Ok, ik heb dus een toneelstuk geschreven! een acausale tekst waarbij ik niet ga zeggen hoe je het moet lezen, maar hopelijk zelf verbindingen gaat leggen. Het heeft nauwelijks iets met luiers te maken eigenlijk.... nul... maar toch, wilde het jullie niet onthouden. (btw, de dikke man ben ik niet! ik heb een mooi lichaam!) ENJOY (inconsistente omgang met de lettertypes komt omdat het posten een beetje verkeerd ging)
Door de ogen van een pauw
(We zien een dikke man achter computer zitten. Hij praat ertegen. Heeft Lotto kaartjes in zijn hand.)
B: Ik kijk een filmpje die ik al 20 keer heb gezien, speel dezelfde repetitieve spelletjes als elke avond en kijk een pornofilm die ik al 200 keer heb gezien. Zo is mijn leven een beetje.
04 06 13 28 42 44 en de kleur is geel
(Twee mannen zitten aandachtig op een bankje te kijken naar een bijzonder schouwspel. Charles en David gebruiken hun handen terwijl ze onder hun adem aan het tellen zijn. )
C: Die ene heeft er 142.
D: Die ander heeft er 149.
C: Zouden ze zelf weten hoeveel ze bij zich dragen?
D: Misschien weten ze van tevoren al wie er gaat winnen.
C: Waarom doet 142 dan mee?
D: Omdat hij moet.
C: Dat is toch een keuze?
D: Welnee, hij moet dat doen.
C: Van wie?
D: Zeg het maar…
C: Ze gaat naar 149.
D: 142 druipt af- nee wacht, hij draait zich om…
C: Ze bedrijven de liefde.
D: 142 druipt af.
P: Nou, ik kan wel het hele verhaal vertellen, maar ik denk dat jullie ouders dit ook wel weten. Het is zeker wel een belangrijk element in het verhaal. Kort gezegd gaat het erover dat vrouwen altijd meer willen hebben en zo de ondergang van de man zijn.
01 12 14 27 31 39 en de kleur is geel
1866 Oostenrijk, Abdij van Sint Thomas
Bonen in alle soorten en maten, vormen en kleuren.
Bid en werk. Bid en werk.
Bonen in alle soorten en maten, vormen en kleuren.
Gevormd uit één.
Gregor Mendel toont ons het bestaan van erfelijkheid.
In een andere tijd en plaats neemt genetisch gemanipuleerde maïs de oorspronkelijke flora over
20 21 27 32 36 42 en de kleur is groen
(We zien een dikke man achter computer zitten. Hij praat ertegen. Heeft Lotto kaartjes in zijn hand.)
B: Ik kijk een filmpje die ik al 20 keer heb gezien, speel dezelfde repetitieve spelletjes als elke avond en kijk een pornofilm die ik al 200 keer heb gezien. Zo is mijn leven een beetje.
(stilte)
(man in pak loopt over straat, telefoon aan zijn oor)
Hij liegt over die pornofilm. Hij heeft hem waarschijnlijk al 500 keer gezien. Kun je daar iets uit opmaken? Ja, ik denk het wel: Dat hij toe is aan een wijf en dat hij ontzettend gefrustreerd is. Ow hij heeft wel vrienden en zelfs meisjesvrienden. Hij is namelijk een zachtaardig en vriendelijk persoon van binnen, zie je? Maar wat maakt innerlijk uit als je er zo uitziet als hij? Meisjes zien een gefrustreerde, aardige, dikke bioloog. Dat wil niet zeggen dat hij het niet probeert. Hij moet dat doen; een vrouwtje zoeken. Zijn natuur zegt hem dat hij dat moet doen, ook al weet hij dat hij zal falen. Om de situatie nog maar eens te schetsen: hij heeft een account op (denkt) relatieplanet, Lexa, E-matching en Match4Me. Geen reacties en een mailtje van lexa dat hij het na acht jaar misschien op een andere manier moet gaan proberen.
( man in pak loopt buiten gehoorsafstand.)
11 17 22 25 34 37 en de kleur is rood
1831 tot 1836 Boot, geen vaste plaats.
Wat zich niet aanpast, zal verdwijnen.
Alleen dat wat zich aanpast, zal zich voortplanten.
Twee reuzenschildpadden naast elkaar.
Één heeft een langere nek dan de ander en kan de blaadjes van een hoge struik eten.
De ander ligt te ontbinden in de zon.
(stilte) (Dikke man zit achter zijn computerscherm. Lotto kaartjes in zijn hand.)
B: Voor mijn werk ben ik bezig met een onderzoek:
Het schijnt dat als twee pauwen van het mannelijke geslacht strijden over één vrouwtje, het vrouwtje zal kiezen voor het mannetje die de meeste ogen op zijn staart heeft.
25 28 31 32 37 45 en de kleur is blauw
B: Mijn idee is om bij een soortgelijke ontmoeting, van tevoren extra ogen te plakken op de staart van het mannetje die de minste ogen heeft. Dat is de enige mogelijkheid voor dat mannetje om aan een vrouwtje te komen. Soms moet je de natuur een klein handje helpen, denk ik weleens. Ik ben erg benieuwd naar het resultaat. Zal het vrouwtje kiezen voor het mannetje dat van bovenaf is geholpen?
(man in pak loopt over straat. Telefoon aan zijn oor..)
Soms moet je het lot een klein handje helpen, denk ik weleens. Hij zal winnen met de cijfers 08 10 18 28 33 en 41 en de kleur wordt geel. Ik zal je zijn telefoonnummer alvast geven.
(man loopt buiten gehoorsafstand.)
1952 BBC headquarters
David Attenborough wordt aangenomen.
Alle mysteries zijn aan mij geopenbaard.
De sterkste genen zullen vanzelf overleven.
De zwakste genen zullen vanzelf sterven.
Ergens anders helpt Unicef kansarme kinderen.
In een andere tijd worden er Joden vergast.
Men denkt nog steeds dat je de natuur een handje mag helpen.
(Ergens in een klooster: jongen, meisje, pastoor)
J: Pastoor!
M: Pastoor!
P: Wat een enthousiasme! Stiller mag ook wel. Deel je vreugde van binnen.
J: Dat is goed meneer, maar we wilden u wat vragen!
P: Dat mag.
M: Waar komen we vandaan?
P: een simpele vraag met een simpel antwoord. Toen God eenmaal alles had geschapen, schiep hij als laatste de mens. Uit rode aarde maakte hij de vorm van zijn evenbeeld en blies het daarna met zijn levenslucht tot bestaan. Dit was Adam: de eerste mens.
Maar het leek God geen goed idee om hem alleen te laten zijn, dus nam hij een rib uit de borstkas van Adam en maakte daarme, via een ingewikkeld genetisch proces, zijn vrouw: Eva. Beiden werd het eeuwige leven gegund en uit hen zijn alle andere mensen geboren!
J: Als Adam en Eva het eeuwige leven hebben, zijn ze er dan nu nog?
P: Ah! Nee, helaas. En Adam en Eva leefden eerst ergens anders en later hier.
M: Wat bedoelt u?
P: Nou, ik kan wel het hele verhaal vertellen, maar ik denk dat jullie ouders dit ook wel weten. Het is zeker wel een belangrijk element in het verhaal. Kort gezegd gaat het erover dat vrouwen altijd meer willen hebben en zo de ondergang van de man zijn.
(Twee mannen zitten hier aandachtig op een bankje te kijken naar een bijzonder schouwspel. Één ervan heeft een camera waarop groot het logo van de BBC op is afgebeeld. Naast hem zit de man waar hij alles van geleerd heeft.)
C: Waar is 142?
D: Ik zie 149 wel.
C: dan moet 157 wel 142 zijn.
D: Dat kan toch niet?
C: Stel dat het wel kan?
D: Dan wordt het nu interessant.
C: Zie je 149 kijken?!
D: 157 kijkt anders ook behoorlijk vreemd.
C: Je bedoelt 142.
D: Die nu 157 is, ja.
C: Hij gaat de liefde bedrijven.
D: 149 druipt af- nee wacht, hij draait zich om.
C: Hij valt aan!
D: Hij pikt! Hij slaat met zijn vleugels!
C: Hij heeft de ogen van 157 ingepikt!
D: Hij breekt zijn nek!
C: Wat doet zij nu?
D: Ze pikt een rib uit zijn karkas.
08 10 18 28 33 41 en de kleur is geel