt en deze door de ruimte gooide.
Ik praatte intussen verder met Lucas en Peridot, weer over willekeurige dingen. Op de achtergrond hoorden we Kara en Britta ergens heel hard om lachen, en Peridot giechelde met ze mee.
“Is da dan zo grappig?” vroeg ik.
“Kara een sok in haar zicht” lachte Peridot, “zou nie haar eigen zijn. Ikke da héél grappig vinden!”
“Die sok van Ammie” zei ik, “zij met haar sokken gooien, en Nana zo 'nee' tegen haar zeggen.”
Uiteindelijk keken we allemaal op van Eve die schijnbaar heel blij was met iets, want ze begon te lachen.
“Peri, Marcie, kijk” zei Lucas, die naar het gat van de deur wees.
Er stond iemand met makkelijk zittende kleding en een slap hangende hoed die een jaar of 20, 22 leek. Zou hij de verzorger van Eve zijn?
“Kan de dada van Eve zijn” zei ik, waarna ik opeens schrok van twee handen die aan mijn schouders kwamen. Ik schreeuwde het uit.
“Fuel, niet Marcie laten schrikken” hoorde ik Nana zeggen.
“Sorry, Marcie” zei Fuel, die mij een knuffel gaf.
“Nie meer doen, Fufu” zei ik, “ik heel erg schrikken daarvan.”
“Gaat het goed, meisje?” vroeg degene die net voor de deur stond. “Dat was flink schrikken, hè?”
“Jij de dada van Eve?” vroeg Lucas.
De jongeman knikte, en hij ging hierna naar Eve, die overduidelijk blij was om hem weer te zien.
Uiteindelijk hing ik samen met Peridot, Lucas en Fuel op de sofa, allevier met de voeten vooruit, tegen elkaar aan en een speentje in de mond. We waren zo ongelooflijk relaxed, en ik had dat wel nodig na de schrik.
Ik keek maar gewoon wat om me heen, ik had niets te doen... en ik zag ineens een bekende in het gat van de deur staan.
“Mama!” riep ik uit, en ik rende op Kumatora af, waarna ik haar om de buik viel (niet in de hals dus).
“Hallo, Marcie!” zei Kumatora blij. “Hoe is het met je?” Ze nam me op haar arm en gaf me een zoen op mijn neus.
“Jij hier wel mogen komen, mama” zei ik, “kijk eens rond.” Inmiddels waren we op dezelfde sofa gaan zitten.
“Ik zie haar met haar vader zitten” zei Kumatora, die naar Eve wees, “maar wie nog meer dan?”
“Fufu zijn mama bij” zei ik, terwijl ik op Fuel wees.
“Fuel?!” zei Kumatora verbaasd. “Ik wist niet dat hij dat ook deed in zijn vrije tijd!” Ze gaf hem een aai over zijn hoofd, aangezien hij toch naast ons zat. “Heb je trouwens al honger?”
Ik knikte, en ik werd even terug op de sofa zelf gezet toen de fles werd gepakt. Naast me hoorde ik hoe Lucas en Fuel druk over Kumatora begonnen te praten, en ze klonken allebei vol ongeloof.
Niet veel later zat ik terug op Kumatora's schoot en zoog ik ijverig aan de fles. Ik had inderdaad flink wat honger gekregen! Ik keek intussen om me heen en zag hoe de meeste mensen wel honger hadden gekregen, nou ja, behalve Eve dan, want die had pas geleden al eten gehad.
Ik had ook van Kumatora's horloge afgekeken, en het was ongeveer 10 over half 1, dus de lunchtijd was al aangebroken. En dat niet alleen! Er werden intussen ook wat luiers van anderen verwisseld, of ze werden erg moe. Eve sliep zelfs al, waarbij haar 'vader' haar stoeltje voorzichtig pakte en zachtjes de ruimte verliet.
Op hetzelfde moment dat Eve en haar 'vader' de ruimte hadden verlaten, was mijn fles leeg en kwam Lucas nog even gezellig naast me op Kumatora's schoot zitten.
“Ikke deur kijken” zei Lucas, “ikke dada wachten. Jij lief, Marcie.” Hij kneep speels in mijn wang.
“Jij nie honger, Lucas?” vroeg ik. “Jij fles nie gehad dan?”
“Nee” zei Lucas, met een klank van realisatie in zijn stem.
“Zal ik 'm even voor je pakken, Lucas?” vroeg Kumatora.
Lucas knikte, en we werden allebei weer terug op de sofa gezet.
“Lang duren voor je dada komt?” vroeg ik.
Lucas knikte teleurgesteld, maar zijn gezichtsuitdrukking veranderde snel, net als het geroezemoes op de achtergrond. Alle ogen, ook het mijne, stonden nu op het gat van de deur gericht.
Dunkle!” riep Peridot.
“Duster!” riep Kumatora, die Lucas' fles bijna liet vallen van verbazing.
Ik stuiterde op de sofa van blijheid, omdat ik nog lang niet wist hoe ik Duster nou moest noemen. Lucas daarentegen keek nog steeds verbaasd naar Duster en het leek wel alsof zijn (die van Lucas) ogen er op elk moment uit konden springen van verbazing. Ik was natuurlijk ook wel verbaasd omdat ik eindelijk wist wie Peridot's dunkle nou was.
Peridot was zelf intussen al naar Duster toe gerend en zat nu op zijn arm.
Kumatora was weer terug naar de sofa gegaan en ik zat nu alleen op haar schoot omdat Lucas blijkbaar zelf uit zijn fles wilde drinken. Nou, dan liet ik het hem maar toe.
“Hallo, Marcie!” zei Duster, die naast ons kwam zitten. “Alles goed met je, lieverd?”
Ik knikte, en was tegelijkertijd ook erg moe, dus ik hing tegen Kumatora aan. Ik verlangde me zo weer naar mijn jas en lekker in de wagen zitten, en daar desnoods in slaap vallen.
“Mag ik je iets vragen, Marcie?” vroeg Duster.
Ik knikte weer, en friemelde intussen met de ring van mijn speentje.
“Ik zal misschien wat vaker bij jullie binnenkomen” zei Duster, “dat kan met of zonder Peridot zijn, maar... wil je mij liever bij mijn voornaam aanspreken of bij iets anders, iets als...?”
“Dada?” vroeg ik. Please, dacht ik tegelijkertijd, als hij het mij maar toestaat... Hij was tenslotte toch Kumatora's vriend.
“Dan zijn we het ergens over eens” lachte Duster, die mij over mijn hoofd aaide. Hierna focuste hij zijn aandacht weer op Peridot, die echt lag te slapen.
Er werd nog volop gepraat, totdat ook ik uiteindelijk naar huis mocht, en zoals ik zelf al verwachtte, was ik in de wagen in slaap gevallen. Niet moeilijk, want het was een lange middag.

Ik werd rond half 5 wakker in de hal, en begon voor Kumatora te roepen.
“Ben je al wakker, meisje?” vroeg Kumatora, die naar me toe kwam en mij uit de wagen tilde. “Het was ook een lange middag, hè?”
“Ik snel iedereen weer zien?” vroeg ik. “Waren erg aardig.”
“Da's mooi” zei Kumatora, die mij naar mijn kamer bracht en op de commode legde. “Ik kan zelfs aan je luier merken dat je wel heel vast hebt geslapen.” Ze deed mijn luier uit, die wel flink nat was, maar ook een klein beetje donkere materie bevatte.
“Ik nu in bad?” vroeg ik.
“Als jij dat wilt” zei Kumatora, “dan mag het.” Ze deed ook mijn jurk uit en maakte de rest van mijn streek schoon, waarna ik in de badkamer weer op de ladekast zat, wachtend tot het bad vol genoeg zat.
Op gegeven moment was het bad ook echt vol genoeg, en werd ik rustig even gewassen, omdat ik zo moe was, dat het ook maar even rustig aan moest gebeuren.
Na het bad werd mijn haar weer goed geborsteld en kreeg ik eerder mijn slaapkleding en nachtluier aan, en het avondeten werd voor mij ook nog makkelijk gehouden. Ik kreeg zelf een halve sinaasappel en een fles, terwijl Kumatora restjes aardappels had en hierna de andere helft van de sinaasappel nam.
“Ik morgen hier blijven, mama?” vroeg ik na het eten. “Net als paar dagen geleden?”
“Natuurlijk” zei Kumatora. “We weten toch niet wie er morgen langs zal komen. Misschien Duster wel, dat zou best leuk kunnen zijn.”
“Ik dada ook weer zien, ja” zei ik, “hij lief.”
We hingen nog even op de sofa, en de televisie stond aan, alhoewel ik toch maar nietsziend naar het beeld keek omdat ik toch al moe was.
Om half 9 merkte Kumatora wel dat ik bijna lag te slapen, dus ze hielp me nog even met tandenpoetsen, zong en bewoog me weer in slaap en kreeg ik van haar weer een nachtzoen, want na die lange middag was het toch wel even goed om vroeg naar bed te gaan. Bovendien sliep ik al eerder dan dat ze de kamer uit was, dacht ik. Ach, de dag was natuurlijk wel heel leuk, en mijn vensterbank ook wat fraaier geworden.
Being on this website fills you with determination. :)

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #8 november 24, 2016, 19:14:19 19:14*
6. Onverwacht bezoek
Ik werd om half 8 wakker met verschrikkelijke buikkramp. Ik hoopte dat ik gisteren maar niets had gegeten dat de oorzaak zou zijn. Ik wilde al in wenen uitbarsten, maar toen ik mezelf eenmaal van de buikkramp verloste door zo flink te defeceren als een kanon, weende ik maar véél harder, want een vuile luier is nog veel erger dan buikkramp. Ik was zelfs bang dat ik misschien lekte...!
Zoals ik tegelijkertijd met de negatieve gedachten al verwachtte, snelde Kumatora zich naar mijn kamer om te kijken of het goed met me ging. Natuurlijk niet, ik had net mijn organen geleegd alsof ik een kanon of zo was.
“Meisje toch” suste Kumatora mij, “wat is er toch aan de hand?” Ze tilde mij op en haar ogen werden wat groter. “Zal ik je luier even verwisselen? Dit ziet er echt onooglijk uit...” Ze legde mij op de commode en deed mijn slaapkleding uit.
Ik schrok van toen ik naar beneden keek, want mijn luier bleek inderdaad gelekt te hebben, dit bleek omdat er een spoortje aan dunne fecaliën over mijn linkerbovenbeen was gelopen. Dus ik liet het luiers verwisselen zeker nu maar toe, want ik had nog nooit zoiets ergs gehad.
Het duurde behoorlijk lang voordat mijn volledige streek schoon was, en ik bleef maar wenen van ongeduld, maar het was nu iets zachter dan net. Totdat ik eindelijk een schone luier aanhad, toen was ik stil geworden.
“Wat goed van je dat je me er even voor geroepen hebt” zei Kumatora, die mijn wangen droog maakte met een droog washandje en mij mijn speentje gaf. “Want zo'n vuile luier is echt niet fijn, hè?” Hierna kreeg ik lekker zittende kleding aan die aangenaam aanvoelde.
“Ik pijn in me buik gehad, mama” zei ik, “en hierna in me luier gedaan, erger dan ik dacht.” Ik voelde me nog steeds redelijk slap en moe, dus rechtop zitten op Kumatora's arm kon ik nog niet.
“Arme jij” zei Kumatora, die mij over mijn rug aaide. “Dan houd ik je eten toch maar makkelijk, als je dat goed vindt?”
Ik knikte en liet me op de sofa neerleggen, waarna in de keuken mijn fles klaar werd gemaakt. In televisiekijken had ik geen zin, dus ik liet de afstandsbediening maar op de leuning liggen. Ik probeerde wel zelf rechtop te zitten, en dit lukte pas na drie keer.
“Kijk eens, Marcie” zei Kumatora, die na een tijdje met mijn fles aan kwam zetten en me een doek voor deed.
“Dank je, mama” zei ik, toen ik de fles aanpakte en zelf begon te drinken. Ik wilde iedere ochtend eigenlijk wel een fles, want dat was altijd makkelijker dan brood of zo. En ook lekkerder, want brood was de laatste tijd wel redelijk saai geworden. Ten minste, dat vond ik voordat ik deze vele keren betere levensstijl aannam.
Nadat mijn fles leeg was, stond ik van de sofa op en liep naar de tafel toe, waar Kumatora toevallig ook klaar was met eten.
“Ik me tanden poetsen, mama?” vroeg ik, terwijl ik haar de fles aangaf.
“Natuurlijk, lieverd” zei Kumatora, die mijn doek af deed en hier mijn mond nog even mee lapte.
Ik liep zelf naar de badkamer en poetste zelf mijn tanden, waarna Kumatora voordat zij hetzelfde wilde doen nog even mijn haar goed doorborstelde. Bovendien kreeg ik één strikje per hoek van mijn haar, en toen deze er allebei in zaten, liep ik naar mijn kamer om naar mijn vensterbank te kijken. Deze zag er inderdaad stukken beter uit, met twee kleine plastic plantjes erin, en Kumatora had bewust de hoeken leeg gelaten zodat ik er nog in kon zitten. Lief van haar.
Ik keek door het raam of er nog bekenden in de andere huizen te zien waren, maar nee, er was nog niemand te zien. Ik wilde Fuel vandaag weer zien, maar de gordijnen zaten bij zijn huis nog dicht, dus er was een redelijke kans dat hij nog lag te slapen.
Ik pakte de bovenste doos met speeltjes uit de kast en deed er een paar in de box, zodat het er minder leeg uit zou zien. Ik inspecteerde hierna het kussen, maar die zag er prima uit, dus ik stopte de doos terug in de kast en wilde net op het kussen liggen toen er op de deur werd geklopt. Ik sprong op en ging mijn kamer uit, om Kumatora uit de badkamer te roepen.
“Ik heb het ook gehoord, meisje” zei Kumatora met een mond vol schuim, “ik zal zo opendoen.” Ze spuugde het schuim uit, spoelde haar tandenborstel af, smeet deze haast op de plank, nam mij snel op haar arm en snelde zich naar de deur, die ze in één ruk opendeed. Het was Jasper.
“Hallo Kumatora” zei Jasper. “Nooit geweten dat jullie zo vroeg wakker konden zijn. Ik heb wat meer gasten dan mezelf meegebracht.”
“Kom binnen” lachte Kumatora, “ik had zelf geen bezoek verwacht vandaag, maar wat leuk dat jullie er zijn.”
“Marcie, misschien ken jij haar nog niet” zei Jasper, toen we eenmaal in de woonkamer waren, “maar dit is mijn jongere nicht Nana, en ze praat wel eens aan één stuk door.” Hij lachte erbij.
“Ze kennen elkaar al, slimneus” lachte Kumatora, die Jasper speels in zijn zij porde. “Marcie, kijk eens wie daar nog meer is!” Ze zette me neer en ik zag twee bekende, blije, groene ogen achter Nana's rug vandaan kijken.
“Fufu!” riep ik, en ik gooide Fuel zo'n beetje om toen ik hem een knuffel wilde geven.
“Hallo, Marcie!” zei Nana blij. “Dat was lang geleden, maar niet heus. Doe je wel een beetje voorzichtig met Fuel?”
Ik knikte en speelde intussen verder met Fuel. We lagen op gegeven moment met elkaar te dollen en we lachten volop.
“Marcie...” zei Fuel met een mysterieuze toon.
Ik keek hem vragend aan. Was hij misschien iets van plan?
Fuel begon te lachen en kietelde mij vervolgens over mijn hele lijf.
“Nee!” riep ik, terwijl ik flink tegen lag te spartelen om niets te voelen. Vanwege al die snelle bewegingen en het lachen urineerde ik eens flink in mijn luier, die helemaal warm werd. Daar genoot ik dan weer wel van.
“Ikke geef op” zei Fuel op gegeven moment, “jij toch iets anders fijn vinden, of nie soms?”
Jij zo fijn, Fufu” zei ik, terwijl ik mijn armen uitstak en Fuel ermee naar me toe trok. “Jij knuffels nodig hebben, net als ik.”
“Au” zei Fuel, “zit iets in me buik.”
Ik liet Fuel los en keek naar wat er in de weg zat. Het was zijn speentje, die aan een koord hing en ook deels in mijn buik heeft geprikt.
“Je speen, Fufu” lachte ik, terwijl ik Fuel zijn speentje gaf. Ik pakte de mijne ook maar, die ook aan het koord zat en rechts van me lag, en ging rechtop zitten.
Aan tafel praatten Kumatora en Jasper volop, en ze lachten erbij.
Nana daarentegen zat op de sofa maar wat voor zich uit te kijken. Ze keek verveeld en een beetje afwezig.
Fuel was intussen ook rechtop gaan zitten en zag hoe Nana erbij zat. Zijn gezicht begon er wat bezorgd uit te zien.
“Wij Nana maar even blij maken?” vroeg ik.
“Mama ziet er erg sip uit, hè?” zei Fuel, die op de sofa klom.
Ik klom ook maar op de sofa en ging in de andere hoek zitten. Ik merkte dat ik best moe was geworden van het dollen.
“Mama?” zei Fuel, die bij Nana was komen zitten. “Wa is nou aan handje?” Hij zag er ook redelijk moe uit. “Jij boos op mij?”
“Nee, Fuel” zuchtte Nana, “ik ben niet boos op jou. Dat zou ik nooit worden, toch? Ik heb 's nachts gewoon niet zo goed geslapen.” Ze nam Fuel bij zich op schoot en knuffelde hem.
Ik ging weer van de sofa af, ging bij de tafel op mijn knieën zitten en legde mijn armen op Kumatora's schoot.
“Mama?” vroeg ik. “Ik hier zitten?”
“Natuurlijk” zei Kumatora, die mij op haar schoot tilde. “Je ziet er trouwens erg moe uit. Wat zou je zeggen van een tijdje slapen?”
“Fufu ook?” vroeg ik. “Hij ook moe.”
“Ja, maar waar moet hij dan slapen?” vroeg Nana vanaf de sofa.
“In de box” zei ik, “da is ruim, en zijn knuffels.”
“Wat lief dat je dat alvast had gedaan” zei Kumatora, die me meerdere zoentjes in mijn hals gaf.
“Ik eigenlijk zelf spelen” zei ik, “maar Fufu da ook kunnen slapen. Is da dan goed?”
“Natuurlijk is dat goed, Marcie” zei Nana, die met Fuel op haar arm van de sofa opstond. “Jullie zouden best samen kunnen slapen op jouw kamer, maar dan niet stiekem roddelen over ons, hè?”
Dit maakte mij en Fuel wel aan het lachen. Alsof we dat in onze ageplay ooit zouden doen!
Eenmaal op mijn kamer aangekomen vond Nana het inderdaad wel fijn dat ik de box ingericht had, en het straalde ook wat sereniteit uit volgens haar.
“Zal ik even een hoofdkussen halen?” vroeg Nana, “want anders heeft Fuel niets om lekker op te slapen.”
Fuel zat in de box, en ik lag op de commode, waar ik een droge luier kreeg en hierna in mijn bed gelegd werd. Mijn hoofdkussen was zo groot en dik dat ik niet eens door had dat mijn mobieltje en zijn lader erin zaten. Bovendien lag hij, met of zonder spullen erin, altijd wel lekker.
Ik zag hoe Kumatora keek of Fuel ook een droge luier nodig had, maar dat had hij niet, dus hij werd in de box maar neergelegd en hij kreeg een deken die uit mijn kast afkomstig was.
Niet veel later kwam Nana terug met het hoofdkussen dat zij onder Fuel's hoofd neerlegde, en gaf zij Fuel eerst een zoen voordat ze de kamer verliet.
“Zal ik jullie het slapen wat makkelijker maken?” vroeg Kumatora, die mij en Fuel op haar armen nam en vervolgens op haar schoot toen we in de stoel zaten.
“Hoe gaat da dan, Kuma?” vroeg Fuel.
“Mama de stoel laten bewegen” zei ik, “en zij hierna zingen. Vind jij da goed?”
Fuel knikte, en liet zijn hoofd tegen Kumatora's borst rusten, net als ik.
Hierna volgde het feit dat de stoel in beweging werd gezet en dat we beiden in slaap werden gezongen. Ik zag, door mijn half-gesloten ogen heen, dat het Fuel inderdaad wel hielp als dit gebeurde.
Ik werd na een minuutje eerst terug in mijn eigen bed gelegd, waarbij Fuel terug in de box werd gelegd, werd ingestopt en een zoen kreeg, en hierna gebeurden de laatste twee dingen ook bij mij.
“Lekker slapen, hè?” fluisterde Kumatora, die zachtjes de kamer verliet en de deur achter zich sloot.
Aan het roddelen (volgens Nana dan) kwamen we zeker nu niet toe, want binnen no time lagen Fuel en ik al heel diep te slapen.

Ik ontwaakte zelf om 5 over 12, ik had zo'n anderhalf uur geslapen. Buiten was het beginnen te regenen, en dat vond ik altijd fijn met lekker zittende kleding, omdat het dan ook zo'n warme sfeer binnen geeft.
Ik ging rechtop staan en keek naar Fuel, die in de box nog lag te slapen. Zijn speentje was uit zijn mond gegleden, en er droop een spoortje aan speeksel over zijn wang. Hij was duidelijk moe voordat we gingen slapen, dat was zeker.
Ik had verder toch niet zoveel te doen, dus ik ging maar weer zitten en pakte mijn knuffel, die ik tegen me aan hield. Ik voelde ook dat ik moest urineren, dus ik liet maar een flinke dosis gaan.
Een aantal minuten later hoorde ik Fuel snikken, en ik wilde hem graag stil krijgen, dus ik klom mijn bed uit en ging naar de box toe.
“Gaat het, Fufu?” vroeg ik, terwijl ik hem over zijn rug streelde. “Heb je niet goed geslapen?”
Fuel haalde zijn schouders op en rolde zich op tot een balletje.
Ik gaf hem zijn speentje en wilde bij hem in de box komen totdat ik en mijn neus ergens achter kwamen. Hij had in zijn luier gedefeceerd, en natuurlijk is dat niet fijn. Ik besloot maar buiten de box te blijven en hem te troosten door zijn rug te blijven strelen, zodat ik mijn neus niet hoefde te laten lijden.
Ietsje later kwam Nana de kamer binnen, en ze schrok een beetje toen ze Fuel er zo bij zag.
“Marcie, weet jij wat er met Fuel aan de hand is?” vroeg Nana.
“Hij in zijn broek gedaan” zei ik knikkend. “Ik eerder wakker dan da.”
“Goed dat je hem dan even rustig probeert te krijgen” zei Nana, die mij een aai over mijn hoofd gaf en Fuel de box uit tilde. “Fuel toch... daar wil je niet graag mee wakker worden, hè?” Ze legde hem op de commode neer en verwisselde zijn luier, waarbij hij opvallend rustiger werd.
Ik zag nadat het hele proces klaar was hoe Fuel een lach op zijn gezicht kreeg die ik nooit eerder had gezien. Dus dat was wat Nana bedoelde met wat ze gisteren zei...! Wat een lieve lach was dat toch. Ik haalde mijn hand door Fuel's haar heen en zoende hem op zijn voorhoofd.
Ik schrok niet veel later van hoe Nana aan mijn luier voelde.
“Die kan nog even mee” zei ze, en ze nam Fuel weer op haar arm. Ik volgde de twee naar de woonkamer, waar de lunch net klaar was.
“Hallo, meisje” zei Kumatora, die mij in mijn stoel zette en mij een knuffel gaf. “Heb je lekker geslapen?”
Ik knikte en keek naar al het lekkere eten dat op de tafel stond.
“Dat ziet er lekker uit, hè?” zei Jasper, die tegenover mij zat. “Weet je wie dat allemaal heeft uitgekozen?”
Ik keek Jasper vragend aan en wees naar hem. Hij lachte erbij, betekenend dat ik het goed had.
Niet veel later zaten we allemaal aan de lunch, en ik vond dat Jasper hele lekkere dingen had uitgekozen, want ik genoot er duidelijk van.
“Dit eet ik vrijwel altijd op koude, regenachtige dagen” zei Jasper, “wisten jullie dat?”
“Ja, Jasper” lachte Nana, “dat wist ik al. Als nichtje van jou ken ik jou al langer dan Fuel, Marcelien en Kumatora bij elkaar.” Ze stopte het laatste stukje van haar kaiserbroodje in haar mond en dronk haar glas water in één keer leeg.
“Weet je wat ik dan altijd doe?” zei Kumatora. “Dan maak ik een kopje chocola, en als er slagroom en marshmallows zijn doe ik die er altijd bij. Hoe mijn chocola altijd lekker smaakt, komt door een theelepel kaneel die ik er tijdens het koken aan toevoeg.”
“Potverdrie” zei Nana, “dat wil ik ook eens proberen, dat klinkt echt zalig!”
“Als je dan weer bij mij over de vloer bent, Nana” zei Jasper, “dan doen we dat, goed?”
Fuel en ik keken Jasper niet-begrijpend aan.
“Hoe gaat da dan?” vroeg ik.
“Mama toch nie bij jou op de grond liggen?” zei Fuel.
“Nee joh!” lachte Jasper. “Wat ik daarmee probeer te zeggen, is dat wanneer ze bij me langskomt, dan gaat ze toch niet op de grond liggen!”
Hier moesten we allemaal wel om lachen. Wat was Fuel toch melig, maar ik vond hem nog lang niet zo melig als Tony toen ik hem voor het laatst sprak.
“Kleine meelbal” zei Nana plagerig, en ze kneep Fuel speels in zijn wang. “Jij neemt alles ook zo letterlijk.”
Kumatora haalde het doek van mijn hals en zette mij op schoot, terwijl ik nog aan mijn fles zoog. Ze praatte nog wat met Jasper, en zelfs toen ik van haar schoot af gleed toen mijn fles leeg was.
Fuel was intussen ook van tafel gegaan, en we waren samen op de sofa gaan zitten, gewoon om een beetje te relaxen en bij te kletsen.
“Wat ga jij komende dagen doen?” fluisterde Fuel.
“Weet ik niet” zei ik, “niet veel denk ik.”
“Ik denk ik ook” zei Fuel, die een arm om mijn schouders heen sloeg. “Ik vind het trouwens heel leuk om even met je te kunnen zijn als 'kind'-zijnde. Wat vind jij?”
“Ik vind dat ook” zei ik, en ik deed mijn speentje even uit om Fuel een zoentje op zijn wang te kunnen geven.
We hingen nog even wat met elkaar, maar ik schrok behoorlijk van toen Fuel zijn hand op mijn broek neerlegde. Zo erg, dat ik weer flink veel urine uit mijn systeem liet lopen. Ik keek naast me en zag hoe Fuel hiervan genoot.
“Waarom?” fluisterde ik. “Je liet me schrikken, man.”
“Ah, gewoon” giechelde Fuel. “Als je het niet fijn vond, spijt het me.”
“Ik zal 't je vergeven” zuchtte ik, en ik verraste hem met de kieteldood.
Fuel begon hard te lachen en toen ik stopte met het kietelen, voelde ik snel aan zijn luier, en ja hoor, die werd ook warm, waar ik weer van genoot. Tegelijkertijd voelde ik hoe er iets hard begon te worden, maar omdat kinderen dat eenmaal niet hebben, gaf ik er een tik op, zodat het weg zou gaan.
“Au” zei Fuel. “Moest dat nou?”
“Mietje” lachte ik, en ik trok hem weer naar me toe, waarbij ik hem eindelijk eens ongestoord kon knuffelen. Ik hoorde geen au, want er zat geen speentje in de weg, van geen van ons, want die hadden we al in. Met zijn tweeën bij elkaar voelde zo lekker warm aan, alsof we een deken met elkaar deelden.
Na een lange tijd was Jasper wel een beetje klaar met hier zijn, en dat betekende helaas ook dat Fuel weer naar huis moest.
“Ik had best wel langer bij je willen zijn, Marcie” fluisterde Fuel, “maar helaas kan dat vele dagen later pas.” Er stonden kleine tranen in zijn ogen.
“Nie wenen, Fufu” zei ik, terwijl ik zijn tranen weghaalde. “Wij elkaar heus weer zien.” Ik streelde zijn rug weer.
“Wat ben jij toch lief voor Fuel, Marcie” zei Nana. “Zeker nu hij het nodig heeft.” Ze nam Fuel op haar arm, die inmiddels heel verdrietig was geworden en zachtjes weende. “Ik zie je later, hè?” Ze gaf mij een knuffel.
“Tot later, hè, Marcie?” zei Jasper, die mij ook een knuffel gaf.
“Dag, Jasper en Nana” zei ik.
“Later, Marcie” zuchtte Fuel, die mij nog nasniffend een zoentje gaf.
Ik gaf Fuel een stevige knuffel en wel twintig zoentjes over zijn hele gezicht. Mens, wat ging ik hem toch missen, de lieverd.

Uren vlogen om, waarin ik onder andere nog even zelf in de box heb gespeeld en televisie keek, en waarbij het avondeten ook was. We aten aardappels en spinazie, waarbij ik zelf aardappelpuree kreeg, en dat smaakte zoveel lekkerder.
Toen Kumatora de tafel afruimde en mij op de sofa had gezet, keek ik maar gewoon naar de televisie die uit stond, omdat er na zeven uur meestal toch niets meer te kijken was. Ik fantaseerde zelfs wat er nu op tv kon zijn. Ik fantaseerde over mezelf, in een universum van snoep, waarbij ik op een eiland van marshmallows woonde. Ik zuchtte, want uiteindelijk wordt het daar wonen wel saai. Ik dacht bij mezelf na. Zou er ooit een cartoon van zoiets als Pikmin komen? Dat zou me gaaf lijken. Echt absoluut spanking gaaf. Niet alleen voor mij, ook voor andere mensen die televisie keken.
Niet veel later kwam Kumatora uit de keuken terug en ging naast me op de sofa zitten.
“Niets op tv?” vroeg ze.
Ik schudde mijn hoofd en ging bij haar op schoot zitten.
“Vandaag was leuk” zei ik. “Fufu erg lief.”
“Ja” zei Kumatora, “jullie hadden het leuk samen, hè? Ik merkte het. En jij bent ook erg lief voor Fuel, als ik dat zeggen mag.”
“Da's waar” zei ik, “maar jij toch de liefste, mama.” Ik knuffelde Kumatora eens goed. Wat ik zei meende ik ook wel.
Uiteraard resuleerde mijn knuffel erin dat ik een goede knuffel terug kreeg, en daar was ik wel even aan toe. Ik kreeg dat fijne geborgen gevoel ervan, en ik lachte erbij. Ik voelde me bij Kumatora toch echt het meeste op mijn gemak sinds de verhuizing. Ik had ook vrienden leren kennen, maar slechts een klein deel moet ik nog wel beter leren kennen.
Op gegeven moment kreeg ik een lichtelijke steek in mijn onderbuik, waarbij mijn sluitspier zich overgaf en donkere materie uit mijn systeem gooide.
“Oh jee” zei Kumatora hoofdschuddend, “hier moet zometeen iemand echt in bad, merk ik!” Ze nam me op mijn arm, waarbij de materie mijn achterste aanstak met het onaangename, kleverige gevoel.
Ik begon te wenen, want mens, wat haatte ik dat gevoel! Maar er zat wel een voordeel aan: ik was er straks na de verschoning van af.
“Stil maar, meisje” suste Kumatora. “Het was niet bedoeld om jou belachelijk te maken... ik zal er de volgende keer beter bij nadenken, want dat is niet fijn, hè?” Ze zette mij op de ladekast neer en deed eerst mijn kleding in de waszak, waarna ze het bad alvast liet vollopen.
Ik begreep echter niet waarom ik mijn luier nog aanhad, maar dat begreep ik beter toen ik een handdoek onder me kreeg en mijn luier hierna eindelijk uit ging, waarbij mijn streek eens goed werd schoongemaakt, want dat was wel nodig. Ik hield eindelijk op met wenen, en al snel zat ik in bad.
“Fijn, hè?” zei Kumatora, “zo'n lekker warm bad op een koude dag. Als de winter aanbreekt, zal dit vaker gebeuren, wat vind jij daarvan?”
“Fijn, mama” zei ik, wat resuleerde in dat ik een aai over mijn hoofd kreeg... met het washandje! Oh, wat voelde dat toch lekker aan! Mijn haar werd tegenwoordig altijd zo gewassen, en het washandje was dan altijd lekker warm, vandaar dat ik het zo fijn vond. Wel hield ik mijn ogen dicht, want ik wilde nog steeds niets in mijn ogen hebben.
Na een tijdje werd ik uit bad gehaald en volledig afgedroogd, werd mijn haar geborsteld, en kreeg ik hierna een droge luier en mijn slaapkleding aan.
“Wij nog even praten, mama?” vroeg ik. “Mag over alles.”
“Ik zou het wel fijn vinden als we even lekker op de stoel in je kamer zitten, meisje” zei Kumatora, “wat vind je daarvan?”
Ik knikte, want ik vond dat eigenlijk wel beter dan op de sofa. Dus zo gezegd, zo gedaan, en ik voelde me zoveel dichter bij Kumatora nu we op de stoel zaten.
“Wat zou je morgen willen doen, Marcie?” vroeg Kumatora.
“Naar da bouw met nie glas da in de stad” zei ik.
“Het gebouw zonder glas?” vroeg Kumatora. “Het winkelcentrum links, bedoel je?”
“Ja, ik die bedoelen, mama” zei ik. “Wij da nog nie geweest.”
“Dat is waar” zei Kumatora, “maar weet je wat er toevallig is? Dat ik daar voor morgen met Duster heb afgesproken, en dan zien jullie elkaar weer!”
“Ja!” riep ik blij, “ik dada weer zien!” Dat was wel héle leuke toeval.
“Ik weet alleen niet zeker of hij Peri mee zal nemen” zei Kumatora, “want dat is nog niet duidelijk.”
“Ik hopen van wel” zei ik, “Peri een heel lief meisje!”
“Zo is dat” zei Kumatora, die mij op haar arm nam en opstond. “Wil je straks nog even televisiekijken?”
“Ja, mama” zei ik, “dus eerst tanden poetsen?”
“Hoe raad je het!” lachte Kumatora. “Dan mag je ook je speentje hebben, als je wil.”
Ik knikte, en na het tandenpoetsen lagen we allebei op Kumatora's bed, kijkend naar de redelijk oude CRT-tv, waarbij ik mijn speentje in mijn mond had en mijn deken bij me.
We keken televisie tot ongeveer 5 voor 9, toen was ik er wel een beetje klaar mee omdat er niet meer zoveel interessants was.
“Mama” zei ik, “ik slapen.”
“Goed dat je dat zegt” zei Kumatora, “want het is ook al best laat, hè?” Ze nam mij op haar arm mee naar mijn kamer en ging weer in de stoel zitten.
Na het gewoonlijke bedritueel ging de schemerlamp uit, mijn nachtlichtje aan, kreeg ik mijn knuffel bij me en tenslotte een nachtzoen.
“Welterusten, lief meisje” fluisterde Kumatora, die mij nog een aai over mijn wang gaf en zachtjes de deur achter zich dicht deed nadat ze de kamer had verlaten.
Ik voelde mijn buik weer lichtjes rommelen, maar daar bekommerde ik me niet om, en niet veel later lag ik zo diep te slapen dat niets of niemand me weer wakker zou krijgen.
Being on this website fills you with determination. :)

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #9 november 25, 2016, 19:48:38 19:48*
7. Dubbel zoveel lol
Ik werd, zoals de gewoonlijke ochtenden, weer met een vuile luier wakker, en ik snapte nog steeds niet hoe dat kwam, want ik kreeg lang geen middeltjes meer die mijn organen op gang brachten.
Ik bewoog zo min mogelijk, zodat ik niets op mijn achterste zou krijgen, maar dat mislukte vaak, waardoor ik dus altijd zittend in mijn eigen fecaliën eindigde.
“Goeiemorgen, Marcie” zei Kumatora, toen ze mijn kamer binnenkwam. “Heb je lekker geslapen?”
Ik knikte en wierp een snelle blik op de klok, waar ik zag dat het al half 10 was. Zo, wat had ik dan lang geslapen. Ik stond op en stak mijn armen voor me uit, betekenend dat ik mijn bed nu wel uit wilde.
“Zal ik je even verschonen en aankleden?” vroeg Kumatora.
“En me haar” zei ik.
“Ik doe het graag voor je” zei Kumatora liefkozend, die mij van het bed naar de commode tilde en eerst mijn slaapkleding uitdeed en luier verwisselde. Hierna werd mijn haar goed doorgeborsteld en kreeg ik mijn kleding voor vandaag aan.
Ik bekeek het resultaat zelf, en was er eigenlijk wel trots op, omdat ik steeds vaker kleding droeg waar mijn luier redelijk zichtbaar werd. Ik begon er gewend aan te raken en het normaal te vinden, zodat ik me niet hoefde te bekommeren om alle ogen die straks op mij gericht zouden zijn.
“Ik me fles hebben, mama?” vroeg ik. “Da vind ik fijn.”
“Dat merkte ik laatst wel aan je” zei Kumatora, die mij op haar arm nam. “Zou je graag iedere morgen een fles willen hebben?”
Ik knikte, want natuurlijk wilde ik dat! Meer dan graag zelfs!
In de woonkamer zat ik niet in mijn stoel, maar, nadat Kumatora zelf klaar was met eten, op haar schoot. Hiervoor zat ik op de sofa voor me uit te staren omdat ik niets bij me of te doen had.
Het duurde wel redelijk lang voordat mijn fles klaar was, dus ik begon onrustig te brabbelen en te bewegen.
“Ja, Marcie” zei Kumatora, “hij is zometeen klaar. Ik zal er volgende keer eerder aan denken, goed?”
Op dat moment was mijn fles echt klaar en werd deze eerst uit de flesverwarmer gehaald, en kreeg ik hem (de fles) hierna eindelijk.
Ik zoog aan mijn fles als een bezetene, maar dat kwam dan ook doordat ik heel erge honger had gekregen in de loop van tijd.
Na mijn fles gingen we onze tanden poetsen en ons weer voorbereiden op een dagje in het openbaar. Mijn tas was al snel ingepakt, en ik was er ook redelijk snel klaar voor.
“Jij al bijna klaar, mama?” vroeg ik.
“Eerst nog even mijn jas en schoenen” zei Kumatora, “daarna krijg jij de jouwe, en dan pas zijn we klaar, oké?”
Ik knikte en ging alvast in de wagen zitten, waar mijn tas al aan hing.
Kumatora was al snel klaar met haar jas en schoenen en hielp mij algauw in de mijne, waarna we eindelijk er echt op uit gingen.

In het winkelcentrum links was het veel minder druk dan in degene rechts. Ik voelde me dan ook veel zelfverzekerder, en ik durfde zelfs in dit gedeelte van het openbaar te urineren! Al bleek het uiteindelijk maar veel minder te zijn dan normaal, het was wel zo.
Kumatora bekeek allerlei winkels die uitverkoop hadden, en kocht in één wat kleding voor mij, welke ik zelf uitgekozen had omdat ik het er leuk uit vond zien.
Op gegeven moment wilde Kumatora naar de plek waar ze met Duster afgesproken had, toen ik iemand zag aan de overkant van de afgesproken plek.
“Mama, kijk” zei ik, terwijl ik op degene wees. Ze zag er bekend uit.
“Ik denk dat we haar beter niet voorbij kunnen lopen” zei Kumatora, “want dat is natuurlijk ook weer hartstikke zielig, of niet soms?”
Ik knikte, terwijl we naar degene toe gingen. Het was Peridot. Ze stond daar zo eenzaam. Ze weende heel hard en haar wangen waren nat van de tranen.
“Peri?” vroeg ik. “Wa is er dan?”
“Kunnen we je misschien helpen?” vroeg Kumatora.
“Ikke me dunkle kwijt!” weende Peridot. “Hij hier net nog geweest, maar nu nie meer!”
“Rustig maar, Peridot” suste Kumatora, “ik weet wel waar hij is. Echt waar.”
Peridot weende wat zachter, en keek ons vol ongeloof aan.
“Mama weet dat echt” zei ik, “jij met ons mee?”
Peridot knikte, en Kumatora nam haar op haar arm.
“Ikke me lieve dunkle erg missen” zuchtte Peridot, die haar duim in haar mond stak en bezorgd voor zich uit keek.
We gingen met zijn drieën naar waar we eigenlijk heen wilde, welke een klein café is waar je ook lunches kon halen.
We zagen Duster alledrie, maar hij zag ons niet, dus riepen we hem maar.
Dunkle!” riep Peridot, die werd neergezet door Kumatora.
“Duster!” riep Kumatora.
“Dada!” riep ik, en hierna reageerde hij wel.
“Kuma!” riep Duster verrast, “en je hebt Peridot ook nog gevonden! Hoe kan ik je bedanken!” Hij gaf Kumatora een lange zoen en tilde Peridot op, waarna hij haar 360 graden ronddraaide. “Peri, meisje, waar was je nou? Ik maakte me hele erge zorgen om je!”
“Ikke ook, dunkle” zei Peridot. “Ikke jou kwijt geweest!”
“Wij haar aan die kant gevonden, dada” zei ik, terwijl ik wees naar de overkant. “Ik haar eerst gezien.”
“Wat alert van je, Marcie!” zei Duster trots, waarna hij mij een knuffel en een zoen op mijn wang gaf. “Ik ben echt zo blij met mensen als jullie.”
“Wij nu iets eten?” vroegen Peridot en ik tegelijk.
“Dat is een goed idee” zei Kumatora, “ik verrek van de honger!”
Zo gezegd, zo gedaan, en de lunch was wel lekker. Maar niet zo lekker als wat Jasper gisteren voor ons had gehaald.
“Alles goed, Peri?” vroeg ik.
“Ja, en jij?” vroeg Peridot.
“Alles ook goed met mij” zei ik, en we vielen elkaar in de hals.
“Wij samen daarheen?” vroeg Peridot, die naar een hoek wees waar grote gekleurde blokken lagen.
“Eerst aan mama en dada vragen” zei ik, waarna ik aan Kumatora en Duster vroeg:
“Mama, dada, wij daarheen?” Ik wees tegelijkertijd op de hoek.
“Ja hoor” zei Kumatora, die mijn riemen losmaakte, zodat ik uit de wagen naar de hoek kon. Maar natuurlijk niet voor zij en Duster van mij en Peridot een knuffel hadden gekregen.
We hadden heel lang lol met elkaar en ook flink wat met elkaar bijgepraat in het normale Engels, want dat kon aangezien Duster en Kumatora toch al zo druk met elkaar aan het praten waren.
“Marcie, wist je het volgende?” vroeg Peridot. “Over een paar maanden is er een heel speciale gebeurtenis in de hoofdstad, en ik zweer dat deze veel leuker is dan de speech van de president!”
“Ah ja?” vroeg ik vol ongeloof. “En wat mag dat dan wel zijn?”
“Een soort kerst-event of zo” zei Peridot, “en daar ga ik met mijn mams en dunkle heen. Zouden jij en auntie Kumatora er ook heen willen?”
“Maar natuurlijk!” zei ik. “Ik in ieder geval wel. Maar je moet het nog wel aan mama vragen. Of dada heeft het al aan haar gevraagd...” We lachten er allebei bij.
“Vrijwel iedere eilander komt naar die event” zei Peridot, “Lucas, Fuel, hun vaders, Amethyst, Kara, Britta, Eve... werkelijk iedereen uit onze vriendenkring ook!”
“Klinkt leuk” zei ik, “ik heb er al zin in!”
Hierna gingen we maar weer terug naar Duster en Kumatora, omdat we een beetje moe waren geworden van het dollen en bijpraten. Ik ging terug in de wagen zitten en deed mijn speentje in mijn mond, terwijl Peridot het hare uit Duster's tas pakte en op een barkruk ging zitten.
“Meisjes, raad eens?” vroeg Kumatora aan ons. “Over een paar maanden gaan we naar een groot kerst-event in de hoofdstad!”
Natuurlijk wisten Peridot en ik dit al, maar we begonnen alsnog te glunderen.
“En er komen heel veel mensen die we al kennen” ging Kumatora verder. “Marcie, wat vind jij ervan? Leuk of niet?”
“Is héél leuk, mama!” zei ik blij, “ik al zin hebben!”
“Dat is een goed teken” zei Duster, die mij een aai over mijn hoofd gaf. “Dan heb je al een goed gevoel erover!”
Duster en Kumatora praatten nog even door totdat ze afscheid van elkaar namen met een knuffel en weer een lange zoen.
“Dag, Peri” zei ik, “tot later!” Ik gaf Peridot natuurlijk ook een knuffel.
“Tot later, Marcie” zei Peridot, die Duster lief aankeek om opgetild te worden.
“Dag, meisje” zei Duster, die mij eerst een knuffel en een zoen gaf voordat hij Peridot optilde. “Het was leuk je weer eens gezien te hebben.”
“Tot later, dada” zei ik, terwijl ik erbij knikte.
Hierna gingen Kumatora en ik weer verder door het winkelcentrum, en omdat ik al zo moe was, sloot ik maar even mijn ogen zodat ik wat uit kon rusten.
Op gegeven moment opende ik mijn ogen omdat het ineens een heel stuk stiller was geworden, en dat bleek omdat we bij de openbare wc's waren. Als ik wakker was, zou ik misschien eerder geweten hebben dat Kumatora zelf even moest, maar nu realiseerde ik me dat iets later.
Er was verder niemand in de hal, dus ik hoefde me nergens druk om te maken. Mijn luier was wel flink nat, en ik hoopte dat deze snel verwisseld zou worden.
Uiteindelijk kwam Kumatora uit één van de cabines en waste haar handen grondig, en toen ze met mij uit de wc's wilde gaan merkte ze ineens iets op.
“Wa is er, mama?” vroeg ik.
“Ik merk dat je in je broek hebt gedaan, meisje” zei Kumatora, “vandaar dat we hier nog even zijn.”
Ik voelde aan mijn luier, en tot mijn grote verbazing had ik inderdaad gedefeceerd, zonder dat ik het doorhad!
“Da wis ik nou nie, mama!” zei ik, nog steeds met de verbaasde blik op mijn gezicht. “Dus ik een schone luier aan?”
“Reken maar” zei Kumatora, die de riemen losmaakte en mij op een tafel neerlegde, waar ik een goede verschoning onderging. “Als je erg moe bent, merk je dat minder snel, hè?” Ze zette mij weer in de wagen en waste haar handen opnieuw, waarna we eindelijk konden gaan.
Ik was op weg naar huis in slaap gevallen.

Ik werd wakker in Kumatora's armen en hoorde het geluid van de ventilator van haar laptop op de achtergrond. Ik rekte me langzaam maar zeker uit en brabbelde wat voor me uit.
“Ben je alweer wakker, meisje?” vroeg Kumatora. “Zal ik je maar even inbakeren? Je ziet eruit alsof je het erg koud hebt.”
Ik knikte, want ik had het zeker wel koud.
Kumatora zette mij aan haar rechterkant neer, ging even van de sofa af om een deken te halen en niet veel later was ik voor de tweede keer ingebakerd. Lekker warm.
“Mama, ik tv kijken?” vroeg ik.
“Natuurlijk” zei Kumatora, die haar laptop dichtdeed. “Ik was toch al van plan om de tv aan te zetten, want ik ga eten maken.” Ze zette de televisie aan, meteen op de juiste zender, en liep naar de keuken.
Volgens de informatie van de tv was het al tien voor zes. Mijn ogen werden groot. Had ik zo lang geslapen? Maar dat maakte Chowder er niet minder leuk op, want ik had dat al zo lang niet meer gezien, dat ik wel wilde blijven kijken straks.
Ik bediende de volumeknop van de afstandsbediening met mijn neus, omdat ik mijn handen nu even niet kon gebruiken. Ach, lekker relaxen verdiende ik zeker nu wel.
Al snel was het reclameblok er, en op hetzelfde moment was het eten klaar. Ik zette met mijn neus de televisie uit en wachtte tot ik in mijn stoel werd gezet.
Kumatora haalde mij uit de deken, gaf me een tweede paar sokken aan mijn voeten, zette mij in mijn stoel en deed mij een doek voor.
Ik legde mijn speentje aan de rechterkant van het blad en bekeek de inhoud van mijn bord. Pasta met witte saus, mijn lievelings! Ik pakte mijn bestek en was uiteindelijk aan het eten als een bezetene... dat ik nauwelijks merkte dat er van alles op mijn gezicht kwam. Kumatora haalde voorzichtig mijn lepel langs mijn gezicht en gaf de inhoud die er uiteindelijk op zat aan mij. Dat was het laatste beetje, want er lag niets meer op mijn bord.
Voordat ik uit mijn fles wilde drinken, veegde Kumatora mijn mond af met mijn doek, zodat de ring waar de flesspeen mee vast zat niet vies zou worden. Tegelijkertijd met het drinken voelde ik hoe ik bijna volautomatisch aan het urineren was, zo gek als dat gebeurde tijdens het drinken! Het was net alsof het er aan de ene kant in kwam, en aan de andere kant er weer uit ging. Ik leek wel een lekkende gieter of zo.
Na een tijdje zette Kumatora alles van tafel in de keuken om het af te wassen en haalde ze mij uit mijn stoel, waarbij ze mij op de grond neerzette. Hierna liep ze terug naar de keuken om alles af te wassen.
Ik stond op en pakte nog even mijn speentje terug van het blad van mijn stoel. Ik stak deze in mijn mond en ging naar de sofa, waar ik even ging liggen. Ik moest wel lachen toen ik merkte dat de rand van mijn luier onder mijn rokje uitstak, geen gezicht! Nou ja, eigenlijk wel, want ik 'was' 2, en dan hoorde het er nou eenmaal bij.
Na een tijdje was Kumatora eindelijk klaar met afwassen en ging ze bij me zitten.
“Hé, meisje” zei Kumatora, “ik dacht ineens ergens aan.”
“Aan wa dach je dan, mama?” vroeg ik.
“Zou je misschien één van je verre vrienden hier willen laten logeren?” vroeg Kumatora. “Dat zou toch gezellig zijn?”
“Ja” zei ik, “maar ik dan wel grote Marcie zijn, met de computer.”
“We zullen later wel een datum daarvoor prikken, goed?” zei Kumatora. “Misschien is het wel leuk als de winter aanbreekt.”
“Da's zeker leuk” zei ik, “dan ik graag Tony hier laten slapen, hij heel aardig.”
“Ik ben al benieuwd naar hem” lachte Kumatora, die mij op haar arm nam. “Kom, dan zal ik je even in bad stoppen.”
Nu was de volgorde wat logischer: eerst werd de kraan van het bad opengezet zodat deze kon vollopen, hierna werd ik volledig uitgekleed en kreeg ik nog een lotiondoekje over mijn streek heen, en tenslotte zat ik in het bad, welke lekker warm van temperatuur was. De zeep rook ook zo lekker, en ik ontspande hierbij heel erg.
Na een kwartier in bad te hebben gezeten, werd ik weer volledig afgedroogd, werd mijn haar weer compleet geborsteld en kreeg ik na mijn luier iets warmere slaapkleding aan, namelijk eerst wat ik dacht dat een t-shirt was maar een romper bleek, en hierna pas de gehele pyjama met voetjes eraan. Dat was inderdaad een stuk beter, met laagjes.
“Mama, ik eerder me tanden poetsen?” vroeg ik. Dit zodat ik nog voldoende tijd had om even te rusten straks.
“Natuurlijk” zei Kumatora, die voor mij mijn tandenborstel klaarmaakte. Ik waardeerde dat zeer, dus ik gaf haar een zoen op haar wang en schrobte hierna mijn tanden zo goed mogelijk.
Na dit alles lagen Kumatora en ik op haar bed nog even te relaxen, waarbij we het deze keer eigenlijk niet zo rustig aan deden. Ik werd bijna volledig gekieteld en platgeknuffeld en ik kreeg ook nog allemaal zoentjes over me heen. Ik lachte er heel hard bij, dit was zo leuk omdat het niet vaak gebeurde! Ik probeerde zelfs mijn urine op te houden tijdens het lachen, maar dat mislukte. Ach, dan ging ik maar voor één keer met een natte luier naar bed.
Uiteindelijk deed Kumatora het wel rustig aan met mij, want toen lag ik tegen haar aan en werd ik volledig over mijn rug gestreeld. Ik werd er zelf helemaal rustig van, en dat was wel fijn.
Na een tijdje was het al bijna 9 uur, en voelde ik me zelfs slaperig.
“Mama” zei ik, “ik héél moe. Ik slapen.” Ik gaapte erbij.
“Je bent in ieder geval rustig genoeg voor straks” zei Kumatora, die mij op haar arm mee naar mijn kamer nam. Daar ging ze weer met mij in de stoel zitten en werd ik weer in slaap bewogen en gezongen, waarbij het nachtlichtje ook weer aanging en de schemerlamp uit.
“Het was een lange dag voor je, hè?” fluisterde Kumatora. “Slaap lekker, prinsesje van me.” Ze gaf me een aai en een nachtzoen en verliet de kamer.
Het was zeker een lange dag, maar ook een leuke omdat ik Duster en Peridot weer eens heb gezien. Met een gerust hart viel ik in slaap.
Being on this website fills you with determination. :)

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #10 november 26, 2016, 18:33:44 18:33*
Editor's note: Oeps, ik was in het vorige hoofdstuk als editor's note vergeten te zetten dat er een timelapse in deze plaats zal vinden! Geniet er desondanks toch van! ^-^

8. Het wordt kouder
Ik woon nu al anderhalve maand op de Nowhere Islands sinds ik wees ben geworden en ik heb het er absoluut naar mijn zin. Iedere dag ageplay doet me goed, en Kumatora is ook een erg lief iemand die ik als moeder beschouw. Ze vindt het tegenwoordig helemaal niet erg om onder andere mijn luiers te verwisselen, mij te wassen of mij een fles te geven. Ze is bovendien niet zo hard tegen mij, en dat is wel fijn.
Inmiddels komt de winter er echt aan, want alle delen van de Nowhere Islands in totaal lijken nu op Winters en geheel Snowdin (← in de Underground) bij elkaar, zoveel sneeuw ligt er.
Ik heb laatst met Tony en Jeff afgesproken of ze hier mochten komen, en ironisch genoeg was Jeff wel benieuwd naar de ageplay waar Tony en ik aan doen! Sindsdien heb ik dus met Tony afgesproken dat we gewoon daaraan mogen doen als Jeff erbij is. In ieder geval mogen ze wel een heel weekend lang naar mij toe komen.

Ik werd gewekt om half 5 's morgens.
Damn, dacht ik, waarom nou weer zo vroeg? Ik wil uitslapen!
Maar hierna realiseerde ik me dat dit was omdat Jeff en Tony vroeg op het centrale vliegveld aan zouden komen, dus moest ik hier maar mee omgaan.
“Ik ben het ook niet gewend, meis” zei Kumatora, “ik wil nu de hele tijd in mijn ogen wrijven, maar dat kan zeker nu niet...” Ze verschoonde mij en deed mij makkelijke kleding aan, die ook nog eens lekker warm was.
“Ik ze erg gemist, mama” zei ik, “en jij ze voor eerst zien, hè?”
“Ik ben inderdaad wel benieuwd naar ze” zei Kumatora, die mij op de sofa neerlegde en tegelijkertijd met de tijd van het opwarmen van mijn fles ontbeet.
Niet veel later kreeg ik nog snel een fles, poetsten we allebei onze tanden zo goed mogelijk, werd mijn haar nog grondig doorgeborsteld en in twee staartjes gedaan, ging er nog een tas met belangrijke spullen voor mij mee en uiteindelijk zaten we in de trein naar de hoofdstad.
Voor de zekerheid kreeg ik mijn puffer toegediend, zodat ik van de zenuwen geen astmatische aanval zou krijgen.
Zelfs al kwamen we bij het vliegveld aan, ik sliep nog half. Het was maar goed dat ik al die tijd in de wagen zat, anders had ik de kans niet gehad om even uit te rusten.
“Dames en heren” zei een computergestuurde stem die over het hele vliegveld schalde en waarvan ik wakker schrok. “Het volgende vliegtuig vanuit Winters arriveert om 8 over half 6. Ik herhaal: 8 over half 6.”
Ik werd wel heel erg opgewonden toen ik dit hoorde. Jeff en Tony zouden er eindelijk eens aankomen!
Kumatora en ik wachtten heel lang in de hal, en mij zouden Jeff en Tony zeker wel herkennen in mijn felgekleurde kleding en de aangepaste wagen waar ik in zat.
Ik was op gegeven moment zo nerveus dat ik behoorlijk wat urineerde in mijn luier, maar niemand die dit zag omdat ik er dikke kleding overheen aanhad, welke met name mijn gehele jas was.
“Jeff en Tony zo komen, mama?” vroeg ik wel eens. Ieder antwoord hierop varieerde. Ik stopte eindelijk met deze vraag bijna constant te stellen toen ik twee jongemannen in groene kleding zag lopen.
“Jeff!” riep Kumatora. “Tony! Wij zijn hier!”
Ik brabbelde zo luid mogelijk voor me uit en bewoog mijn benen veel.
Jeff en Tony keken om en liepen uiteindelijk naar ons toe.
“Marcie!” riepen ze allebei tegelijk. “We hebben je zo verschrikkelijk gemist! Het is zó lang geleden!” Ik werd nog platter geknuffeld dan normaal door hen allebei.
Ik wilde van alles zeggen, maar in plaats daarvan begon ik te wenen van vreugde, zo blij was ik om ze weer eens te zien.
“Leuk om jullie eens persoonlijk te zien!” zei Kumatora, “weten jullie nog hoe ik heet?”
“Kumatora, toch?” zei Jeff.
Kumatora knikte erbij en praatte nog wat met de twee, maar met name met Jeff, omdat Tony zijn aandacht nu op mij gericht had.
“Hallo, lieve kleine Marcie” zei Tony blij. “Hoe is het met je?”
Ik stak mijn duim op en brabbelde enthousiast.
“Jij zo ook weer klein zijn, Tony” zei ik. “Ik al zin hebben!”
Nadat Jeff en Kumatora na al die tijd eindelijk uitgepraat waren, namen we de trein terug naar huis, waar ik nu van zowel Jeff als Tony evenveel aandacht kreeg. En ook veel knuffels en zoenen, natuurlijk.
Eenmaal thuis aangekomen liet ik Tony gelijk toe in mijn kamer om zich om te kleden. Ik vond het al helemaal leuk toen hij terugkwam als kleine Tony, want het was zo lang geleden dat ik hem ook nog eens zo gezien had! We gaven elkaar een stevige knuffel en namen gelijk plaats op de sofa.
“Weet je” fluisterde Tony in mijn oor, “ik draag nog steeds 24 uur luiers, net als jij, en bij het inchecken en fouilleren was het gelukkig niemand opgevallen, dus ik ben zo blij!” Hij friemelde nerveus aan zijn speen die aan een koord aan zijn hoodie hing.
“Jij zo lief, lieve Tony” zei ik zachtjes maar enthousiast, waarbij ik Tony zowel op zijn neus zoende als zijn speentje gaf.
“Jullie zien er zo leuk uit als jullie er zo bij zijn” zei Jeff liefkozend tegen ons. “Jullie zijn altijd zo lief voor elkaar. Schattig ook.” Hij knuffelde ons allebei tegelijk en besteedde hierna alle aandacht aan mij, waarbij Tony wel jaloers werd.
“Zal ik je dan maar wat aandacht geven, jongen?” vroeg Kumatora aan Tony, en zo gezegd, zo gedaan, waarbij het nu wel eerlijker was.
Ik vertelde in versimpeld Engels aan Jeff en Tony wat ik laatste tijd had gedaan sinds de verhuizing, en allebei vonden ze het wel interessant, vooral Tony, want hij wilde mijn nieuwe vrienden en Lucas ook wel eens in het echt zien, omdat hij er eerder alleen foto's van had gezien.
“Ik geloof dat ik nu even uit moet rusten” zei Jeff, die zich uitrekte en languit ging liggen, “dat vroeg opstaan en vliegen heeft me veel energie gekost!”
“Ik en Tony dan ook slapen, mama?” vroeg ik, omdat Tony er ook erg moe uitzag.
“Dat is een goed idee” zei Kumatora, die ons allebei op haar arm nam en mee naar mijn kamer bracht. “Tony, weet je zeker dat je op de harde vloer wilt slapen straks?” Dit omdat Tony's beddengoed blijkbaar op de vloer lag.
“Ikke nie weten waar ikke ga slapen” zei Tony hoofdschuddend.
“In de box?” stelde ik voor.
Tony en Kumatora knikten, en hierna lag het beddengoed in de box, en hetzelfde gold voor Tony.
Ik daarentegen kreeg eerst een droge luier voordat ik mijn bed in ging. Wij hoefden niet meer in slaap gebracht te worden, want we waren al doodop van het vroege opstaan, en Tony vooral van het vliegen. We kregen allebei ons speentje, een zoen en een aai.
“Slaap lekker, lieffies” fluisterde Kumatora, die hierna de kamer zachtjes verliet.
Tony en ik waren zo moe, dat we niet meer aan bijpraten toe kwamen, en in plaats daarvan vrijwel meteen lagen te slapen.

Tony en ik werden om 5 voor 12 wakker, en Tony was nu veel uitgeruster.
“Lekker geslapen, Tony?” vroeg ik.
Tony knikte, en rekte zich eens goed uit.
“Hoe laat is het?” vroeg hij slaperig.
“Bijna 12 uur” zei ik, “dus je kunt wat langer slapen.”
“Oh ja” lachte Tony zwakjes, “da's waar ook, hier is het één uurtje verschil...”
Niet veel later werd er op de deur geklopt.
“Ja?” vroeg ik.
Ik verwachtte dat Kumatora zou komen, maar het was Jeff, die mij en Tony allebei begroette met een aai over het hoofd.
“Lekker geslapen, Jeff?” vroeg ik.
“Prima” zei Jeff, “en jullie?”
Tony en ik knikten allebei, en werden door Jeff allebei uit het bed geholpen (behalve dat Tony nu eigenlijk niet in een bed sliep). Hierna gingen we alledrie naar de woonkamer, waar we abrupt aan tafel werden gezet.
Tony en ik keken Jeff niet-begrijpend aan.
“Staat niets op tafel” zei ik.
“Wij niets eten dan?” vroeg Tony.
“Jullie zullen zien wat er komt” zei Jeff met een klein beetje enthousiasme in zijn stem. Hij blinddoekte ons allebei, zodat we niet konden zien wat er zometeen gaande zou zijn.
“Dit een verrassing dan?” vroeg ik.
“Nogmaals: jullie zullen zien” zei Jeff, die erbij lachte. “Kumatora, je kunt al komen, hoor!”
Hierna hoorde ik hoe er van alles op de tafel werd gezet aan borden. Ik hoopte natuurlijk wel dat het wat lekkers zou zijn, anders wilde ik het niet.
Toen er uiteindelijk een enge stilte was gevallen, op het geruis van de verwarming na, ging het blinddoek af. Ik kon mijn ogen niet geloven: er stond allemaal lekkers voor lunch op de tafel. Van verbazing viel mijn speentje in mijn schoot.
“Wat vinden jullie ervan?” vroeg Kumatora.
“Ziet goed uit” zei Tony.
“Wa hij zei, mama” zei ik, terwijl ik een snelle blik op Tony richtte.
“Jeff was zo lief geweest om mij even erbij te helpen” zei Kumatora, “en het zachtjes te doen, want het kon nog wel eens fout gaan.”
“Hé, ik ben slechter in de keuken dan jij!” zei Jeff, die Kumatora een speelse por gaf.
“Sorry, Jeff” zei Kumatora, die mij en Tony een doek voor deed en hierna ging zitten. “Ik hoop dat het desondanks toch lekker is.” Ze grinnikte erbij.
De lunch was inderdaad erg lekker geworden, en met name het vers gebakken brood, omdat daar het knapperige nog in zat. Zou Jeff misschien tegen Kumatora gezegd hebben dat ze op hun school vaak warm lunchen? Want het deed me deels denken aan de lunches die ik daar had toen ik er uit logeren was.
Na de lunch gingen Tony en ik even rustig televisiekijken, terwijl Jeff Kumatora in de keuken assisteerde.
Tony en ik bleken allebei bij het eten nog geen fles te hebben gehad, dus daar zaten we dan, op de sofa, kijkend naar cartoons uit de jaren '80 met een fles in de mond geduwd. Ik genoot het meeste van Pac-Man, omdat ik dat altijd keek in mijn vrije tijd toen ik nog in Seattle woonde.
Uiteindelijk kwamen Jeff en Kumatora ook op de sofa, maar zij gingen daarentegen een spelletje kaarten spelen. Zij speelden het net zolang tot Tony en ik de tv beu waren en deze uitschakelden. En dat was best wel lang.
Ik zette mijn fles op de rand van de sofa neer en deed hetzelfde met die van Tony. Ik kroop hierna dicht tegen Tony aan en begon hem te strelen.
“Hoe voel je je nu?” fluisterde Tony in mijn oor.
“Ik wil wat aandacht hebben” fluisterde ik. “Maakt niet uit van wie.”
“Misschien een hele hoop van mij?” gniffelde Tony, die mij meteen over mijn hele gezicht zoende (denk hierbij alsjeblieft niet aan een fragment met zoenen uit Bob's Burgers!).
Ik moest erom lachen omdat het kietelde, maar ik verdiende het wel omdat ik Tony al heel lang niet meer had gezien, dus ik deed maar hetzelfde bij hem terug, waarna we elkaar volledig plat knuffelden.
“Ik heb je gemist” fluisterde ik, “weet je dat?”
Tony knikte, en ik voelde hoe er uiteindelijk iets hards in mijn buik neigde te prikken, waarop ik een tik gaf zodat het niet verder zou gaan.
“Dank je” giechelde Tony, die mij nog één zoen op mijn voorhoofd gaf.
“Jullie hebben elkaar heel erg gemist, hè?” zei Kumatora, die het dollen tussen ons opmerkte.
Tony en ik knikten allebei, en daar was niets van gelogen.
Ik ging uiteindelijk even van de sofa af om tussen Kumatora en Jeff in te komen zitten.
“Zeg, ikke ook da zitten, hoor!” zei Tony, die plaats rechts van mij nam.
Kumatora nam Tony op haar schoot en kietelde hem over zijn hele lijf, totdat zijn wangen dieprood kleurden.
“Gaat het, Tony?” vroeg Jeff.
Tony schudde snel zijn hoofd en fluisterde iets in Kumatora's oor.
“Oh, dat is toch niet zo erg?” zei Kumatora. “En zeker niet als je het lang niet meer hebt gedaan!” Dit zou dus betekenen dat Tony nu een natte luier had. “We zijn zo terug, goed?”
Jeff en ik knikten, terwijl Kumatora Tony op haar arm even mee naar mijn kamer nam om hem te verschonen.
“Hé Marcie” zei Jeff, “ik heb je net zo erg gemist als Tony.” Hij trok mij op zijn schoot. “Vind je het goed als ik je even heel lief ga vinden?”
Ik knikte, en onmiddellijk werd ik opnieuw volledig beplakt met zoentjes en platgeknuffeld. Hierna gaf ik Jeff bewust een natte zoen en knuffelde ik hem ook bijna plat.
“Jij zo lief” fluisterde ik. “Ik blij jou weer te zien.”
“Weet je wat ik vind?” vroeg Jeff. “Ik vind jullie ageplay best wel interessant, hoe jullie bijvoorbeeld zo lief tegen elkaar en zo zijn.”
“Ik toch ook lief tegen jou, Jeff?” vroeg ik, tegelijkertijd waarderend wat hij zojuist zei.
“Natuurlijk, koffieboontje” zei Jeff. “Je bent het liefste meisje dat ik ken, en te denken dat ik niet eens op je ben!” Hij gaf mij opnieuw een knuffel, waarbij ik het aangename warme gevoel van binnen kreeg... en ook onderin. Dat had ik dus niet verwacht, dat ik uit het niets zou urineren. Ik voelde hoe Jeff er lichtelijk van schrok.
“Jij da nie verwacht?” vroeg ik, bijna bezorgd.
“Eigenlijk niet, nee...” zei Jeff. “Ik zou er nog mee leren om moeten gaan.” Hij gaf me mijn speentje en streelde mij over mijn rug.
We hadden allebei niet door dat Kumatora en Tony inmiddels allang weer terug waren, en met name ik niet, omdat ik zo ongelooflijk ontspannen was.
“Wat ben jij toch lief met Marcelien, Jeff” zei Kumatora. “Jij hebt haar zeker ook erg gemist, hè?”
Jeff knikte, en ik sloot mijn ogen even, zo ontspannen was ik, en met name omdat Jeff mij nog over mijn rug bleef strelen, en dat voelde altijd zo lekker.
Ik schrok uit mijn ontspanning van Tony die net iets te hard aan mijn voet trok. Ik begon te wenen van de pijn.
“Tony, nu heb je Marcie pijn gedaan” hoorde ik Kumatora zeggen. “Dat zou je de volgende keer ook anders kunnen doen.” Dit waarschijnlijk omdat Tony niet luisterde naar haar “nee, Tony, niet aan Marcie's voet trekken”, die wel heel vaak werd gezegd, voor mijn gevoel.
“Dat was niet slim van Tony, hè?” zei Jeff liefkozend. “Kumatora heeft groot gelijk dat hij dat anders kon doen.”
“Me voet nu au doen” weende ik.
“Ik vind het ook niet leuk voor je” suste Jeff, “maar ik ben nu wel bij je. Ween maar eens goed uit.”
Ik begroef mijn gezicht in Jeff's borst en weende inderdaad maar eens goed uit, met veel tranen en lange uithalen. Tegelijkertijd voelde ik hoe zijn hand weer over mijn rug streelde. De lieverd.
Op gegeven moment was ik weer eens gekalmeerd en voelde ik hoe er iemand aan mijn shirt trok, en dat was niet Jeff. Ik keek naast me, en het was Tony, die op zijn knieën op de vloer zat en er spijtig uit zag.
“Sorry, Marcie” zei Tony, die mij een knuffel gaf. “Ikke da nie mogen doen, heel lelijk van me.” Hij deed zijn speentje even uit om mij een zoen op mijn speentje en neus te kunnen geven.
“Is al goed, Tony” zei ik, en weer voelde ik mijn urine stromen. “Mama, ik een droge luier hebben?”
“Daar zorg ik wel voor” zei Kumatora, die mij op haar arm nam. “Jeff, wil jij het niet eens proberen?”
Jeff schudde zijn hoofd, en hij keek er ook wat ongemakkelijk bij.
“Zeker weten?” vroeg Kumatora.
Jeff knikte, en nam Tony zolang op zijn schoot.
Kumatora nam mij mee naar mijn kamer en legde mij op de commode.
“Dat was zeker niet lief van Tony, hè?” zei ze, toen ze eerst mijn enkel bekeek. Deze zag er nog normaal uit, en gelukkig niet blauw of zo.
“Hij wel sorry gezegd, hoor” zei ik, “maar doet nog wel beetje au.”
“Dan kunnen we het maar beter rustig aan doen zo” zei Kumatora, die hierna in een handomdraai mijn luier al had verwisseld. Hierna zaten we weer terug op de sofa, en raakten Jeff en Kumatora weer in gesprek, terwijl Tony en ik nu even te moe waren om nog met elkaar in gesprek te zijn.

Om ongeveer half 7 gingen we weer eten, en dit keer was er zelf pizza gemaakt, en dat was fijn omdat ik echt al héél lang geen fastfood meer had gegeten. Nou ja, dit was eigenlijk helemaal geen fastfood, want als het zelf gemaakt is, is het een stuk gezonder.
“Jeff, waar zou jij straks willen slapen voor de nacht?” vroeg Kumatora.
“Op de sofa?” zei Jeff, met een greintje twijfel in zijn stem. “Dat deed ik vanmorgen ook...” Hij wreef nerveus in zijn handen.
Kumatora dacht even na, maar uiteindelijk zei ze goedkeurend:
I'll allow it!
Jeff was hier blij mee. Hij verzamelde alle borden en zette deze in de keuken, zodat ze alvast klaar waren voor de afwas.
“Tony dan in de box blijven slapen, mama?” vroeg ik.
“Op zich laat ik het wel toe” zei Kumatora, “maar wat vindt Tony ervan?”
“Ikke goed slapen in de box, hoor” zei Tony.
“Dan is het goed” zei Kumatora, die onze mond afveegde met ons doek. “Vinden jullie het goed als jullie nog even in de stoel blijven zitten?”
Tony en ik knikten allebei. Ik vond het wel fijn dat ik nog zo'n stoel met een blad had, voor het geval er iemand kwam. Tot nu toe hadden alleen Lucas, Fuel en Tony erop gezeten, ik zelf heb 'm niet getest omdat ik mijn eigen al had.
Ik keek naast me en zag hoe Tony een beetje ongemakkelijk voor zich uit keek, voorover gebogen met zijn hoofd op zijn armen geleund.
“Wat is er, Tony?” vroeg ik.
“Ik, eh...” zei Tony nerveus, “ik... moet 'het' doen, maar...”
“Defeceren?” vroeg ik. “Ik sta het je toe, want weet je nog van bijna een halfjaar geleden? Toen was ik er ook bij! Bovendien vindt mama het helemaal niet erg om van die luiers te verschonen.”
“Ik denk dat je gelijk hebt” zuchtte Tony, “en nu kan ik het echt niet ophouden, dus eh... ja. Dan moet 't maar...” Zijn hoofd kleurde bijna rood omdat hij kracht zette, maar toen hij het eens gedaan had, barstte hij in wenen uit. “Ik maak me zorgen om iedereens reacties...”
“Daar moet je gewoon de pest aan hebben” zei ik, “vooral ik ben er redelijk goed in. Weet je nog dat je deed alsof je schoolgenoten spoken waren toen je je eerste luier in tijden droeg?” Ik streelde Tony over zijn schouders.
“Dat de woorden maar fantomen zijn...” snikte Tony. “Ik zal 't proberen.”
Intussen gooide ik ook maar donkere materie uit mijn systeem, omdat mijn sluitspier nogal aan het 'zeuren' was.
Ik hoorde Kumatora iets tegen Jeff zeggen in de keuken, waarna ze de woonkamer terug in kwam.
“Tony, wat is er aan de hand?” vroeg Kumatora, die Tony zag wenen.
“Hij in zijn broek gedaan” zei ik, “en hij da nie gewend. Wij in bad? Ik ook in me broek gedaan.”
Kumatora knikte en nam ons ieder op één arm mee naar de badkamer.
“Wat hebben jullie liever?” vroeg ze. “Dat jullie om de beurt of allebei tegelijk in bad gaan?” Het bad liep ondertussen vol.
“Wij allebei” zeiden Tony en ik tegelijk, want we waren tenslotte elkaars dinges allang gewend sinds onze week weg bijna een halfjaar geleden.
“Dan doe ik dat” zei Kumatora, die nog even naar mijn kamer liep om onze slaapkleding en luiers voor straks te pakken. Hierna kleedde ze mij en Tony één voor één uit, waarbij onze streek ook een beurt kreeg met een lotiondoekje, en na dat alles zaten we allebei in bad.
“Wij nu weer eens in bad met elkaar, hè?” zei Tony blij, terwijl hij wat schuim op mijn neus tikte.
“Zeg!” lachte ik, en ik deed hetzelfde bij hem terug. “Jij nu een puistje, net als ik.”
Tony lachte erbij en maakte onze neuzen met water schoon, terwijl hij niet doorhad dat zijn haar intussen gewassen werd.
“Wa is da nou?” vroeg hij.
“Mama je haar wassen” zei ik, “dus je ogen sluiten! Jij nie weer zeep in je ogen, of wel soms?”
“Ikke geen zeep in me ogen” zei Tony, die zijn ogen sloot, precies op het moment dat zijn haar uitgespoeld werd.
“Wat was er dan met Tony en zeep in zijn ogen?” vroeg Kumatora.
“Wij eens uit zeren” zei ik, “en iemand Tony's haar wassen, toen zeep in zijn ogen, hij wenen.”
“Uit logeren?” zei Kumatora. “Oh ja, dat had je eens verteld... maar Tony, wat goed van je dat je nu wel je ogen had gesloten!” Ze klonk trots.
“Ikke toch nie zeep in me ogen, Kuma” zei Tony. “Da doet au.”
Nadat we nog even in bad voor onszelf hadden gespeeld, waren we er uiteindelijk wel klaar mee, en werden we afgedroogd, ons haar werd geborsteld, en we werden hierna in onze luier en slaapkleding gehesen.
“Willen jullie nu alvast jullie tanden poetsen?” vroeg Kumatora, “zodat jullie zodadelijk even kunnen ontspannen?”
Tony en ik knikten, en zo gezegd, zo gedaan, waarna we voor de zoveelste keer vandaag op de sofa zaten.
Tony en ik zaten gewoon wat te hangen bij Jeff, terwijl Kumatora achter haar laptop een 'dom' spelletje patience speelde. Zij had tenslotte ook tijd voor zichzelf nodig.
Ik merkte dat Jeff ergens nerveus om was.
“Jeff, waarom jij nerveus?” vroeg ik.
“Er spookt van alles door mijn hoofd” zei Jeff. “Ik maak me vooral erge zorgen om straks als ik ga slapen...” Ik begreep wel wat hij bedoelde.
“Wil je ergens over praten, Jeff?” vroeg Kumatora. Misschien had ze dat beter niet kunnen zeggen, want Jeff begon zachtjes te wenen.
“Gaat het?” vroeg Tony.
Ik voelde me hier redelijk ongemakkelijk bij, dus ik probeerde Jeff rustig te krijgen door hem eens goed te knuffelen.
“Je kunt met mij over alles praten, hoor” zei Kumatora. “Ik vind bijna niets erg.” Ze sloot haar laptop af en ging wat dichter bij ons zitten. “Ben je misschien een lichte slaper?”
“Nee” snikte Jeff, “dat niet, maar... ik moet 's nachts nog... ik... potverdrie, hoe moet ik dat nou zeggen?” Hij werd er alleen maar nerveuzer van.
Ik en Tony besloten maar onze mond erover te houden.
“Heb je misschien...” zei Kumatora, die het volume van haar stem langzamerhand verlaagde, “dat je 's nachts nog een luier aan moet? Omdat je nog in bed urineert of zo?”
“Eh... ja” zei Jeff, “eigenlijk wel, maar...”
“Maar dat is toch helemaal niet zo'n groot drama” zei Kumatora. “Bij mij kun je gewoon 's nachts luiers dragen, Marcie draagt ze tenslotte toch 24 uur per dag. Ik heb er absoluut geen problemen mee dat je nog in bed urineert en daar al iets tegen hebt.”
Tony omhelsde Jeff inmiddels ook, en we merkten hoe rustig hij nu werd.
“Ik zorg er zelf altijd voor dat ik ze 's nachts aan heb” zei Jeff, “dat je het weet. Heel erg bedankt voor je begrip, Kumatora. En Marcie en Tony... bedankt voor jullie zwijgen en liefde.” Hij gaf ons een knuffel terug. “Jullie zien er moe uit. Ik zou zeggen: slaap lekker, en ik zie jullie morgen.”
“Slaap lekker, Jeff” zei ik, terwijl Tony inmiddels net te moe was om dat nog te kunnen zeggen. Wel wisselden we alledrie nachtzoenen uit voordat Tony en ik naar mijn kamer gingen voor het bed. Het was tenslotte toch al 9 uur geweest.
“Zal ik je laten zien hoe wij het bedritueel altijd uitvoeren, Tony?” vroeg Kumatora, die ons beiden op schoot nam op de stoel.
Tony knikte zwakjes, en hij zag er zo moe uit, dat zijn speentje bijna geneigd was om zijn mond uit te vallen.
Hierna werden we beiden in slaap bewogen en gezongen, in ons bed gelegd, de schemerlamp uit en het nachtlichtje aan. Ook kregen we allebei weer een aai, een nachtzoen en ons speentje van Kumatora.
“Welterusten” fluisterde Kumatora, die zachtjes de kamer verliet.
Tony en ik kwamen niet meer toe aan elkaar een goede nacht te wensen, want al snel lagen we echt te slapen.
Being on this website fills you with determination. :)

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #11 november 27, 2016, 19:33:42 19:33*
9. De vriendenkring van mijn vrienden breidt uit
Ik en Tony hadden behoorlijk wat geslapen, en met name Tony omdat hij gisteren al een drukke dag had.
Om ongeveer half 10 ging ik mijn bed uit en stilletjes naar het grote kussen. Toen ik daarop ging zitten, voelde ik hoe er donkere materie aan mijn achterste bleef kleven. Ik probeerde me er niets van aan te trekken, maar dat ging niet zo, dus ik liep zachtjes mijn kamer uit naar Kumatora's kamer, om te zeggen dat ik een schone luier nodig had.
“Hoe laat is het?” was het eerste dat Kumatora zei toen ik op het bed ging zitten.
“Mama” zei ik, “ik een schone luier hebben.”
“Is dat zo?” vroeg Kumatora, die rechtop ging zitten en mij optilde. “Ik merk het wel erg. Goedemorgen trouwens.” Ze gaf me een zoen.
“Morgen, mama” zei ik, terwijl ik mijn hoofd op Kumatora's schouder liet rusten.
Toen we weer op mijn kamer aankwamen, was Tony nog niet wakker. Dat was eigenaardig, want normaal zou dat wel het geval moeten zijn met zo'n semi-herrieschopper als ik. Zelfs toen ik verschoond en aangekleed werd en mijn haar geborsteld lag hij daar nog zo lief, met zijn speentje in zijn mond en zijn knuffel bij zich.
“Ik begin me nu wel zorgen te maken, hoor” zei Kumatora. “Dadelijk heeft hij nog de griep of zo, als hij zo lang slaapt.”
Dat had ze beter niet kunnen zeggen, want Tony werd langzamerhand wakker en ging meteen rechtop zitten, waarbij hij net zo'n zuur gezicht opzette als ik daarnet deed. Het zou best kunnen dat hij 's nachts dan ook gedefeceerd had, zoals ik dat iedere nacht wel heb.
“Hoe lang ikke geslapen...?” mompelde Tony voor zich uit. “Nog zo moe...”
“Goedemorgen, Tony” zei Kumatora, die mij neerzette en Tony op de commode legde, “je had zo lang geslapen dat ik me wel zorgen begon te maken, hoor.” Ze verschoonde hem, kleedde hem aan en borstelde zijn haar ook maar.
“Wa voor zorgen dan?” vroeg Tony, die ook neergezet werd.
“Nou” zei Kumatora, “dat je ziek was of zo. Maar je ziet er gezond uit, dus ik neem maar gauw terug wat ik daarnet had gezegd.”
“Kom, Tony” zei ik, terwijl ik de kamer uitliep. “Wij kijken of Jeff al wakker is?”
Tony volgde mij naar de woonkamer en we keken allebei om het hoekje van de deur, waar we zagen dat Jeff nog lag te slapen.
Ik keek Tony aan, legde mijn vinger op mijn mond en fluisterde in zijn oor:
“Zullen we Jeff een jumpscare geven die niet zo heftig is...?”
Tony giechelde en knikte, en we slopen allebei de woonkamer in, terwijl we Kumatora's “Tony en Marcie, wat willen jullie nou weer uitspoken?” negeerden.
Eens bij de sofa aangekomen ging Tony bij Jeff's voeten zitten en ik bij zijn schouders. Ik telde stil af en na de 3 tellen begonnen we Jeff te kietelen. Hij werd er toen we het steeds meer deden pas echt wakker van.
“Maxwell, laat me nu toch niet zo schrikken!” riep Jeff slaperig, “het is nog vroeg!”
“Nee, Jeff” zei ik, “wij het zijn, Tony en Marcie!”
“Nie Maxwell, hoor” zei Tony.
“Oh, zijn jullie het?” vroeg Jeff, die nu wel zo goed als wakker was en zijn ogen uitwreef. “Stelletje plaaggeesten zijn jullie ook. Ik ben geloof ik nog niet helemaal wakker...” Hij aaide ons over de wangen. “Goedemorgen. Wachten jullie even hier? Ik ga me even aankleden in de badkamer.” Hij zette zijn bril op en nam wat kleding mee voordat hij naar de badkamer ging.
“Dat was niet echt een jumpscare” fluisterde Tony in mijn oor, “maar nog steeds een goede van je.”
“Ik vond het stiekem zielig als hij in één keer zou schrikken, snap je?” zei ik. “Dan zou er misschien iets vreselijks gebeurd zijn, als je begrijpt wat ik bedoel.”
“Precies, ja” zei Tony. “Precies wat Maxwell dan wel eens met een veertje aan Jeff's voeten doet, en dan ook meteen zo hard. Ik begrijp wel wat je bedoelt. Hij had dan eens geürineerd van de schrik. Ja, dat is pas een jumpscare.”
Ik knikte en ging een beetje tegen Tony aan hangen, want hij was toch zo lief op dit moment.
Niet veel later kwam Jeff aangekleed terug, en Kumatora met het eten.
Ik en Tony stonden op en gingen bij onze stoelen staan, wachtend tot we erin getild werden.
Kumatora tilde ons één voor één erin en deed ons ook een doek voor, en hierna gingen we maar eten. Nou ja, ik niet echt, omdat ik alleen een fles had, want dat vond ik fijner.
Na het eten poetsten we om de beurt onze tanden, en ik wou net lekker languit op de sofa liggen toen ik van Kumatora hoorde wat we vandaag gingen doen.
“Ik heb gehoord dat sommige van je meest recente vrienden straks ergens zijn” zei Kumatora, “waarvan ik niet precies weet wat het is, maar we zullen zien, Marcie.”
“Maar da's leuk!” zei ik, “kan Tony hen ook zien!”
“Ikke wel benieuwd naar ze, hè?” zei Tony.
“Waar is da dan?” vroeg ik.
“Ik geloof de evenementenhal” zei Kumatora, “en ik weet dan ook niet wie het slimme brein achter dat evenement is. Maar nogmaals, we zullen wel zien hoe het is.”
Jeff hield mij en Tony in de gaten, terwijl Kumatora nog het één en ander ging voorbereiden voor straks.
“Ik weet zelf ook niet hoe het zal zijn” zei Jeff, “en voor jou zal de kans eerst wel groot zijn dat je in mijn buurt blijft, Tony, maar dat is niet zo erg. Was jij ook verlegen toen je je vrienden voor het eerst zag, Marcie?”
Ik knikte en rolde een slagje naar Tony, die ik niet zo voorzichtig knuffelde, want ik kneep hem haast fijn.
“Nie zo hard, Marcie” zei Tony. “Ik toch nie een knuffel?”
“Jij me vrienden wel lief vinden, hoor” zei ik, “zij nie bijten.”
“Dan zij wel lief zijn” zei Tony.
Niet veel later was Kumatora klaar met alles voorbereiden en had ze haar jas en schoenen zelfs al aan.
Jeff deed het zijne snel aan en hielp ons er ook in.
“We gaan te voet” zei Kumatora, “maar er is maar één wagen voor maar één persoon... wie van jullie zou er op mijn arm willen zitten?” Dit vroeg ze aan mij en Tony.
“Ikke, Kuma” zei Tony, “ikke da nie zo erg vinden.”
“Prima, Tony” zei Kumatora, “dan doen we het zo.” In de hal zette ze mij in de wagen, klikte me vast en nam Tony op haar arm.
Daar gingen we dan met zijn vieren de ijzige kou weer in. We kwamen Jasper ook nog tegen, die toevallig naar hetzelfde evenement als wij gingen. Hij en Kumatora waren de hele heenweg in gesprek, en dat maakte zowel Tony als mij erg onrustig.
“Marcie, kijk eens” zei Jeff, die met de pop aan de wagen voor mijn neus zwaaide alsof het een hypno-pendulum was.
Ik raakte daar meteen geïnteresseerd in en probeerde de pop vast te grijpen, maar dat lukte me bijna niet, zodat het een soort spelletje was. Desondanks duurde de heenweg wel langer sinds Jasper ons had gezien.

We waren om ongeveer kwart voor 11 in de hal aangekomen, en het was er véél minder druk dan dat ik dat verwachtte. Ik zag vrijwel geen bekende gezichten, alleen die van Jeff, Tony, Kumatora en Jasper. Wij waren niet de eersten, maar toch was het niet erg druk.
“Nana en Fufu ook komen, Jasper?” vroeg ik.
“Ze kunnen op elk moment komen, meisje” zei Jasper. “Ze wisten hier niet van totdat ik Nana een berichtje stuurde.”
“'Fufu' heet eigenlijk Fuel” legde Kumatora aan Jeff uit, “maar omdat Marcie nog niet zo goed kan spreken, zegt ze maar Fufu.”
“Klinkt wel schattig” zei Jeff, “en ik ben wel benieuwd of hij aardig is.”
“Fufu heel lief, Jeff” zei ik. “Hij laatst bij me met Nana en Jasper, en wij heel lang met elkaar spelen en praten.”
Toen ik verder wilde praten, schrok ik van iemand die op mijn schouder tikte. Het waren Kara en haar vriend/'vader' Ezekiel, en vooral Kara was blij om mij te zien.
“Marcie!” riep Kara, die mij enthousiast een knuffel gaf. “Alles goed?”
Ik knikte en moest nog even bijkomen van het feit dat ik net weer bijna fijngeknepen was.
Jeff gaf mij voor de zekerheid de puffer, zodat ik in dit geval geen astmatische aanval zou krijgen. Hij ging zitten en nam Tony van Kumatora over, die tenslotte toch nog druk in gesprek was met Jasper.
De tweede bekende die ik nog niet had gezien en in de hal binnenkwam, was Lucas. Hij gaf mij wel eerst een knuffel, maar liet me los toen hij Jeff zag. Ze schenen elkaar blijkbaar al te kennen.
“Hallo, Lucas” zei Jeff, die Lucas een knuffel gaf met alleen zijn rechterarm. Met de ander hield hij Tony vast. “Hoe gaat het?”
“Prima” zei Lucas, “en jij?”
“Precies hetzelfde” lachte Jeff. “Ik herkende je niet meer!”
Lucas lachte hierbij en richtte zijn aandacht weer op mij.
“Wist jij al hiervan?” fluisterde hij in mijn oor.
Ik schudde mijn hoofd en keek naar Kumatora, die niet scheen te kunnen stoppen met praten met Jasper.
“Mama!” riep ik. “Ik eruit!”
“Oh, sorry, meisje” zei Kumatora, die mij gelijk losmaakte. “Doe nu vooral waar je zin in hebt, en kom maar bij me wanneer je wilt, oké?” Ze gaf me nog even een knuffel voordat ik en Lucas naar de andere kant van de hal liepen, Jeff en Tony verbijsterd achterlatend.
“Jeff en Tony logeren een weekendje bij me” zei ik, “en we hadden elkaar verschrikkelijk gemist de afgelopen tijd.”
“Dat snap ik wel” zei Lucas, “na zo'n drukke verhuizing en zo.”
We praatten nog wat over het één en ander toen Peridot ineens bij ons aan tafel kwam zitten.
“Peri!” riepen ik en Lucas tegelijk, waarbij we elkaar haast moesten verdringen om haar een knuffel te kunnen geven, maar we deden het uiteindelijk toch wel om de beurt.
“Met jullie gaat het nu wel erg goed, hè?” lachte Peridot.
Lucas en ik knikten.
“Ik heb Duster nog niet gezien” zei Lucas. “Hij is er wel, hè?”
Peridot knikte en wees naar rechts. Ik stond van mijn stoel op.
“Dada?” riep ik naar rechts toe. Ik zag Duster wel staan, maar hij had nu Jasper's plaats overgenomen van het met eeuwenlang met Kumatora praten.
“Duster?” riep Lucas, en daarop reageerde Duster wel. Hij keek om en er verscheen een lach op zijn gezicht.
“Dada!” riep ik, terwijl ik naar Duster toe rende om hem een knuffel te kunnen geven.
Lucas moest mij met zowaar dezelfde snelheid achtervolgen, maar hij kon Duster op gegeven moment ook begroeten met een knuffel.
“Hallo, Lucas en Marcie!” zei Duster enthousiast. “Alles goed met jullie?”
Lucas knikte alleen maar.
“Met mij ga goed” zei ik, “jij Jeff en Tony al gezien?”
Duster knikte. “Leuk dat ze even bij jou en Kuma in huis zijn, gezellige boel zo, toch?”
Ik knikte, begroette Duster nog eens met een zoen en liep hierna samen met Lucas terug naar de tafel waar Peridot ons redelijk ongeduldig opwachtte.
Na een tijdje waren al mijn vrienden er, dus ook Eve, Amethyst, Britta en Fuel, en zo waren we wel compleet en begonnen we eindelijk met ageplay onder toezicht van de meeste andere mensen die met ons mee waren.

Tony was inderdaad erg verlegen op het eerst, maar na ongeveer een kwartiertje en wat ingesproken moed van Jeff bleef hij veel in mijn buurt.
“Oh” zei Peridot, “hallo, jongen die ikke nie ken.” Ze lachte naar Tony.
“Dit is Tony” zei ik, “hij heel lieve jongen. Tony, me vrienden Peri, Lucas en Fufu.”
“Hallo...” zei Tony verlegen tegen Lucas, Peridot en Fuel.
“Jij lief uitzien” zei Lucas, die dichter bij Tony wilde komen, tegen Tony's wil in, want hij ging weer achter mijn rug zitten.
“Ze zijn echt aardig, hoor” fluisterde ik in Tony's oor, “dat weet ik zeker.”
Tony keek me vragend aan en friemelde nerveus met zijn vingers.
Het was een tijdje stil, op het geroezemoes van de mensen die toezicht hielden na. We keken op gegeven moment allemaal één kant op toen we Eve wel vier keer hoorden niezen.
“Gezondheid!” riep Kara, die tegelijkertijd ergens om moest lachen.
Ik moest tegelijkertijd lachen om het feit dat ik niezen een grappig geluid vond geven.
“Wa is nou zo grappig?” vroeg Fuel.
“Niezen zo'n leuk geluid, Fufu” giechelde ik, “ik da vinden.”
Toen ik dat zei, nieste Peridot ook. Hierna leunde ze naar me toe en fluisterde ze in mijn oor:
“Die was nep...”
“Ja, alleen als hij echt is, is hij grappig” fluisterde ik terug.
Peridot knikte en ging op haar zij liggen, waar ze schijnbaar comfortabeler lag tijdens het blokken stapelen.
Fuel, Tony, Lucas en ik gingen naar de speelplaats waar dingen als een glijbaan en schommels waren neergezet.
“Jij geduwd worden, Tony?” vroeg ik.
Tony knikte en nam plaats in de schommel, waarna ik hem langzaam maar zeker begon te duwen totdat hij het wel genoeg vond. Ik ging hierbij ook zelf in een schommel zitten en zette mezelf maar in beweging.
Het voelde alsof ik bijna vloog, ik vond dat zo fijn, en met name omdat het kind in me nu weer opgewekt was. Ik lachte erbij.
“Marcie!” riep Tony op gegeven moment. “Kijk hoe hoog ikke ben!”
“Net zoals ik!” riep ik terug. We schommelden net niet synchroon, maar wel even hoog. Ik was geneigd om op gegeven moment er van af te springen, maar omdat ik deels in de schommel zat, kon dat natuurlijk niet. Slim van me, eigenlijk.
Na een tijdje waren Tony en ik een beetje klaar met het schommelen en gingen we in de ballenbak hangen, net zoals bij het logeren van maanden geleden.
“Hoe is 't leven?” vroeg ik voor de grap.
Tony stak zijn duim omhoog.
Ik wilde de volgende vraag stellen toen we allebei gejumpscared werden door Britta, van wie we niet wisten dat ze ook in de ballenbak was. Tijdens de jumpscare urineerde ik flink wat in mijn luier.
“Britta jullie laten schrikken?” vroeg Britta.
“Ja, Britta” zei ik, “me luier nu nat door da schrikken.”
“Jij nie de enige, Marcie” lachte Tony.
“Zeg Marcie en...” zei Britta, “wie jij?”
Tony stelde zichzelf aan Britta voor.
“Hij bij mij zeren” zei ik.
“Oké” zei Britta, “maar... wij hen laten schrikken?” Ze wees op Amethyst en iemand anders die wij niet kenden.
Tony en ik knikten, terwijl we tegelijkertijd ons hoofd schuin hielden, hopend dat het wel goed zou gaan.
“Da dan zo gaan?” vroeg ik, terwijl ik in de ballen dook alsof het zich in een zwembad plaatsvond.
“Ja!” riep Britta enthousiast. “Britta jullie eh... meenemen naar hen? Britta en jullie dan wel handen vast.”
Tony en ik knikten weer, terwijl we elkaars handen vasthielden en ik die van Britta. We doken alledrie weg in de ballen en gingen naar Amethyst en die andere.
“Klaar?” vroeg Britta zachtjes. “3, 2, 1...”
Na de '1' doken we snel weer naar boven, waarbij we Amethyst en die andere inderdaad wel lieten schrikken.
“Plaaggeesten!” riep de andere. Ze had blond haar, lichtbruine ogen, een bril en makkelijke kleding.
“Britta bij ons da doen!” zei Tony.
“Ja” zei ik, “en toen wij met haar bij jullie.”
“Ben ik even blij dat ik wel ben geschrokken en Ammie niet” zei degene. “Ik ben trouwens Lea, de oudste zus van Eve. Ik doe zelf niet aan ageplay, maar hou Amethyst goed in de gaten, want je weet nooit wat ze kan doen.”
Amethyst lachte en brabbelde maar wat voor zich uit.
“Jij da héél leuk vinden, Ammie” giechelde ik. “Wij da nog eens doen, Britta en Tony?”
“Oh, maar da's leuk!” zei Tony. “Vinden meisjes als haar leuk.”
We deden het alledrie nog eens, en toen we het voor de derde keer wilden doen, werden we afgeschrokken door Fuel, Lucas en Peridot die ons nu een jumpscare gaven. Daar ging nog een flinke dosis urine mijn luier in!
“Jullie nie wacht, hè?” lachte Lucas.
Ik, Fuel en Peridot konden er ook wel om lachen, alleen Tony niet. Hij weende daarentegen. Was hij dan erger geschrokken dan ik? Of was er misschien iets anders aan de hand?
“Gate goe, Tony?” vroeg Fuel bezorgd.
“Ikke in me broek gedaan...” weende Tony. Misschien dat hij dan toch erger geschrokken was waardoor er wel tegelijkertijd iets anders aan de hand was.
“Kom, Tony” zei ik liefkozend, “ik jou naar mama meenemen, kan zij je een schone luier geven.” Ik liep met Tony aan mijn hand naar Kumatora terug. “Lang verhaal in kort: Tony door schrik een schone luier nodig.”
“Ik zag jullie inderdaad al zoveel lol hebben” zei Kumatora. “Bedankt dat je dit even liet weten. Jeff, wat zou jij vinden van toezicht houden?” Ze nam Tony op haar arm en streelde hem over zijn rug.
“Ik zal 't proberen” zei Jeff. “Ik zit aan het tafeltje vlakbij, oké? Dan zien we elkaar daar weer.”
Kumatora knikte en liep met Tony naar de wc's om hem te verschonen, terwijl Jeff en ik naar het aangewezen tafeltje vlakbij de speelplaats gingen.
“Ik weer bij Peri, Fufu en Lucas, Jeff” zei ik.
“Suc-zeven daar” grapte Jeff, die mij een knuffel en een zoen op mijn kruin gaf.
Ik gaf hem een knuffel terug en hierna zat ik weer in de ballenbak, volop pratend met mijn clique.
“Wa jullie laatst gedaan?” vroeg ik. “Thuis?”
“Nie veel” zei Lucas. “Boney aaien, bij dada zitten en zo.”
“Mama weer bij dada en mij komen!” zei Fuel blij, waarna hij zich naar mij toe boog en begon te fluisteren. “Mijn echte mama komt voor mij en papa helemaal terug uit Italië.”
Ik kreeg een verbaasde uitdrukking op mijn gezicht, maar knikte alsnog.
“Ikke weer bij mama thuis” zei Peridot. “Zij heel dicht bij dunkle wonen.”
“Ik Jeff en Tony bij mij zeren hebben” zei ik, “en zo met Tony naar tv gekeken. Naar Q*bert zo.”
“Oh ja, ikke die kennen!” zei Fuel blij. “Die is leuk.”
En zo raakten we in gesprek over de televisie, en kwam Tony er niet veel later ook bij.
“Wa jullie over hebben?” vroeg Tony.
“Televisie” zei ik, “wij dat toch gekeken?”
Tony knikte, en we hervatten ons gesprek weer. Het was intussen al 1 uur, en toen we dat merkten, moest onze groep even opsplitsen om bij de anderen waar zij bij hoorden te lunchen.
Kumatora en Jeff hadden hun eigen eten, terwijl Tony en ik een droge cracker en een fles kregen.
Opnieuw hoorden we na de lunch hoe Eve er op los nieste.
“Wat heeft zij?” vroeg Kumatora aan zichzelf.
“Ze is vaak verkouden” zei Lea, die toevallig aan de andere tafel zat. “En nu dus ook. Niet fijn, maar ze wilde hier desondanks toch zijn.”
Allevier knikten wij bevestigend.
“Arme Eve” zei ik, “zij vaak koud, nie fijn inderdaad.” Ik wilde opstaan vanuit de wagen maar voelde hoe mijn luier aankwam door donkere materie. “En wa nog meer nie fijn is? Me luier is vies, mama.”
“Dan zal ik je gelijk verschonen, meisje” zei Kumatora, die mij optilde. “Jeff, blijf jij even hier met Tony?”
Jeff knikte en nam Tony in zijn kielzog, terwijl Kumatora met mij naar dezelfde wc's liep en mij daar op een tafel neerlegde.
“Ik zie ook dat hij behoorlijk nat is, lieffie” zei Kumatora.
“Da's omda Britta me eerst liet schrikken” zei ik, “en hierna Peri, Fufu en Lucas. Ik da wel om kunnen lachen, hoor.”
“Dan is 't goed” zei Kumatora liefkozend, terwijl ze mijn luier snel maar zeker verwisselde. Hierna liepen we weer terug naar de tafel, waar ik en Tony gelijk terug gingen naar de speelplaats. Dit keer gingen we met Lucas, Fuel en Peridot nog even op de trampolines, omdat we daar nog niet waren geweest.
“Waarom jullie later?” vroeg Peridot.
“Ik een schone luier nodig gehad, Peri” zei ik. “Da natuur ook belangrijk, toch?”
Peridot knikte en landde op haar achterste, waarbij haar luier onder haar lange jurk redelijk zichtbaar werd. Deze zag er ook als nieuw uit, in tegenstelling tot toen ze nog op de glijbaan speelde voor de lunch.
Na bijna een halfuurtje op de trampolines te hebben doorgebracht gingen we met zijn vijven naar de hoek met het zitkussen dat nog groter was dan degene die op mijn kamer lag, waar we verder kletsten. Dit deden we net zolang tot het ongeveer 2 uur was, waar iedereen langzamerhand richting huis ging, en ik en Tony uiteindelijk ook.

Tony en ik lagen eens thuisgekomen op de sofa te slapen. We werden wakker om half 6. Ik werd later wakker dan Tony, en het eerste wat ik hoorde was de televisie.
“Wa kijken jullie?” vroeg ik slaperig, omdat het er redelijk wazig uitzag bij de televisie.
“Ikke nie weten” zei Tony, “ken ikke nie. Zie wel bekend uit.”
Ik ging rechtop zitten en voelde hoe mijn luier intussen nat en redelijk klam was. Ik wreef mijn ogen uit en zag het nu iets duidelijker. Op de televisie was Futurama, en Jeff scheen het te kijken.
“Als jullie willen” zei Jeff, “mogen jullie best meekijken met mij. Maar niet aan Kumatora vertellen, hè?”
Tony en ik knikten en glunderden, we voelden ons al zo groot, dat we zelfs in onze ageplay nog een programma mochten kijken dat we als adolescent erg leuk vonden.
“Waar is Kuma dan?” vroeg Tony.
“In de keuken eten aan het maken” zei Jeff. “Ik weet niet hoe het gaat worden, maar ik hoop van harte dat het goed gaat worden.”
Tony nam plaats aan de andere zijde van Jeff, zodat ik ook tegen hem aan kon hangen, en we keken alledrie verder naar het programma.
We keken net zolang tot het afgelopen was en Jeff een beetje klaar was met de televisie. Hij zette deze uit en ging alvast aan tafel zitten. Tony en ik gingen alvast bij onze stoel staan, eigenlijk wachtend op Kumatora, maar Jeff was even zo lief om ons erin te zetten.
“Dank je, Jeff” zei Tony, die zijn speentje uit zijn mond haalde en hem een zoen op zijn wang gaf.
Ik zei en deed precies hetzelfde en wachtte ongeduldig op het eten. Het duurde helaas wel lang, want het begon langzamerhand vanuit de keuken naar aangebrand eten te ruiken, wat erin resuleerde dat Tony en ik begonnen te wenen.
“Dat het zo lang duurt omdat er iets verbrand is!” zuchtte Jeff. “Vreselijk. Ik hoop dat de oplossing wel een beetje goed gaat.” Hij begon Tony over zijn rug te strelen.
“Sorry” zei Kumatora, die niet veel later lichtelijk gefrustreerd de woonkamer in kwam, “maar wat ik eigenlijk wilde maken is helaas mislukt...” Haar frustratie nam flink af toen ze mij en Tony zag. “Ach, jongens, sorry dat het zo lang duurde...” Ze pakte een stoel, nam plaats naast mij en streelde mij ook over mijn rug. “Meisje toch... ik snap heus wel dat jullie honger hebben na zo'n lange middag...”
“Mama...?” snikte ik. “Ik een fles hebben?”
“Dan is simpel eten toch wel de enige oplossing” zei Jeff. “Ik zal wel wat voor mezelf in elkaar zetten. Wat wil jij, Kumatora?”
“Ik zou ook graag iets simpels willen” zei Kumatora, “brood of zo. Weet je wat, we nemen dat wel en dan krijgen Tony en Marcie wel een fles, dan hebben we op zijn minst toch nog iets te eten.”
Ik hoorde hoe Tony zuchtte van de opluchting dat we toch wel konden eten.
Niet veel later hadden we het avondeten inderdaad maar simpel gehouden. Jeff en Kumatora hadden zelf hun brood klaargemaakt, terwijl ik en Tony aan onze zoveelste fles zaten. Ook zaten we allang niet meer aan tafel, maar gewoon op de sofa voor ons uit te staren.
Na het eten en de afwas was het al half 8, en Tony lag naast me te wenen.
Ik wilde hem eens goed knuffelen, maar het was maar een snelle knuffel geworden aangezien ik en mijn neus merkten dat hij had gedefeceerd in zijn luier.
Niet veel later had ik precies hetzelfde, en Kumatora merkte dit, dus nadat ik en Tony volledig uitgekleed en vooraf schoongemaakt waren met een lotiondoekje, zaten we weer in bad. Bij mij werd vandaag mijn haar gewassen, dus ik hield mijn ogen weer dicht om het prikken tegen te gaan.
“Ikke nu al héél moe” zei Tony, die erbij gaapte.
“Ja, ik ook” zei ik. “Wij er zo uit?”
“Weten jullie dat heel zeker?” vroeg Kumatora, die klaar was met het uitspoelen van mijn haar.
Tony en ik knikten, en zo gezegd, zo gedaan, waarna ons haar geborsteld werd terwijl we allebei de handdoek om onze schouders, rug en buik heen geslagen hadden, we hierna onze luier en slaapkleding kregen en tenslotte onze tanden ook nog hadden gepoetst.
Tony en ik lagen op de sofa nog wat te relaxen, terwijl Kumatora weer eens een spelletje achter haar laptop aan het spelen was en Jeff weer televisie aan het kijken. Nou ja, Kumatora dacht maar dat Tony en ik aan het relaxen waren, want Jeff had ons weer toegefluisterd dat we mee mochten kijken, en dat vonden we weer leuk. Nu was Rick & Morty op tv, en als 16-jarige vond ik dat ook erg leuk.
Ik moest tijdens het kijken wel eens mijn lachen onderdrukken, maar dat lukte niet vaak, dus deed ik het maar vermomd als giechelen zodat het niet echt opviel. Het viel vooral niet op toen Tony ook giechelde of toen Jeff er harder dan ons doorheen lachte.
Om ongeveer kwart voor 9 was het programma alweer over, en zette Jeff de tv weer uit, om mee te kijken met Kumatora die op haar laptop nog het laatste beetje hartenjagen aan het spelen was.
“Waarom lachten Tony en Marcie soms zo?” vroeg Kumatora. “Keken ze stiekem toch mee naar de televisie?”
“Nee joh!” loog Jeff. “Ze fluisterden vaak grappige dingen tegen elkaar, en lachten vaker als ik om de tv lachte.”
Tony en ik gaven elkaar een geheime high-five en een knipoog. Had Kumatora het toch niet gemerkt! Slim van Jeff.
We hadden nog een kwartiertje op de sofa gehangen totdat Tony en ik echt moe waren, Jeff een goedenacht wensten en nachtzoenen met hem uitwisselden en naar Kumatora toe gingen zodat ze ons naar bed kon brengen.
“Oh, is het al zo laat?” zei Kumatora verbaasd. “Ik had de tijd zelf niet eens meer in de gaten!” Ze sloot de laptop af, nam mij en Tony op haar armen en ging eens in de kamer in de stoel zitten, waar ze ons weer (bijna!) in slaap zong en bewoog. Hierna ging het nachtlichtje weer aan en lagen Tony en ik weer op onze slaapplek, de box en mijn bed.
“Slaap lekker, allebei” fluisterde Kumatora, en ze gaf ons om de beurt een aai, onze speen en een nachtzoen. Hierna verliet ze de kamer zachtjes.
“Marcie?” zei Tony. “Ik wil graag mijn hart even luchten tegen jou.”
“Ga gerust je gang” zei ik, hopend dat het niets ergs was.
“Ik vond het heel leuk om hier een weekend geweest te zijn” zei Tony. “Maar morgen moet ik helaas weer weg...” Hij kon nog net zijn tranen inslikken. “En we weten hoe erg we elkaar wel niet zullen missen.”
“Ik weet het, schat” zei ik, “en ik begrijp je gevoel wel. Ik zal je ook heel erg missen. Maar tot die tijd zijn jij en Jeff nog even bij mij en mama, hè?”
“Da's waar” zei Tony. “Ik zal er maar niet teveel aan denken, oké? Goedenacht.”
“Slaap lekker, Tony” zei ik, en niet veel later lagen we allebei te slapen als blokken.
Being on this website fills you with determination. :)

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #12 november 28, 2016, 19:08:42 19:08*
10. Weer terug naar de stilte (of toch niet?)
Tony werd vanmorgen om half 8 wenend wakker, en ik vroeg me allereerst af waarom, maar niet lang hierna wist ik het wel. Hij had me er zelfs mee aangestoken. Ik was diepbedroefd. Vandaag was helaas de dag dat het moest gebeuren: Tony en Jeff gingen weer terug naar Winters. Ik vond dit een heel gezellig weekend, en het ook verschrikkelijk jammer dat er een einde aan was gekomen.
Niet veel later kwamen Jeff en Kumatora toevallig allebei de kamer in om te kijken of het wel goed ging (nou, mooi niet dus).
“Tony en Marcie, gaat het wel?” vroeg Kumatora, die eerst op haar arm nam.
“Ik weet precies wat er aan de hand is” zei Jeff, “en ik voel diep van binnen precies hetzelfde.” Hij nam Tony over van Kumatora, ging op het kussen zitten en streelde hem over zijn rug.
“Het is ook niet leuk” zei Kumatora, “ik weet nu precies wat jullie alledrie nou voelen.” Ze nam mij op haar arm en ging op de stoel zitten. “Meisje toch, ik snap wel dat het zo moeilijk is...”
“Is helaas wel waar” snikte ik. “Wij zo weer alleen zijn.”
“Maar ik zal je dan wel zoveel mogelijk aandacht proberen te geven, hè?” suste Kumatora, die met mij naar de commode liep en mij verschoonde, aankleedde en mijn haar deed.
Ik mocht zolang bij Jeff op het kussen zitten toen Tony aan de beurt was voor wat ik net kreeg. Alleen kreeg Tony nu zijn 'gewone' kleding aan.
Hierna hadden we allevier maar snel gegeten en tanden gepoetst. Ik en Kumatora hielpen Jeff en Tony nog met het inpakken van hun bagage, welke zich in de woonkamer plaatsvond.
“Ben ik even blij dat we vandaag niet zo vroeg weg hoeven” zei Jeff, “dat zou pas erg zijn geweest.”
“Maar het is wel jammer dat we weer weg moeten” zuchtte Tony, die zijn tranen nog net kon inslikken.
Kumatora gaf mij mijn medicijn met de puffer en streelde mijn rug nog eens goed.
“Weer terug de kou in straks” zei ze tegen zichzelf. “Ik heb er geen zin in.”
“Ik ook niet” zei Jeff, denkend dat Kumatora tegen hem en Tony praatte.
“Ik liever binnen zijn” zei ik.
“Maar het is maar voor heel even, hè?” zei Tony. “Zo moet je het maar zien, meisje.”
Na een tijdje waren alle koffers ingepakt en konden we eindelijk gaan. Nou ja, konden eindelijk... eerder moesten helaas, maar ja.
We namen weer de trein naar het vliegveld, en dit keer was het niet zo druk als vrijdag.
Nou, dacht ik, hier kunnen op elk moment onze wegen scheiden...
“Dames en heren” hoorde ik de bekende computergestuurde stem zeggen. “Het volgende vliegtuig naar Winters vertrekt om kwart over 10. Ik herhaal: kwart over 10.”
Ik keek op de digitale klok op één van de vele schermen, en het was al kwart voor 10. Wat ging die tijd toch snel.
“Hier moeten onze wegen helaas weer scheiden” zei Jeff, wiens ogen halfvol stonden met tranen. “Ik hoop je snel weer te spreken.” Hij gaf me een stevige knuffel en een zoen. “Tot later, meisje.”
“Het was een leuk weekend” zei Tony met een kleine neplach. “Ik hoop ook dat we elkaar snel weer spreken.”
“Goede reis, Jeff en Tony” bracht ik eruit.
“Dank je” zuchtte Tony, “en tot later, koffieboontje.” Terwijl hij mij een knuffel en een zoen gaf, begon hij te wenen. Opnieuw stak hij me ermee aan.
Kumatora zei Jeff en Tony ook nog even gedag en omgekeerd, en nadat we allebei nog een knuffel en een zoen hadden gekregen, gingen Jeff en Tony richting de hal waar zij straks naar het vliegtuig gingen.
“Ik hoop dat de reis ze goed gaat” zei Kumatora met een grafstem tegen zichzelf. “Als we weer thuiskomen, gaan we weer terug naar de stilte...”

Weer thuis was het inderdaad behoorlijk stil geworden, op mijn lange geween na. Ik kreeg alle liefde en aandacht die er nu was, en Kumatora was ook wel stil van de stilte hier thuis geworden.
“Weet je, meisje” zei Kumatora, “als Duster wel eens ver weg ging, brak het ook bijna mijn hart. Maar bij mij was het net erger omdat hij een stuk verder reisde dan Jeff en Tony.”
“Hoe ver dan, mama?” vroeg ik, nasniffend.
“Ik weet het niet” zei Kumatora. “Dat zou best wel meer dan een uurtje naar voren reizen geweest zijn. In ieder geval had hij bij grote verschillen in tijd altijd een jetlag.”
Ik knikte. Ik begreep wat ze bedoelde. Een voormalige klasgenoot van mij had dat ook eens. En misschien Fuel's biologische moeder ook wel, bedacht ik me!
Ik ben op gegeven moment in Kumatora's armen in slaap gevallen en sliep hierbij een uurtje totdat er op de deur geklopt werd. Ik begon hard te wenen.
“Rustig maar, meisje” suste Kumatora. “Er is niets aan de hand.” Met mij op haar arm deed ze de deur open, en daar stond Duster, met Peridot op zijn arm. Ze lag dieper te slapen dan ik net.
Kumatora liet Duster binnenkomen en we gingen weer naar de woonkamer. Ik lag, toen we weer op de sofa zaten, op Kumatora's schoot als een zak aardappelen, zuigend op mijn speentje.
“Marcie, kijk eens wie daar is!” zei Kumatora.
“Dada” mompelde ik droogjes. Ik probeerde te lachen, maar dat lukte niet.
“Er is hier iemand flink moe” zei Duster, “maar nog minder dan Peri!”
“Ze sliep totdat je klopte” zei Kumatora, “en is nog erg teleurgesteld omdat haar vrienden net vertrokken waren.”
Ik brabbelde wat en probeerde naar Duster toe te rollen. Ik rolde van mijn rug naar mijn buik en keek Duster aan.
“Je bent erbij alsof je een zak aardappelen bent, prinsesje” lachte Duster, die mij een zoen op mijn hoofd gaf.
“Peri nog slapen?” vroeg ik, terwijl ik op Peridot wees.
“Ze voelt zich ziekjes” zei Duster, “en slaapt hierbij dus meer. Mijn zus had het weer druk met haar werk, zoals gewoonlijk, dus ik heb altijd weer mijn handen vol aan Peri. Het is niet erg, op zich, maar ja.”
Peridot werd langzamerhand wakker en begon te piepen, maar haar lichtelijke paniek verzachtte toen ze mij zag. Ze gaf me een knuffel en een wrijfje met haar neus op mijn wang.
Dunkle, waarom ikke in huis van Marcie en auntie?” vroeg Peridot.
“Ik had plotseling weer zin om Kuma te bezoeken, meisje” zei Duster, “maar er is echt van alles aan de hand op dit moment.”
Peridot knikte en barstte vervolgens in een fikse hoestbui uit.
Ik keek bezorgd naar Peridot, want ze zag er echt flink ziek uit.
“Mama, Peri ziek zijn” zei ik.
“Er zijn er veel ziek op dit moment, meisje” zei Kumatora. “Weet je nog Eve gisteren? Zij nieste bijna non-stop, en Amethyst is vandaag blijkbaar ook al verkouden geworden voor de oneindige keer. En Peridot heeft het blijkbaar ook.”
“Eve is heel vatbaar” zei Duster, “ze is wel vaker ziek geweest, maar vooral in dit seizoen is het echt drama voor haar.”
“Ik nie ziek willen worden, dada” zei ik. “Ik wel eens van die aanvallen, die zijn al erg genoeg.”
“Ikke ook nie ziek willen zijn” zei Peridot, wiens stem nu redelijk schor klonk. “Maar ben nu wel...” Ze begon opnieuw te hoesten, en barstte hierna uit het niets in wenen uit. Mijn neus en ik kwamen erachter dat dit door een vuile luier kwam die ze niet eerder had opgemerkt.
“Mama” zei ik, “Peri in haar broek gedaan.”
“Schat, zou ik haar mogen verschonen?” vroeg Kumatora aan Duster. “Dan mag jij zolang op Marcie letten.”
Duster knikte en overhandigde Peridot aan Kumatora.
“Jij me kastje mogen gebruiken, mama” zei ik.
“Dank je voor je sympathie, Marcie” zei Kumatora, die naar mijn kamer liep om Peridot te verschonen.
Ik rolde nog maar een slagje, zodat ik nu bij Duster op schoot lag.
“Ik hoop ook niet dat je ziek wordt, meisje” zei Duster liefkozend. “Daar ben je veel te gezond voor.”
“Ik nie gezond” zei ik, “ik een zak aardappelen. Jij da zeggen, dada.”
Duster begon te lachen en kneep speels in mijn wang.
“Je bent me er ook wel eentje” lachte hij, en hij kietelde me even onder mijn kin. Ik lachte er niet echt bij, want ik had daar zoveel vetlagen, dat het op sommige foto's wel leek alsof ik twee kinnen had.
Niet veel later waren Kumatora en Peridot alweer terug. Peridot was iets gekalmeerd, maar zag nog steeds wat bleek.
Ik ging rechtop zitten om plaats te maken voor Peridot. Zij werd inderdaad gelijk op Duster's schoot neergezet, waarbij Kumatora mij weer op schoot nam.
Dunkle” mompelde Peridot, “ikke naar huis terug, wil slapen.” Ze was nog steeds erg moe, en deed haar best om haar speentje in haar mond te houden.
“Misschien is dat ook beter voor je” zei Duster. “Nou, zoals Peri al zei, gaan we weer op huis af. Ik zie jullie later, hè?” Hij gaf mij eerst een zoen op mijn voorhoofd en hierna Kumatora een op haar mond.
“Dag, dada” zei ik, terwijl ik hem een zoen op zijn handpalm gaf.
“Tot later, schat” zei Kumatora. Ze leidde Duster naar de voordeur, welke hij zelf achter zich dichtdeed. Hierna liep ze naar de keuken en zette ze mij op het aanrecht neer. “Heb je al wat honger, meisje?”
Ik knikte, en ik kreeg meteen een hele geschilde sinaasappel.
“Nee, mama” zei ik. “Ik die nie eten zonder doek.”
“Oeps, vergeten” zei Kumatora. “Ik had je ook zoveel flessen gegeven laatst, dat je vast een junk daarvoor bent geworden, hè?” Ze lachte erbij en deed me gelijk een doek voor.
In de tijd dat ik de sinaasappel at, werd mijn fles gemaakt, en wat nog toevalliger was, was toen ik mijn hele sinaasappel al opgegeten had, dat ik meteen daarna mijn fles kreeg.
Na mijn fles voelde ik mezelf opnieuw moe worden, en ook hoe een flinke dosis urine mijn luier in liep.
“Er is hier iemand heel slaperig” zei Kumatora liefkozend, terwijl ze mij op haar arm mee naar mijn kamer lag. Ze verwisselde eerst mijn natte luier en legde me hierna in mijn bed. “Ga jij even lekker slapen, dan hebben we misschien allebei wel rust na al die onrust, hè?”
Ik knikte moeizaam en deed echt mijn best om mijn speentje in te houden.
“Slaap lekker, meis” fluisterde Kumatora, die mij een aai en een zoen gaf en de kamer verliet.
Ik voelde me zo moe, dat ik echt bijna direct in slaap viel.

Toen ik wakker werd merkte ik dat ik me ook wel ziekjes begon te voelen. Ik hoopte van harte dat het wel echt zou heersen, en dat het niet door iemand anders zou komen.
Ik wist niet of ik nou weer 'het' moest worden of niet, maar ik besloot maar niet met mijn handen in mijn luier te gaan zitten om aan mijn dinges te voelen omdat de luier ten eerste al beladen was, en ten tweede zou ik als het werd opgemerkt een preek van hier tot Koppai krijgen.
Ik draaide me maar eens om en voelde hoe de donkere materie zich deels aan mijn achterste vestigde.
Niet veel later kwam Kumatora mijn kamer binnen, en ze keek bezorgd naar me.
“Heb je wel geslapen, Marcie?” vroeg ze. “Je ziet zo bleek.”
“Ik me ziek voelen, mama” zei ik. Nu merkte ik ook dat ik een beetje moeite met ademhalen had gekregen. Raar, want ik voelde me vanmorgen nog redelijk prima.
“Meisje toch” zei Kumatora, die mij het bed uit tilde, de commode op legde en mijn luier uitdeed. “Je bent 'het' niet, maar de inhoud van je luier ziet er ook niet normaal uit.” Ze maakte mijn achterste schoon, poederde deze in en deed me een schone luier aan. “Wat voel je nog meer?”
“Ik nie goed kunnen ademen, mama” zei ik, waarbij ik in een fikse, piepende hoestbui uitbarstte. Bij ziekte verergerde mijn astma altijd.
Kumatora gaf me de puffer weer, en diep in mijn hart hoopte ik dat het medicijn nu nog meer zou helpen, want ik wilde me niet nog zieker voelen.
“Weet je wat je nodig hebt, meisje?” zei Kumatora, die mij op haar arm mee naar de woonkamer nam, waar we op de sofa gingen zitten. “Wat meer gezondheid. Dat vinden we allebei toch fijn?” Ze deed me een doek voor, pakte een fles van de rand van de sofa en gaf deze aan mij.
Halverwege de fles verslikte ik me bijna en begon ik uit paniek te wenen.
“Ik weet dat dit niet fijn kan zijn, zoetje” zei Kumatora, “ik maak me ook zorgen om je.”
“Ik pijn in me buik” weende ik hard.
“Dat is heel vervelend voor je” suste Kumatora. “Stil maar...” Ze probeerde de flesspeen terug in mijn mond te stoppen, waarbij ik er zachtjes aan begon te zuigen, want ik had flinke pijn in mijn buik en ik kon in zo'n geval meestal niet goed eten.
Na een lange tijd (voor mij dan) was mijn fles eindelijk leeg, en voelde ik me een beetje slap. Kumatora merkte dit, gaf me mijn speentje en legde me tegen zich aan.
“Ik wou eigenlijk ook zeggen dat je misschien wat afleiding nodig had” zei Kumatora, “maar misschien is het daar nu wel te vroeg voor. Ik heb er bovendien zelf ook niet echt zin in.” Ze streelde me over mijn rug.
“Mama...” mompelde ik, en ik sloot mijn ogen even.
Op gegeven moment voelde ik hoe we van de sofa af gingen en hoe Kumatora de hal in liep en de deur opendeed.
“Kan ik misschien...?” hoorde ik de stem van Jasper vragen.
“Nee, Jasper” zei Kumatora. “Nu even niet. Er is hier iemand flink ziek aan het worden, en dat terwijl ze net even haar verdriet heeft gehad omdat haar vrienden weer terug naar Winters zijn vertrokken.”
Ik voelde me zo beroerd dat ik zelfs een beetje begon te kwijlen, en dan was het maar goed dat Kumatora het doek om mijn hals had gelaten.
“Kuma, ik...” wilde Jasper zeggen.
“Nee is nee” onderbrak Kumatora hem. “Ze heeft haar rust nodig, en er heerst al veel te veel.”
“Een verkoudheid is toch niet zó erg?” zei Jasper.
Ik begon klaaglijk te wenen. Ik was Giygas*-verdomme niet verkouden! Ik voelde me gewoon niet lekker op dit moment!
“Gast, ze is nog zieker dan de meisjes Eve, Peridot en Amethyst bij elkaar” snibte Kumatora. “Zout toch een eind op naar je huis.”
“Nou, goed dan...” zuchtte Jasper, die de deur achter zich dichtdeed.
“Sorry dat het zo moest, lieverd” zuchtte Kumatora, “maar ik ben momenteel niet aanspreekbaar behalve door jou, begrijp je?”
Ik knikte lichtjes, en mijn wenen verzachtte iets.
We gingen maar terug op de sofa zitten. Kumatora pakte haar laptop erbij en ik staarde nietsziend voor me uit.
“Mama?” zei ik op gegeven moment, waarna ik maar iets brabbelde.
“Maar natuurlijk” zei Kumatora, “je hebt het toch nodig?”
Ik sloot mijn ogen. Ik kon me niet voorstellen dat Kumatora ineens mijn gebrabbel begreep. Dat kon normaal toch helemaal niemand verstaan?
Ik brabbelde iets zwakker en dramatischer, omdat ik me nog minder lekker begon te voelen.
“Je ziet ineens minder bleek” zei Kumatora, “alsof je bijgekleurd bent.” Ze voelde aan mijn voorhoofd. “Hoe kan dat nu...? In één keer heb je koorts opgelopen, en net voelde je nog aan alsof je in de koelkast had geslapen.”
Ik rekte me langzaam uit en urineerde tegelijkertijd, maar mijn speentje viel ook uit mijn mond, maar niet op de vloer omdat hij aan het koord zat.
Kumatora maakte eerst mijn kin, randen van mijn mond en binnenstuk van het speentje droog met het doek om mijn hals en gaf mij hierna mijn speentje terug. Ze drukte me voorzichtig tegen zich aan en gaf me een zoen op mijn voorhoofd.
Ik sloot mijn ogen weer en probeerde even uit te rusten, wat erin resuleerde dat ik uiteindelijk opnieuw sliep.

Ik voelde me helaas weer niet bepaald beter toen ik wakker werd. Ik had een loopneus en verhoging gekregen, dus afleiding zou vast niet meer helpen.
“Ik vind het echt niet leuk dat je je zo voelt” zei Kumatora bezorgd. “Ik hoop zelf natuurlijk ook niet dat ik ziek word, maar het is zeker niet leuk als je het straks langer blijkt te zijn. Ik hoop maar niet dat dat dan weer het geval is.” Ze haalde een nat washandje over mijn neus en bovenlip, zodat deze tenminste niet meer zo vuil waren.
“Ik morgen rusten, mama” zei ik. “Ik nu heel moe.”
“Dat is een goed idee” zei Kumatora. “Ik merk ook dat afleiding bij jou niet meer zal helpen, maar een fles misschien wel, hè?” Ze nam mij op haar arm mee naar de keuken en zette me weer op het aanrecht neer, waar ze me eerst een nieuw doek voor deed voordat ik mijn fles kreeg, want degene die ik hiervoor had was inmiddels al redelijk doordrenkt.
Ik lag hierna weer op Kumatora's schoot, want we zaten terug op de sofa, en ik zoog langzaam aan de flesspeen, terwijl ik me intussen kapot zweette door mijn hoge koorts.
Het was intussen kwart over 6, maar de klok leek constant te bewegen door het hallucineren door de koorts. Toen ik een keer knipperde, was het ineens over. Raar.
Bij de laatste keer slikken tijdens mijn fles voelde ik hoe mijn luier langzamerhand dikker werd. Ook dat nog, buikloop. Waarschijnlijk had ik voor het eerst in tijden weer de griep** opgelopen.
Ik begon zwakjes maar klaaglijk te wenen, en tegelijkertijd was ik bang dat de inhoud van mijn luier dadelijk nog op mijn rug zou komen kleven!
“Het is je dag nu echt niet, hè?” zuchtte Kumatora, die mij op haar arm nam om mij uit te kleden en in bad te stoppen.
Ik was maar 5 minuten in bad geweest aangezien ik met mijn koorts even niet tegen de temperatuur van het water kon. Kumatora had mijn temperatuur opgemeten en ik had zo'n 39 graden koorts, niet te geloven!
“Zou je straks misschien al willen slapen, meisje?” vroeg Kumatora, terwijl ze mij van een droge luier had voorzien.
Ik knikte, en liet haar mij maar mijn slaapkleding aantrekken en haar borstelen. Voordat ik werd geholpen met tandenpoetsen, kreeg ik eerst een paar druppeltjes van wat waarschijnlijk een medicijn was onder mijn tong gedruppeld. Het smaakte verschrikkelijk bitter, en ik zette een vies gezicht erbij op.
“Ik weet dat je dit niet fijn vindt, schatje” zei Kumatora, “maar je wordt er sneller beter van, dat zweer ik tot op de fossielen van mijn ouders in het land van geen idee.” Ze poetste mijn tanden voorzichtig maar goed, gaf me mijn speentje en nam me op haar arm mee naar de kamer, waar we weer op de stoel plaatsnamen.
“Ik nie bewogen worden, mama” zei ik. “Ik daar nie goed van voelen.”
“Meisje toch” zei Kumatora bezorgd. “Je bent ook helemaal gevloerd, hè? Misschien is het dan ook helemaal niet nodig.”
“Ik nie op de vloer willen slapen, mama” zei ik. “Is koud en doet au.” Ik kon het niet weerstaan om dit even voor de grap te zeggen.
“Nee, slimme loopneus” zei Kumatora, “gevloerd zijn wil zeggen dat je heel erg moe bent, en misschien heb je dat zelf ook wel door, hè?” Ze legde mij mijn bed in en stopte me in. “Ik ben zo terug.” Ze liep mijn kamer uit en niet veel later kwam ze terug met een nat washandje, welke ze op mijn voorhoofd legde. Hierna gaf ze me een aai en een nachtzoen. “Slaap lekker, Marcie, en word snel weer beter.” Ze verliet de kamer en sloot tenslotte de deur zachtjes.
Ik was inderdaad erg gevloerd, en dan te denken dat het nu pas kwart over 7 was. Desondanks lag ik niet veel later te slapen.

*God heeft er niets mee te maken, vandaar dat ik het zo doe!
**In het echt ben ik sinds 17 februari 2012 (de dag van mijn laatste griep) al heel lang niet meer ziek geweest!
Being on this website fills you with determination. :)

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #13 november 29, 2016, 18:43:45 18:43*
11. Het halve dorp is nu ziek?!
Ik werd 's nachts om 4 uur wakker omdat mijn luier weer eens flink beladen was, en tot overmaat van ramp vast ook nog eens overgelopen. Mens, wat was buikloop hebben toch pure amalgaam.
Ik begon hard te wenen, want dadelijk was mijn kleding ook nog vuil geworden en moesten er twee keer zoveel wassen gedraaid worden!
Kumatora kwam zo snel als ze kon naar mij toe en hoefde niet meer te vragen wat er scheelde, want zij en haar neus merkten het al.
“Als dat spul haar ziekte maar niet heeft verergerd...” zei Kumatora tegen zichzelf. Ze klonk geïrriteerd. Ze tilde mij de commode op en deed eerst mijn kleren uit, die inderdaad de was in moesten omdat mijn luier tot mijn vermoeden helaas ook over was gelopen.
Ik voelde me nu bijna een heel jonge baby in plaats van 2, want hoe jonger iemand is, des te groter de kans op een overgelopen luier. Ik kreeg door het feit dat mijn luier overgelopen was door mijn hevige buikloop zelfs een nachtelijke sessie in bad, en dat was ook wel nodig, want ik voelde me echt vuil. Overgeven hoefde ik gelukkig niet, maar er werd wel voorzichtig met mij gedaan zodat ik geen trekjes kreeg van misselijk zijn.
“Ik geloof dat het halve dorp nu wel ziek is geworden” zei Kumatora, “en wie weet waardoor het ooit zou komen.” Ze deed me een schone luier aan en nam mijn temperatuur op. 38,7 graden. Die koorts was echt niet gezakt, leek het wel.
Ik werd voorzien van andere slaapkleding, want hetgene wat vuil was geworden lag nu samen met mijn beddengoed oneindig keer te draaien in de wasmachine. Ook werd mijn haar geborsteld en in vlechten gedaan, zodat het borstelen over een paar uur wat makkelijker zou gaan.
“Jij nog weten over Ammie, Peri en Eve, mama?” vroeg ik, want zij wist altijd via mensen die mijn vrienden kennen hoe het met ze ging.
“Amethyst is alleen verkouden gebleven” zei Kumatora, “Peri heeft hetzelfde als jij en Eve is met haar hele gezin helaas getroffen door de griep. Verder heb ik van Ezekiel gehoord dat Kara nu fikse keelpijn heeft, en van Lapis Lazuli dat Fuel ook de griep heeft.” Lapis Lazuli? Heette Fuel's moeder echt zo? Maar wat zielig voor Fuel, dat hij nu ook ziek was.
“Ik nu bij jou slapen, mama?” vroeg ik. “Ik nie kunnen slapen in me lege bed.”
“Ik wilde sowieso al dat je bij mij kwam liggen” zei Kumatora, “want dan kan ik je altijd helpen bij wat er op elk moment ook aan de hand mag zijn.” Ze gaf mij mijn speentje en knuffel en legde mij aan de lege zijde van haar bed neer. Ook was ze even zo sympathiek geweest om mijn nachtlichtje even naar haar kamer te halen, want anders deed ik echt geen oog dicht straks.
Het was intussen al half 5, en ik lag uitgeblust op Kumatora's bed alsof ik één van de dekens was. En dan ook bijna letterlijk uitgeblust, want ik kwam net uit bad en had weer een nat washandje op mijn voorhoofd gekregen.
“Slaap lekker, lieve loopneus van me” fluisterde Kumatora, terwijl ze mij een zoen op mijn wang gaf. “Stay determined.
Wat kon Kumatora mij toch grappige en lieve bijnamen geven, en zelfs als ik ziek was. Gerustgesteld viel ik in slaap. (Good night, sleep tight and don't let the bed bugs bite.)

Ik werd weer wakker om ongeveer half 11. Ik was hier heel erg verbaasd over, want hoe lang geleden was het dat ik tot zo laat had geslapen? Ik keek naast me en zag dat ik nu in mijn eentje in bed lag. Ik begon te wenen want ik had nu honger gekregen en wilde als ik ziek was helemaal niet alleen zijn.
“Och, sorry, meisje” zei Kumatora, die meteen de kamer binnenkwam. “Ik was je serieus bijna vergeten, omdat je nog lag te slapen.” Ze nam mij op haar arm, ging op het bed zitten en streelde me over mijn rug. “Hoe voel je je nu?” Ze stopte mijn speentje terug in mijn mond.
“Ik nog ziek voelen, mama” snikte ik. “Me buik doet au en ik heel koud hebben.” Nee, serieus, ik had het echt koud, en dat zou vast door mijn koorts kunnen komen.
“Heb je misschien iets nodig?” vroeg Kumatora. “Iets als een schone luier of een fles?”
“Ik honger, mama” zei ik, betekenend dat ik een fles wilde.
“Zal ik je dan maar eerst aankleden?” vroeg Kumatora, die mij in de andere kamer op de commode neerlegde.
Ik knikte en werd gelijk voorzichtig in makkelijke kleding gehesen. De beste keuze voor een ziek dagje, vond ik. Mijn haar werd toch maar niet los gedaan, en ik vond het helemaal prima.
Nadat ik helemaal aangekleed was, kreeg ik een doek om mijn hals, maar voor mijn fles weer een beetje van dat bittere spul. Gelukkig kon ik de smaak wegspoelen toen ik mijn fles kreeg. Ondanks dat Kumatora mij deze gaf, hield ik de fles ook vast, om te kijken of ik misschien weer deels zelf zou kunnen drinken.
Hierna gaf ik aan dat ik zelf weer mijn tanden zou willen proberen te poetsen, en dit ging bijna perfect. Bijna omdat er toch nog een beetje speeksel op het doek terecht kwam.
“Weet je, Marcie” zei Kumatora, “omdat je je vandaag niet lekker voelt, hoef je niet zoveel te doen. Gezien het maandag is wil niemand dit eigenlijk, dus ik geef je je zin. Wat zou je willen doen?”
“Ik tv kijken, mama” zei ik, terwijl ik mijn deken bij me nam en de televisie zelf aanzette. Yes, dacht ik bij mezelf toen ik zag dat hij meteen al op de goede zender stond, Gravity Falls is er.
Kumatora liet me het maar kijken en pakte haar laptop erbij, waarbij ze haar hoofdtelefoon aansloot en opzette zodat ik het programma kon verstaan en geen last had van wie haar straks op Skype zou bellen.
Op gegeven moment was Kumatora druk in gesprek met Duster, en vlogen voor mijn ogen de cartoons voorbij. Uiteindelijk keek ik naar Chowder toen Kumatora opeens door Jasper werd gebeld.
“Waarom, Jasper?” vroeg Kumatora.
Oh mijn Giygas, dacht ik bij mezelf, ging het weer over gisteren? Ik hoopte van harte dat hij maar zou accepteren dat Kumatora het niet wilde.
Hoe bozer Kumatora klonk tegenover Jasper, hoe vaker ik de televisie wat harder zette, en daar werd niets over gezegd.
Op gegeven moment was er niets meer op televisie en zette ik deze uit. Op hetzelfde moment nam Kumatora mij op schoot om met mij te kunnen praten.
“Meisje, ik moet je iets raars vertellen” zei Kumatora.
Ik keek haar zo aan van: vertel 't maar, ik sta het toe.
“Jasper wil dat ik hem met iets help” zei Kumatora, “en hij wil dat veel te snel, wat overigens erg veeleisend van hem is, maar... gezien jij ziek bent, kan ik je natuurlijk niet alleen thuis laten, snap je?”
“Waar ik dan zijn zo, mama?” vroeg ik, op de grens van wenen.
“Vind je het goed als je zolang ik Jasper help even bij Fuel bent?” vroeg Kumatora. “Hij is tenslotte ook ziek, dus dat zou goed uit kunnen komen.”
Ik knikte. Natuurlijk wilde ik Fuel zien! Het zou misschien zelfs letterlijk een ziekenbezoek kunnen worden aangezien we allebei ziek waren.
“Dan zal ik even wat spullen voor je pakken voor daar” zei Kumatora, die mij even op de sofa achterliet om een tas voor straks in te pakken.
Ik dacht er nog even over na om de televisie weer aan te zetten, maar deed het toch niet, ik verveelde me tenslotte toch al te veel.
Na een tijdje kwam Kumatora terug met een tas waar alle benodigdheden voor straks in zaten. Ik kreeg hierna van haar alleen mijn jas aan en we gingen te voet (behalve dat ik dan op Kumatora's arm zat) naar het huis van Fuel en zijn ouders.
Daar zijn we dan, dacht ik bij mezelf, hoe zal het straks gaan?
Kumatora klopte op de deur en meteen hoorde ik iemand hard wenen. Dat zou Fuel wel moeten zijn, want die was de enige die zich niet lekker voelde.
Ik hoorde niet lang hierna hoe er in het huis gepraat werd.
“Lighter, schat, zou jij 'm open willen doen?” klonk de ene stem. Dat zou waarschijnlijk Lapis Lazuli, de moeder van Fuel, moeten zijn. Maar wie heeft er in Giygas' naam bedacht om zijn zoon (Fuel's vader dus) nou Lighter te noemen?
“Ik ben bezig!” riep Lighter, “doe jij 'm maar open!”
Lazybones” zuchtte Lapis Lazuli, die de deur opendeed. Ze stond daar met Fuel op haar arm, die nu iets was gekalmeerd.
“Hallo, Lapis” zei Kumatora. “Zou jij misschien een tijdje op Marcie willen letten? Want ik moet Jasper bij iets helpen en Marcie is ziek, dus ik kan haar nu niet alleen laten.”
“Met alle liefde” zei Lapis Lazuli, die mij op haar andere arm nam.
Kumatora gaf me nog een zoen op mijn voorhoofd en zei tegen me:
“Veel succes, en ik zal zo snel mogelijk terug zijn.”
Lapis Lazuli legde mij en Fuel op de sofa neer en ging tussen ons in zitten.
“Marcie, ik ben dus de mama van Fuel” zei ze, “en ik heet eigenlijk Lapis Lazuli, maar je mag me gerust gewoon Lapis noemen, als het je toch een hele mond vol lijkt. Als je iets nodig hebt, mag je dat gewoon tegen me zeggen, oké?”
Ik knikte, want ik was tegenover mensen die ik niet goed kende erg verlegen. Tegelijkertijd had ik het erg koud gekregen, dus ik kreeg een deken over me heen.
Lapis liep weer terug naar de keuken om haar man te helpen, terwijl ik en Fuel elkaar eerst even aankeken voordat we echt in gesprek raakten.
“Ik héél ziek geworden” zei ik. “Ik 's nachts zelfs in bad geweest.”
“Waarom?” vroeg Fuel.
“Ik in me broek gedaan” zei ik, “maar me kleren daarbij vuil geworden, ik dus ook. Ik koorts en au hebben.”
“Vervelend” zei Fuel, “maar ik heb griep, en 's nachts zelfs twee keer overgegeven. Erg, hè?”
Ik knikte en ging maar een beetje opgerold liggen.
“Jij 's nachts dan ook in bad geweest?” vroeg ik.
“Volgens mij wel” zei Fuel. “Ik ben ziek zijn als kind niet echt gewend. Ik kon mijn bed niet uit, dus nu ligt mijn beddengoed allemaal in de was omdat ik erop had overgegeven. Bovendien had ik net als jij erge buikloop, en met die combinatie moet je zeker wel in bad 's nachts.”
“Bij ziek is zo simpeler praten fijner” zei ik. Mijn onderbuik rommelde intussen wat.
“Da's waar, ja” zei Fuel. “Veel fijner.” Hij ging net als ik opgerold liggen onder de gedeelde deken.
En zo lagen we allebei nog wat uit te zieken, terwijl Lapis zo nu en dan binnenkwam met van alles.
“Mama, ikke me fles hebben?” vroeg Fuel op gegeven moment. “Ikke honger en droge keel hebben.” Hij probeerde zijn hoesten in te houden, maar dat mislukte, en hij gaf voor de derde keer over. Gelukkig had Lapis een plastic teiltje meegenomen waar hij het in kon doen, dus dat scheelde alweer heel wat wasgoed.
Ik vond het alleen maar niet fijn voor Fuel dat hij de griep had, laat staan dat hij wel eens moest overgeven. Diep van binnen hoopte ik van harte dat ik dat niet zou krijgen.
“Marcie, zou jij ook je fles al willen?” vroeg Lapis aan mij.
Ik knikte, want ik had intussen inderdaad erge honger gekregen.
Lapis ging weer terug naar de keuken om onze flessen op te warmen en niet veel later kregen Fuel en ik ze ook. We dronken allebei langzaam eruit, en ik kreeg zelfs weer last van mijn astmatische verschijnselen, waarbij ik een klein deel van mijn drinken er weer uit kwijlde, maar dat gaf niet zo, want ik had nog een doek om mijn hals.
Fuel viel zelfs in slaap toen er nog één vijfde van het drinken in zijn fles over was. Wel een grappig gezicht, omdat hij met de fles nog in zijn mond lag te slapen.
Ik dronk mijn fles gewoon leeg en probeerde de nu verergerde kramp in mijn onderbuik te negeren. Ik durfde niet te roepen omdat ik anders Fuel wakker zou maken, en toevallig kwam Lapis op dat moment weer bij ons aan.
“Ik nie goed kunnen ademen, Lapis” zei ik, redelijk benauwd. “Ik me puffer nodig.”
“Ik zal 'm voor je halen” zei Lapis, die mij niet veel later mijn medicijn via de puffer gaf. “Ziek zijn met astma is niet fijn, toch?”
Ik schudde mijn hoofd. Ik kreeg zelfs een nieuw doek om mijn hals omdat Lapis, voordat ze weer terug naar de keuken ging, had gezien dat de andere redelijk doordrenkt was.
“Ik proberen te slapen” zei ik, en ik sloot mijn ogen nog even, maar na ongeveer een halve minuut loosde ik weer ongecontroleerd donkere materie in mijn luier, waarna ik zwakjes begon te wenen.
Met mijn wenen maakte ik Fuel blijkbaar weer wakker, waarbij hij gewoon doorging met zijn fles. Deze was niet veel later ook leeg, en Fuel keek bezorgd naar me.
“Wa is er dan?” vroeg hij.
“Ik proberen te slapen” snikte ik, “maar nie veel later ik een vuile luier.”
“Mama het druk hebben” zei Fuel, “want eh...” Hij wreef met zijn wijs- en middelvinger over zijn kin, keek omhoog en dacht even na. “Ikke nie weten wat zij daar aan uitspoken is.”
“Ik wel een schone luier van haar nodig” zuchtte ik.
“Mama aan uitspoken bij dada” zei Fuel, “zij altijd druk, en eh... ikke nie mogen weten wa da nou is.” Ik vermoedde dat hij ook een kramp in zijn buik probeerde te negeren, want hij klonk zo nerveus.
“Jij ook in je luier moeten doen, Fufu?” flapte ik zomaar ineens eruit.
“Oh, stik” siste Fuel, “nu is 't niet meer te verbergen. Als je me nu even wil excuseren...” Hij keek een beetje afwezig voor zich uit en niet veel later was ook hij wel aan een verschoning toe. Hierna begon hij hard te wenen, waarbij de tranen als microscopisch kleine watervallen uit zijn ogen stroomden.
Bij mij nam het wenen ook weer toe, en was het ook weer net zo hard als bij hem geworden. Ik hoopte nu toch echt dat Lapis snel zou komen om ons een verschoning te geven.
Uit de keuken hoorde ik hoe er gepraat werd en niet veel later was Lapis er weer.
“Kinderen, vertel eens” zei Lapis, “wat is er nu zo dringend?”
Daar konden Fuel en ik geen antwoord op geven, zo verdrietig waren we erom.
“Misschien is het beter als jullie het kunnen vertellen als jullie rustiger zijn” zuchtte Lapis, die ons het speentje gaf, maar ons probleem niet lang hierna eindelijk opmerkte. “Niet moeilijk waarom jullie zo onrustig waren. Jullie hebben gewoon een schone luier nodig. Dan neem ik alles wat ik heb gezegd maar terug. Het spijt me echt.” Ze haalde alle benodigdheden voor de verschoningen en begon bij mij. Bij mij was het een stuk erger, dus het duurde wat langer voordat Fuel's luier verwisseld werd.
“Lapis zo onrustig nu” zei ik, want dat merkte ik.
“Ik ben het leven hier thuis even niet meer gewend” zei Lapis, die me tegen zich aan nam, “en zeker niet als je zoon weer een baby blijkt te willen zijn en abrupt na het vertellen ervan ziek wordt, vandaar dus. Maar aan de andere kant vind ik het wel weer fijn dat hij een baby is, omdat ik hem al sinds hij drie maanden was niet meer heb gezien en ook geen mensen van zijn echte leeftijd gewend ben.”
Fuel weende weer, omdat ik opeens het doelwit van Lapis' aandacht was.
“Sorry, Fuel” zei Lapis, die hem ook tegen zich aan nam.
“Ikke mama erg gemist” weende Fuel, en hij begroef zijn gezicht onder Lapis' linkerborst, waar hij eens goed uitweende.
“Het is al goed, mijn kind” zei Lapis liefkozend tegen Fuel. “Ik heb jou ook erg gemist. Ween maar eens goed uit.” Ze streelde hem over zijn rechterarm en -schouder.
Ik had het even geobserveerd van wat er net gebeurde, en dacht ineens weer aan mijn eigen thuis en Kumatora. Ik werd er ook erg verdrietig van.
Fuel was intussen alweer goed rustig en lag, ontspannen zuigend op zijn speentje, tegen Lapis aan te slapen.
“Wat is er, meisje?” vroeg Lapis zachtjes.
“Ik mis me mama...” snikte ik.
“Ik weet zeker dat ze snel weer zal komen” suste Lapis. “Stil maar. Tot die tijd ben ik nog bij je, hè?” Ze nam mij op haar schoot en streelde me over mijn rug. Fuel werd niet wakker van het feit dat Lapis' hand van zijn schouder afging.
Ik nestelde me met mijn hoofd net onder haar rechterborst, waar ik intensief op mijn speentje begon te zuigen, en dacht terug aan toen ik en Tony tijdens het logeren bij iemand aan een borst lagen*. Dat gaf me rust, en ik lag niet veel later ook te slapen.

Na een uurtje geslapen te hebben werd ik wakker in Kumatora's armen.
“Mama...” mompelde ik zwakjes, en ging dichter tegen haar aan liggen.
“Ik zei toch dat ik snel terug zou komen?” zei Kumatora. “Nou, ik ben er weer. Je hebt me erg gemist, hè?”
Ik knikte en zuchtte.
Kumatora en Lapis praatten nog wat met elkaar, terwijl ik en Fuel daar gewoon ziek lagen te zijn.
Na een tijdje gingen Fuel en ik heel eventjes rechtop zitten om elkaar een knuffel te geven en een zoen op elkaars mond door ons speentje, zodat geen van ons nog zieker zou worden.
“Dag, Kuma en Marcie” zei Lapis, toen Kumatora en ik naar huis terug gingen. “Ik zie jullie later.”
Fuel en ik zwaaiden nog even naar elkaar, en hierna waren Kumatora en ik alweer thuis.
“Was het fijn om Fuel weer even gezien te hebben, meisje?” vroeg Kumatora, toen we weer op de sofa zaten.
“Ja, mama” mompelde ik, “maar hij wel moeten spugen waar ik bij was. Nie fijn, hè?”
“Dat is het zeker niet” zei Kumatora. “Ik ben dan zeker blij dat jij de griep niet hebt.” Ze nam me tegen zich aan en knuffelde mij een beetje. Dat had ik zeker nu wel nodig.
Ik werd van het knuffelen erg ontspannen, en had steeds de neiging om in slaap te vallen. Mijn blaas ontspande zich intussen zelfs, waardoor het gevoel nog aangenamer werd.
Op gegeven moment viel ik wel in slaap, want ik kon toen echt even niet meer wakker blijven.

Om ongeveer half 7 werd ik weer wakker en voorzien van een droge luier.
“Mama, wa jij nou bij Jasper gedaan?” vroeg ik, toen we weer op de sofa zaten.
“Ik had hem geholpen met iets voor zijn werk” zei Kumatora, “omdat als hij altijd een nieuw contract krijgt, snapt hij er natuurlijk helemaal niets van, wat eigenlijk behoorlijk eigenaardig is, dus ben ik altijd het doelwit van hem helpen zodat hij uiteindelijk kan ondertekenen.”
“Da's veel” zei ik, terwijl ik door kreeg dat mijn koorts nog meer gezakt was dan laatst. “Mama, ik me nu beter voelen, nie meer zo veel koorts.”
“Fijn om te horen, meisje” zei Kumatora blij. “Zou je nu je fles willen?”
Ik knikte, en zo gezegd, zo gedaan, waarbij Kumatora zelf natuurlijk ook even snel eten voor zichzelf maakte.
Toen we allebei uitgegeten waren, wilde Kumatora mij iets vragen, maar op hetzelfde moment rommelde mijn buik weer flink.
“Ik na het bad da graag willen horen, mama” zei ik.
“Hoezo dat?” vroeg Kumatora licht verbaasd.
“Ik in me luier moeten doen” zei ik, en niet lang hierna gooide ik de donkere materie uit mijn systeem.
Kumatora lachte er een beetje bij en nam me gelijk op haar arm, waarbij in de badkamer het bad alvast volliep en ik volledig uitgekleed werd. Ook ging mijn haar weer los, zodat het gewassen kon worden.
In bad liet ik me gewoon weer fijn wassen, en in het badschuim zat zelfs lavendel, en dat was erg ontspannend voor mij.
Na het bad werd ik weer voorzien van een schone luier en mijn slaapkleding en werd mijn haar ook nog eens goed doorgeborsteld. Bovendien mocht ik mijn tanden ook alvast poetsen.
“Jij straks da dan vertellen, mama?” vroeg ik, toen alles klaar was.
“Je zult het denk ik heel leuk vinden” grinnikte Kumatora, “dat weet ik wel zeker.” Ze nam mij op haar arm en we gingen weer op de sofa zitten, waar de laptop erbij werd gepakt.
“Wa gaan wij nou doen op de laptop, mama?” vroeg ik.
“Ik heb een paar spelletjes die we allebei misschien leuk zullen vinden” zei Kumatora, “en ik zou ze met je uit willen proberen aangezien je met ziek zijn wel wat afleiding nodig hebt, nietwaar?”
Ik zoog iets luidruchtig op mijn speentje door interesse, want ik was natuurlijk wel heel benieuwd welke spelletjes het zouden zijn.
Kumatora klikte op meerdere mappen en kwam uiteindelijk wel bij de spelletjes uit.
“Ik nu een paar kiezen, mama?” vroeg ik. “Die zien leuk uit.” Ik zag een paar iconen van lego-spellen staan die ik wel kende.
“Welke van al deze spelletjes zou jij leuk vinden?” vroeg Kumatora. “De Lego Island-trilogie is misschien nog wat spannend voor je, maar er staan natuurlijk ook een paar ontspannende spelletjes tussen, zoals Creator of Chess.”
Ik bekeek de iconen eens goed, en had uiteindelijk mijn interesse gevonden.
“Wij die spelen?” vroeg ik, terwijl ik op het icoon van Stunt Rally wees.
“Lijkt jou die leuk, snoepje?” vroeg Kumatora, ter bevestiging.
Ik knikte, en het icoon werd aangeklikt, waarbij het spel zich opstartte.
“Het spel is eigenlijk wel best simpel” zei Kumatora, toen ze als eerste de instellingen aanklikte en ze naar wens instelde. “Breedste beeld, drie sterren... en de besturing met de pijltjes op het toetsenbord. Zal ik je eerst even laten zien hoe het gaat?”
Ik knikte, en na de eerste keer van het laten zien hoe het moest wilde ik graag de tweede keer spelen. We speelden de kampioenschappen, en we leerden per keer allerlei nieuwe karakters kennen, en ik vond het best wel interessant. Na ongeveer 8 rondes te hebben gedaan, besloten we het spel voor nu even te concluderen en de laptop af te sluiten, zodat we even konden ontspannen.
“Wat vond je ervan?” vroeg Kumatora. “Voor herhaling vatbaar?”
Ik knikte enthousiast, want ik vond het echt leuk, zo even simpele spelletjes spelen op de laptop.
“Natuurlijk kan ik je later ook nog meer laten zien” zei Kumatora. “Ken je Pac-Man en Q*bert nog van televisie? Zij hebben ook hun eigen spel, lijkt je dat wat?”
“Klinkt leuk, mama!” riep ik blij. “Da zou ik eens willen doen!”
Hierna praatten we nog even over onze dag, hoe alles ging en zo. Bij mij was het wel prima gegaan, toch nog een vriend kunnen zien terwijl we allebei ziek waren.
Na even bijgepraat te hebben vond ik het voor vandaag wel welletjes, dus Kumatora besloot me maar naar bed te brengen.
“Zou jij het nu fijn vinden als je wel in slaap bewogen werd, zoetje?” vroeg Kumatora, die alvast in de stoel ging zitten.
Ik knikte, want net zo gevoelig als gisteravond was ik nu ook weer niet. Hierna werd ik dus, zoals gewoonlijk, eindelijk weer eens in slaap bewogen en gezongen, en ik voelde me hierna nog steeds prima... én natuurlijk ook slaperig.
Ik werd in mijn bed gelegd, ingestopt, de schemerlamp uit en mijn nachtlichtje aan, en kreeg zelf nog een aai en een zoen op mijn wang.
“Slaap lekker, meisje” fluisterde Kumatora. “Ik hoop dat je morgen echt beter bent.” Ze gaf me nog maar een nachtzoen en verliet hierna de kamer.
Ik legde mijn handen nog even op elkaar voor een klein gebed dat ik morgen inderdaad weer beter zou worden, draaide me op mijn buik, nam mijn knuffel dicht tegen me aan en viel tenslotte gerustgesteld in slaap.

*zie 'Niet doorvertellen...!'.
Being on this website fills you with determination. :)

Offline (Verborgen)

  • mijn bijnaam is botanist. :)
  • Jongeren
  • Forum Held
  • *****
  • Berichten: 265
  • Geslacht: Vrouw
  • Be yourself, nothing's wrong.
  • Contact behoefte: geen contact aub
  • Geboortejaar: 2000
  • Ik ben: TB & DL
  • Locatie: Gooise Meren
Van veel verdriet naar een verhuizing en veel vrienden
Reactie #14 november 30, 2016, 19:26:53 19:26*
12. Deze dag had beter gekund
Ik was vreemd genoeg rond half 6 wakker en ik voelde me prima. Mijn luier was wel beladen, maar niet overgelopen, dus dat was een goed teken.
Ik probeerde, omdat het nog zo vroeg was, nog even door te slapen, maar dat ging erg moeilijk, want als ik eens wakker ben geworden, dan kom ik moeilijk terug in slaap.
Ik voelde aan mijn voorhoofd en had gelukkig ook geen koorts meer. Zoals ik mezelf al had beloofd, probeerde ik nog door te slapen, maar schrok van dat er iemand op de deur klopte.
Op dit uur, dacht ik, en waarom wel niet?
Ik hoorde hoe Kumatora in de andere kamer haar bed uit kwam en naar de deur toe ging. Voor de deur hoorde ik hoe ze met iemand in gesprek raakte. Ik was behoorlijk benieuwd naar wie dat was.
“Mama!” riep ik een paar keer, en bij de vijfde kwam ze eindelijk.
“Was je al wakker?” vroeg Kumatora verbaasd. “Het is wel vreemd dat Duster nu op dit uur voor de deur staat, hè?” Ze haalde mij uit bed, legde mij op de commode, verschoonde mij snel en ging met mij op haar arm weer terug naar de deur. Duster stond inderdaad voor de deur, in zijn eentje deze keer. Hij en Kumatora raakten weer in gesprek, terwijl ik daar maar slaperig bij lag.
“Dada” mompelde ik, “waarom jij nu al bij ons? Nog vroeg, hoor.”
“Ik deed 's nachts geen oog dicht” zuchtte Duster, “omdat mijn zus mij zoals gewoonlijk weer bruut lastig kwam vallen omdat ze weer eens vroeg moest werken en dan weer geen tijd voor Peri heeft. Dus ben ik maar hierheen gekomen.”
“Waar Peri dan?” vroeg ik.
“Maak je maar geen zorgen om haar” zei Duster, “die ligt achterin nog te slapen, ga ik vanuit.”
“Weet je dat wel zeker?” vroeg Kumatora, met een bezorgde toon in haar stem. Ze ging naar de auto die recht voor ons huis geparkeerd stond, en achterin lag Peridot inderdaad nog te slapen. Met haar lengte had ze de hele achterbank ingenomen, en ze bewoog alleen bij haar ademhaling.
Ik keek Kumatora en Duster allebei aan en legde een vinger voor mijn lippen, omdat ze nog steeds op hetzelfde volume aan het praten waren.
“Sorry, meisje” fluisterde Kumatora, “en de rest van de buren natuurlijk ook...”
“En Peridot” gniffelde Duster, die Kumatora een lange zoen op de mond gaf.
Niet veel later gingen we weer naar binnen, want het was nog koud buiten ook. Duster was zo lief voor ons om ontbijt voor ons te maken en mij zelfs mijn fles te geven.
Ondanks dat het nog erg vroeg was, waren Kumatora en Duster volop met elkaar in gesprek, en ik vond dat uiteindelijk erg vervelen om naar te luisteren, dus poetste ik zelf mijn tanden en dook zelf de kast in om mijn kleding uit te kiezen. Alleen kon ik momenteel mezelf niet aankleden, dus om vreemde blikken van hier tot Koppai te voorkomen, liep ik met de kleding in mijn handen naar de woonkamer en ging op de sofa zitten, wachtend tot ik aangekleed werd.
Het duurde wel zeven minuten voordat Kumatora zichzelf eens ging aankleden en haar tanden ging poetsen, en hierbij vroeg ze aan Duster of hij mij kon helpen met het aankleden.
“Marcie” zei Kumatora, die even bij me kwam zitten. “Ik ben mezelf even aankleden en zo, dus vind jij het erg dat Duster je zo even ermee komt helpen?”
“Ik wel al me tanden gepoetst, mama” zei ik. “Jullie zó lang praten...”
“Da's heel goed van je, schat” zei Kumatora. “Ik heb hem ook even gevraagd of hij je haar kan doen, natuurlijk wel hopend dat hij het net zo goed doet als bij Peridot... maar ja, jullie haarstijlen zijn dan wel verschillend, dus niets is natuurlijk helemaal perfect.”
Ik knikte, gaf Kumatora nog een knuffel en een zoen, zo van 'ik zie je snel', en liet Duster me gewoon aankleden en mijn haar borstelen.
“Ik me kleren zelf gekozen, dada” zei ik. “Jullie veel gepraat hebben.”
“Weet je hoe dat komt?” zei Duster. “Omdat we als we bij elkaar zijn natuurlijk elkaar zo lief vinden dat we als we elkaar zien, wij in één keer allerlei praatjes hebben, maar natuurlijk wel net iets minder dan jij in je eentje.” Hij nam de voorste delen van mijn haar, deed deze naar achteren en deed ze vast.
“Peri dan nu wakker zijn?” vroeg ik, want nu was ik daar eigenlijk wel benieuwd naar.
“Dat is een goede vraag” zei Duster, die mij op zijn arm nam. “Omdat we 's nachts toch al allebei wakker waren, hadden we ons sowieso al voorbereid voor vandaag, en Peri had maar weinig geslapen, dus...” Hij opende de voordeur en liep naar de auto, waar Peridot nog steeds lag te slapen. “Zou jij de deur zachtjes willen openen?”
Ik knikte en deed de deur van de auto zachtjes open, en ik zag hoe Peridot meteen rillingen van de kou van buiten kreeg.
“Nee” mompelde Peridot vanuit haar slaap, “daar is niets van waar...” Nog een rilling, en ze schrok klaarwakker. “Dunkle! Het is zo koud hier!”
“Peri!” riep ik, en ik stak mijn armen uit.
“Marcie!” zei Peridot enthousiast. Ze ging voorzichtig rechtop zitten en omhelsde me. “Gate goe met je?”
“Ja” zei ik, “en jij?”
“Gisteren zó ziek geweest” zuchtte Peridot overdreven, “ikke héél veel koorts gehad, veel in me broek gedaan, en veel snot. Nie fijn.” Ze schudde haar hoofd zo dat haar vlechten halve slagen rond haar hoofd draaiden.
“Ik gisteren ook ziek” zei ik, “en precies zelfde gehad als jij!”
“Ik heb het gehoord, ja” zei Duster, “maar het is wel fijn dat jullie allebei weer beter zijn, hè?” Hij nam Peridot op zijn andere arm, deed met zijn knie de deur dicht en sloot de auto tenslotte af. Hierna gingen we terug naar binnen en zaten we alledrie op de sofa, waar Kumatora ons al opwachtte.
“Is het niet een beetje koud buiten om zonder jas te zijn?” vroeg Kumatora, met dezelfde bezorgde klank. “Peri en Marcie zijn net ziek geweest.”
“Fufu ook” zei ik.
“Ja, veel mensen” zei Peridot. “Mama eerst ook ziek, en daarna ikke.”
Kumatora nam mij op schoot en deed gelijk een deken om mijn schouders, alsof het een cape was. Hierna wreef ze met haar handen over mijn schouders, zodat ik het inderdaad wat warmer kreeg, ondanks dat ik al warme kleding aan had.
Van al dat wrijven werd ik helemaal rustig, alsof het een massage was, en niet veel later lag ik in Kumatora's schoot te slapen.

Om ongeveer 12 uur werd ik wakker van Peridot die mij wel heel ruw wakker maakte. Ze had mijn schouders vast en schudde mij zo'n beetje door elkaar, alsof ik een rammelaar was.
“Peridot, laat dat” zei Kumatora, waarbij Peridot gelijk stopte.
“Da was heel lelijk van je, Peri” zei ik, lichtelijk geïrriteerd, waarna ik mijn gezicht in Kumatora's borst begroef en eens goed uitweende.
“Ze bedoelde het niet lelijk, hoor” zei Kumatora, “maar denken is natuurlijk ook essentieel als je erover nadenkt, nietwaar?” Ze streelde mij over mijn rug, en ik voelde de spanning in mijn spieren behoorlijk minder worden.
Ik dacht bij mezelf: ik vind het zo fijn dat ik mijn woede uit kan buiten door eens flink te wenen, want het helpt gewoon mijn hele leven lang al. Mijn woede was nu ook flink verzacht, dus het wenen ging over van luidruchtig naar stil.
“Gaat het weer een beetje, meis?” vroeg Duster, die mij over mijn schouder streelde.
“Beetje” mompelde ik, terwijl ik mijn hoofd 90 graden naar links draaide, maar nog steeds gekluisterd bleef aan Kumatora.
“Sorry, Marcie” zei Peridot, die eindelijk spijt van net had op dat moment. “Ikke da nie mogen doen. Ikke even denken net, en was inderdaad erg lelijk van me.” Ze gaf me een knuffel en een klapzoen op mijn voorhoofd. Meteen voelde ik me al veel rustiger. “Jij nu nie meer boos op me?”
Ik schudde mijn hoofd en draaide de rest van mij nu 90 graden naar links. Ik moest nu nog even bijkomen, maar ik wilde er in ieder geval wel een beetje bij zijn. Bijna ontspannen zuigend op mijn speentje keek ik een beetje voor me uit, terwijl ik me vooral concentreerde op de deken die nog steeds om mijn schouders geslagen was.
Kumatora en Duster praatten nog wat met elkaar, en Peridot werd er alleen maar onrustig van. Om zichzelf af te leiden pakte ze haar fles van de koffietafel en dronk hier nog wat uit.
“Marcie, zou jij het ook fijn vinden als je nu een fles had?” vroeg Kumatora niet veel later.
Ik knikte, want mijn maag rammelde flink, dus ja.
Er werd in de keuken snel een fles voor me gemaakt, en deze had ik al redelijk snel leeg.
“Had je veel honger, Marcie?” vroeg Duster lachend.
Ik kon nog niet terug lachen, dus ik knikte maar als antwoord.
“Schat, wees nu maar rustig” zei Kumatora, “ze moet nog bijkomen van net.” Ze gaf Duster nu de zoveelste zoen voor vandaag. Maar het betekent natuurlijk wel dat ze echt van elkaar houden.
“Mama, ik heel onrustig” zei ik, want ik merkte het wel bij mezelf.
“Er gebeurt ook veel vandaag, hè?” zei Kumatora, die me bij zich nam en mij mijn speentje gaf. “Je bent ineens weer kerngezond, en dan komt Duster ineens vroeg aanzetten waarbij hij Peridot natuurlijk ook weer bij zich heeft... niet dat het erg is, maar nog steeds.”
Naast me merkte ik hoe Peridot ook erg onrustig was. Ik dacht erbij na. Hoe zij ook ineens weer helemaal gezond is, hoe haar moeder ineens weer voltijd moet werken en ze niet veel had kunnen slapen. Da's wel veel bij elkaar, vond ik.
“Peri ook onrustig, mama” zei ik. “Ik da zien.”
“Voor haar was het natuurlijk ook erg druk” zei Kumatora. “Heb je er net bij nagedacht dan, toen je net naar haar keek?”
Ik knikte en wilde weer dicht tegen Kumatora aan liggen, toen Peridot opeens heel hard begon te wenen. Ik schrok me kapot, dus ik legde gauw mijn handen op mijn oren en probeerde me te verschuilen, want ik kon echt niet tegen harde geluiden. Ik kreeg zelfs de neiging om ook weer te wenen, en dat deed ik dan ook, maar dan stilletjes.
Kumatora merkte dit, en troostte me weer goed.
“Zal ik 't aan Duster vertellen?” wilde Kumatora vragen, maar Duster zag al hoe Peridot mij met haar wenen had aangestoken, dus ze zei al niets meer.
Ik liet langzaam mijn handen van mijn oren af gaan, en merkte dat Peridot nu ook stil weende.
“Dada?” mompelde ik. “Wa is nou met Peri? Ook druk en lang voor haar? Want mama da gezegd over mij.”
“Hoe bedoel je, Marcie?” vroeg Duster.
“Ik zal 't wel uitleggen” zei Kumatora, die aan Duster vertelde wat ze net aan mij had verteld. Nu viel het kwartje wel.
“Hoe weet jij dat dan weer?” vroeg Duster verbaasd. “Had je dan nagedacht toen je naar Peri keek of zo?”
Ik knikte, en liet mezelf weer als de zak aardappelen op Duster's schoot vallen. Een beetje dramatisch, maar van binnen was het wel grappig.
“Misschien is het ook wel een deel van haar spijt, wie weet” zei Duster. “In ieder geval is haar onrust misschien ook weg.
“Dada” mompelde ik, terwijl ik rechtop op zijn schoot wilde zitten en intussen naar Peridot keek, die er behoorlijk moe uit zag. Haar ogen zagen rood van het wenen, haar luier was nat en haar speentje hing zowaar bijna uit haar mond.
Dunkle” mompelde Peridot, “ikke naar huis willen. Nie fijn, alle druk.”
“Ik da ook nie fijn vinden, Peri” zei ik, terwijl ik haar een knuffel gaf. “Wij allebei druk gehad, of nie soms?”
Peridot knikte, en ik maakte plaats voor haar zodat ze op Duster's schoot kon zitten.
Ik liet me weer dramatisch vallen in Kumatora's schoot en nestelde mijn hoofd tegen haar buik aan, terwijl ik mijn protesterende blaas ontspande, want dat had ik ook lang niet meer gedaan. Ik lette niet op wat er ondertussen voor me gebeurde, want ik lag op mijn zij, met mijn gezicht in Kumatora's buik, en mijn ogen gesloten. Was slaperigheid dan ook een verschijnsel van beter worden, of dacht ik dat nu verkeerd?
Niet veel later namen Kumatora en ik afscheid van Duster en Peridot, en hadden we even weer alle ruimte voor onszelf.
“Wil je misschien nog wat televisie kijken?” vroeg Kumatora. “Want dat hebben we vandaag nog niet gedaan, hè?”
Ik knikte, en hierna ging de tv dus aan, waar ik niet lang naar keek, want ik was kort nadat de tv was aangegaan weer in slaap gevallen, en dat gebeurt bijna nooit.

De dag vloog zo'n beetje om mijn oren voorbij, en ik verlangde me al naar kerst, wat binnenkort al was in de grote stad. Ik zou daar al mijn vrienden weer zien... en verder wist ik er eigenlijk helemaal niets over. Nou ja, wel wat kerst was, maar niet wat daar verder zou gaan gebeuren, dus ik besloot maar niets te vragen en het een verrassing voor mezelf te houden.
Om ongeveer half 7 zaten Kumatora en ik aan het avondeten, en gelukkig kon ik weer vast voedsel aan, dus we aten pasta met rode saus, waarna mijn mond bijna net zo rood zag.
“Je bent er wel heel enthousiast over, hè?” lachte Kumatora, toen ze mij zo zag. “Ik ben blij dat ik dat aan je zie. En jij misschien ook.” Ze gaf me een aai over mijn hoofd, maakte met het doek mijn mond schoon, deed deze van mijn hals af en zette de borden in de keuken.
Ik legde mijn armen gekruist neer en leunde er met mijn hoofd op, omdat ik me in één keer verveelde. Ik schrok weer overeind toen ik mijn buik voelde omdat ik weer eens moest defeceren, dus ik gooide het maar zonder twijfel uit mijn systeem, ik ging zometeen tenslotte toch in bad.
Niet veel later kwam Kumatora terug en merkte ze dat ik een vuile luier had, dus tilde ze mij uit de stoel en bracht mij naar de badkamer, waar ik even op de ladekast werd neergezet omdat ze mijn slaapkleding en zo voor straks ging halen.
In de tussentijd staarde ik met grote ogen naar de kraan van het bad, hoe het water de badkuip opvulde. En dacht intussen hoe ik daar straks in zat.
Toen mijn spullen voor straks eindelijk waren gehaald, werd ik volledig uitgekleed en kreeg ik nog wat lotiondoekjes over mijn streek heen, want er mocht geen greintje vuil in het badwater zitten. Hierna zat ik eindelijk in bad, want ik had het intussen wel koud gekregen.
“Ik straks ook weer warm hebben” zei ik, “net zoals water hier.” Intussen werd er een washandje over mijn gezicht gehaald, waardoor ik even niet kon spreken.
“Ja, het wordt koud, hè?” zei Kumatora, “ik merk het ook. Morgen schijnt het nog kouder te worden, en te denken dat ik je ook nog een nieuwe plek wil laten zien.”
Mijn ogen werden groot van verbazing. Oh mijn Giygas, dacht ik bij mezelf, alweer een nieuwe plek? Dan heb ik het wel héél druk met nieuwe plekken bekijken en ontdekken en whatnot. Een flink volle week dus.
“Ik vertel je er straks wel meer over” zei Kumatora, die naar me lachte en mij uit het bad op de grote handdoek tilde, waar ik goed werd afgedroogd.
Hierna gebeurde het gewoonlijke weer: mijn haar werd geborsteld, ik kreeg een schone luier en mijn slaapkleding aan en mocht tenslotte mijn tanden nog even poetsen.
“Wa moet ik dan zien morgen, mama?” vroeg ik, toen ik mijn tandenborstel terug op de plank legde en mijn speentje in mijn mond deed.
“Ik zal het je vertellen” zei Kumatora, die mij op haar arm meenam naar de woonkamer, waar we op de sofa gingen zitten. “Ik moest laatst Jasper ergens mee helpen, weet je nog? Met het ondertekenen van iets.”
“Ik toen ziek bij Fufu” zei ik.
“Da's waar” zei Kumatora. “En waarom Jasper nou precies moest ondertekenen, had ik je eigenlijk in honderd procent leugens verteld...”
Mijn ogen werden groot van verbazing. Een leugentje om bestwil, hopelijk, want liegen is een zonde.
“Waarmee ik Jasper moest helpen” vertelde Kumatora verder, “was met het feit dat hij een eigen bedrijfje wilde starten, en ik moest luisteren naar wat het precies inhield.”
“Wa is da dan, mama?” vroeg ik, want mijn nieuwsgierigheid was nu echt op de proef gesteld.
“Een soort crèche” legde Kumatora uit, “waar mensen zoals jij zijn. Natuurlijk wel met mij ergens in de buurt, want niemand zoals jij wil natuurlijk alleen zijn, heb ik gemerkt. Dus als Fuel daar is, is Nana er ook, en hetzelfde geldt voor Kara en haar vriend, Peridot en Duster... noem maar op. Wat vind je ervan?”
Dit is werkelijk fantastisch, dacht ik bij mezelf! Dan kon ik mijn vrienden veel vaker zien! Ik voelde me van binnen helemaal warm worden.
“Heel erg leuk, mama!” zei ik blij. “Ik al veel zin hebben!”
“Dat is mooi” zei Kumatora, “want als ik daar ben, ben ik ook met mensen die ik goed ken, en meerdere vrienden, en natuurlijk mijn liefste...” Bij het laatste begon ze diep te blozen, want ze vond Duster echt leuk.
Ik voelde me tegelijkertijd ook wel erg moe worden. Ik was vroeg wakker, en het was nu 8 uur, dus ik zei:
“Mama, ik héél moe...” Ik gaapte er zelfs bij, dus daar was dan absoluut niets van gelogen.
“Ik denk dat ik dan ook eens vroeg naar bed ga” lachte Kumatora, die mij op haar arm nam, mee naar mijn kamer, waar we in de stoel gingen zitten met de schemerlamp aan. Meteen werd de stoel in beweging gezet en zong Kumatora zachtjes voor me, en dit keer was het een liedje* dat ik al heel lang vertrouwde sinds ik mijn vrienden uit Eagleland kreeg, dus diep van binnen voelde ik dat Kumatora mij nu echt de liefste van alle Nowhere Islands vond...
Take a melody
Simple as can be
Give it some words
And sweet harmony
Raise your voices
All day long now
Love grows strong now
Sing a melody
Of love
Oh, love...

Na ongeveer een minuutje ging de schemerlamp uit en mijn nachtlichtje aan, werd ik in mijn bed gelegd, ingestopt, en kreeg ik nog een nachtzoen van Kumatora.
“Slaap lekker, mijn appeltje” fluisterde Kumatora, die de kamer verliet en zachtjes de deur achter zich sloot.
Wat lief dat dat liedje net voor me was gezongen, dacht ik, met een gerust hart. Ik rolde me op onder mijn dekens, nam mijn knuffel dicht tegen me aan en gesmoord door mijn speentje en hoofdkussen lag ik al snel te slapen.

*de welbekende Eight Melodies die vooral in de game Mother centraal staan! Ik vind 'm het mooiste lied van het hele universum. :)
Being on this website fills you with determination. :)